fbpx


Actualiteit, Buitenland
Zuid-Afrika

Soldaat en boer in Zuid-Afrika: generaal op Romeinse leest

Bij de dood van Constand Viljoen



Constand Laubscher Viljoen, gewezen hoofd van de landmacht in Zuid-Afrika (1977-1980) en van de Suid-Afrikaanse Weermag of SAW (1980-1985), is op 3 april 2020 overleden op de leeftijd van 86 jaar. Botsende ordes, elf culturele groepen, diepe economische en politieke verdeeldheid: in een land als Zuid-Afrika zal de carrière van Viljoen omstreden blijven. Dit geldt voor zijn rol in de zogenaamde Grensoorlog (1966-1989), toen de SAW vocht tegen de SWAPO-insurgenten in Zuidwest-Afrika (later Namibië), en ter ondersteuning van de UNITA-insurgenten…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Constand Laubscher Viljoen, gewezen hoofd van de landmacht in Zuid-Afrika (1977-1980) en van de Suid-Afrikaanse Weermag of SAW (1980-1985), is op 3 april 2020 overleden op de leeftijd van 86 jaar.

Botsende ordes, elf culturele groepen, diepe economische en politieke verdeeldheid: in een land als Zuid-Afrika zal de carrière van Viljoen omstreden blijven. Dit geldt voor zijn rol in de zogenaamde Grensoorlog (1966-1989), toen de SAW vocht tegen de SWAPO-insurgenten in Zuidwest-Afrika (later Namibië), en ter ondersteuning van de UNITA-insurgenten in Angola.

Zoeloes en Afrikaners

Dit geldt ook voor zijn rol in de periode 1993-1994, toen groepen Afrikaners en Zoeloes zich na het einde van de Apartheid wilden afscheiden in autonome gebieden. Ze wilden niet onder het gezag van het African National Congress (ANC) leven.

De constitutionele orde van Zuid-Afrika had er echter anders uitgezien als Viljoen in plaats van president F.W. de Klerk in de jaren negentig met het ANC namens de Afrikaners had onderhandeld.

Geworteld

Als je met Viljoen praatte, kreeg je de indruk van een exact persoon, iemand met principes en energie. Hij was zonder pretentie, beleefd maar rechtdoorzee, soms met een twinkeling in zijn oog. Zoals sommige van de oude Romeinse generaals was hij hartstochtelijk soldaat én boer. Het was zichtbaar in zijn boerenhanden en zijn liefde voor de natuur.

De familie Viljoen kende zware tijden. Zijn grootvader langs vaderskant, een diep religieus man, vocht in 1899-1902 voor de Boerenrepublieken tegen de binnenvallende troepen van het Britse Rijk. Als kind moest zijn vader hulpeloos toekijken hoe zijn broer en twee zussen in het Britse concentratiekamp Standerton stierven.

Viljoen werd geboren op 28 oktober 1933 in Standerton in het noordoosten van Zuid-Afrika. Zijn vader, een boer, stierf toen Viljoen veertien jaar oud was. Zijn moeder voedde hem en zijn tweelingbroer en zus op.

Frontgeneraal

Viljoen genoot van het actieve leven als soldaat. Hij was een gehaaste man, die gelukkig was als hij voelde dat hij zijn leven niet verspilde. Hij luisterde naar andere ideeën, maar kon vooral een situatie snel samenvatten, een beslissing nemen en deze met energie uitvoeren. Zijn troepen noemden hem terecht Stofstrepie (Stofspoortje).

Viljoen vond dat een generaal ook aan het front moet leiden. Dit bezorgde zijn meerderen soms maagzuur, maar hij vocht meerdere keren tijdens militaire operaties aan het front in Namibië en Angola. Zijn voorbeeld wekte bij zijn soldaten veel respect en loyaliteit op.

Ondernemerschap

Die band was wederzijds. In een interview zei hij: ‘Wanneer ik op een dag sterf, zal ik waarschijnlijk sterven terwijl ik aan mijn troepen denk. Ze waren fantastisch. Bruine, zwarte troepen, witte troepen. Het beste leger van Afrika.’

Bij de 40ste reünie van veteranen van Operatie Savannah, een operatie tegen de troepen van de marxistische MPLA en hun Cubaanse instructeurs in Angola, noemde de oude Viljoen enthousiast wat opmerkelijk was in het heetst van de strijd: de ondernemerszin van zijn soldaten als het misgaat. Een boer maakt een plan, zo luidt een Afrikaans spreekwoord.

