fbpx


Economie
transfers

Sinterklaastransfers slecht voor noord én zuid




Het Instituut van de Nationale Rekeningen (INR) publiceerde eind januari de nieuwe cijfers met betrekking tot de regionale rekeningen in België. Deze regionale groeicijfers lopen achter op de publicatie van de nationale cijfers met betrekking tot het bruto binnenlands product (BBP) en gaan maar tot 2019. Dit wil zeggen dat we voor het coronajaar 2020 normaliter zullen moeten wachten tot begin 2022 om het effect op de diverse regio’s te zien. KBC heeft echter recent een onderzoeksrapport gepubliceerd waarin ze…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Het Instituut van de Nationale Rekeningen (INR) publiceerde eind januari de nieuwe cijfers met betrekking tot de regionale rekeningen in België. Deze regionale groeicijfers lopen achter op de publicatie van de nationale cijfers met betrekking tot het bruto binnenlands product (BBP) en gaan maar tot 2019. Dit wil zeggen dat we voor het coronajaar 2020 normaliter zullen moeten wachten tot begin 2022 om het effect op de diverse regio’s te zien.

KBC heeft echter recent een onderzoeksrapport gepubliceerd waarin ze een simulatie deed voor het jaar 2020. Dit gebeurde op basis van de 2019-cijfers door na te gaan wat het economisch belang is in de drie gewesten van de sectoren die in 2020 het zwaarst onder de pandemie hebben geleden. De bank deed ook een beroep op diverse conjunctuur- en arbeidsmarktindicatoren waarvoor wel al 2020-cijfers beschikbaar zijn, zelfs op maandelijkse basis.

Groeivoorsprong Vlaanderen

Vóór 2000 boekte Vlaanderen systematisch een sterkere groei tegenover de twee andere gewesten. Maar van 2000 tot 2008 waren de regionale groeiverschillen praktisch volledig verdwenen. Dit veranderde met de financiële crisis en de daarop volgende grote recessie. Tussen 2008 en 2019 steeg het bruto regionaal product (BRP) in Vlaanderen, Wallonië en Brussel in reële termen (dus inflatie gezuiverd) met gemiddeld  1,3 %, 0,8 % en 0,6 % per jaar.

Brussel kende gemiddeld een veel lagere groei gedurende de periode van economisch herstel tussen 2013 en 2019. Dit is voor een stuk toe te schrijven aan de terreuraanslagen van 22 maart 2016 op de luchthaven van Zaventem en in de Brusselse metro. Die hebben de horeca, kleinhandel en vrijetijdssector toen zwaar getroffen met als gevolg een negatieve groei dat jaar.

Productiviteitsgroei en werkgelegenheidsgroei

Volgens KBC is het verschil in groei in de eerste plaats toe te schrijven aan het wegvallen van de productiviteitsgroei in Brussel en Wallonië. In Vlaanderen daalde die ook sterk, maar bleef ze toch positief met gemiddeld 0,3 % per jaar wat lager is dan in de eurozone. We hebben er reeds op gewezen dat dit een zware hypotheek op de toekomst legt. In het verleden steeg de Belgische welvaart door de hoge productiviteitsgroei. Die is weggevallen en zal niet snel toenemen. Het zware inefficiënte overheidsbeslag (meer dan 50 %van het BBP) leidt tot betutteling en beknotting van het ondernemerschap. Dit geldt vooral langs Franstalige kant.

De werkgelegenheidsgroei was sinds 2008 met gemiddeld 1 % per jaar in Vlaanderen hoger dan die in Wallonië (0,8 %) en Brussel (0,6 %). Hier scoorden we beter dan de eurozone, wat een indicatie is dat de groei van het BBP in het laatste decennium vooral arbeidsintensief was. Er werden veel jobs gecreëerd in de dienstensector, waar de arbeidsproductiviteit wel lager ligt dan in de industrie.

Vlaanderen heeft zijn havens

Wat ook meespeelt in het voordeel van Vlaanderen zijn de zeehavens Antwerpen-Zeebrugge en North Sea Port Gent. Ze staan in voor 10 % van het BRP, en 10 % van de actieve bevolking heeft er direct of indirect een job door. Ze hebben een marktaandeel van 26 % in de goederenstroom van en naar West-Europa.

