fbpx


Cultuur, Geschiedenis
Arsenieva

Natalja Arsenieva, dichteres voor een onafhankelijk Wit-Rusland

Een portret van de auteur van het inofficiële Wit-Russische volkslied



De meeste Wit-Russen kennen haar gedichten. En de in 1943 geschreven ode 'Magutny Bozja' (Almachtige God) werd vijftig jaar later op een haar na tot volkslied verheven. Toch blijft de naam Natalja Arsenieva in het huidige Wit-Rusland, net als onder het Sovjetregime, een taboe. Op scholen en in de staatsmedia wordt met geen woord gerept over de legendarische Wit-Russische dichteres. De propaganda, zowel in Wit-Rusland als in Rusland, rept uitsluitend over de werken van Arsenieva indien deze, net als de…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


De meeste Wit-Russen kennen haar gedichten. En de in 1943 geschreven ode ‘Magutny Bozja’ (Almachtige God) werd vijftig jaar later op een haar na tot volkslied verheven. Toch blijft de naam Natalja Arsenieva in het huidige Wit-Rusland, net als onder het Sovjetregime, een taboe.

Op scholen en in de staatsmedia wordt met geen woord gerept over de legendarische Wit-Russische dichteres. De propaganda, zowel in Wit-Rusland als in Rusland, rept uitsluitend over de werken van Arsenieva indien deze, net als de nationale wit-rood-witte vlag waarvan de historie tot ver voor de Duitse bezetting reikt, als ‘bewijs’ voor collaboratie en nazistische sympathieën tegen eender welke groep demonstranten kan worden gebruikt.

Jeugd in Jaroslavl en Vilnius

Natalja Arsenieva

Natalja Arsenieva omstreeks 1927.

Natalja Arsenieva wordt op 20 september 1903 geboren in Bakoe. Ze groeit echter op in Jaroslavl en Vilnius. Over haar schooltijd schrijft Natalja: ‘Ik herinner me nog steeds dat ik jaloers was op vriendinnen die gedichten voor onze schoolkrant mochten schrijven. Toen ik een keer alleen thuis was, probeerde ik urenlang een paar regels op papier te zetten, niets lukte. Maar ineens kreeg ik een ingeving!’

‘Het was een gedicht over de hemel en de wolken die die dag zo lui zweefden boven de appelbomen in onze tuin, waar het raam van onze woonkamer op uitkeek. Het begon met de woorden: “In de blauwe lucht zweven de wolken, glimmende, witte bergen…” Mijn vreugde en trots kenden geen grenzen.’ Ze wordt toegelaten tot het Wit-Russische gymnasium in Vilnius. Daar vindt ze al snel aansluiting bij een kring van jonge intellectuelen die zich een opleving van het Wit-Russische nationale bewustzijn ten doel hebben gesteld.

Onder Polen en Sovjets

Ondanks afspraken met de Sovjet-Unie worden in 1920 Vilnius en een deel van het huidige Litouwen en Wit-Rusland door Polen geannexeerd. Onder deze omstandigheden gaat Arsenieva studeren aan de Universiteit Stefan Batorija. Daar is Pools de voertaal. In 1922 trouwt ze met de officier Franzischak Kuschel. Die geldt als een van de belangrijkste militaire aanvoerders binnen de van 1918 tot 1919 bestaande Wit-Russische Nationale Republiek. Vanaf 1921 dient Kuschel als kapitein in het Poolse leger. Het paar vestigt zich om die reden in Chelmo nad Wisla, 130 km ten zuiden van Gdansk.

Arsenieva’s eerste dichtbundel Pad sieniem niebam (Onder blauwe hemelen) verschijnt in 1927. Ook vertaalt ze een groot aantal operettes en toneelstukken. In de jaren dertig verhuist het gezin naar het stadje Wilejka nabij Minsk. Arsenieva gaat er op voorspraak van de Sovjetschrijver Maxim Tank werken voor de regionale Wit-Russische krant Rabotsje-Sjaljanskajaj Gazeta. In deze periode verschijnen een aantal communistisch getinte verzen van haar hand.

Al gedurende het begin van de Tweede Wereldoorlog geeft haar man zich met zijn eenheid bij Lvov over aan het Rode Leger. Als door een wonder blijft hij gespaard tijdens het Bloedbad van Katýn. Daar werden in april en mei 1940 meer dan 4000 Poolse officieren vermoord door de NKVD. Kuschel wordt in Moskou in de Loebjanka gevangengezet. Natalja en haar twee zonen Vladimir en Jaroslav worden als volksvijandige elementen naar Kazachstan gedeporteerd. Ze worden er op een kolchoz tewerkgesteld.

