fbpx


Binnenland, Economie
Wallonië

Pascale Delcomminette: ‘Ik vind het niet correct om Wallonië almaar met Vlaanderen te vergelijken’

Dwars door Wallonië



Wie zijn ze, de in Vlaanderen ‘onbekende’ Walen die hier zelden de media halen, maar aan de overkant van de taalgrens mee het publieke debat voeden of het beleid uittekenen? Wat leren ze ons over Wallonië? Over hoe de Walen in het leven staan, naar de toekomst kijken? Deze zomer nemen we u in zeven zaterdaginterviews mee dwars door Wallonië. Vandaag: Pascale Delcomminette, hoofd van de Waalse dienst voor buitenlandse handel AWEX. Daarvoor werkte ze jarenlang op verschillende PS-kabinetten. 'Toegegeven,…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Wie zijn ze, de in Vlaanderen ‘onbekende’ Walen die hier zelden de media halen, maar aan de overkant van de taalgrens mee het publieke debat voeden of het beleid uittekenen? Wat leren ze ons over Wallonië? Over hoe de Walen in het leven staan, naar de toekomst kijken? Deze zomer nemen we u in zeven zaterdaginterviews mee dwars door Wallonië. Vandaag: Pascale Delcomminette, hoofd van de Waalse dienst voor buitenlandse handel AWEX. Daarvoor werkte ze jarenlang op verschillende PS-kabinetten.

‘Toegegeven, ik ben een optimist, maar geen blinde optimist,’ klinkt het op het einde van het interview op de AWEX-hoofdzetel even buiten het centrum van Namen. Ruim een uur lang probeerde Pascale Delcomminette daar de perceptie te counteren van een regio die er — ondanks alle relanceplannen van de voorbije jaren — maar niet in slaagt om economisch overeind te krabbelen, laat staan gelijke tred te houden met de Vlaamse buren. Waarbij ze vooral voor wat meer begrip en geduld pleit. ‘Gewezen VBO-voorzitter Luc Vansteenkiste, een Vlaming die de economische situatie in Wallonië bijzonder goed kent, had het vorig jaar over een termijn van nog eens vijftien jaar alvorens deze regio er economisch opnieuw volledig bovenop kan komen. Ik vrees dat dit realistisch is.’

Trendbreuk

Vijftien jaar geleden al zette u mee de schouders onder het eerste Marshall-plan, dat Wallonië uit het economische moeras moest trekken. Wat is er de voorbije jaren dan eigenlijk gebeurd?
‘We zetten vandaag veel sterker in op economische specialisatie, op basis van de verschillende competentiepolen die in de loop der jaren gedefinieerd werden. Dit is in mijn ogen wel degelijk een belangrijke trendbreuk met het verleden. Er is nu echt sprake van een veel betere samenwerking tussen de academische en onderzoekswereld enerzijds en het bedrijfsleven anderzijds. Zo ontstaan er stilaan innovatieve ecosystemen. Toegegeven, het heeft even geduurd, maar we merken dat die aanpak vruchten begint af te werpen, en dus kunnen we nu stilaan beginnen te oogsten.’

Wat zijn anno 2020 de speerpuntsectoren van de Waalse economie?’
De farmasector springt er uiteraard echt uit: die sector — die in Waals-Brabant, maar ook in Luik en Charleroi heel sterk staat — is goed voor zowat een derde van de totale Waalse export. Alvorens we met de competentiepolen begonnen te werken, was de farma nog maar de vijfde belangrijkste exportsector in Wallonië. Daarnaast spelen onder meer ook de logistieke sector, de brede voedingssector en de productie van vliegtuigonderdelen een belangrijke rol. Al deze sectoren zijn — in termen van export — de voorbije jaren veel sneller gegroeid dan de rest van de Waalse economie. Dit geeft wel aan dat de nieuwe aanpak de juiste is. In het algemeen was 2019 overigens een echt grand cru-jaar voor de Waalse uitvoer, met een groei van ruim 11 procent tegenover 2018.’

