fbpx


Binnenland, Ethiek
Karianne J.E. Boer

Open brief aan het federaal parlement betreffende de verplichte vaccinatie tegen covid-19



islamofobie

Geachte dames en heren Volksvertegenwoordigers,

‘De antwoorden die men krijgt, hangen af van de vragen die men stelt.’ – Thomas Kuhn

Vandaag is het 1 mei, Feest van de Arbeid, wat mij een bijzonder gepaste dag lijkt om dit schrijven aan U te richten naar aanleiding van Uw bespreking van het wetsontwerp betreffende de verplichte vaccinatie tegen COVID-19. Uiteraard wil ik ook van de gelegenheid gebruik maken om U te feliciteren met de nieuwe wet tegen bellen aan het stuur. Zoals één van U aangaf tijdens de hoorzitting van 28 september 2021: ‘De technologie bestaat, dus moeten we ze gebruiken’.

Wet van de technologische evidentie

Mag ik U voorstellen aan Peter S.? Hij contacteerde mij nadat ik een open brief had geschreven aan de rector van de VUB. Hij is chirurg en heeft een vooraanstaand chirurgisch centrum in België opgericht. Heel wat mensen zijn genezen dank zij hem en meer dan vijfentwintig jaar expertise. Ik was verbijsterd om te horen dat hij op 1 maart 2022 zijn ontslag had gegeven. Een groot verlies voor zijn patiënten, maar ook een verlies voor de samenleving, niet? Ik kom hier nog op terug.

Vanzelfsprekend ben ik het volstrekt met U eens dat we alle technologieën die we hebben, moeten aanwenden. Ik noem het de wet van de technologische evidentie. In diezelfde trant kan gesteld worden dat het vaccin bestaat en dus gebruikt moet worden. Laten we in dit verband even stilstaan bij Uw verslag van de bespreking van het wetsontwerp.

Volgens minister Vandenbroucke zijn er twee fundamentele redenen waarom het vaccin tegen COVID-19 verplicht moet worden. De eerste reden is dat zorgverstrekkers alles moeten doen om hun patiënten te beschermen. De tweede reden is dat ze alles moeten doen om zichzelf te beschermen tegen personeelsuitval. Bovendien bestaat er al een vaccinatieplicht tegen hepatitis B in de zorg en een vaccinatieplicht tegen polio voor baby’s. Deze bestaande plichten rechtvaardigen uiteraard de vaccinatieplicht tegen COVID-19, conform de wet van de wettelijke evidentie. De ene verplichting rechtvaardigt de andere.

Massavaccinatiecampagne

Ongetwijfeld bent U op de hoogte dat de eerste massavaccinatiecampagne tegen polio in België startte in 1958. Jaren later, in 1965, organiseerde Dr. Lépine een congres waarin voor het eerst in België de vaccinatie in verband werd gebracht met het recht. Onder groot applaus van de voltallige magistratuur werd het idee van verplichting van deze Franse arts geprezen. Het is mij nog altijd een raadsel waarom juridische geschoolde overheidsambtenaren een stem kregen in dat debat, maar kennelijk was dat toen het geval in België.

Ook nu nog zijn er leden van de magistratuur die meningen hebben over verplichte vaccinaties, zonder ooit ook maar een studie te hebben gelezen, laat staan begrippen als correlatiecoëfficiënt, significantietoets of meta-analyse onder de knie te hebben. Gelukkig bent U wel geschoold in de statistiek. Mag ik hier later nog op terugkomen?

België heeft geen wetten

De oproep van Dr. Lépine is niet zonder gevolg gebleven. Wist u dat de Hoge Gezondheidsraad in 1965 haar kans greep om een rapport te schrijven waarin verplichte vaccinatie werd aanbevolen? Het jaar daarop zag de nieuw aangestelde minister van Volksgezondheid, Raphaël Hulpiau, het rapport en voerde hij, amper een paar maanden na zijn aanstelling, de verplichting middels een koninklijk besluit in. Wat een slimme zet, niet?

