fbpx


Onderwijs

Sterk onderwijs komt vooral zwakke leerlingen ten goede

Onderwijshervorming blijft een gemiste kans


Leerkrachten vormen het moeilijkste publiek om voor te spreken. Een veelgehoorde boutade, maar met een ondubbelzinnige kern van waarheid. Specialisten op hun eigen terrein die het gewoon zijn dat er naar hen geluisterd wordt. Menig spreker op pedagogische studiedagen of schoolgerelateerde nascholingen keerde ’s avonds enkele illusies armer naar huis terug. Menig leerkracht maakte van zo’n studiedag gebruik om heimelijk toetsen te verbeteren of om – ooit écht zien gebeuren – op het door de school verstrekte tablet naar een voetbalwedstrijd te kijken.

‘De koepel’

Niet zo lang geleden organiseerde de school waar ik mag lesgeven een studiedag waarop een spreker kwam voorstellen hoe de hervorming van de tweede graad er zou uitzien. De man in kwestie had ooit lesgegeven, was directeur geweest en werkte al een dik decennium voor Katholiek Onderwijs Vlaanderen – kortweg ‘de koepel’. Interessant. De vertaling van het wettelijke kader naar de praktijk. Per slot van rekening vertegenwoordigt deze onderwijsbehartiger meer dan 2400 scholen en ettelijke honderdduizenden leerlingen.

Op iedere stoel lag een bundeltje klaar. De klassieke afdruk van een PowerPointpresentatie. Elke slide met daarnaast zeven lijntjes waarop nota kan genomen worden. Ik onderdruk een zucht: 116 prenten. Volzinnen. Onbekende afkortingen. Iedere leerling had nu al afgehaakt, bij het zien van de digitale berg die hij of zij moet beklimmen. Maar goed. Leraars zijn niet alleen veeleisend, maar ook beleefd. Er wordt wat op de stoelen heen en weer geschoven, maar de spreker krijgt nog alle kansen.

Hannah Arendt over opvoeding

Eerste slide. Geïnspireerd en kwaliteitsvol aan de slag met de modernisering secundair onderwijs. Pakkende titel. Gevolgd door een prachtig citaat van Hannah Arendt over opvoeding. Iets over een hart hebben voor wie centraal staat in de opvoeding die je aanbiedt. Uit een werk over de crisis in de opvoeding. Een kuch in het publiek, maar de spreker gaat verder. Volgende dia: een wetenschappelijk onderzoek over de sterke en zwakke punten van het Vlaams onderwijs. Daaruit blijkt dat ons onderwijs zich nog steeds in de wereldtop bevindt. Dat het, met andere woorden, niet zo slecht gesteld is met het Vlaams secundair onderwijs. Gefronste wenkbrauwen en licht gemor. Dan maakt de spreker een kapitale fout. Hij vraagt of er vragen of opmerkingen zijn.

Als door een wesp gestoken steekt ondergetekende zijn hand op. Of de koepel geen onderscheid maakt tussen opvoeden en onderwijzen? Een prachtig citaat van een krachtige dame, maar een slecht begin van een presentatie over onderwijs, niet? Een ouder voedt op, maar geeft toch geen les? Een leraar geeft les en voedt niet op, klopt toch? Op welk wetenschappelijk onderzoek de conclusies stoelen die stellen dat ons onderwijs het in mondiale rankings zo slecht nog niet doet? Of de spreker de resultaten van het jongste Pisa-onderzoek niet heeft zien voorbijkomen? Onze leerlingen doen het verbijsterend slecht op vlak van begrijpend lezen en wiskundige geletterdheid. Feit of fictie?

Een soort bouillabaisse van economie en geschiedenis

Wat volgde was een vernietigende blik van mijn directeur en een op zijn zachtst gezegd onsamenhangend antwoord, met daarin de vraag of ik wel wist wie de koepel was. Een vertegenwoordiging van de scholen, die blijkbaar daardoor alleen al de vinger goed bij de pols kan houden. Wist ik effectief niet, helaas.

