JavaScript is required for this website to work.
Politiek

Spring niet selectief om met gruwel uit het verleden

Thomas Decat22/8/2018Leestijd 5 minuten
De Praagse Lente, zestig jaar terug

De Praagse Lente, zestig jaar terug

foto © Reporters

Thomas Decat pleit voor meer historische bewustwording over de gevolgen van het communisme. ‘Het schaadt net als roken uw gezondheid’.

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Als abonnee kan u ook alle plus-artikelen lezen. Doorbreek de bubbel vanaf €4.99/maand.

Ik neem ook een abonnement

50 jaar geleden, op 21 augustus 1968, maakte de Sovjet-Unie gewelddadig een einde aan de Praagse Lente. Tijd om aan introspectie te doen, en te kijken of we daadwerkelijk lessen getrokken hebben uit het verleden.

Praagse Lente

Toen Alexander Dubček, Secretaris van de communistische partij van Tsjecho-Slowakije, in 1968 een gematigdere koers hanteerde, creëerde hij een sfeer van politieke bevrijding in het land. Hij implementeerde democratisering op politiek, wetenschappelijk, economisch en cultureel niveau. Dat alles onder het mom van ‘socialisme met een menselijk gezicht’. De mensen voelden zich in zekere zin bevrijd, en er werden protestmarsen en demonstraties over heel het land georganiseerd. Op 20 augustus kwam er hier een einde aan toen Russische tanks Praag binnenvielen. Als gevolg sneuvelden tientallen mensen door communistische repressie. Na de Praagse Lente werden alle hervormingen van Dubček teruggedraaid en het land viel weer in haar dictatoriale constellatie. De Praagse Lente is één van de velen misdaden tegen de menselijkheid die het communisme pleegde doorheen zijn geschiedenis. In Oost-Europa herdenkt men dit nog jaarlijks, bij ons, in het Westen, lijkt men het vaak al vergeten te zijn.

Links mag alles

Het is een voldongen feit dat in West-Europa (en andere delen van de wereld) een consensus heerst dat het fascisme en het nationaalsocialisme verwerpelijke ideologieën zijn die we zo ver mogelijk uit het politieke landschap moeten weghouden. Hier ben ik het volledig mee eens. Als men leert uit de geschiedenis dan kan zelfs het kleinste kind zien dat dergelijke ideeën schadelijk zijn voor het voortbestaan van onze liberale democratie. Toch lijken sommige figuren uit (extreem-)linkse kringen toch wel heel veel schrik te hebben voor een revival van de dictaturen uit het interbellum. Personen met een mening die zich wat rechtser van het politieke centrum bevindt, moeten constant opletten met hun woorden. De stempel van fascist en nazi loert immer om de hoek. Politici en opiniemakers aan de marxistische kant van het spectrum hebben dat probleem niet. Wanneer Peter Mertens, voorzitter van de extreemlinkse PVDA, zegt dat er twee kanten zijn aan het verhaal in Venezuela volgt er weinig kritiek vanuit het medialandschap. Mertens legitimeert hier het dictatoriale regime van Maduro. Een leider die geen politieke en economische vrijheden tolereert. Als we gaan kijken naar de Freedom-index van Venezuela zien we dat het behoort tot de top 10 van de minst vrije landen in de wereld. Ook partijgenoot Raoul Hedebouw sprak lovende woorden over Castro uit toen de Cubaanse leider stierf. Hij prees de sociale zekerheid die Castro had uitgebouwd in Cuba. Voor de kameraden van PVDA geldt blijkbaar een aflossing op misdaden tegen de mensheid. We gaan Hitler toch ook niet prijzen omdat hij was begonnen met anti-tabakscampagnes in Duitsland? De oprichter van de arbeiderspartij, Ludo Martens, heeft trouwens een boek geschreven waarin hij de misdaden van Stalin minimaliseert. Ik zeg niet dat links alles mag, maar ze komen toch met veel weg.

Oost-Europese bewustwording

In Oost-Europa hebben extreemlinkse politici het moeilijker met het legitimeren met van dergelijke misdadige regimes. Bepaalde academici zoeken de oorzaak in het feit dat een groot deel van Oost-Europa door beiden regimes bezet is geweest.

Natuurlijk zijn er nog personen die heimwee hebben naar het communistische verleden, maar de consensus is er anders. Afgelopen jaar viel mij dit persoonlijk ook op tijdens mijn reizen naar Polen en Kroatië. Je kan er nog veel musea bezoeken die de horror van de oude communistische regimes blootleggen. In Polen gaat het zelfs zo ver dat geen enkele linkse partij (zelfs geen sociaaldemocraten) is vertegenwoordigd in het parlement. Vanuit politicologisch oogpunt kan je dat anticommunistische, antisocialistische gevoel vertalen naar het feit dat rechtse partijen in Oost-Europa het voor het zeggen hebben. Ik denk maar aan Fidesz (de partij van Viktor Orbán) in Hongarije en PiS (Recht en Rechtvaardigheid) in Polen. Daarnaast is er ook een ware ‘revival’ van het nationalisme in Oost-Europa als gevolg van de val van het ijzeren gordijn. Terwijl wij in het Westen steeds meer vervreemden van onze cultuur en identiteit.