Andere landen hebben wetten, maar België niet. Er kwam nauwelijks protest van de bevolking, want het waren woelige jaren destijds. De taalstrijd was losgebarsten in Leuven en de steenkoolmijn van Zwartberg vormde eveneens het toneel van grote onlusten. Conflicten leiden de aandacht van de bevolking af. Klinkt dit bekend in de oren?

Fouten niet herhalen

Desalniettemin kunnen we lessen trekken uit het verleden. Meestal kijken we naar het verleden om bepaalde fouten niet te herhalen, maar soms schenkt het verleden ons good practices. Zo’n goede praktijk vinden we terug in de tijdsduur inzake de vaccinatie tegen poliomyelitis. Maar liefst negen lange jaren zijn verstreken tussen de eerste aanbieding van het vaccin en de uiteindelijke verplichting. Bovendien was België één van de laatste Europese landen om de vaccinatie tegen polio te verplichten.

Het hepatitis B-vaccin heeft een nog langere weg gevolgd. Het was voor het eerst beschikbaar in 1982 en de wettelijke verplichting voor de zorgsector werd pas ingevoerd in 1996. Dit betekent dat er maar liefst veertien jaren zijn gepasseerd tussen de eerste aanbieding van het vaccin en de verplichting ervan. Ons land heeft dus een opmerkelijke traditie inzake de verplichting van vaccins: we zijn bedachtzaam en hebben er steeds voor gekozen om eerst de veiligheid van het vaccin grondig te bestuderen alvorens het te verplichten. Time for change, niet?

Verplichte vaccinatie

Nederland daarentegen was één van de eerste lidstaten van de Europese Unie om verplichte vaccinatie op te leggen. Al is het woord vaccinatieplicht niet helemaal juist, weet U. Zo werd de vaccinatie tegen de pokken slechts op indirecte wijze verplicht door de toegang tot het onderwijs te koppelen aan een bewijs van vaccinatie. Dit pokkenbriefje werd in de negentiende eeuw ingevoerd.

In de eerste helft van de twintigste eeuw stelden Nederlandse artsen echter vast dat er soms heel vervelende bijwerkingen waren en soms met dodelijke afloop. Bovendien was er een sterke volksbeweging die kritische vragen stelde omtrent het vaccin. Nederland voerde de indirecte plicht af en heeft ook geen verplichte vaccinatie tegen polio ingevoerd omwille van dezelfde redenen. Ik vind het bijzonder choquerend om vast te stellen dat de Nederlandse overheid vertrouwt op het oordeelsvermogen van haar burgers, U niet?

Wist U dat alle werkgevers in de Nederlandse zorgsector verplicht zijn om het hepatitis B-vaccin aan te bieden? Ja, U leest het goed, de werknemers zijn niet verplicht tot vaccinatie. Elk weldenkend mens zou zo’n vaccin nemen, vind ik dan. Het is immers een inenting tegen een virus dat geen zoönotisch reservoir heeft, net als de pokken. Dergelijke virussen kunnen in theorie dus uitgeroeid worden, omdat ze dieren niet als gastheer hebben. Jubelt U mee?

Van mens tot dier en terug

SARS-CoV-2 daarentegen kan wel tussen mensen en dieren overspringen, net als het gewone griepvirus. Dit cruciale onderscheidend kenmerk tussen het polio- en het hepatitis B-virus enerzijds en SARS-Cov-2 anderzijds begrijpen de meeste mensen gelukkig niet. Als de regering dus poneert dat het mogelijk is om groepsimmuniteit te bereiken, dan zullen ze dat ongetwijfeld geloven. De tijdelijkheid van de bescherming zullen ze ook niet doorhebben.

Bovendien kan ik U het heugelijke nieuws mededelen dat de Digital Services Act (DSA) zeer recent werd goedgekeurd. Net als U ben ik een grote fan van nudging. Mag ik U daarom informeren over enkele studies die volgens mij dringend uit de wetenschappelijke literatuur moeten ‘verdwijnen’? De DSA biedt een unieke opportuniteit om te bepalen wat de overheid kan laten verdwijnen, conform het legaliteitsbeginsel. Is dat niet mooi?

