Commentaar, Multicultuur & samenleven
fundamentalisme

Zijn religieuze richtlijnen redelijker dan veiligheid en hygiëne?

Of hoe de boerkini een fundamentelere vraag verhult

De voorbije dagen laaide de discussie over de boerkini weer op. Dit keer naar aanleiding van de uitspraak van de Gentse rechtbank van eerste aanleg, die oordeelde dat een boerkiniverbod discriminerend is. De uitspraak kwam er nadat twee moslima’s een klacht indienden omdat ze in de zwembaden Van Eyck in Gent en Ter Wallen in Merelbeke niet met boerkini mochten zwemmen. Zo werd het dus uiteindelijk een zaak van discriminatie op basis van religie.

Beide zwembaden, evenals het Gentse stadsbestuur, ondergaan het vol ongeloof. Logisch, want beide reglementen viseren op geen enkele manier de boerkini of bij uitbreiding een bepaalde religieuze groep. Het reglement van Ter Wallen stelt bijvoorbeeld letterlijk dat ‘Onder zwemkledij wordt verstaan voor de heren een aansluitende zwembroek , voor dames een badpak of bikini. In deze zwemkledij mogen geen zakken en/of ritssluitingen. Enige andere vorm van kledij zoals ondergoed, bermuda’s, shorts, T-shirts, kleedjes, rokjes, burkini’s (sic), enz. worden om hygiënische/ecologische redenen niet toegestaan.’

Redelijk, relevant of belachelijk

Het gaat met andere woorden om allerlei soorten kleding die om verschillende redenen niet als adequaat gezien worden om mee te zwemmen. Of die redenen nu redelijk, relevant of zelfs compleet belachelijk zijn, doet totaal niet ter zake. Feit is dat het een reglement is dat op volstrekt neutrale wijze omschrijft wat kan en wat niet kan opdat elke bezoeker ten volle van de zwembadfaciliteiten kan genieten. Van inbreuk op de godsdienstvrijheid is in de verste verte geen sprake. Het wordt maar een religieuze zaak omdat twee dames dat ervan maken.

En de rechtbank gaat daar in mee, hier bijvoorbeeld bij monde van advocaat Joos: ‘Moslima’s die een bedekkend zwempak willen dragen uit religieuze overwegingen worden benadeeld ten opzichte van vrouwelijke zwemmers die minder bedekkende zwemkledij dragen. In geen van de aangeklaagde zwembadreglementen wordt dat onderscheid objectief en redelijk verantwoord. Bijgevolg is er sprake van discriminatie op basis van geloof.’

En mannen?

Laten we dit nu toch eens even van naderbij bekijken. Dus:

‘Moslima’s die een bedekkend zwempak willen dragen uit religieuze overwegingen worden benadeeld ten opzichte van vrouwelijke zwemmers die minder bedekkende zwemkledij dragen.’

Ja, en? Mannen die een losse zwemshort willen dragen uit esthetische overwegingen worden benadeeld ten opzichte van mannelijke zwemmers die kleine, aansluitende zwemslipjes dragen. Jongeren die met een pet willen zwemmen uit modieuze overwegingen worden benadeeld ten opzichte van jongeren die blootshoofds willen zwemmen. Mensen die in hun onderbroek willen zwemmen uit gemakzuchtige overwegingen worden benadeeld ten opzichte van mensen die zich gewoon aan de regels houden.

Maar verder:

‘In geen van de aangeklaagde zwembadreglementen wordt dat onderscheid objectief en redelijk verantwoord.’

Welk onderscheid? De reglementen maken net geen onderscheid. Ze stipuleren welke zwemkledij toegelaten is en vullen aan met een aantal voorbeelden van wat niet toegelaten is. De boerkini is daar een van, zonder enig onderscheid van de andere en zonder te worden geviseerd. Zeer objectief én redelijk.

‘Bijgevolg is er sprake van discriminatie op basis van geloof.’

Er is helemaal geen ‘bijgevolg’ aangezien wat vooraf gaat nergens op slaat. Maar er is inderdaad wel sprake van discriminatie op basis van geloof, maar dan bij monde van de rechtbank. Immers, door deze uitspraak wordt nu één groep bevoorrecht op basis van geloof, daar waar voordien iedereen gelijk behandeld werd.

