fbpx


Cultuur, Geschiedenis

Is het mogelijk tegelijk een fascist en een groot schrijver te zijn?

75 jaar geleden werd Robert Brasillach gefusilleerd.


Brasillach

Op 6 februari was het 75 jaar geleden dat een Frans executiepeloton een einde maakte aan het leven van de Franse romancier en literatuurcriticus Robert Brasillach. Brasillach, 35 jaar oud op de dag van zijn terechtstelling, had als journalist en hoofdredacteur van het fascistische en antisemitische weekblad Je suis partout, met een oplage van 300.000 exemplaren in 1943, gecollaboreerd met de Duitsers. Niet door politieke verantwoordelijkheden op te nemen – daarvoor had de literair fijn besnaarde Brasillach geen tijd –…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Op 6 februari was het 75 jaar geleden dat een Frans executiepeloton een einde maakte aan het leven van de Franse romancier en literatuurcriticus Robert Brasillach. Brasillach, 35 jaar oud op de dag van zijn terechtstelling, had als journalist en hoofdredacteur van het fascistische en antisemitische weekblad Je suis partout, met een oplage van 300.000 exemplaren in 1943, gecollaboreerd met de Duitsers. Niet door politieke verantwoordelijkheden op te nemen – daarvoor had de literair fijn besnaarde Brasillach geen tijd – maar met opiniestukken.

Ecole normale supérieure

Robert Brasillach werd geboren op 31 maart 1909 in het Zuid-Franse Perpignan. Zijn vader zou hij amper kennen, want die sneuvelde bij het begin van de Eerste Wereldoorlog in Marokko. Toen zijn moeder opnieuw huwde, vertrok het gezin naar Sens, zo’n 120 km van Parijs. Brasillach kreeg er als oorlogswees na zijn humaniora de kans om te studeren aan de befaamde Ecole normale supérieure (ENS), waar ook andere toekomstige  schrijvers als Sartre, Thierry Maulnier en Paul Nizan school liepen. Hij leerde er ook zijn toekomstige schoonbroer Maurice Bardèche kennen, de latere specialist van Balzac, Stendhal en Flaubert, met wie hij in 1935 een eerste zeer persoonlijke en opgemerkte Histoire du Cinéma schreef.

Op dat moment was hij al een gevierd schrijver en criticus. Charles Maurras gaf hem reeds in 1931 de verantwoordelijkheid voor de literaire bladzijden van het weekblad Action française, de emanatie van de gelijknamige beweging. Royalistisch, zeer anti-Duits en nationalistisch, de invloed op generaties studenten van die Action Française (AF)  – onder meer een De Gaulle – kunnen we moeilijk onderschatten. Ook in België had de AF een grote intellectuele invloed. Wijlen Eric Defoort publiceerde in 1978 bij Orion in Brugge een volumineuze Charles Maurras en de Action française in België. Die uitgave van zijn doctoraatsverhandeling helaas onvindbaar geworden is en een heruitgave verdient.

‘Het meesterwerk van opgehitste debiliteit’

Brasillach was meer dan de eerste filmhistoricus van Frankrijk. Naast literaire recensies en toneelkritieken, schreef hij al vroeg enkele opmerkelijke romans die misschien niet tot de grote literatuur behoren, maar wel een  bescheiden en verdiend succes kenden. Les sept couleurs was in 1939 in de running voor de prestigieuze Prix Goncourt en Comme le temps passe werd decennia na de oorlog nog door het damesweekblad Elle opgenomen in de lijst van boeken met ‘les plus belles pages d’amour de la littérature française’.

Naast zijn drukke bezigheden als journalist vond Brasillach tijd voor vertalingen van Shakespeare en Griekse poëzie, een biografie van de zeventiende-eeuwse toneelauteur Pierre Corneille, een eerste Histoire de la guerre d’Espagne – waar hij in 1937 op reportage ging. Wanneer hij Mein Kampf leest in 1935, is zijn oordeel kort en bondig : ‘het meesterwerk van opgehitste debiliteit’ (‘C’est très réellement le chef-d’œuvre du crétinisme excité’).

Hoofdredacteur van Je suis partout

De oorlog zal alles veranderen. Vanaf 1938 is Brasillach afstand beginnen nemen van Charles Maurras en schrijft hij in het door uitgever Arthème Fayard en historicus Pierre Gaxotte gelanceerde nieuwe politieke en literaire tijdschrift Je suis partout. Wanneer de oorlog in mei 1940 losbarst, wordt luitenant Brasillach krijgsgevangen gemaakt. Zoals bijna twee miljoen andere Franse soldaten belandt hij in een krijgsgevangenenkamp in Duitsland. In de zomer van 1941 komt hij vrij, na een tussenkomst van de regering in Vichy die hem tot ‘Commissaris voor de Film’ wil benoemen, een functie die hij uiteindelijk niet opneemt.

De journalistiek zit in zijn bloed. Ondanks het dringend advies van zijn schoonbroer Bardèche, die letterkunde aan de Sorbonne en de Universiteit van Rijsel doceert en hem aanraadt afzijdig te blijven, aanvaardt Brasillach het hoofredacteurschap van Je suis partout waar hij gedurende twee jaar – tot de herfst van 1943 – pleit voor verregaande collaboratie met nazi-Duitsland.

