fbpx


Actualiteit, Binnenland
politie

Jessika Soors: ‘Vraag voor ontslag Jambon ligt voor ons nog niet op tafel’

Binnenlandse Zaken blijft in gebreke rond geweldsbeheersing bij politie



Woensdag kwam de gemengde Commissie Justitie en Binnenlandse Zaken samen in de Mercatorzaal van het Federaal Parlement voor een actualiteitsdebat. Aanleiding was het opduiken van de beelden van de behandeling van een Slovaakse man, Jozef Chovanec, in een cel na zijn arrestatie op de luchthaven van Charleroi. De man overleefde het incident niet. Parlementslid en lid van de Commissie Binnenlandse Zaken Jessika Soors (Groen) maakte van deze gelegenheid gebruik om een paar pertinente vragen te stellen over het politieoptreden. Meer…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Woensdag kwam de gemengde Commissie Justitie en Binnenlandse Zaken samen in de Mercatorzaal van het Federaal Parlement voor een actualiteitsdebat. Aanleiding was het opduiken van de beelden van de behandeling van een Slovaakse man, Jozef Chovanec, in een cel na zijn arrestatie op de luchthaven van Charleroi. De man overleefde het incident niet.

Parlementslid en lid van de Commissie Binnenlandse Zaken Jessika Soors (Groen) maakte van deze gelegenheid gebruik om een paar pertinente vragen te stellen over het politieoptreden. Meer bepaald haar vragen over het gebrek aan training voor geweldsbeheersing en de informatiedoorstroming bij de politie trokken onze aandacht. Wij vroegen of zij bevredigende antwoorden had ontvangen.

Probleem rond geweldsbeheersing

Jessika Soors: ‘De antwoorden waren onvoldoende. De focus van de Commissie lag gisteren vooral op de chronologie van de feiten, terwijl de richtlijnen en de handelingskaders voor de politie over hoe om te gaan met zo’n moeilijke zaken veel fundamenteler zijn. Die vormen al langer een pijnpunt en moeten ten gronde besproken worden. Ze spelen een belangrijke rol in situaties zoals die in Charleroi.’

‘Ik heb daar in de Commissie op willen wijzen, vervolgt Soors. ‘In 2010 hadden we de dood van Jonathan Jacobs in Mortsel. Nadien is daar een onderzoek rond gevoerd en zijn er heel wat aanbevelingen gedaan. Er is een rapport uit 2016 dat pleit voor de actualisering van de omzendbrief binnen de politie die bepaalt op welke manier agenten moeten worden opgeleid om aan geweldsbeheersing te kunnen doen. Dat is een heel concrete aanbeveling waar nooit een gevolg aan werd gegeven. Tussen die aanbeveling en nu was er dan in 2018 de dood van Chovanec in Charleroi. Vorig jaar, in 2019, verscheen er een rapport van het Comité P waarin er een oplijsting staat van problemen met die opleidingen rond geweldsbeheersing.’

Geen actie, ondanks rapporten

Soors verduidelijkt de problematiek. ‘Binnen de politiekorpsen wordt er telkens één specialist opgeleid in dit kader. Die wordt dan verondersteld om in te staan voor de opleiding van de rest van de collega’s. Er is wettelijke onduidelijkheid over hoe vaak die specialisten moeten bijgeschoold worden. De wet en het Koninklijk Besluit dat zorgt voor de uitvoering ervan zeggen daar verschillende zaken over. Uit het onderzoek van Comité P blijkt dat er onvoldoende opleidingsmogelijkheden voor die specialisten zijn. Er blijkt ook uit dat de kwaliteit van de specialisten die hun collega’s dan moeten opleiden, niet altijd verzekerd kan worden.’

‘Hierdoor bestaat het risico dat politieagenten verkeerde technieken krijgen aangeleerd,’ concludeert Soors. ‘Kortom, eigenlijk is geweten wat er met die opleidingen moet gebeuren, maar het werd nog nooit uitgevoerd. Niet door Minister Jambon (N-VA, bevoegd minister van 2014 tot 2018) en ook niet door Minister De Crem (CD&V, huidig Minister van Binnenlandse zaken).’

‘Dát is echt een structureel pijnpunt binnen de politie. Vooral omdat wij enorm veel verwachten van onze agenten in —bij momenten — bovenmenselijk moeilijke situaties. We geven hen de middelen en instrumenten niet om hier mee om te gaan. Eigenlijk laten de ministers van Binnenlandse zaken het keer op keer na om onze eigen politieagenten op die manier te beschermen. Ik vind dat problematisch. Ook de vakbonden hebben hier al veelvuldig op gewezen.’

EDS: geen richtlijn

‘Een ander pijnpunt is het ontbreken van een specifieke richtlijn over hoe om te gaan met mensen met Excited Delirium Syndrome (EDS). Zo een richtlijn bestaat in Nederland al sinds 2012. Had Chovanec in de eerste plaats in een politiecel moeten terechtkomen? Had hij niet beter af geweest op de spoedafdeling, met bijstand van de politie? Al die stappen moeten dringend geëvalueerd worden. De leemtes in de procedure waar de politie op dat moment mee geconfronteerd wordt, moeten weggewerkt worden. Nu ligt de eindverantwoordelijkheid bij de politie, maar die moet kunnen beschikken over de nodige instrumenten om op dat moment hun werk naar behoren te doen.’

Politiemensen én burgers in de kou

‘Uiteraard moeten we van de politie in die omstandigheden ook onberispelijk gedrag kunnen verwachten. Het gedrag van de politieagente die de Hitlergroet brengt, kan op geen enkele manier goedgepraat worden. Maar de meeste politiemensen die zich elke dag inzetten om hun uniform waardig te dragen, moeten kunnen beschikken over de juiste tools om hun taak naar behoren uit te voeren. Zolang de ministers van Binnenlandse Zaken daar niet voor zorgen, laten zij hun mensen in de kou staan.’

Naast het gebrek aan specifieke opleidingen is er ook nog het probleem van het gebrek aan tijd om de opleidingen te volgen. Vooral bij overbelaste korpsen zoals de Brusselse, is dit een pijnpunt. Zolang de personeelsquota niet ingevuld zijn, kan je de mensen ook niet weghalen van de straat om de opleidingen te volgen…

Soors: ‘Het komt inderdaad steeds terug op capaciteitsgebrek. Ook daar hebben we in de Commissie op gewezen: zowel bij de politie als bij Justitie is er dringend nood aan investeringen. We lopen alsmaar verder achterop en de eerste slachtoffers zijn de burgers én de politieagenten zelf.

Rol van de arts

Normaal wordt er een arts geconsulteerd voor men iemand in de cel steekt. Die zou toch EDS moeten herkennen en dan gepast moeten ingrijpen?

Soors: ‘Uit wat wij nu weten blijkt dat het vier uur heeft geduurd eer dat onderzoek heeft plaatsgevonden. Ik hoor in de wandelgangen — maar dat heb ik nergens formeel bevestigd gekregen — dat het medisch onderzoek heeft plaatsgevonden door het kijkgat van de celdeur. Dat is allesbehalve een onderzoek ten gronde. Eigenlijk wijst dat nog maar eens op het belang van duidelijke afspraken om te weten wie wanneer aan bod komt.’

‘Je moet ook weten dat EDS in verschillende fases verloopt. Als je ziet in wat voor verwarde toestand Chovanec van het vliegtuig werd gehaald, wanneer je dan ziet dat de arts pas vier uur later ter plekke is, kan je de vraag stellen of één medische consultatie in zo’n geval voldoende is om een afweging op te baseren. Een richtlijn zal in deze ook geen heilige graal zijn. Er zal altijd een portie gezond verstand nodig zijn, zowel bij de politie als bij het medisch personeel. Er zal altijd een inschatting moeten worden gemaakt, maar duidelijke afspraken over wanneer een arts er bij gehaald wordt, hoe het onderzoek moet verlopen en wie op welk moment kan doorverwijzen naar waar, of wie, die afspraken moet er wel komen in een duidelijke richtlijn.’

Onderzoek naar context

Om even terug te komen op de Hitlergroet: daarover doet het gerucht de ronde dat de agente in kwestie die zou hebben gebracht om aan te illustreren wat de man voorheen had gedaan. Bij de beelden zit geen geluid, waardoor een deel van de context wegvalt…

Soors; ‘Ja, dat klopt. Er komt nu eindelijk een reconstructie, en gelukkig maar. Op dat vlak is het belangrijk dat alles onderzocht wordt, ook de context. Daar moeten we dan de juiste conclusies uit kunnen trekken. Wat in Charleroi is gebeurd, kunnen we niet meer terugdraaien, maar ik hoop dat de beleidsverantwoordelijken het nodige gaan doen om te voorkomen dat zowel burgers als politieagenten in zo’n situaties terecht komen.’

