fbpx


Europa, geopolitiek

Nieuwe accenten in het Europese defensie- en veiligheidsbeleid?

Von der Leyens strategische defensieplannen doorgelicht


defensie

Op 1 december 2019 werd de nieuwe Europese Commissie (EC) onder leiding van voorzitter Ursula von der Leyen geïnstalleerd. Wat betreft het Europese defensie- en veiligheidsbeleid, zijn daarbij twee nieuwe zaken op te merken. Von der Leyens politieke richtlijn ‘A stronger Europe in the world’ en de oprichting van een nieuw Directoraat-generaal ‘Defense Industry and Space’. Een sterker Europa in de wereld? In het kader van haar ‘verkiezingscampagne’ voor het voorzitterschap van de EC, gaf Von der Leyen een 24…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Op 1 december 2019 werd de nieuwe Europese Commissie (EC) onder leiding van voorzitter Ursula von der Leyen geïnstalleerd. Wat betreft het Europese defensie- en veiligheidsbeleid, zijn daarbij twee nieuwe zaken op te merken. Von der Leyens politieke richtlijn ‘A stronger Europe in the world’ en de oprichting van een nieuw Directoraat-generaal ‘Defense Industry and Space’.

Een sterker Europa in de wereld?

In het kader van haar ‘verkiezingscampagne’ voor het voorzitterschap van de EC, gaf Von der Leyen een 24 pagina’s tellend programma uit met de titel  A Union that strives for more. My agenda for Europe. Political guidelines for the next European Commission 2019 – 2024. In het vijfde hoofdstuk, A stronger Europe in the world, legt ze uit wat ze als commissievoorzitter wil bereiken op het vlak van de rol van de EU in de wereld, de verdediging van ons continent en van de Europese belangen wereldwijd.

Soft power

Als haar eerste opdracht ziet ze de versterking van ‘Europa’s verantwoord leiderschap’. Daarbij steunt von der Leyen vooral op zogenaamde soft power middelen (het inzetten van economische, culturele en diplomatieke middelen om politieke doelen te bereiken), in tegenstelling tot hard power. Enkel actoren die over voldoende militaire middelen beschikken (we denken daarbij dan in de eerste plaats aan de VS) kunnen die hanteren.

Von der Leyen stelt de Europese voorkeur voor de aanwending van soft power voor als zijnde superieur aan het gebruik van hard power, maar vergeet daarbij te vermelden dat de EU (of zijn lidstaten) eenvoudigweg niet in staat is tot een langdurig volgehouden machtsprojectie buiten de grenzen van de Unie. Soft power is dus eerder een keuze uit noodzaak dan uit vrije wil.

De zachte machtsmiddelen die Von der Leyen wil inzetten om de legitieme belangen van de EU internationaal te verdedigen, zijn een ‘sterke, open en fair-trade agenda’. Onderhandelingen en het sluiten van akkoorden met handelspartners beschouwt ze als de hoeksteen van Europa’s invloed in de wereld. Daarbij zal Von der Leyen erover waken dat alle nieuwe akkoorden voldoen aan de hoogste standaarden op het vlak van klimaat, milieu en sociale bescherming. Door middel van handel wil ze de Europese waarden van verantwoord globaal leiderschap’ in de ganse wereld ingang doen vinden. Europa zal streven naar het vinden van multilaterale oplossingen voor de wereldproblemen; een punt dat Von der Leyen alvast op de agenda wil zetten, is een hervorming van de Wereldhandelsorganisatie (WTO).

Afrika, de westelijke Balkan en brexit

Op de tweede plaats wil Von der Leyen dat de EU een actievere rol gaat spelen door meer samen te werken met de naaste buren en de partners elders in de wereld. De ‘Europese waarden’ en ‘respect voor de internationale rechtsregels’ moeten daarbij het uitgangspunt zijn. Het Afrikaanse continent wordt bestempeld als Europa’s dichtste buur en ‘natuurlijke partner’. De EC wil dan ook voor Afrika een alomvattende strategie ontwikkelen, gebaseerd op ‘gelijkheid, vrijheid en waardigheid’. De EU is nu al de grootste donateur van ontwikkelingshulp ter wereld, vooral in Afrika, en wil dat ook zo houden. Von der Leyen verwacht blijkbaar veel van de jongste en snelst groeiende middenklasse ter wereld die zich in Afrika in recordtempo aan het ontwikkelen is.