Economische keuzes

Heel wat experts betwijfelen nochtans het effect van die competentiepolen-strategie: er zou veel te weinig in worden geïnvesteerd om tot een echte economische relance te kunnen komen. Bovendien zou er ook te veel gefocust worden op de verdere groei van de farma, een sector die ook vanuit de federale overheid al belangrijke stimuli krijgt om in ons land te blijven investeren.’
‘Je kan natuurlijk altijd discussiëren over de bedragen die je daar als overheid in moet investeren, maar het is intussen wel gebleken dat de publieke investeringen ook tot de injectie van nieuw privé-kapitaal hebben geleid. Iemand als Luc Van Steenkiste — die tot vorig jaar nauw betrokken was de competentiepolen — heeft intussen al meermaals onderstreept dat deze aanpak wel degelijk tot de creatie van heel wat nieuwe jobs heeft geleid.’

‘Maar hij gaf tegelijk ook aan dat Wallonië nog flink wat tijd nodig zou hebben om de economische transitie die de voorbije jaren werd ingezet succesvol af te ronden. Natuurlijk zouden wij ook liever zien dat het allemaal wat sneller gaat, maar zo’n bottom-up aanpak heeft nu eenmaal tijd nodig. In het verleden was ons economische beleid te weinig gespecialiseerd.’

Zijn er dan jarenlang verkeerde economische keuzes gemaakt?
(Ontwijkend) ‘Er zijn toen wellicht te weinig duidelijke keuzes gemaakt, dat klopt, maar intussen hebben we het geweer echt wel van schouder veranderd. En vooral: er wordt nu eindelijk echt werk gemaakt van een veel nauwere samenwerking tussen de academische wereld en het bedrijfsleven. Meer research heeft zo ook geleid tot het onstaan van veel meer kmo’s, die ook almaar meer internationaal actief zijn.’

Kloof met Vlaanderen

U kan natuurlijk niet omheen die gigantische olifant in de kamer: de economische kloof tussen Wallonië en Vlaanderen blijft gewoon even groot, zo toonden de meest recente cijfers van de Nationale Bank nogmaals aan. De gouverneur van die instelling hekelde ook de veel te grote rol van de overheid in Wallonië, en had het zelfs over ‘een communistisch model’?
‘Tot voor enkele jaren werd de kloof tussen Vlaanderen en Wallonië elk jaar nog iets dieper. Vandaag is er sprake van een stabilisering. En de Waalse export groeit nu zelfs forser dan die van de buurlanden. We zijn er nog lang niet, maar er beweegt echt wel iets.’

Wat meer fierheid over wat er wél goed loopt in Wallonië, zou soms niet slecht zijn. En wat betreft de uitlatingen van gouverneur Pierre Wunsch: ik vind het nogal ongelukkig om uitgerekend nu de omvang van de publieke uitgaven in vraag te stellen. Ik denk dat haast iedereen het erover eens is dat het nu, in deze tijden van ongeziene crisis, net absoluut noodzakelijk is om de economie te ondersteunen via publieke investeringen. Vanuit mijn functie doe ik er elke dag alles aan om nieuwe investeerders naar Wallonië te lokken en om de waalse bedrijven in het buitenland te ondersteunen, waardoor ik dus ook voor nieuwe privé-jobs zorg.’

Toch ligt de Waalse werkloosheidsgraad ligt met 7,1 % nog altijd een pak hoger dan in Vlaanderen of in de meeste buurlanden. Ligt het kalf niet vooral gebonden in het onderwijs, dat er blijkbaar niet in slaagt goed in te spelen op de stijgende vraag naar meer gespecialiseerde en technologische kennis?
‘Ik vind niet dat het onderwijs volledig afgestemd moet zijn op de vraag vanuit het bedrijfsleven, maar het klopt dat we daar misschien wel meer rekening mee moeten houden dan de voorbije decennia het geval was. In regio’s die het economisch een pak beter doen, stellen we inderdaad vast dat het onderwijs mee deel uitmaakt van een sterk geïntegreerde aanpak. Ook hier wordt er nu stilaan meer ingezet op beroepsopleidingen, of op innovatieve vormen van alternerend leren en werken.’