Zorgbeoefenaars

Laten we twee van die studies onder de loep nemen. Ze behelzen immers het lot van zo’n 70.000 zorgbeoefenaars, als we veronderstellen dat 10% van de groep van 700.000 zorgprofessionals in België nog niet ingeënt is. Minister Vandenbroucke, voor wiens intellect ik grote bewondering heb, stelt dat het de evidentie zelve is dat zij zich laten vaccineren. Het verslag van Uw bespreking van het wetsontwerp meldt immers dat vaccinatie beschermt tegen infectie en transmissie. Bovendien wegen de voordelen ruimschoots op tegen de nadelen. Het vaccin is uitermate veilig en effectief!

Toen ik dit las, heb ik opgezocht of de minister onlangs een nieuw bewustzijnsverruimend product van zijn vriend Van Quickenborne heeft uitgeprobeerd in een poging om te achterhalen hoe het mogelijk is om zulke briljante uitspraken te doen. Het is immers zonneklaar dat die smerige – excuseer, vergeef mij voor deze slip of the tongue – ongevaccineerde artsen, verplegers en al die andere betweterige zorgverstrekkers zoals Peter S. de schuld zijn van de grote personeelsuitval (de cijfers bewijzen dat), het ontstaan van nieuwe varianten (de cijfers bewijzen dat) en de grote oversterfte onder de bewoners van rusthuizen (de cijfers bewijzen dat). Zoals ik al gezegd heb, bestaat het vaccin en het feit dat het bestaat, legitimeert dat het gebruikt moet worden, toch?

Vervelende studies

Helaas moet ik U wel mededelen dat er de laatste weken enkele vervelende studies zijn verschenen, onder meer in The Lancet en Nature. Net als U vind ik deze situatie heel lastig, maar we zullen hopelijk, op basis van de DSA, deze situatie snel kunnen laten ‘verdwijnen’.

Een eerste studie onder leiding van de Deense professor Christine Stabell Benn vergeleek het effect van de adenovirus vector-vaccins met vaccins gebaseerd op mRNA-technologie. Zoals het citaat helemaal in het begin van deze brief aangaf, hangen de antwoorden die men krijgt, af van de vragen die men stelt.

Deze professor stelde zich de vraag wat het globale effect van de vaccins was. Redden ze meer levens dan dat ze levens kosten, niet alleen tegenover COVID-19, maar ook wat de bijwerkingen betreft? Adenovirus vector-vaccins tegen COVID-19 blijken een levensreddend effect te hebben, maar de mRNA-technologie blijkt meer levens te kosten dan te redden. Hopelijk zal de overheid de DSA aanwenden om deze professor in diskrediet te brengen. Dat is echt nodig.

Oproepen voor hartaanvallen

Alsof de voorgaande studie nog niet erg genoeg was, werd op 28 april – dezelfde dag dat het ontwerp van samenwerkingsakkoord voor de gegevensuitwisseling omtrent de vaccinatie tegen COVID-19 werd gesloten – een studie in Nature gepubliceerd. Deze Israëlische studie onderzocht het aantal oproepen voor hartaanvallen bij mensen jonger dan veertig jaar.

Er bleek een stijging van 25% te zijn in de periode januari tot mei 2021, toen de vaccinatie werd uitgerold, in vergelijking met diezelfde periode in 2019 en 2020. Wie oh wie kan ook de fringe authors van deze studie uitschakelen?

Proportionaliteit

Tot slot is het mij ook nog opgevallen dat er van die vervelende rechtsprofessoren zijn die komen praten over proportionaliteit. Wie wilt daar nu in godsnaam over palaveren als we de wet van de technologische evidentie hebben? De technologie bestaat, dus moeten we… Ik ben het roerend met U eens. U wilt rusthuisbewoners en andere kwetsbare patiënten maximaal beschermen, dus is vaccinatie de beste oplossing. Laten we onze adem niet verspillen aan testen.