Wat de westelijke Balkan betreft, wil von der Leyen doorgaan op de ingeslagen weg en het hervormingsproces in de regio verder ondersteunen. Onderhandelingen met Noord-Macedonië en Albanië moeten worden opgestart. Von der Leyen laat er trouwens geen gras over groeien: ze kreeg op 23 maart 2020 groen licht voor de toelatingsbesprekingen. Opnieuw moet de klemtoon liggen op het promoten en het delen van de Europese waarden en belangen. Von der Leyen beschouwt dit als cruciaal voor het hele project.

Ten derde wil von der Leyen, nu de brexit een feit geworden is, een ambitieus en strategisch partnerschap met het Verenigd Koninkrijk uitbouwen. Hoe dat er in de praktijk zal uitzien, en of de Britten nog veel zin hebben om zich nauw aan de EU te liëren, valt nog af te wachten.

Het Europees Gemeenschappelijk Buitenlands- en Veiligheidsbeleid

Om de EU op het internationale toneel meer slagkracht te geven, wil Von der Leyen af van de regel die voorziet in unanimiteit om in het domein van het gemeenschappelijk buitenlands- en veiligheidsbeleid (GBVB) beslissingen te nemen. Een gekwalificeerde meerderheid zou moeten volstaan; landen die met een bepaald voorstel niet akkoord gaan, maar in de minderheid worden gesteld, zouden dus moeten volgen. Dit wordt ongetwijfeld nog een zeer heikel punt, en het is twijfelachtig of dit wel haalbaar is.

Von der Leyen haalt ook het laken wat meer naar zich toe. Alle acties die in het kader van het GBVB worden ondernomen (inclusief ontwikkelingshulp), moeten met de voorzitter van de EC (haarzelf dus) gecoördineerd worden. Bovendien wil ze het budget van de programma’s die de EU in het buitenland ondersteunt en de acties die het onderneemt, met maar liefst 30% verhogen, tot een totaal van 120 miljard euro! Dat dit in tijden van coronacrisis een utopie is, wordt op het einde van dit artikel geïllustreerd.

NAVO

Dat de commissie vooral wil inzetten op soft power, wordt nog geaccentueerd wanneer we kijken naar haar plannen voor een Europese defensie. Volgens de analyse van von der Leyen, heeft Europa in het verleden altijd invloed in de wereld uitgeoefend door middel van vrede, en vrede bewerkstelligd door invloed uit te oefenen. Enige onderbouwing van deze op zijn minst twijfelachtige stelling, blijft achterwege.

Hoe dan ook, de Duitse komt tot de conclusie dat vrede, veiligheid en ontwikkeling met elkaar samenhangen en elkaar versterken. Toch wil ze dat de NAVO de hoeksteen van het Europese collectieve defensiesysteem blijft. De EU moet trans-Atlantisch georiënteerd blijven, maar moet tegelijk moedige stappen durven zetten naar een authentieke Europese Defensie Unie (een eis van de Franse president Macron). Daartoe wil ze het Europees Defensiefonds (EDF), dat onderzoek en de ontwikkeling van capaciteiten ondersteunt, uitbreiden en versterken. Als een volwaardige globale macht, moet de EU ook een actieve rol blijven spelen binnen de Verenigde Naties (VN), om uitdagingen zoals instabiliteit in landen en regio’s, grensoverschrijdend terrorisme en georganiseerde misdaad aan te gaan.

Versterking van de Europese defensie industrie en ruimtevaart

Onder het voorzitterschap van Von der Leyen, zal er een nieuw directoraat-generaal worden opgericht dat zich specifiek zal bezighouden met de Europese defensie industrie en ruimtevaart (DG DIS). Het zal een aantal bevoegdheden overnemen van het bestaande Directoraat-Generaal voor de Interne Markt, Industrie, Ondernemerschap en Midden- en Kleinbedrijf. De verantwoordelijkheden behelzen onder andere: het financiële beheer van de ruimtevaartprogramma’s, ruimtebeleid, Copernicus en defensie, de Europese satellietnavigatieprogramma’s en het defensieluik van de eengemaakte markt en aankoopbeleid.

Het is geen verrassing dat een Fransman, Thierry Breton, dit directoraat zal leiden, eens het opgericht is. Nu het VK de EU heeft verlaten, heeft Frankrijk immers de belangrijkste defensie- en ruimtevaartindustrie binnen de EU. Naar verluidt verwacht president Macron veel voordelen voor Frankrijk wanneer hij deze industrieën naar een Europees niveau kan tillen.