Dilemma

De ‘Boeren’ was ook het vloekwoord van het ANC voor degenen die de anti-apartheidsbeweging als onderdrukkers zagen. Het historische dilemma van Afrikaners, vaak onderworpen aan Britse koloniale autoriteiten, bleef: Hoe kan een klein, verdeeld en verspreid volk niet andere groepen domineren of worden gedomineerd door sterkere krachten of grotere groepen in een harde, onveilige omgeving? Tijdens het apartheidstijdperk vormde dit dilemma ook het actieterrein van Viljoen.

In 1947 brak de Koude Oorlog uit tussen het door de Verenigde Staten (VS) geleide Westen en de Sovjet-Unie en China. Soldaten zoals Viljoen maakten zich later zorgen over de Oostbloklanden als nieuwe imperialisten. Ze zouden op de golf van zwart nationalisme kunnen meerijden en vervolgens hun autoriteit in zuidelijk Afrika vestigen door middel van een conventionele oorlog of opstanden.

Afrika-doctrine

Na de twee wereldoorlogen behield Zuid-Afrika een statische militaire doctrine gericht op territoriaal behoud. De afstanden en grenzen van Zuidelijk Afrika vereisten echter een andere aanpak.

Viljoen was een voordenker bij de Afrikanisering van militaire doctrine. Viljoen zei dat de vijand naar een gunstig slagveld moest worden gelokt. Vervolgens moest hij worden uitgeschakeld door verrassing, verstoring, vuurkracht en vooral mobiliteit. Hij en enkele van de officieren om hem heen testten de doctrine tijdens operaties en verbeterden de training en bevelsformatie, indirect ook de wapentuigontwikkeling.

Bondgenoten

Het succes ervan heeft het respect voor de SAW bij Afrikaanse regeringen vergroot. Afrikaanse leiders zoals Mobutu Sese Seko van Zaïre en Jonas Savimbi van UNITA in Angola zijn ook Zuid-Afrika blijven benaderen voor hulp.

Mobutu was tijdens de Koude Oorlog diep verankerd in de westerse alliantie. Tijdens zijn samenwerking met Mobutu leerde Viljoen wispelturige westerse bondgenoten, moraalridders en realpolitik kennen. Viljoen en Savimbi werden later ook vrienden.

Leeslijst van Viljoen en Mandela

Viljoen bestudeerde sinds 1960 de onderzoeken naar contra-insurgentie en contra-terrorisme bij David Galula, John McCuen, Andre Beaufre en anderen. Galula zei dat dergelijke gevechten 20% militair en 80% politiek waren. Militaire overwinningen moesten tijd winnen voor politici om via hun beleid de steun van opstandelingen te bestrijden.

Naast andere vreedzame politieke oppositiegroepen ontstond in 1960 ook een insurgentie. De Zuid-Afrikaanse Communistische Partij (SACP) besloot, na gesprekken met Mao Zedong in 1960, dat het ANC, hun bondgenoot, Umkhonto we Sizwe (MK) als gewapende macht moest oprichten. Nelson Mandela, die lid was van het ANC en de leidinggevende groep van SACP, woonde de oprichtingsvergadering van MK bij.

Mac Maharaj, een van de SACP-denkers, meldt in de Financial Times  van 26 juli 2016 dat Mandela bij hem boeken heeft besteld over succesvolle insurgenties en contra-insurgenties. Viljoen en Mandela hebben in de jaren zestig dezelfde boeken gelezen.

Waarden en vuile handen

Insurgentie en contra-insurgentie zijn zelden een moreel verheven strijd. Viljoen handelde echter volgens een reeks waarden. Hij toonde bijvoorbeeld respect voor goede SWAPO-guerrilluero’s. Hij laste ook missies om MK-commandanten te doden af als dit hun families in gevaar zou brengen.

Viljoen stopte in 1985 als generaal. Tijdens de Kabwe-conferentie in 1985 besloot het ANC ook zijn mislukte landelijke strijd te verleggen naar de zwarte stadswijken. Meer dan 300 ‘kettingmoorden’ vonden plaats, waarbij ANC-tegenstanders werden geëxecuteerd door een vlammende motorband om hun nek. Insurgenten vielen ook boerenfamilies en winkelcentra aan.