Boerkini

Deze hele discussie gaat dus helemaal niet of een boerkini toegelaten moet worden of net verboden, het gaat niet over of de boerkini een symbool van onderdrukking is of net van emancipatie, het gaat niet over de vrije keuze om te dragen wat je wil. Het gaat over godsdienstige voorschriften die voorrang krijgen op ‘wereldlijke’ richtlijnen. Hier wordt niet naar de vrijheid gevraagd om te dragen wat we willen, maar expliciet naar het dragen van een bedekkend zwempak uit religieuze overwegingen. Het gaat niet over vrouwen die zich onzeker voelen over hun lichaam en dat liever niet tonen, maar over het bedekken van dat lichaam omdat hun religie dat zo voorschrijft. Het gaat niet over ‘omdat ik dat wil’, maar over ‘omdat het moet van god’. En nu mogen hygiëne of veiligheid misschien onnozele argumenten zijn, maar ze zijn in elk geval redelijker en rationeler dan ‘het moet van god’.

Jamaar, er is toch vrijheid van godsdienst? Zegt artikel 9 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens niet dat ‘eenieder het recht heeft zowel in het openbaar als privé zijn godsdienst te belijden of overtuiging tot uitdrukking te brengen in erediensten, in onderricht, in praktische toepassingen ervan en in het onderhouden van geboden en voorschriften’? Zeer zeker. Maar het artikel stopt daar niet, het zegt verder dat godsdienstvrijheid mag beperkt worden ‘in het belang van de openbare veiligheid, voor de bescherming van de openbare orde, gezondheid of goede zeden of voor de bescherming van de rechten en vrijheden van anderen’.

En dat is nu net wat hier gebeurt. Immers, de reglementen werden nooit opgesteld met het doel om wie dan ook te beletten zijn of haar godsdienst te belijden, maar enkel om universele richtlijnen op te stellen zodat iedereen veilig, hygiënisch en maximaal van het zwemmen kan genieten. Door nu één groep te privilegiëren, krijgen zij meer rechten dan anderen.

Maar zelfs als je toleranter wil zijn tegenover religie, dan nog zou het argument van de godsdienstvrijheid uit alle macht verworpen moeten worden. Die godsdienstvrijheid is er gekomen om vervolging, foltering, moord, ja zelfs genocide omwille van religieuze redenen tegen te gaan. Met andere woorden: om mensen te beschermen, om levens te redden en niet om kledingvoorschriften te bestrijden. Het uithollen van fundamentele mensenrechten voor pietluttige en egocentrische eisen zou op algemene afkeuring moeten ontvangen worden.

Kerk en Staat

Het maakt dus niet uit wie wat mag of niet mag dragen als hij of zij wil zwemmen, waar het wel om gaat, is dat religie nooit boven de wet, of in dit geval het reglement, mag staan. Daarom is de reactie van het Gentse stadsbestuur de juiste: zij gaan in beroep tegen het vonnis omdat het enkel verwijst naar religie en levensbeschouwing als enige uitzondering om meer bedekkende zwemkleding toe te laten. Zij vinden, en terecht, dat iedereen dan het recht heeft om te dragen wat hij of zij wil. Met als enige richtlijnen dat het uit badstof gemaakt is en voldoende aansluit en met veiligheid en hygiëne als enige leidraad bij het toestaan of weigeren.

Als u vindt dat bovenstaande nogal dramatisch is, laten we dan besluiten met een simpele, menselijke wijsheid. Om samen te leven, moet je nemen en geven. Het maakt niet uit wat je denkt, gelooft of aanhangt, je kan niet altijd en overal uitsluitend volgens je eigen regels leven.

Tom Garcia

steun doorbraak

Wil u graag meer lezen van Tom Garcia?

Doorbraak is een onafhankelijk medium zonder subsidies. We kunnen dit enkel doen dankzij uw financiële steun. Uw steun geeft onze auteurs de motivatie om meer en regelmatiger te schrijven. Steun ons met een kleine bijdrage of word vandaag nog Vriend van Doorbaak.

Ik help Doorbraak groeien.

Dit artikel delen of afdrukken




Commentaren en reacties


Kijk vooraf even op onze Spelregels en technische problemen
Reacties - klik hier

Voeg een reactie toe

https-doorbraak-be

Lees ook

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans