fbpx


Buitenland, Klimaat

Actiegroep dicteert via de rechter Nederlands klimaatbeleid

Activisten dwingen Nederland tot aanscherping klimaatmaatregelen


Urgenda procedeert al jaren tegen de Nederlandse staat om strengere maatregelen af te dwingen om de CO2-uitstoot verder te verlagen. De activisten kregen al gelijk bij de lagere rechters, maar de staat ging dusver steeds in beroep. In december deed de Hoge Raad (HR) de finale uitspraak en stelde Urgenda in het gelijk. De redenering die de Hoge Raad daartoe in het arrest hanteert is een merkwaardige: Het Klimaatverdrag van de VN, waarin ten opzichte van het niveau in 1990 een reductie van 25 procent van de CO2-uitstoot werd afgesproken tegen 2020, was niet bindend.

Om het wel bindend te maken, maakt de Raad een zijsprong via de nogal algemeen geformuleerde artikelen 2 en 8 van het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM). De Raad stelt op basis hiervan dat Nederlandse burgers in direct gevaar worden gebracht als die reductie in 2020 niet wordt gehaald. Een uitgebreide analyse vindt u hier.

Staatsfinanciering

Urgenda is het vehikel van milieuactiviste Marjan Minnesma en hoogleraar Jan Rotmans, die een dagtaak hebben aan het voeren van acties op het terrein van milieu en klimaat. Je kunt geen lid van Urgenda worden. Geld ontvangt men vooral via de Postcodeloterij. Volgens het laatste jaarverslag ging het in 2017 en 2018 in totaal om een bedrag van 2,6 miljoen euro op een totaal budget van 5,1 miljoen euro. Provincies en gemeenten betaalden in diezelfde periode 350.000 euro. Ook andere bedrijven (en particulieren) doneren aan Urgenda, waaronder overheidsbedrijven als Eneco en Alliander.

De Postcodeloterij sluist onder het mom ‘goede doelen’ al jaren miljoenen door naar extreemlinkse clubs als Greenpeace, Milieudefensie en Wakker Dier. Saillant is natuurlijk dat de Nederlandse overheid door het uitgeven van een gratis loterijvergunning haar eigen oppositie financiert. Waardering voor Urgenda is er ook vanuit België; de Université Saint Louis in Brussel verstrekte een eredoctoraat aan de organisatie.

Juridische kronkels

Volgens de laatste berekeningen komt de CO2-reductie in 2020 ten opzichte van 1990 met het huidige beleid uit op zo’n 21 procent, naar aanleiding waarvan het kabinet weer extra maatregelen aankondigde. Waarom die 21 procent wel gevaarlijk is en die 25 procent niet, wordt niet door de Hoge Raad beargumenteerd. De Raad zegt ook zich niet te willen bemoeien met de politiek, door het aan de overheid te laten welke maatregelen moeten worden uitgevoerd om die 25 procentnorm te halen.

Dat is nogal vreemd, want door de norm niet ter discussie te stellen wordt die allesbepalend en moet die dit jaar worden gehaald. Maatregelen die na 2020 (heel veel) effect hebben, zijn daardoor onvoldoende. Dat geldt ook voor andere maatregelen die de overheid zou kunnen nemen om burgers te beschermen, zoals versterking van de kustverdediging of hulp aan ontwikkelingslanden om daar relatief makkelijk en goedkoop CO2-uitstoot te reduceren.

De drempel van 25 procent is natuurlijk volstrekt willekeurig en een aanzienlijk deel van de in Nederland aanwezige CO2 komt uit het buitenland (in de argumentatie van de Hoge Raad waarschijnlijk een gerechtvaardigde casus belli). En zo valt er van alles en nog wat in te brengen tegen het besluit van de Raad. Iets wat de staat zelf grotendeels naliet, waardoor er nogal wat kritiek losbarstte op het halfslachtige verweer van de landsadvocaat.