Bij de Waarheids- en Verzoeningscommissie nam Viljoen later namens de hele SAW de verantwoordelijkheid op zich voor incidenten van wangedrag: ‘De interactie tussen strategieën heeft aan beide kanten een onwaardig karakter gecreëerd … Ik wil waarschuwen voor een gemakkelijk oordeel tegen mensen in uniform aan beide kanten.’ Zal het bij westers contra-terrorisme anders verlopen?

Gewapende druk

Viljoens manier van denken over contra-insurgentie verklaart ook zijn politieke keuzes. In het referendum van 1992 stemde Viljoen tegen de onderhandelingen van president FW de Klerk met het ANC. De Klerk begon uiteindelijk met het ANC te onderhandelen buiten het mandaat van zijn kiezers voor machtsdeling met groepsgaranties. Het ANC was echter niet bang voor De Klerk, maar voor Viljoen.

Viljoen werd in 1993 benaderd door groepen Afrikaners om hen te leiden. Hij wilde met fysieke middelen, of de dreiging daarvan, betere resultaten afdwingen in de onderhandelingen. Een van zijn opties was de afkondiging en verdediging van een ‘volkstaat’ in de kiesdistricten van de officiële oppositiepartij, de Conservatieve Partij. Een tweede keuze was een sabotagecampagne met lage intensiteit, net als het ANC in de jaren zestig, die druk uitoefende. Hij had zijn vinger op veel ‘triggers’ in 1994, maar trok er niet aan.

Vredesverdrag

Wat beïnvloedde zijn beslissing om uiteindelijk met het ANC de Overeenkomst over Afrikaner-Zelfbeschikking te sluiten, het Vryheidsfront  als partij op te richten en deel te nemen aan de verkiezingen? De verdeeldheid in zijn machtsbasis, de onvoorspelbare vernietiging van een conflict, de mogelijke patstelling achteraf?

Sommige supporters van Viljoen weigerden echter in te stemmen met het gezag van het ANC over Afrikaners en staakten hun steun. Viljoen kon geen groot Afrikanerblok meer achter zich mobiliseren, de Klerk opzij schuiven en namens Afrikaners met het ANC onderhandelen.

Een eenzame vrede

Onder de beroepspolitici van eind jaren negentig bevond Viljoen zich niet altijd in zijn comfortzone. Hij was een man van plannen en actie, kon niet om met partij-intriges en het paaien van veranderlijke kiezers. Hij en Mandela respecteerden wel elkaar. Later zei hij dat zijn grootste fout was om niet in 1985 de politiek in te gaan als 52-jarige oud-generaal.

Het akkoord van Viljoen leidde tot artikel 235 van de nieuwe grondwet, waarin het theoretische recht op zelfbeschikking van Afrikaners en anderen wordt erkend. In de praktijk een dode letter en een eenzame vrede.

Viljoen meende dat het ANC na 1994 de revolutionaire oorlog op politieke en psychologische fronten voortzette. In de woorden van de dichter NP van Wyk Louw, ging het in Zuid-Afrika niet altijd om recht tegen onrecht, maar om recht versus recht. De nieuwe regering kon haar burgers en gemeenschappen belasten maar ze niet beschermen. In de nieuwe orde waren er sinds 1994 volgens de VN en politie in Zuid-Afrika meer dan 500 000 slachtoffers van moord en politieke aanslagen in vredestijd, meer dan in de oorlog in Afghanistan.

Leven en dood in Afrika

Na de politieke overgang bleef Viljoen leiders in Mozambique helpen de landbouwsector op te bouwen. Hij ondersteunde actief de kerk en andere gemeenschapsinstellingen. Toen twee overvallers zijn portemonnee meenamen, achtervolgde hij ze met een gescheurde broek helemaal naar de openbare toiletten waar de politie ze kon arresteren.

Als zeventiger bleef hij collega-boeren fysiek bijstaan ​​bij het blussen van branden in de prachtige graslanden en bergen van Ohrigstad en Lydenburg, in het noordoosten van Zuid-Afrika. Vriend en vijand wisten in welke geest Constand Viljoen de uitdagingen van Afrika aanging. Hij stierf op zijn boerderij, met zijn vrouw Risti en veel van zijn kinderen en kleinkinderen erbij, ‘met vrede in zijn hart’. Zijn as zal rusten bij het Voortrekker Monument bij Pretoria.

HeinrichMatthee

Heinrich Matthee is in Den Haag directeur van JISR (‘brug’ in het Arabisch) een adviesbureau/denktank.