The French Connection

Ook Parijs heeft de wens uitgedrukt dat de EU zijn status van sterke, onafhankelijke speler op de internationale scene kan waarmaken. Daarom wil hij de Franse invloed op het Europese veiligheids- en defensiebeleid maximaliseren. Dit wil hij bereiken door het ontwikkelen van een politieke, industriële en militair-strategisch autonomie voor de EU. In samenwerking met Washington indien mogelijk, maar zonder (of zelfs er tegenin) wanneer nodig. Dit aspect van de Franse ambities binnen de EU schrikt een aantal pro-Atlantische landen zoals Nederland en Polen af. Zij vrezen immers dat Macron uit is op het oprichten van een alternatief voor de NAVO.

En hoewel de Fransen al jarenlang aan het lobbyen zijn voor een diepere integratie van de Europese defensie industrie, staan ze zelf zeer weigerachtig tegenover de consequentie van het afstaan van bevoegdheden in het domein van veiligheid en defensie aan Europa. Frankrijk is eerder voorstander van intergouvernementele samenwerking, omdat het daar natuurlijk zelf, als sterkste speler, het meeste baat kan bij hebben. Het valt dus nog af te wachten of bovenstaande elementen geen negatieve impact zullen hebben op de snelheid van het uitrollen en op de effectiviteit van de DG DIS.

Taken

Het nog op te richten directoraat-generaal zal verantwoordelijk worden voor de implementatie van het uitgebreide Europese Defensiefonds. Het DG zal ook instaan voor het garanderen van een open en concurrentiële Europese defensiemarkt en de Europese regels op het vlak van defensieaankopen afdwingen. Daar bovenop zal het, samen met het DG Mobiliteit en Transport, verantwoordelijk zijn voor de implementatie van het Actieplan Militaire Mobiliteit (AMM).

Andere taken zullen onder anderen zijn: het stimuleren van een innovatieve ruimte industrie in de EU, het implementeren van het toekomstige ruimteprogramma en het verder uitrollen en begeleiden van het wereldwijde navigatiesatellietenprogramma Galileo, van EGNOS (wat staat voor ‘European Geostationary Navigation Overlay Service’) en van het Europese Copernicusprogramma dat de aarde vanuit de ruimte observeert.

Aan de oprichting van het DG DIS is heel wat overleg voorafgegaan. De beslissing om ermee door te gaan, wijst erop dat defensie een belangrijker beleidsdomein voor de EU aan het worden is. Sinds 2019 werden in de schoot van de EU een aantal initiatieven ontwikkeld om de samenwerking te vergroten op het vlak van defensie industrie, militaire capaciteit, crisismanagement en militaire mobiliteit. Ook op het gebied van samenwerking met de aangrenzende regio’s boekte de EU vooruitgang. Enkele recente voorbeelden zijn  de Permanent Structured Cooperation(PESCO), de Military Planning and Conduct Capability  (MPCC), de Coordinated Annual Review on Defense (CARD) en het Capability Development Plan (CDP).

Boter

Von der Leyen kondigde aan dat ze moedige beslissingen zou nemen om te komen tot een ernstige Europese Defensie Unie (EDU) en dat de EU trans-Atlantisch moet blijven om meer Europees te worden. De EU-initiatieven op het vlak van industrie, zowel militair als civiel, en op het terrein van veiligheid en defensie die tot op heden geïmplementeerd werden, zijn echter nog steeds beperkt in hun focus en in hun reikwijdte. Het doel is immers nog steeds expliciet om niet te evolueren tot een Europees leger.

Ook op budgettair gebied is al een en ander fout aan het gaan. De EU-lidstaten hebben nog geen groen licht gegeven voor von der Leyens Meerjarig Financieel Kader, en de ongeziene maatregelen om het coronavirus in te dammen, kunnen tot nog ingrijpender wijzigingen leiden. Hoe dan ook komt de Europese defensie nu al als grote verliezer uit de bus. Van de 8,9 miljard euro die beloofd was om het Europese Defensiefonds te spijzen en de 4,1 miljard euro die voor gezamenlijk defensie onderzoek zou worden uitgetrokken, blijft ondertussen nog maar de helft over: zo’n kleine 6 miljard euro. En de 6,5 miljard aan Europees geld dat werd voorzien voor het Europese Militaire Mobiliteitsplan, werd al in zijn geheel geschrapt.

Het is duidelijk dat de NAVO, in aanvulling op (of juister: als paraplu voor) de soft power machtsprojectie van de EU in de wereld, nog wel een lange tijd de basis zal blijven voor Europa’s collectieve veiligheid. Koken kost immers geld, en in de oude discussie tussen ‘boter of kanonnen’, kiest Europa nog steeds consequent voor ‘de boter’.

Joris Verbeurgt

Joris Verbeurgt (1975) studeerde geschiedenis, communicatiewetenschappen en internationale betrekkingen & diplomatie. Hij is Brussels correspondent voor 'European Security & Defense'