Een opinieproces

Daarvoor betaalde hij in 1945 de hoogste prijs. Op zijn proces op 19 januari 1945, dat slechts enkele uren duurde, verschenen geen getuigen à charge of à décharge. Procureur Reboul hoefde enkel een bloemlezing van zijn editorialen te brengen om de jury – samengesteld uit verzetsleden en communisten — na een korte beraadslaging een doodvonnis te doen uitspreken.

Andere schrijvers, denk maar aan Lucien Rebatet of Louis-Ferdinand Céline, die met hun pen nog veel virulenter tekeer gingen dan Brasillach, ontsnapten aan de executiepaal. Veelal omdat hun proces later plaatsvond dan dat van Brasillach en de rechtbanken milder waren geworden. Brasillach had medio 1943 na een conflict op de redactie ontslag genomen als hoofdredacteur van Je suis partout. Hij geloofde niet langer in de  Duitse eindoverwinning en weigerde zijn lezers voor te liegen. Net zo weigerde hij in september 1944, zoals vele andere prominente collaborateurs, naar Duitsland te vluchten om aan de repressie te ontsnappen. Toen zijn moeder gearresteerd werd, gaf hij zichzelf aan.

Katyn

En toch blijft het ook vandaag nog een mysterie waarom het staatshoofd de jonge schrijver heeft laten executeren. In zijn driedelige biografie van De Gaulle, zegt Jean Lacouture dat de druk van de communisten wellicht te groot was. Brasillach had na een bezoek aan het Oostfront in 1943 immers als eerste in Frankrijk verslag gedaan over de massamoord door het Rode Leger op duizenden Poolse officieren in Katyn. Die misdaad wilde men in 1945 nog in de schoenen van de Duitsers schuiven.

De katholieke schrijver en latere Nobelprijswinnaar François Mauriac, nochtans een vertrouweling van de generaal, heeft zijn uiterste best gedaan om genade voor Brasillach te bekomen. Door mee zijn schouders onder een petitie van schrijvers en verzetslui te zetten die de Gaulle smeekten het doodvonnis om te zetten in een gevangenisstraf.

Verzwarende omstandigheid

Heel wat gerenommeerde schrijvers en kunstenaars tekenden die petitie. Albert Camus, Paul Valéry, Paul Claudel, Jean Paulhan, Colette, Arthur Honegger… Ze wezen op de jeugdige leeftijd van Brasillach. Op zijn betekenis voor de Franse letterkunde. Op zijn talent. Maar net dat immens talent was voor de Gaulle een verzwarende omstandigheid, zou deze later in zijn memoires schrijven, ook al had hij eerst aan Mauriac beloofd dat Brasillach niet zou worden gefusilleerd.

In de naoorlogse geschiedschrijving staat Robert Brasillach meer dan wie ook symbool voor de intellectuele collaboratie van schrijvers, journalisten en kunstenaars die vaak al vóór de oorlog gefascineerd opkeken naar de nieuwe regimes in Italië en Duitsland. In Le Monde  maakte de linkse schrijver Philippe Sollers, decennia na de oorlog, de volgende bedenking over de Amerikaanse dichter Ezra Pound: ‘Kan je een groot dichter zijn en tegelijk een overtuigde fascist en antisemiet? Neen toch, zou je zeggen?  En toch kan dat! ‘Voilà le problème.’

‘Een dichter die wij verloren hebben’

Ook ink het Nederlands taalgebied was er in het verleden veel aandacht voor Brasillach. De Nederlander Martin Ros publiceerde onder de titel Onze Vooroorlogstijd een vertaling van Brasillachs jeugdherinneringen, die de in de ogen van François Mauriac tot de beste tijdsdocumenten over het interbellum behoorden. Later zou Ros een mooi hoofdstuk aan de schrijver wijden in zijn succesboek Jakhalzen van het Derde Rijk, (dat genuanceerder is dan de titel laat uitschijnen.)

De Antwerpse literatuurhistoricus Luc Rasson doctoreerde op Brasillach en besteedde er aandacht aan in De macht van het woord: Literatuur en politiek in het 20ste-eeuwse Frankrijk (1999). Arthur De Bruyne publiceerde in de jaren 60 een artikelenreeks in ’t Pallieterke over Brasillach die nadien werd opgenomen in deel V van De Kwade Jaren. Mijn vader, Karel Dillen, en de dichter en erudiet essayist Henri-Floris Jespers waren de twee Vlamingen die een bijdrage schreven voor het volumineuze Hommages à Robert Brasillach dat in 1965, twintig jaar na de dood van de schrijver, verscheen. Henri-Floris Jespers hield niet van de polemist Brasillach, maar bracht hulde aan de oprechtheid van diens overtuiging, de ‘subtiele romancier en geniale vertaler’ en betreurde het ‘opinieproces’ (‘Ce fut réellement un procès d’opinion’) waar Brasillach in 1945 het slachtoffer van werd. Jespers noemde Brasillach ‘een verloren dichter’, dit wil zeggen, ‘een dichter die wij verloren hebben.’

Koen Dillen

Koen Dillen (1964) heeft een passie voor Frankrijk en publiceerde opgemerkte biografieën over Nicolas Sarkozy en François Mitterand.