Analyse, Politiek

Is de Bourgondische coalitie de enige uitweg?

Op naar 26 mei!

Het Belgische kiesstelsel is gemaakt om politieke versnippering te vermijden, maar de resultaten tonen dat het niet echt helpt. Na 26 mei zal dat niet anders zijn. Dat maakt een coalitie samenstellen er niet makkelijker op. Maar een eerlijke poging toont dat er niet te veel mogelijkheden zijn. Al weet je nooit, politici kunnen heel creatief zijn.

Kieskringen

Omdat er gekozen wordt in vijf kieskringen, de vijf Vlaamse provincies, gaan vele stemmen verloren. Daarbij komt nog dat er een kiesdrempel van 5% bestaat in elke kieskring. Ondanks die drempels zijn er langs Vlaamse kant momenteel van zes partijen volksvertegenwoordigers in de Kamer en van zeven partijen in het Vlaamse Parlement, omdat het UF één zetel heeft behaald in de kieskring Vlaams-Brabant. Deze samengebundelde Franstalige formatie —Union des Francophones — heeft in 2014 met 64 stemmen overschot zijn zetel weten te behouden. Langs Franstalige kant zijn er zeven partijen vertegenwoordigd (PS, MR, cdH, Ecolo, PP, PTB en Défi).

We kunnen niet anders dan concluderen dat de twee opgesomde drempels (om versplintering te vermijden) niet geweldig werken, we hebben nog nooit zoveel politieke partijen gehad in de parlementen. Na de verkiezingen komt er langs Vlaamse zijde mogelijks de PVDA bij en bestaat het politieke landschap dan uit zeven politieke partijen.

Waarom schaffen we de provinciale kieskringen niet gewoon af en voeren één Vlaamse kieskring in? Dan zou ook het onderscheid wegvallen tussen een kieskring als Antwerpen met veel zetels (24 kamer en 33 Vlaams) versus Limburg (12 kamer en 16 Vlaams). Bovendien zijn er met 124 leden ook teveel Vlaamse parlementsleden en die opmerking geldt ook voor de 150 (87N en 63F) Kamerleden.

Zetels versus stemmen

De verdeling van de zetels is al heel lang een probleem van ongelijkheid. De N-VA behaalde in 2014, 33 Kamerzetels met 1.366.397 stemmen. De PS kwam aan 23 zetels met maar 787.000 stemmen en CD&V kreeg maar 18 zetels voor 783.000. Bij de liberalen haalde MR 20 zetels met 650.000 stemmen en de Open Vld maar 14 zetels voor 659.000 stemmen. De herverdeling van minder zetels over maar vier kiesgebieden (Vlaams, Waals, Brussel en Duitstalige Gemeenschap) kan deze ongelijkheid wegwerken.

Opkomst

Bij de Vlaamse verkiezingen van 25 mei 2014 waren er 4,7 miljoen geregistreerde kiezers. Zowat 350.000 zijn er niet komen opdagen. De redenen zijn heel divers: aan het werk, ziek, met vakantie of geen zin om te komen. Uiteindelijk zijn er 4,422 miljoen stemmen uitgebracht voor het Vlaams Parlement of 92,6%. Van deze opgekomen kiezers stemden dan nog 219.000 blanco of ongeldig, zodat er maar 4,202 miljoen geldige stemmen werden uitgebracht of 88% van de geregistreerde kiezers. Voor een land met een opkomstplicht, kan je dat geen enorm succes noemen. Op basis van deze cijfers moet je je afvragen of die verplichte opkomst nog wel zin heeft.

Peilingen

Zijn de lokale verkiezingen een ideale graadmeter voor de volgende Parlementsverkiezingen? In oktober 2012 behaalde de N-VA 28,5% bij de provinciale verkiezingen, maar 31,8% Vlaams en 32,5% Federaal. Voor CD&V was dat 21,4% op lokaal niveau en 20,5% Vlaams en 18,6% federaal. Ook voor de andere partijen zitten daar nogal wat verschillen in. Bovendien zijn er andere thema’s in de verkiezingscampagnes, lokale lijsten die niet opkomen en de partijen kunnen hun populaire leidende personen landelijk uitspelen. Met andere woorden de lokale verkiezingen van oktober 2018 zijn niet een ideale electorale waardemeter. Dat wordt ook bevestigd in de meest recente peilingen.