In de logistieke prestatie-index van de Wereldbank is Vlaanderen gestegen van de 12e plaats in 2007 naar de top drie in 2018. Door zijn uitstekende ligging heeft Vlaanderen sterke logistieke troeven.

Impact van de coronacrisis

De KBC-analyse geeft aan dat de economische recessie in de eerste helft van 2020 in Brussel minder erg is geweest dan in Vlaanderen en Wallonië. Dit is toe te schrijven aan het feit dat het economisch belang van de sectoren die volgens de enquêtes van de Economic Risk Management Group (ERMG) het zwaarst door Covid-19 werden getroffen (en die een gemiddeld omzetverlies van minimum 30 % hadden) in Brussel kleiner is dan in Wallonië en vooral Vlaanderen. Het aandeel van deze sectoren in de totale regionale toegevoegde waarde van Vlaanderen (17,9 %) ligt hoger dan in Wallonië (14,8 %) en Brussel (13,8 %).

Daarentegen hebben Vlaanderen en Wallonië meer kunnen genieten van het gedeeltelijk herstel gedurende de tweede jaarhelft van 2020. Het was vooral een gevolg van het internationale industriële herstel en daaraan gekoppeld een toename van de uitvoer, maar in Vlaanderen was er ook een meer uitgesproken vertrouwen van de consumptie. De industrie neemt in Vlaanderen 16,5 % van de totale toegevoegde waarde in, tegenover slechts 2.5 % in Brussel en 14,7 % in Wallonië.

De disparate regionale gevolgen van Covid-19 in de eerste tegenover de tweede jaarhelft vlakken elkaar dus wat uit. Om die reden zijn de groeiverschillen tussen de drie gewesten in 2020 waarschijnlijk niet zo heel groot. De groeiverschillen tussen de sectoren in België zijn veel belangrijker geweest. Als we uitgaan van een negatieve groei van 6.2 % in België, schat KBC dat Wallonië rond dat cijfer moet zitten. In Vlaanderen en Brussel zal de recessie maximaal een procentpunt groter respectievelijk kleiner zijn geweest. Vlaanderen heeft dus de meeste kans het zwaarst getroffen te zijn, maar al bij al zouden de verschillen beperkt blijven.

Groeiverschillen hebben op termijn een grote impact

Van 2008 tot 2019 groeide Vlaanderen gemiddeld minstens 0,5 % sneller dan de twee andere regio’s. We komen zo dus gecumuleerd na 12 jaar aan een 6 % supplementair jaarlijks groeiverschil, dat in werkelijkheid 6,17 % is als we rekening houden met het samengesteld effect. In absolute cijfers krijgen we zo wel spectaculaire getallen. Het BBP van Vlaanderen bedraag 279.227 miljoen euro (of 58,61 % van het BBP van België). Indien we op een rudimentaire wijze enkel het percentage van de gecumuleerde groeiverschillen daarop toepassen, komen we jaarlijks reeds uit op 17.228 miljoen euro, of 17,2 miljard euro, meer groei dan op basis van de groeicijfers in de andere gewesten.

Jammer genoeg blijft dit geld niet in Vlaanderen. Jaarlijks vloeit er van het noorden naar het zuiden 12,3 miljard euro, of meer dan 2.000 euro per Vlaming (jong en oud)! Voor een modaal Vlaams gezin met twee kinderen zitten we zo aan 8.000 euro per jaar. Het komt overeen met 4,4 % van het Vlaamse BRP, of 6,25 % van het BRP van Brussel en Wallonië samen. Dit bedrag is als volgt samengesteld:

  • 4,8 miljard euro door de sociale zekerheid: daarom willen de Franstaligen de sociale zekerheid kost wat kost federaal houden om zogezegd ‘de interregionale solidariteit te handhaven’. Maar op diverse andere terreinen is van solidariteit niet altijd veel te merken;
  • 1,3 miljard euro via de algemene middelen van de staat;
  • 2,3 miljard euro via de financiering van gewesten en gemeenschappen;
  • en tot slot 3,9 miljard euro via de afbetaling van de Belgische staatsschuld. Dit laatste wordt bij tal van berekeningen van de transfers dikwijls snel vergeten.