Als het personeel dat met kwetsbare patiënten in contact komt, zich dagelijks of wekelijks zou testen, dan zouden die specifieke kwetsbare doelgroepen daadwerkelijk beschermd zijn, maar waarom zouden we dat doen? Als U de zorgbeoefenaars kan verplichten om een eenvoudige prik te laten zetten en als U daarmee een rookgordijn van veiligheid kan optrekken voor de gehele bevolking (zie ons, wij doen iets), waarom zou U zich dan gaan bezig houden met testen?

Testen is voor dummies en prikken is voor de slimmeriken zoals U en de erudiete minister Vandenbroucke. En ach, geen haan zal kraaien naar die paar honderden zorgverstrekkers die gezichtsverlammingen, bloedklonters, hersenbloedingen, hartinfarcten en nog van die uitermate zeldzame bijwerkingen zullen krijgen. De media zit in onze pocket. Nog nooit zijn de tijden voor overheidspropaganda zo gunstig geweest.

Personeelsuitval vermijden

Mag ik tot slot dit satirisch gedeelte laten volgen door een welgemeende en warme oproep aan de hele gemeenschap van zorgverstrekkers om exact dezelfde beslissing te nemen als Peter S. heeft gedaan? Want als het doel is om personeelsuitval te vermijden, dan zou de wetgever nooit een verplichting opleggen om zich te laten inenten tegen een virus dat nooit uitgeroeid kan worden.

Dan zou het testen verplicht maken en dan zou het de belasting op groenten en fruit geheel afschaffen en dan zou het geen rijen met speelgoed in de winkel laten afsluiten, maar dan zou het gezonde voeding promoten, in het kader waarvan mijn vriend Marc Noppen zelf aangeeft dat 60% van de patiënten in zijn ziekenhuis daar ligt omwille van hun voedings- en leefstijl.

Klokken van tegenwind

Maar ik hoor de klokken van tegenwind al luiden: het is onmogelijk om elke zorgverstrekker en bij uitbreiding de gehele bevolking te verplichten om gezond te eten. Dat is praktisch onhaalbaar. Inderdaad, maar het zijn niet de individuele burgers en professionals op wie we onze pijlen moeten richten.

Het is de voedingsindustrie van $2 triljoen die we eindelijk aan banden moeten leggen. Want als we als samenleving werkelijk het gezondheidszorgsysteem operationeel willen houden, dan zouden we structurele maatregelen nemen om mensen gezond te houden en ziekte te voorkomen. En dan zou U als Parlement Uw taak serieus nemen in plaats van U bezig te houden met pestmaatregelen tegen de groep professionals voor wie U in 2020 elke avond om acht uur stond te klappen.

Mag ik dus vragen dat U het deurtje openzet van de kooi waar de uil van Minerva sedert twee jaar gevangen zit? Het avondland is al zo lang gevallen, maar een opgesloten uil kan niet uitvliegen. Als U toch doorzet met deze verplichting, mag ik dan nogmaals de 70.000 zorgbeoefenaars vragen om de sector te verlaten? Een volk dat hun rechten minacht, is hun zorgen niet waard.

Hoogachtend en met warme groet

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Karianne J.E. Boer

Karianne J.E. Boer (1978) is ondernemer en voormalig strategisch analist en relatiementor; ze behaalde de graad van licentiaat in de criminologie (KUL) en master of management sciences (VUB) en een academisch certificaat in de rechtssociologie (IISL, Spanje) en de filosofie (KUL). Momenteel is ze ook rechtenstudent aan de Vrije Universiteit Brussel en ambieert ze een carrière als advocaat en onderzoeker. Ze heeft een passie voor de pen en interesseert zich in bijzondere mate in het snijvlak tussen recht, technologie, ethiek en mensenrechten.