‘Dat is ook één van de vragen die ik gesteld heb, maar waar geen punctueel antwoord op gekomen is: net zoals er automatisch een onderzoek komt wanneer een agent een vuurwapen gebruikt, lijkt het me logisch dat een reconstructie volgt op een incident waarbij iemand sterft in de context van een politieoptreden. Ik druk me speciaal voorzichtig uit: in de context van een politieoptreden, niet als gevolg van een politieoptreden. Ik heb ook gevraagd of er cijfers worden bijgehouden over hoe vaak in die situaties er sprake is van psychische episodes, maar daar is geen antwoord op gekomen. Dat wil ik verder uitzoeken tijdens de commissiezittingen die aan dit onderwerp nog zullen gewijd worden.’

Rol Jambon

Dan resten ons nog de antwoorden die Minister-President Jambon in het kader van dit incident wist te formuleren.

Soors: ‘Ik stel me vragen bij zijn geloofwaardigheid. In de eerste plaats bij hoe hij gefunctioneerd heeft als minister van Binnenlandse Zaken. Er zijn in het verleden nog incidenten geweest. Ik denk dan aan de episode na de aanslagen in 2016 waarbij hij de verbindingsofficier in Turkije met de vinger wees. Hij heeft nadien moeten intrekken en zijn excuses moeten aanbieden. Ik vond dat toen een opmerkelijk feit. Er is nu dit… Op de duur stellen de mensen zich wellicht de vraag wat er nog is. Qua politiek gezag en geloofwaardigheid stel ik me daar vragen bij, ook al functioneert hij nu in een andere rol.’

‘Afgelopen weekend verklaarde hij nog van niets te weten en vroeg hij zich af waarom hij niet op de hoogte was. Ondertussen heeft hij een bocht gemaakt en luidt het dat hij het zich niet meer kan herinneren. Ik kan enkel feitelijk vaststellen dat er minstens twee formele contacten zijn geweest tussen zijn kabinet en de Slowaakse ambassadeur. Die laatste heeft melding gemaakt van een ernstig diplomatiek incident. Dat zijn geen theekransjes, dat zijn protocollaire contacten op een hoog niveau geweest. Ik laat in het midden of Jambon daar persoonlijk bij aanwezig was, maar hij is wel hoofd van zijn kabinet en hij is op dat moment ook het hoofd van de Federale Politie. Het is dus zijn verantwoordelijkheid om daar opvolging aan te geven.’

Nog geen vraag om ontslag

Soors heeft weet van het bestaan van officiële verslagen. ‘Het kabinet Jambon heeft een formeel verslag van de contacten met de Slowaakse ambassadeur ontvangen. Dat betekent dat er een papieren spoor is van wat er inhoudelijk besproken werd. Dat moet naar boven komen. Op dat vlak is “ik kan het me niet herinneren” onvoldoende. Zoek het dan uit, graaf het allemaal op en toon aan wat er gebeurd is. Dan kunnen wij tot een conclusie komen of het al dan niet voldoende was. Dan kunnen we zien wat het betekent voor zijn verder functioneren binnen de politiek.’

‘Dit heeft de internationale media gehaald. Wat voor een beeld werpt dit op wanneer een minister-president van één van de regeringen in België minstens nalatig is geweest en misschien zelfs heeft gelogen? Dat zal nog moeten blijken. Momenteel ligt de vraag om zijn ontslag bij ons nog niet op tafel.’

N-VA moet nadenken over bestuurswaardigheid

‘We hebben natuurlijk een bedroevende traditie qua opnemen van politieke verantwoordelijkheid,’ stelt Soors. ‘Op dat vlak is het de zoveelste smet op het politieke blazoen van België. Ik betreur dat ten zeerste als politica. Ik kijk dan ook voor een stuk richting de N-VA en Jambon zelf. Zij vinden de bestuurswaardige reputatie van hun partij heel belangrijk. Ik vraag me dan af hoe ze deze feiten, gecombineerd met de schandalen uit het verleden, kunnen rijmen met het bestuurswaardig beeld dat ze willen ophangen. Daar moeten ze misschien maar eens over nadenken.’

Soors concludeert: ‘Ik hoop dat het debat dus nog niet is beëindigd. Ik ben benieuwd naar zijn verschijnen voor de Commissie dat gepland is voor volgende week. Ik verwacht meer dan een verklaring dat hij zich niets kan herinneren. Ik verwacht die verslagen. Ik verwacht een chronologie. Ik verwacht een overzicht van wat er met wie is besproken. Op dat vlak ligt de bal in zijn kamp. Als hij van goede wil is kan er in het Parlement hieromtrent helderheid gecreëerd worden.’

Winny Matheeussen

Enige tijd geleden geboren, in de herfst. Momenteel levend.