JavaScript is required for this website to work.
Buitenland

Na de aardbeving: Venezuela aanvaardt buitenlandse hulp

NieuwsLucas Kindt27/7/2026Leestijd 2 minuten
Een maand na de dubbele aardbeving in Caracas wordt er nog steeds naar vermisten
gezocht. Het herstel zal naar verwachting nog jaren duren, maar de regering laat
voor de eerste keer wel buitenlandse hulp toe.

Een maand na de dubbele aardbeving in Caracas wordt er nog steeds naar vermisten gezocht. Het herstel zal naar verwachting nog jaren duren, maar de regering laat voor de eerste keer wel buitenlandse hulp toe.

foto © Belga

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Neem zelf ook een abonnement en lees alle plus-artikelen én ons driemaandelijks magazine.

Ik neem ook een abonnement

Op 24 juni, goed een maand geleden, beefde de aarde in Venezuela niet één maar twee keer. Er vielen maar liefst 5278 doden en bijna 17.000 gewonden te betreuren en naar schatting dertig- tot veertigduizend mensen werden vermist. Het zijn hallucinante cijfers, maar het opmerkelijkste nieuws is misschien wel dat de Venezolaanse regering buitenlandse hulp toelaat.

Dat meldde het katholieke Aid to the Church in Need (ACN) op een persconferentie vorige week. Onder het regime van de begin dit jaar gearresteerde Nicolás Maduro zou het ondenkbaar geweest zijn dat buitenlandse hulp vrije toegang krijgt tot de getroffen gebieden en de vluchtelingenkampen.

Regina Lynch (ACN) is net teruggekeerd uit het rampgebied. ‘Ik ben in Pakistan en Haïti geweest na aardbevingen, ik heb de verwoeste steden van Syrië gezien. Maar wat ik in La Guaira zag, heb ik nooit eerder gezien’, zegt ze. Ze beschrijft de situatie in Venezuela als ‘apocalyptisch’. Bergen puin, bulldozers, en daarnaast families die wachten of het lichaam van hun geliefde nog bovengehaald wordt. Na een maand zoeken sommigen nog, ook al ligt hun familielid onder veertien verdiepingen beton.

2500 parochies

Aartsbisschop van Caracas Raúl Biord, salesiaan en voordien tien jaar bisschop van La Guaira, somde op wat de Rooms-Katholieke Kerk sinds dag één doet: voedsel en medicijnen verdelen, begrafenissen verzorgen, honderd seminaristen die vijf weken lang de slachtoffers bezoeken. Vijfendertig kerken zijn beschadigd, de kathedraal van Caracas is onbruikbaar. ‘Maar de Kerk, dat zijn niet de gebouwen’, zei Biord. ‘De Kerk, dat zijn de mensen.’

De Kerk, dat zijn de mensen

De Kerk beschikt met 2500 parochies over een verdeelnetwerk dat de staat niet heeft. Biord: ‘Veel overheden en instellingen geven hun materiële hulp liever aan Cáritas dan ze zelf te verdelen.’ De regering brengt daklozen naar tijdelijke kampen, erkent hij, ‘maar het aantal mensen zonder huis is te groot, men geraakt niet rond’.

De deur staat open

Over het politieke klimaat was Biord opvallend mild. Het land zit volgens hem in ‘een gecompliceerd politiek proces, maar tegelijk één van openheid. Anders dan vroeger heeft de regering de Kerk toegang verleend tot de getroffen gebieden en de verdeling van voedsel en medicijnen toegestaan.’ Hulpbisschop Carlos Márquez: ‘Voor de Kerk is de toegang tot de kampen niet geweigerd. Voor andere hulporganisaties ligt dat een stuk moeilijker.’

Maduro weigerde jarenlang buitenlandse humanitaire hulp als ‘westerse inmenging’

Was deze ramp acht maanden eerder gebeurd, konden de humanitaire gevolgen wel tien keer erger zijn. Maduro weigerde jarenlang buitenlandse humanitaire hulp als ‘westerse inmenging’, ook toen de hongersnood zo catastrofaal werd dat acht miljoen Venezolanen het land ontvluchtten. Vandaag belt paus Leo XIV nog de dag van de ramp naar Caracas, en werken bisschoppenconferenties wereldwijd samen met de Venezolaanse kerk. Ook reddingsteams uit de Verenigde Staten en Europa worden voor het eerst toegelaten.

De weg is lang

‘De weg is nog heel lang, er is zoveel te doen’, waarschuwt Lynch. Hele wijken moeten heropgebouwd worden, net als scholen, ziekenhuizen en vijfendertig kerken. Priesters verloren hun huis én hun parochianen, en de traumazorg moet nog beginnen.

ACN stuurt begin augustus nog een delegatie en werkt aan een nieuw noodpakket dat volgens Lynch ‘veel, veel hoger’ zal liggen dan de eerste noodhulp van 100.000 euro. Biord sloot af met een belangrijke boodschap: ‘Bid voor ons. Verspreid dit nieuws, opdat het volk van Venezuela niet vergeten wordt.’

Lucas Kindt is student International Journalism aan de Arteveldehogeschool. Hij schrijft voor Doorbraak in het kader van zijn stage.

Commentaren en reacties