Rechterlijk activisme

Typerend voor het denken binnen de hoogste rechterlijke macht zijn uitspraken van toenmalig advocaat-generaal van de Hoge Raad Spier, kort voor zijn pensionering, in De Groene Amsterdammer van 2 december 2015 ‘We hebben te maken met een probleem dat onnoemelijk veel ellende gaat veroorzaken en dat politici niet kunnen en willen oplossen.’ En verder: ‘Misschien zouden politici wel meer willen doen, maar de realiteit blijft: ze doen het niet. Dan moet je gaan nadenken over andere oplossingen.’ Die ‘andere oplossingen’ zijn in de vorige eeuw volop geprobeerd, met desastreuze gevolgen.

Zoals in diverse media werd opgemerkt, is het niet zo dat kabinet en Urgenda qua opvattingen lijnrecht tegenover elkaar staan. Het kabinet trekt tot 2030 al vele tientallen miljarden euro’s uit om klimaatverandering tegen te gaan en wil de CO2-uitstoot verder reduceren, met 49 procent in 2030 en wel 95 procent in 2050. Dat gaat verder dan internationaal overeengekomen. Wel is de steun onder de bevolking geringer dan de vrijwel politieke consensus doet vermoeden. Al peilt het Sociaal en Cultureel Planbureau dat klimaat tot toenemende zorgen leidt.

Urgenda is niet te beroerd om de maatregelen aan te reiken die volgens haar genomen moeten worden en de linkse partijen suggereerden na het vonnis dat het kabinet gauw met hen om de tafel moet gaan zitten om hun instemming binnen te halen. Vrijwel al deze maatregelen kunnen op steun rekenen van partijen als D66 en GroenLinks.

Wat nu als de 25 procentreductie eind dit jaar niet wordt gehaald? Het kabinet moet hierover blijkbaar geen verantwoording afleggen aan het parlement maar volgens de rechter aan een actiegroep, die een boete zou kunnen eisen als het kabinet het doel mist. Een interessante analyse naar aanleiding van het arrest over het feit dat rechters steeds meer macht naar zich toe trekken (dikastocratie) schreef FvD-fractievoorzitter in de Eerste Kamer en hoogleraar encyclopedie van het recht Paul Cliteur. Hij ziet de oorzaak in het gegeven dat sommige politieke partijen hun wensen beter kunnen realiseren via de ambtenarij en de rechter dan langs parlementaire weg.

De deur wagenwijd open

U zult zich wellicht afvragen hoe het kan dat een organisatie als Urgenda de Nederlandse staat via de rechter kan dwingen tot maatregelen. Hoogleraar Jos Teunissen schreef er een stuk over voor Wynia’s Week. Sinds 1 juli 1994 staat in het Burgerlijk Wetboek een bepaling (artikel 3:305a), dat een stichting of vereniging die volgens haar statuten opkomt voor een collectief of algemeen belang een rechtsvordering ter behartiging van dat belang kan instellen bij de civiele rechter. Wat het algemeen belang is, bepaalt die organisatie zelf.

In reactie op het arrest merkten diverse mensen op dat het nu ook mogelijk moest zijn het kabinet te dwingen om te voldoen aan de NAVO-norm om tenminste 2 procent van het BBP uit te geven aan defensie. Of om iets te doen aan de ongebreidelde instroom van migranten die het welzijn en de manier van leven van degenen die hier al wonen bedreigen (zie artikel 2 en 8 van het EVRM). Vermoedelijk is de Postcodeloterij niet te vinden voor het financieren van een dergelijke rechtsgang.

Uiteraard dringt de vergelijking met het Marrakesh-pact zich op. Het is wachten op een actiegroep die, allicht met steun van de Postcodeloterij, op basis hiervan de staat gaat dagen om uitvoering te geven aan een soepeler migratiebeleid. Ook als steeds maar weer blijkt dat de meerderheid van de bevolking dat niet wil.

 

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Wouter Roorda

Tegendraads econoom.