fbpx


Cultuur

In de voetsporen van Jacques Tardi

Interview met striptekenaar François Ravard



De Franse striptekenaar François Ravard leverde met De ratten van Montsouris net het nieuwste album in de befaamde stripreeks Nestor Burma af. Ravard is de nieuwe striptekenaar van de reeks en bewerkte de gelijknamige roman uit 1955 op voortreffelijke wijze. Doorbraak had een exclusief gesprek met de stripauteur. Liefhebbers van strips en politieromans kennen uiteraard de stripreeks Nestor Burma van Jacques Tardi naar Léo Malet. Deze in zwart-wit verschijnende reeks was een van de eerste stripverhalen voor volwassenen uit de…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


De Franse striptekenaar François Ravard leverde met De ratten van Montsouris net het nieuwste album in de befaamde stripreeks Nestor Burma af. Ravard is de nieuwe striptekenaar van de reeks en bewerkte de gelijknamige roman uit 1955 op voortreffelijke wijze. Doorbraak had een exclusief gesprek met de stripauteur.

Liefhebbers van strips en politieromans kennen uiteraard de stripreeks Nestor Burma van Jacques Tardi naar Léo Malet. Deze in zwart-wit verschijnende reeks was een van de eerste stripverhalen voor volwassenen uit de stal van het Belgische maandblad A Suivre. Dankzij de Nederlandstalige versie Wordt Vervolgd brak de reeks ook meteen door in de Nederlandstalige boekenmarkt. Tardi kende tijdens de jaren 1970-1980 reeds matige bekendheid met de reeks De fantastische avonturen van Isabel Avondrond (Adèle Blanc-Sec in het Frans). Die klassieke stripreeks speelde zich af in de Parijse Belle Epoque.

Vernieuwer

Met Nestor Burma brak Tardi definitief door als grootheid in de internationale stripwereld en daarbuiten bij een meer literair publiek. Op zich geen eenvoudige zaak voor in zwart-wit uitgegeven strips in een tamelijk aparte krakkemikkig ogende tekenstijl. Het leverde Tardi de reputatie op van een vernieuwer en zijn volgende stripromans over de poilus in de loopgravenoorlog van 14-18 bevestigden die status.

De stripreeks Nestor Burma die hem wereldberoemd maakte, liet Tardi echter na vijf albums aan andere auteurs, maar hij bleef wel nauw betrokken. In 2001 schreef en tekende Tardi een zesde album in de reeks. Emmanuel Moynot nam de reeks over, maar omwille van diverse redenen begon in 2013 ook een andere Franse tekenaar, Nicolas Barral, albums te tekenen. Zoals wel vaker zat daar allicht publicatiedruk bij de uitgeverij achter. Het recentste album is van de hand van een nieuwe tekenaar die bij een groeiende groep stripliefhebbers bekend staat als een groot talent: François Ravard.

Liefde op het eerste gezicht

Ravard vertelt hoe hij reeds 25 jaar geleden als lezer van polars in een boekhandel op nummer 120 in de rue de la Gare een coup de foudre kreeg bij het doorbladeren van een album van Nestor Burma door Tardi. Die plotse verliefdheid op de reeks bleef zelfs ‘à travers les dessinateurs’. Dus ook bij het doorgeven aan andere tekenaars nam de reeks een speciale plaats in. Soms zweren liefhebbers enkel bij het origineel, maar bij de reeks Nestor Burma lijkt die drang ondanks de adoratie voor Tardi vele fans toch niet te storen.

Dit komt allicht door de adaptaties van de politieromans of polars van Léo Malet. Dee sfeer van de jaren 1940-1950 en diens stekelige humor leven door in de stripbewerkingen. Ravard was en is vooral dol op het personage. ‘Ik heb veel affectie voor het personage en voor het Parijs van de jaren 1950. Die grauwe kant met telkens dat humoristische randje ligt me ontzettend’, aldus Ravard ‘Burma is een antiheld.’

Hoe komt een relatief jonge tekenaar uit bij een klassieker als Burma?

‘Ik heb op 22-jarige leeftijd de kans gekregen strips te tekenen als beroep en nu mag ik een monument overnemen. In 2013 werkte ik aan Les mystères de la 5e république voor uitgeverij Glénat. Ik had die periode bewust gekozen. Toevallig kwam ik Moynot, die ik in 2012 al een keer ontmoet had, tegen en hij zei me dat hij door die reeks in 2015-2016 al aan me dacht om mee te werken aan Nestor Burma. Aanvankelijk met hemzelf als scenarist in plaats van scenarist en tekenaar.’

