fbpx


Actualiteit, Binnenland

Wie heeft recht op fraudegeld?



Professor Michel Maus berekende dat één op vijf Belgen helemaal of deels in het zwart werkt. Zijn cijfers stootten op een storm van kritiek. Er werd al wel eerder onderzoek gedaan naar de omvang van de donkere circuit. De Standaard opende op 18 mei 2010 met grote kop: ‘Eén op vijf ziet geen probleem in fiscale fraude’. Dat was het resultaat van een enquête, dus best opletten daarmee. Bij het opstellen van de nationale rekeningen worden pogingen ondernomen om de zwarte economie mee op te nemen in de officiële tabellen (voor wie houdt van saaie studies: hier klikken). De statistici verhogen ons ‘witte’ bruto binnenlands product met een kleine 4% om rekening te houden met het zwarte circuit. De studie verwijst naar ouder wetenschappelijk onderzoek dat suggereert dat de zwarte sector in werkelijkheid zo’n 18% zou omvatten, ruim vier keer meer. Weer komen de cijfers in de buurt van die wellicht nog niet zo gekke 20%. (De studie wijst trouwens op het verschil tussen de concepten ‘zwarte economie’ en ‘fiscale fraude’.) De echte omvang ligt dus ergens tussen de voorzichtige 4% en de ruimhartig bemeten 20%. We beperken ons tot de vaststelling dat er veel geld te rapen valt door betere belastinginning.

Fraude aanpakken

De regering Di Rupo mikt, eens op kruissnelheid, op 980 miljoen euro per jaar opbrengst door bestrijding van fiscale en sociale fraude. Toen Di Rupo eind november een begrotingsakkoord bereikte, stond dat bedrag (uiteraard) niet bij besparingen, noch (vreemd genoeg) bij extra inkomsten, maar hoorde het totaal ten onrechte in de categorie ‘diverse maatregelen’.

Di Rupo stuurt een actieve staatssecretaris in het veld om die centen ook daadwerkelijk geïnd te krijgen. De bazoeka’s die John Crombez wilde inzetten, deden de Raad van State toch wat opschrikken. Hij zal z’n aanpak milderen, maar rekent voor 2012 toch op een vangst van een slordige 700 miljoen euro. Deze component vormt een belangrijk onderdeel van het pakket maatregelen dat onze overheidsfinanciën weer op het spoor moet zetten.

Robin Hood

De identificatie met overheid, staat en regeerders valt nogal mager uit in onze contreien. Het gebrek aan een echt nationaal gevoel zal daarvoor zeker een groot deel van de verklaring bieden, maar daarover buigen we ons hier verder niet.

Die anti-overheidshouding zorgt wel voor de vruchtbare grond waarin over (fiscale) fraude een aantal misverstanden wortel kunnen schieten en een brede verspreiding krijgen. Wie belastingen ontduikt, beschouwt zichzelf graag als een sympathieke vrijbuiter, als hij zich al geen Robin Hood-allures aanmeet. De overheid is ons aller vijand en neem je die te grazen, dan kan je rekenen op een vette en begripsvolle knipoog aan toog, cafetariatafel en familiefeestdis.

Die redenering onderschat vadertje-staat niet weinig. Dacht de fraudeur nu echt dat de honger van onze overheid ongestild blijft voor het bedrag dat ontdoken wordt? Zo’n gedachte kan wellicht helpen om het geweten wat te sussen van degenen die graag onder het tafelblad ritselen. In de buurt van de waarheid komt ze absoluut niet.

Fraude leidt tot belastingsverhoging

De overheid buigt niet verslagen het hoofd als iemand belastingen ontduikt. Ze kiest tussen twee opties. De moeilijke weg bestaat er in de ontduikende onverlaat op te sporen en correct te taxeren. De gemakkelijke weg is altijd populairder geweest bij onze bestuurders. De ‘brave burger’ – die niet of minder ontduikt omdat de middelen en mogelijkheden ontbreken, dan wel omdat die gedreven wordt door het soms uitgestorven gewaande begrip burgerzin – mag het gedorven geld bijkomend ophoesten. Belastingsontduiking leidt dus gewoon tot hogere aanslagvoeten ten laste van de wél-betalers om het ‘nodige’ bedrag toch richting overheid te doen vloeien.

‘Vindt’ deze regering daadwerkelijk 700 miljoen door betere belastingsinning, dan zou daar fatsoenshalve een algemene belastingsverlaging van hetzelfde bedrag tegenover moeten staan. Aangezien fraude leidt tot belastingsverhoging voor niet-ontduikers, moet de opbrengst van de bestrijding van ontduiking omgezet worden in belastingsverlaging voor de niet-fraudeurs. Dat is wel het minste waar de brave belastingbetaler recht op heeft, na jarenlang overdreven belast te zijn ter compensatie van het fraudegedrag van anderen.

Uiteraard kan de regering beslissen om parallel met de fraudebestrijding de overheidsaanslag met 700 miljoen euro te verhogen. Dat is een politieke keuze. Maar als deze regering beslist die 700 miljoen niet uit te keren aan de echte gerechtigden in de vorm van belastingsvermindering, dan haalt ze gewoon 700 miljoen euro meer belastingsgeld binnen. Dat heeft een naam: belastingsverhoging. Laten we het dan ook die naam geven.

Peter De Roover

Chef-politiek Doorbraak

9 maart 2012

<Vindt u dit artikel informatief? Misschien is het dan ook een goed idee om ons te steunen. Klik hier.>

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Peter De Roover

Peter De Roover was achtereenvolgens algemeen voorzitter en politiek secreteris van de Vlaamse Volksbeweging , chef politiek van Doorbraak en nu fractievoorzitter voor de N-VA in de Kamer.