fbpx


Multicultuur & samenleven

Tante Mathilde wou niet

Jos Chabert, chou de Bruxelles, is niet meer


Het is een bekend verhaal onder politieke historici van ons land. ‘Tante Mathilde wou niet’. Bij communautair getinte regeringsonderhandelingen – in 1974 die de regering-Tindemans I op de been hielpen – met de recent overleden wallingantische voorman Francois Perin, tekende die laatste een lijn op een stafkaart van Brussel en omgeving – er werd gepraat over gebiedsruil, o.a. het Vilvoordse Het Voor en een stukje Linkebeek waren pasmunt. ‘Als we nu hier een lijn zouden trekken, hier is toch niets, behalve één hoeve’. Périn, een sabelslijpende wallingant die zijn regio liever bij Frankrijk wou laten aansluiten dan één toegeving doen aan de Vlaams-nationalisten en christendemocraten, wou de discussie beëindigen. Allicht lonkte de fles bourgogne. ‘Neen,’ zei de jonge Jos Chabert, ‘c’est la ferme de tante Mathilde. Elle aura une crise si on fait ça.’ Na een tijdje gaan Chabert en Perin terug naar hun collega’s. ‘En,’ zeggen deze, ‘is er een oplossing?’ Perin antwoordt zuchtend: ‘Non parce que tante Mathilde ne veut pas.’ (Later zorgde hij er trouwens voor dat de hoeve en de 50 ha landerijen er rond geklasseerd werden.)

In de pers werd bij het overlijden van Chabert terecht de focus gelegd op zijn realisaties als federaal minister – snelheidscontroles, alcoholtests, dragen van de gordel … – en op zijn eeuwige tolerantiestreven als Brussels gewestminister (die dan wel in Meise woonde, maar soit). Allicht zal hij vooral voor dat laatste bekend blijven en later herinnerd worden. Als pacificatiepoliticus in Brussel, waar hij zeker op de strepen van de Vlamingen stond, maar dan vooral als het om taal- en cultuurrechten ging. Een ‘regionalist’ is hij nooit geweest. 

De collaboratie heeft hem als nochtans jonge Vlaamsgezinde katholiek – hij was vicepreses van het KVHV in het Rodenbachjaar 1956 – weggehouden van het Vlaamse radicalisme van een Wilfried Martens, om die oud-voorman van de Vlaamse Volksbeweging nog maar eens te herinneren. Maar in de Koningskwestie was hij een jong maar vurig leopoldist. Hoewel Leopold III Hitler nog had gesmeekt tijdens de oorlog koning te mogen worden van een Duitse vazalstaat Limburg, was hij ook de figuur waarrond de christendemocratie en Vlaamsgezind Vlaanderen elkaar vonden meteen na de Tweede Wereldoorlog. (In feite heeft Leopold III op die manier willens nillens ook de heropleving van de Vlaamse Beweging na de oorlog bewerkstelligd, maar dat is stof voor een doctoraatsproef.)

Of Chabert leopoldist was uit ideologische overtuiging – anti-Waals socialisme met andere woorden, zonder daar Bart De Wever bij te willen betrekken – is maar de vraag. Hij was er al trots op dat zijn grootouders op een schilderij voor hun hoeve – inderdaad, de hoeve van tante Mathilde – stonden met naast hen … koning Leopold. De Leopoldsorde droeg hij dan ook met trots in zijn revers, zoals hij ook trots was op de diploma’s in de Leopoldsorde van zijn vader en evenzeer altijd graag in de buurt van de Lakense monarchen optrok. Manu Ruys bestempelde hem in de Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging als behorende ‘tot de strekking die vasthoudt aan de Belgische eenheidsgedachte’. Hij dook dan ook als Brussels minister op in Sarajevo en zelfs Jeruzalem om er het Belgisch model te verkopen als ideale samenlevingsmodel voor Joden en Palestijnen. Het mocht niet zijn.

 

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Karl Drabbe

Karl Drabbe is uitgever non-fictie bij Vrijdag en van Doorbraak Boeken. Hij is historicus en wereldreiziger en werkt al sinds 1993 mee aan Doorbraak.