Voor wie het zich niet goed meer herinnert: de onderwijshervorming in de eerste graad viel vooral op door het schrappen van een uur Nederlands, Frans en wiskunde en het invoeren van een vak ‘Mens en samenleving’. Een soort bouillabaisse van economie en geschiedenis, overgoten met een sausje burgerzin. De verdere uitrol van de hervorming bevat helaas veelal dezelfde elementen. Een nieuw vak, met de onmogelijke naam ‘Maatschappelijke, economische en artistieke vorming’ of kortweg ‘MEAV’ borduurt verder op de ‘Mens en Samenleving’ uit de eerste graad. Eén uur per week, eventueel in te richten als project. Domeingebonden en domeinoverschrijdende doorstroomfinaliteiten, profilering D-finaliteit en cesuurdoelen. Bent u nog mee? Ik niet.

Algemene consternatie

Als klap op de vuurpijl kregen we vervolgens te horen dat een doorlichting zich baseert op de leerplannen en niet op de eindtermen. Net het omgekeerde van wat we met zijn allen tot nog toe te horen kregen. Leerplandoelen zijn ambitieuzer dan eindtermen maar mogen niet te zwaar doorwegen in de eindevaluatie van een leerling. Gevolg zou namelijk wel eens een aanvechting kunnen zijn waarbij een listige advocaat aantoont dat de basisleerstof door leerling x of y wel degelijk gekend is. Dat die eindtermen tot nog toe graatmager waren, doet op dat moment niets ter zake. Maar dat volledig terzijde. Algehele consternatie in ons korps als gevolg.

Beste koepel, u die het katholiek onderwijs in Vlaanderen vertegenwoordigt, enkele zaken op een rijtje. Duur klinkende socio-pedagogische termen versterken ons onderwijs enkel op papier. Een inhoudelijke versterking op het terrein vraagt om andere dingen dan morrelen aan studierichtingsprofielen en cesuurdoelen.

Duidelijk communiceren

Herwaardeer de job van leerkracht. Doe dat door op tafel te kloppen bij het departement of waar er ook maar geld kan gehaald worden. Niet om leraars meer te betalen – u weet niet half hoeveel werk in onze sector vrijwillig en volstrekt onbezoldigd gebeurt. Wel om aftandse lokalen en gedateerde leermiddelen op te waarderen, of om tijd te kopen die startende leerkrachten bij het begin van hun loopbaan zo broodnodig hebben. Een uur minder lesopdracht om zichzelf bij te schaven en in te lezen, bijvoorbeeld. Of om mentoren aan te stellen die kunnen helpen bij het zetten van de eerste prille stapjes in de wondere wereld van het onderwijs.

Communiceer duidelijk. Wel of geen B-attest? Eindtermen of leerplannen? Niemand die het momenteel zeker lijkt te weten. Scholen schieten in een kramp wanneer een doorlichting langs komt, omdat veel afhangt van de persoonlijke kijk van de inspecteur in kwestie. Zou niet mogen, toch?

Sterk onderwijs vraagt een sterke koepel

Geef klassenraden hun tanden terug. Vertel met andere woorden de waarheid over het B-attest, dat decretaal nog steeds bestaat maar waarvan u, beste koepel, niet wil dat het gebruikt wordt in de eerste graad. Zonder correcte oriëntering van leerlingen geen sterk onderwijs. Scherp samen met de minister de regels voor aanvechtingen ook aan. De eerste vraag die een klassenraad zich stelt bij het uitschrijven van een C-attest, zou niet moeten zijn ‘Hebben we voldoende geremedieerd en staat dat op papier?’, maar ‘Heeft die leerling gestudeerd of niet?’. Simple comme bonjour.

Dat deze visie haaks zou staan op democratisch onderwijs, is totaal van de pot gerukt. Sterk onderwijs komt vooral onze zwakke leerlingen ten goede. Sterk onderwijs vraagt een sterke koepel die pal staat voor zijn leerkrachten. Sterk onderwijs vraagt moedige beleidskeuzes, geen gemorrel in de marge.

Hoog tijd voor een pedagogische studiedag in de Guimardstraat dus. Met sprekers uit de leraarskamer.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Pieter Van den Bossche