Ook het onderwijs speelt een grote rol. Overal in het Westen wordt ons de gruweldaden van de nazi’s onderwezen. Terecht. Een heel hoofdstuk over de misdaden tegen de mensheid van Stalin en Mao vinden in een schoolboek geschiedenis, dat is dan weer een speld in een hooiberg zoeken. In Oost-Europa krijgen de leerlingen zowel de gruweldaden van het Derde Rijk als die van het communisme voorgeschoteld. In Boedapest kan je bijvoorbeeld het museum van terreur bezoeken. Daar komt het publiek in contact met zowel de horror van het naziregime als dat van de Sovjet-Unie. Dat doet mij denken aan een citaat van een gids in Kroatië: ‘We zijn bevrijd, om vervolgens direct terug opgesloten te worden’. Ondertussen organiseert de stad Gent een fototentoonstelling waarin Ché Guevara als ‘posterboy’ dient. Het contrast kan niet duidelijker zijn. Het gaat in het Westen soms zelfs zo ver dat bepaalde academici en politici de misdaden van het communisme minimaliseren als perverse neveneffecten die plaatsvonden omdat men écht communisme wou installeren. Een historicus aan de universiteit van London, Donald Reyfield, vat het goed samen: ‘Tot op de dag van vandaag zijn er mensen die de “Holocaust van Stalin” negeren of minimaliseren zonder daarvoor enige sociale straf of maatschappelijke verontwaardiging te krijgen‘. Men moet blijkbaar de horror van een regime meemaken om ze te kunnen veroordelen.

Academische consensus doorbreken

Een deel van die bewustwording zal moeten verlopen via het onderwijs. De academische wereld worstelt nog altijd met de vraag of communisme nu goed of slecht is. Nationaalsocialisme vertrekt vanuit de mythe van het sociaal darwinisme: bepaalde rassen zijn superieur aan andere rassen en hebben de plicht om deze laatsten uit te roeien, ten gunste van de genetische kwaliteit van de mensheid. Een zeer verwerpelijke en pessimistische kijk op de wereld. De excessen van deze ideologie zagen we in de geïndustrialiseerde en systematische uitroeiing van joden, homo’s & zigeuners. Communisme daarentegen vertrekt vanuit het idee dat iedereen gelijk is, maar dat bepaalde klassen onderdrukt worden door de bezittende toplaag van de maatschappij. In plaats van een etnische strijd, vindt er bij het communisme een socio-economische klassenstrijd plaats. Na de bewustwording van het proletariaat volgt de dictatuur van het proletariaat, dixit Marx. Het uiteindelijke doel is dan een klasseloze maatschappij waar iedereen gelijk is.

Het eindresultaat mag dan misschien voor sommige mooi en onschuldig in de oren klinken, de weg die ons leidt naar deze utopie is geplaveid met geweld en terreur. Karl Marx stelt zelf dat een klassenstrijd onvermijdelijk is. De excessen van die strijd zijn zeker zichtbaar in de geschiedenis, alleen worden deze door sommige academici onderbelicht. Een nieuwe academische consensus is daarom dringend nodig dat het non-argument dat ‘écht communisme’ nog nooit is geprobeerd, onder de mat schuift. Communisme is net zoals het nazisme een ideeëngoed dat uitgaat van conflict en strijd.  Het is dus net als het nazisme een haatdragende ideologie, omdat het oproept tot gewelddadige revolutie tegen diegenen die meer bezitten. Er is geen plaats in de samenleving, geen democratische stem voor zij die hun rijkdom hebben vergaard met hard werk en talent en deze niet zomaar willen afstaan.

Dit is geen betoog om extreemlinkse partijen te verbieden. Als Peter Mertens Venezuela als voorbeeldstaat wil gebruiken, mag hij dat. We leven in een democratie. Iedereen heeft recht op zijn of haar mening. We zouden gewoon onze wenkbrauwen wat meer mogen fronsen als hij zoiets de wereld instuurt. We moeten historisch bewuster worden. De westerse consensus dat nazisme slecht is, maar dat communisme inherent niet kwaadaardig is – ‘omdat écht communisme nooit is geprobeerd’ – moet worden bijgesteld. Meer kennis over het verleden en minder selectieve verontwaardiging zal het maatschappelijk debat enkel ten goede komen. Het wordt tijd dat men ook in West-Europa beseft dat, net zoals bij roken, communisme uw gezondheid zeer ernstig kan schaden.

De auteur is Adviseur bij de Vlaamse Jeugdraad, voorzitter van Jong N-VA Klein-Brabant en student Politieke en Sociale Wetenschappen aan de KU Leuven

Commentaren en reacties