JavaScript is required for this website to work.
INTERVIEW

‘Elke partij moet incasseren’: Isolde Van den Eynde en Noël Slangen over Vlaamse regering

NieuwsJan Fabry6/7/2026Leestijd 5 minuten
Noël Slangen en Isolde Van den Eynde.

Noël Slangen en Isolde Van den Eynde.

foto © Belga / Isolde Van den Eynde

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Neem zelf ook een abonnement en lees alle plus-artikelen én ons driemaandelijks magazine.

Ik neem ook een abonnement

Hoewel het politieke reces voor de deur staat, wachten zowel de Vlaamse als de federale regering nog enkele belangrijke ministerraden. Pas wanneer de laatste knopen zijn doorgehakt, kunnen de ministers en parlementsleden aan hun zomerpauze beginnen. Het is meteen ook hét ideale moment om de balans op te maken van het voorbije politieke jaar en vooruit te blikken op wat nog komt.

De Vlaamse regering onder leiding van Matthias Diependaele (N-VA) kende opnieuw een woelig jaar. De spanningen tussen N-VA, cd&v en Vooruit kwamen in verschillende dossiers nadrukkelijk aan de oppervlakte, met onder meer het vervoer van kwetsbare leerlingen en de onderwijshervorming als pijndossiers. Ook de tijdelijke vervanging van viceminister-president Melissa Depraetere (Vooruit) door Hans Bonte (Vooruit) bracht de rust binnen de coalitie niet terug. Integendeel.

Doorbraak schotelde Noël Slangen (columnist bij De Morgen en Het Belang van Limburg), Carl Devos (politicoloog aan de Universiteit Gent), Rik Van Cauwelaert (politiek commentator) en Isolde Van den Eynde (politiek journalist bij Het Laatste Nieuws) twee eenvoudige vragen voor: wat is de achilleshiel van de Vlaamse regering? Voor welke uitdagingen staat ze nog tijdens de rest van de legislatuur? Slangen en Van den Eynde bijten de spits af.

Noël Slangen: Deze Vlaamse regering heeft van meet af aan in de schaduw gestaan van de federale, waarin Bart De Wever de scepter zwaait. Het was volgens mij een bewuste keuze om met De Wever op het federale niveau te kiezen voor een meer technische uitstraling van de Vlaamse regering, met de degelijke maar wat saaie Matthias Diependaele als minister-president. De achilleshiel van Diependaeles regering is dan ook dat zij mee afgerekend zal worden op wat zijn partij er federaal van terecht weet te brengen.

Er zijn een aantal ongelukjes geweest, die zich vooral op individueel vlak afspelen. Ik denk aan de eigenzinnige profilering van Zuhal Demir (N-VA) ten koste van haar voorganger Ben Weyts (N-VA), de gebrekkige empathie van minister Annick De Ridder (N-VA) bij het vervoer van kwetsbare kinderen en het natrappen van invaller Hans Bonte. Maar dat zijn akkefietjes die snel vergeten zullen zijn en die de individuele electorale kracht van die kopstukken niet zullen aantasten. Maar wat rest is dat die Vlaamse regering toch eerder een verzameling solisten is dan een volwaardig orkest, overstemt door de zware bassen en trommels van het federale niveau.

Isolde Van den Eynde: Politiek gezien zit je al met de partij Vooruit die wilt tonen dat deze regering een andere regering is dan de vorige: de zogenaamde ‘regering-Jambon’ die ze bekampt hebben en die in de ogen van Vooruit te rechts was. Vooruit wil aantonen dat deze regering warmer is. Maar door keuzes te maken die symbolisch wel opvallen maar weinig verandering brengen, maak je de uitstraling van de Vlaamse regering niet per se warmer.

Een voorbeeld hiervan zijn de gratis schoolmaaltijden: het punt heeft niet zoveel succes en helpt niet elk kind, noch is het nodig qua gelduitdeling. Ook rijke kinderen genieten van deze gratis schoolmaaltijden en heel wat ouders kunnen best wel het eten van hun kind betalen. Dit is niet het voorbeeld bij uitstek, maar de Vlaamse regering verliest zich in zulke zaken, hetgeen resulteert in een regering die meer dringende zaken (zoals een goed functionerend leerlingenvervoer) niet durft aan te pakken of te hervormen.

De Vlaamse politiek is altijd al gewend geweest om geld uit te delen. Als er dan opeens wat minder geld aan iets kan worden uitgegeven, dan ligt dat zeer moeilijk. Dat merk je zelfs bij partijen die doorgaans ervoor pleiten efficiënt en behoedzaam om te springen met belastinggeld.

Waar ik al vaker op gehamerd heb, is het uitdelen van subsidies zonder echte keuzes te maken. Toch moeten we allemaal toegeven dat de Vlaamse regering bij de vorige begrotingsronde gekeken heeft naar het snijden van 300 miljoen euro aan subsidies. Wanneer dat gebeurt is iedereen tevreden, maar zodra naar buiten komt welke organisaties getroffen worden voel je meteen protest opduiken.

Dat zijn initiatieven die niet altijd nutteloos zijn, maar dat wil niet zeggen dat de overheid er daarom geld in moet steken. Ik vind dat de keuzes rond welke organisatie subsidies krijgt, duidelijker zouden mogen en moeten zijn. We zien ook een overheid waarover politici zelf niet altijd de macht hebben, die studies bestelt over welk vlees de Vlaamse ambtenaren eten om dat vervolgens te extrapoleren naar de Vlaamse samenleving. Dan stel je je toch de vraag of er daar nu geen enkele ambtenaar is die bedenkt of dat iets is dat we echt moeten doen. Die mentaliteit mis je wel.