In ons zeteltoewijzingsstelsel ‘D’Hondt’, kan een partij met stemmenverlies toch eindigen met meer zetels. Ten eerste, de pot van de ongeldige/blanco stemmen is in het voordeel van de grootste partij. Secundo, nemen we het voorbeeld van de N-VA (Antwerpen, Vlaamse kieskring, 2014 ) waar die partij toen 36,6% behaalde, de tweede partij (CD&V) goed was voor 20% en de nummer drie (sp.a) 11,4% haalde. Als — hypothetisch — de grootste partij terugvalt op 34% (en dus verliest), maar ook de tweede partij minder stemmen heeft (vb. 16%) dan is het verschil – in dit voorbeeld — gegroeid van 16% naar 18%. Dat gegeven speelt dan in het voordeel van de grootste partij, die zetels kan winnen.

Coalities

Het is nog twee weken te gaan naar Super Sunday, maar je kan al beginnen tellen — op basis van wat we nu weten — welke coalities aan een meerderheid zouden kunnen geraken. Een aantal is hoogst onzeker: Zweden I, Zweden II met cdH, een traditionele tripartite, olijfboomcoalitie (socialisten, groenen en christendemocraten), Jamaica (liberalen, groenen en christendemocraten) en donkerrood-groen (communisten, socialisten en groenen). Alle voorgaande regeringsconstructies zijn al met zes partijen en of ze een federale meerderheid halen is zeer te betwijfelen.

Wat lukt zeker wel op federaal vlak? Primo, paars (liberalen en socialisten) met Ecolo/Groen. Een dergelijke coalitie haalt een federale meerderheid ook in de Franstalige deelstaten. Maar paars-groen geraakt er niet in Vlaanderen. Waardoor de Vlaamse regering een andere samenstelling moet krijgen dan paars-groen. Als men in het Vlaams Parlement de N-VA wil opzij zetten dan zijn er vier partijen nodig. Buiten het feit dat die allemaal boos zijn op de grootste partij, zullen er niet al te veel gemeenschappelijke punten zijn.

Secundo, Hawaï (liberalen, Ecolo/Groen en de N-VA) geraken er federaal en Vlaams. Maar Hawaï haalt nooit (MR en Ecolo) een meerderheid in het Waalse Gewest en de Franse Gemeenschap. Mogelijks behaalt Hawaï wel een meerderheid in de Brusselse COCOF. Maar tegen deze constructie pleit de linkse ideologie van Ecolo/Groen en het voorakkoord in Brussel (PS, Ecolo en Défi ).

Tertio, de Bourgondiërs of de Antwerpse stadscoalitie (N-VA met liberalen en socialisten). Dat lijkt de enige coalitie die overal aan een meerderheid kan geraken.

Maar in deze bizarre campagne kan er op het laatste moment nog een onverwacht dossier uit de lucht vallen dat de stembusslag beïnvloedt. A propos, op 26 mei zijn er ook Europese verkiezingen!

Herman Matthijs

Herman Matthijs doceert publieke en openbare financiën aan de UGent en de VUB.

steun doorbraak

Wil u graag meer lezen van Herman Matthijs?

Doorbraak is een onafhankelijk medium zonder subsidies. We kunnen dit enkel doen dankzij uw financiële steun. Uw steun geeft onze auteurs de motivatie om meer en regelmatiger te schrijven. Steun ons met een kleine bijdrage of word vandaag nog Vriend van Doorbraak.

Ik help Doorbraak groeien.
Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel i.s.m. Perruptio cvba Hoofdredacteur: Pieter Bauwens Webbeheer: Dirk Laeremans