Transfers via de Belgische staatsschuld

Geert Jennes van het Leuvense onderzoekscentrum Vives (KULeuven) maakte een studie hierover, en komt zelfs nog aan hogere bedragen. De grote interregionale transfers uit de federale staatsschuld zijn een gevolg van het feit dat op die staatsschuld de voorbije decennia grote interestlasten moesten worden betaald (tot zelfs 11 % in 1990-93). De analyse steunt op gegevens van 1970 tot 2016. De transfers spruiten voort doordat er jaarlijks een verschil is tussen:

  • enerzijds de federale interestlasten die het welvarende Vlaanderen effectief heeft gefinancierd in de vorm van de grote belastingopbrengsten die het jaarlijks levert aan de federale kas, waarmee die federale rentes betaald worden;
  • anderzijds de federale interestlasten die Vlaanderen zou hebben moeten financieren als het enkel de interesten had moeten financieren die verschuldigd zijn op dat deel van de federale schuld dat in Vlaanderen ontstaan is.

Juul Hannes

Daarbij komt nog dat de jarenlange besparingen van de regeringen Martens en Dehaene in de jaren 80 en 90 Vlaanderen jaar na jaar grote impliciete overschotten binnen de federale begroting deden boeken. Hierdoor had Vlaanderen zijn deel van de Belgische federale staatsschuld al tegen het einde van de jaren 90 volledig ‘afbetaald’. Dit had in feite de Vlaamse belastingbetaler rente moeten opleveren, maar in de realiteit werd hij gedwongen ieder jaar grote federale interestbetalingen te blijven financieren. Het gevolg is dat de interesttransfer naar Franstalig België groter is dan de totale jaarlijkse federale interestfactuur.

Ondanks het feit dat de rente sterk gedaald is sinds de toetreding tot de eurozone, zijn de interesttransfers volgens Jennes hoog gebleven.

Begin april verschijnt bij Doorbraak een geactualiseerde versie van het referentiewerk De mythe van de omgekeerde transfers, geschreven door wijlen prof. Juul Hannes. We hopen alvast dat het ertoe zal bijdragen om dit thema terug op de politieke agenda te plaatsen!

Het kan niet eeuwig blijven duren

De Franstaligen partijen hebben er in feite op korte termijn alle belang bij dat de federale begrotingstekorten blijven bestaan: ze winnen er enkel bij. Een budgettair evenwicht zou hen daarentegen alleen maar pijn doen. Ook bij verkiezingen.

Maar ondanks deze vaststellingen zien we weinig dank tegenover de Vlamingen. De grootste schandalen komen ook steevast uit Wallonië (Samusocial in Brussel; Publifin/Nethys rond Luik; recent rond de luchthaven van Bierset), en dat zijn enkel nog maar degene die boven water komen. Hoelang kunnen we dit nog dulden?

Men zou kunnen voorstellen een soort onafhankelijk auditorganisme in het leven te roepen, dat eigenlijk federaal reeds bestaat met het Rekenhof. Maar gelet op de te verwachten paritaire samenstelling onder Vlamingen en Franstaligen zal dit weinig zoden aan de dijk brengen. België staat hopelijk voor ingrijpende veranderingen van de staat in 2024. Laat ons hopen dat de Vlaamse politici bovenstaande overwegingen niet vergeten, en op hun strepen staan. De Franstaligen kunnen niet zonder het Vlaamse geld. We kunnen eerst de diplomatie nog een kans geven, maar wat is de kans op slagen als ze reeds tientallen jaren tot geen fundamentele verandering heeft geleid? Op termijn echter is de huidige toestand van ‘Sinterklaas’-transfers nadelig voor zowel het noorden als het zuiden van België.

[ARForms id=103]

Paul Becue

Paul Becue is lic. Rechten, TEW en Diplomatieke Wetenschappen. Hij heeft een lange ervaring in de financiële sector. Zijn boeken over kredietverzekering gelden als de referentie.