Ik vind in het algemeen — en dat ligt niet aan deze Vlaamse regering alleen — dat de regel die zegt dat elke partij een beetje moet snijden en dus bloeden indien er bespaard moet worden niet noodzakelijk verstandig is. Als Vlaamse regering zou je ook kunnen zeggen dat het beleidsdomein Jeugdhulp bij Caroline Gennez zit en — hoewel zij een socialiste is — Jeugdhulp een project is dat wij allemaal belangrijk vinden en dat we er dus op in moeten zetten. Of dat we vinden dat de lerarenloopbaan herbekeken mag en moet worden en dat we er dus allemaal samen op in moeten zetten. Dat moet niet per se een trofee van Zuhal Demir zijn, maar van de voltallige regering. Al te vaak zie je nog altijd een soort kaasschaaf die wordt bovengehaald om aan elke politieke kleur wat af te knibbelen.

Het is jammer dat de leden van de Vlaamse regering bepaalde hervormingen niet samen durven uitdragen. Voordat die regering gevormd werd, kon je nochtans zeggen dat de drie partijen elkaar echt wel konden vinden in een grondige hervorming van het onderwijs. Nadien blijkt dat de uitvoering ervan vooral bij Demir valt, terwijl dat eigenlijk een project zou kunnen zijn dat door de gehele Vlaamse regering gedragen wordt.

Voor welke belangrijke uitdagingen staat de Vlaamse regering nog tijdens de rest van de legislatuur?

Slangen: Ook die uitdaging is bijna een federale: mee de begroting stutten die Bart De Wever op orde probeert te krijgen. Vlaanderen heeft — in tegenstelling tot de andere regio’s — nog wel wat ruimte en vet om minder te spenderen. Tezelfdertijd wordt er door talloze groepen op de deuren geklopt voor meer geld. Elke minister heeft wel zijn koppijndossier en is terughoudend om voor die dossiers te snijden in de andere bevoegdheden. Een belangrijke uitdaging is de uit de hand lopende factuur voor Oosterweel. Dat dossier geeft bovendien de indruk dat deze regering vooral voor Antwerpen fietst en de rest in de kou laat staan.

Ik zou niet langer proberen om deze Vlaamse regering als een project te verkopen. Dat zal nooit lukken in deze constellatie. Men gaat beter voor de opgetelde individuele kracht van de verschillende ministers.

Van den Eynde: Onderwijs is een domein waar niet genoeg op gehamerd kan worden. Een meerlagig veld van koepels, vakbonden, schooldirecteurs, leerkrachten en pedagogen meekrijgen is niet evident. En politici zijn graag geliefd, wat maakt dat ze soms beslissingen nemen of communicatie verzorgen om graag gezien te worden. Maar de focus zou moeten veranderen van het applaus op korte termijn naar felicitaties op langere termijn.

Ik stel me soms ook vragen bij de aankopen die de regering wil doen, zoals het bedrijventerrein van Van Hool. Je kan daar altijd een uitleg aan geven en in tijden van overvloed kan alles, maar ik vind dat ook een partij zoals de N-VA te veel op een private marktwerking wil ingrijpen — hetgeen wel zeer etatistisch is. Dat zijn zaken die niet cruciaal zijn. Het was beter geweest om vanuit een groep enkele prioriteiten te stellen, maar de vraag is gewoon of er een groep staat en/of er mensen zijn die zo’n project kunnen aangaan. Veel politici hebben mij gezegd: ‘We zijn blij dat Melissa Depraetere is teruggekeerd.’ Op menselijk vlak is er daar een betere klik, zowel bij cd&v als N-VA. Laten we hopen dat dat een factor kan zijn om als groep meer naar hervormingen te kijken.

Veel beleidsdomeinen (zoals onderwijs en welzijn) vloeien in elkaar voort, waarvan het leerlingenvervoer het laatste schrijnende voorbeeld was. Onderwijs en welzijn zijn de twee grootste miljardenpakketten van de Vlaamse overheid en dus ook de twee thema’s waarin ze een verschil kan maken en soms ook het verschil maakt. Zo kennen de Walen bijvoorbeeld geen Vlaamse zorgpremie. Wij moeten daar als Vlamingen voor betalen, maar we krijgen daar wel zaken voor terug. Dat bestaat niet in Franstalig België. Dat zijn van die zaken waarbij je voelt dat het goed is dat ze in Vlaanderen bestuurd worden.

Ik vind het wel goed dat ze naar een begrotingsevenwicht streven, maar dat vraagt wel keuzes. Dan moet elke partij incasseren, maar de beslissingen als groep verkopen en samen verdedigen en niet nadien vingerwijzen. Dat zou beter kunnen. In vergelijking met het federale niveau valt het bekampen van andere partijen al bij al nog mee. Het zijn vaak ook N-VA-ministers die elkaar onderling bekampen. Daar sta je dan als burger en politiek commentator met grote ogen naar te kijken. Het lijkt me duidelijk dat de Vlaamse regering niet alles op vlak van mobiliteit en onderwijs op vijf jaar kan oplossen of verbeteren, maar kies een paar grote doelen uit en streef er toch naar. Die richting, dat mis ik wel.

Morgen het vervolg met Carl Devos en Rik Van Cauwelaert.

Jan Fabry (°1991) is journalist bij Doorbraak en doctor in de Nederlandse filologie. Hij woonde en werkte in België, Frankrijk, Polen en Tsjechië als leerkracht en onderzoeker. Zijn interesses situeren zich op het snijvlak van politiek, taal, geschiedenis en identiteit, met een bijzondere aandacht voor Vlaanderen en de Lage Landen.

Meer van Jan Fabry

Waarom hangt de ene vlag wel aan het Antwerpse stadhuis en de andere niet? Achter de gevel schuilt veel protocol.

Commentaren en reacties