‘Met Mort aux vâches had ik reeds een knipoog naar de polar en de film van de jaren 1950-1960 gemaakt. Ik heb dan natuurlijk meteen en met gesloten ogen ja gezegd.’ (Mort aux vâches is straattaal voor een politiefilm of politieroman.) ‘Tardi was ook meteen akkoord’, zegt een merkbaar trotse Ravard.

Het Parijs van de jaren 1950

‘Ik ging me amuseren met het album. Dat stond vast’ zegt de voor een tekenaar zeer spraakzame Ravard, ‘De rol van Moynot bij het begin van het project was als volgt: Moynot stelde mij voor, vervolgens gingen we naar de uitgeverij Casterman om hun zegen te krijgen. Oorspronkelijk wou Moynot zelf een scenario schrijven, maar uiteindelijk besloten we dat ik het op eigen benen zou doen en dat Moynot indien nodig een handje zou komen helpen met het scenario en dan vooral het Parijs van de jaren 1950. Moynot kent het œuvre van Malet ook bijzonder goed, terwijl ik een gewone lezer ervan was’.

Ravard is zich toen nog meer gaan documenteren over het Parijs van de jaren 1950, temeer omdat elke roman zich in een ander arrondissement afspeelt en dat aspect steeds een belangrijke rol speelde in zowel de strips van Tardi als in de romans van Malet.

Pingpongspel

‘Daarna heeft Tardi me raad gegeven en ontvangen met enorm veel hartelijkheid. Tardi toonde me zijn enorme documentatie na onze eerste ontmoeting bij Casterman. Die kijk van de meester, dat toezicht op mijn platen zodat ik geen fouten maakte qua voertuigen enzovoort was bijzonder behulpzaam.’

Naast tekenen moest Ravard dus ook gaan scenarioschrijven. De technische kant van de adaptatie van politieroman naar een strip moest na zovele jaren ook gemoderniseerd worden. ‘Voor de découpage van de pagina’s vond ik in alle vrijheid inspiratie bij de eerste albums. Het ritme van pagina’s in twee delen met elk ze vakjes moest ik wel verlaten.’ Met Moynot ontspon zich vervolgens volgens Ravard een pingpongspel over dialogen, découpage enzovoort. ‘Toch was er één groot verschil tussen de scenario’s door Tardi en die door Moynot. Tardi herschreef de dialogen van Malet niet, Moynot schreef zijn eigen dialogen bij de adaptatie van de romans.’

Detectivewerk

‘Wat betreft de veertiende wijk bezorgde Moynot me een ton foto’s want die hele wijk is platgegooid en volgebouwd met hoogbouw. Je kan wel Google Street View gaan gebruiken, maar daarom snap je de buurt nog niet. Niets overtreft ter plekke gaan wandelen op de kasseien. De vraag is echter: waar begin je?’ Volgens Ravard wordt de scenarist/tekenaar dus een beetje de detective die de sporen van het personage en de invalshoeken van het verhaal nagaat. Die detectivewerk leidt tot het reconstrueren van hele wijken, straten, villa’s enzovoort.

‘De Normandische villa in het verhaal bestaat niet meer. Nu staan daar flatgebouwen.’ Ravard geeft ook toe dat hij heel genereus was wat betreft decors. Maar leverde dat geen verandering van stijl op? ‘Allereerst werkt iedere tekenaar reeds voort op de decors van Tardi, maar je moet een verbeelding daarrond uitbouwen. In termen qua stijl is er de zeer herkenbare stijl en daarbij komt dat ik het voordeel heb om een zeer ronde stijl te hebben zoals bij de Belgische school of Robbedoes. Dat laat toe om een beetje een elastische tekenstijl te bezigen.’

De hand van Tardi

‘Maar voor de decors is het nodig om meer de realistische toer op te gaan en voor de personages juist minder. Dat neemt niet weg dat je als tekenaar verplicht bent om te leren bepaalde hoofden op een specifieke manier te tekenen omdat je de hand Tardi er in moet herkennen en Tardi er van houdt om die te herkennen. Uiteindelijk ben ik Tardi gaan vragen welk tekengerei hij gebruikte en ben ik dezelfde gaan gebruiken. Met penselen en Chinese inkt wat enige aanpassing vergde omdat mijn tekeningen altijd ingekleurd worden.’

‘Dit alles maakt dat ik qua tekeningen en stijl niet ver zit van Moynot of Barral.’ Ravard zou graag nog albums van Nestor Burma maken, maar ook Nicolas Barral blijft werken aan zijn albums. De ratten van Montsouris is alvast een meesterlijk album.

Lode Goukens

Lode Goukens is master in de journalistiek en docent 'Europese en wereldinstellingen' aan de Thomas More Hogeschool.