Gelukkige burgers van de Sovjet-Unie

Dankzij een goed woordje van de bevriende Wit-Russische schrijvers Janka Koepala en de eerdergenoemde Maxim Tank kunnen de dichteres en haar kinderen vanuit de Kazachse steppe terugkeren naar de Wit-Russische Sovjetrepubliek. Ook Franzischak Kuschel wordt vrijgelaten. Hij mag onder streng toezicht van de NKVD terug naar Minsk. Deze gunst vraagt echter om een wederdienst. Daarom verschijnt rond die tijd in de Krestjanskaja Gazeta (Boerenkrant) Arsenieva’s ode aan Stalin: ‘En nu als in een sprookje heeft ook de vrouw in het westen van Wit-Rusland alle mensenrechten. Voor altijd bevrijd van honger en ondraaglijke arbeid. De vrouw is nu een gelijkwaardige burger van de Sovjet-Unie geworden. Ze wordt verzorgd en er wordt van haar gehouden. Vrouwen van ons vrije westelijke Wit-Rusland bedanken de Communistische Partij en kameraad Stalin, de leider van alle volkeren over de hele wereld, voor het geluk en de eer om burgers van de grote Sovjet-Unie te mogen zijn!’

Onder Duitsers

In de zomer van 1941 bezetten de Duitsers het tegenwoordige Wit-Rusland. Het gaat onder de naam Generalbezirk Weißruthenien grotendeels onderdeel uitmaken van het Rijkscommissariaat Oostland. Natalja gaat als vertaler en journalist werken voor de Minskaja Gazeta (Krant van Minsk) later Belaruskaja Gazeta (Wit-Russische Krant). Deze periodieken, die in de Wit-Russische taal verschijnen, staan onder directe controle van de Duitsers. Naast vertaalde toespraken van de Duitse Führung verschijnen er artikelen over Wit-Russische tradities, cultuur en geschiedenis. Teksten over een oplevend nationaal volksbewustzijn en anticommunistische agitatie nemen er een belangrijke positie in.

In 1942 verschijnt een anti-oorlogsgedicht waarmee Natalja het ongenoegen van de bezetter over zich afroept. Ze wordt ondervraagd door de Gestapo. Dankzij een handige interpretatie van de tolk gaat ze echter vrijuit. In datzelfde jaar bezoekt ze de Berlijnse opera: ‘Vreemd genoeg beviel ons bescheiden theater in Minsk me duizend keer meer dan alles wat ik in Berlijn te zien kreeg.’

Evacuatie naar Duitsland

De mogelijkheid naar Duitsland te reizen zal ongetwijfeld door haar man zijn ontstaan. Die loopt immers over naar de bezetter. Als ervaren militair krijgt hij daar de leiding over de Hilfspolizei en het Weißruthenisches Selbstschutzkorps. Deze volksmilitie werd in het leven geroepen om tegen Sovjetpartizanen te vechten. Door wantrouwen van de nazi’s komt ze echter niet werkelijk tot autonome daden. De strijd van de ondergrondse rondom Wit-Rusland neemt in alle hevigheid toe en Jaroslav sterft tijdens een bomaanslag in het theater van Minsk.

Met het oprukken van het Rode Leger worden Franzischak Kuschel, Natalja Arsenieva en hun zoon Vladimir in 1944 naar Duitsland geëvacueerd. Haar collaboratie tijdens de oorlog verklaart Arsenieva later met de woorden: ‘Mensen die zonder zichtbare reden vreselijk hadden geleden onder de Sovjetmacht, en dat waren er niet weinig, onthaalden de Duitsers als verlossers. Absoluut niemand hield er rekening mee dat de Duitsers zulke onmensen zouden kunnen zijn’.

Emigratie

Na de oorlog in het ‘Camp of Displaced Persons’ is Arsenieva opnieuw zeer actief. Ze werkt mee aan de opbouw van een Wit-Russisch gymnasium en geeft er zelf les. In 1949 emigreert het gezin naar de Verenigde Staten. Natalja werkt onder andere voor de emigrantenkrant Belarus, radio Svaboda (Vrijheid) en het Belarusian Institute of Arts and Sciences in New York. Hier schrijft ze in de jaren vijftig een gedicht over de Wit-Russische emigratie:

‘Opdat de harten van Vikingen als klokken in ons zouden slaan

We zouden de zeilen zetten, nu, naar het oosten.

Daar waar bloed in wanhoop verdrinkt

En tranen de volksziel verstikken.

Maar we zijn geen Vikingen…’

 In de jaren zeventig trekt ze zich terug uit het politieke leven van de Wit-Russische emigratie.

Natalia Arsenieva sterft op 25 juli 1997 in Rochester, New York.

Op 14 augustus 2020 zingt het filharmonisch orkest van Minsk op de trappen van het orkestgebouw haar hymne ‘Magutny Bozja’ ter ondersteuning van de protesten tegen het regime van Loekasjenko.

Ardy Beld