‘Maar u heeft een punt: er is een nog betere matching nodig tussen het onderwijs en de industrie. Tegelijk vind ik het ook niet correct om almaar vergeleken te worden met Vlaanderen: Wallonië heeft nu eenmaal een heel ander economisch weefsel. Waarom zet men ons niet af tegen regio’s met een vergelijkbaar industrieel verleden, zoals pakweg Picardië of Nord-Pas de Calais? Vergeet ook niet dat Vlaanderen tot de jaren 60 ook mee geprofiteerd heeft van de Waalse industriële ontwikkeling. Economische cycli duren lang, en je krijgt het tij niet zomaar in enkele jaren gekeerd.’

Ambitie

Waar zitten vandaag nog de belangrijkste economische verschillen tussen Wallonië en Vlaanderen?
‘Ik denk dat je die het best kan samenvatten onder de noemer ‘durven te groeien’. Waalse bedrijven tonen zich soms te weinig ambitieus, zeker ook als het op een verdere internationalisering aankomt. Daarnaast blijft het in Vlaanderen nog altijd een stuk eenvoudiger om als ondernemer het nodige risicokapitaal te vinden, waardoor Vlaamse bedrijven natuurlijk ook sneller kunnen groeien.’

Uzelf was nauw betrokken bij de lange onderhandelingen met Zalando, in een poging om een nieuw groot distributiecentrum van de internetgigant naar Wallonië te halen. Dat is uiteindelijk niet gelukt, maar het Chinese Alibaba beloofde intussen wel 75 miljoen euro te investeren in een nieuw Luiks distributiecentrum. Is dit soort tewerkstelling — in vaak bijzonder precaire omstandigheden — wel voldoende duurzaam en toekomstgericht?
‘Kijk, u heeft het over “precaire” jobs, maar het gaat om banen in de logistieke sector waaraan er vaak ook nog een belangrijk opleidingsluik verbonden is. Tegelijk kadert dit soort investeringen ook in structureel partnerschap met China en in een bredere strategie die erop gericht is om de omgeving van de Luikse luchthaven economomisch sterker te ontwikkelen. Bovendien halen we met Alibaba ook één van de reuzen van de e-handel naar Wallonië, en de expertise die we zo opdoen kan ook tal van Waalse kmo’s helpen om zich sneller en efficiënter op die e-handel te storten.’

Kan het geld dat nu naar subsidies stroomt om dit soort bedrijven naar Wallonië te lokken niet nuttiger besteed worden om een echt duurzame industriële reconversie te versnellen?
‘Die subsidies zijn sowieso aan heel wat criteria gebonden: er was bijvoorbeeld geen sprake van concessies op vlak van de arbeidsvoorwaarden om Alibaba toch maar over de streep te trekken. En nogmaals: ik zie dit als een belangrijke stap in een lange termijnstrategie, waarbij de Luikse luchthaven en omgeving tot een belangrijke Europese logistieke hub kunnen uitgroeien.’

‘U had het daarnet over het hoge aantal laagopgeleide werklozen. Welnu, met dit soort jobs proberen we net die groep opnieuw aan het werk te krijgen. De farmasector zorgt in WallonIë voor flink wat jobs met een hoge toegevoegde waarde. Maar we moeten tegelijk ook inzetten op een ruimer jobaanbod voor minder hoog opgeleide profielen. Investeringen in de logistieke sector maken daar deel van uit.’

Investeren in Wallonië

Stel: u moet vandaag een belangrijke kandidaat-investeerder overtuigen om in Wallonië te investeren, welke argumenten legt u dan op tafel?
‘Onze centrale ligging, uiteraard, waaruit dus wel wat logistieke troeven voortvloeien. Daarnaast beschikt deze regio ook nog over heel wat ruimte op de bedrijfsterreinen. Het allerbelangrijkste argument in mijn ogen is evenwel het innovatieve ecosysteem dat we hier aan het uitbouwen zijn. Investeerders kunnen mee voordeel halen uit die nauwe samenwerking tussen research en industrie.’

‘De tijd dat we bedrijven enkel naar hier lokten om te produceren, zoals Caterpillar dat bijvoorbeeld wél nog deed, is definitief voorbij. Als een bedrijf hier ook investeert in onderzoek en ontwikkeling, is de toegevoegde waarde veel groter voor alle betrokken partijen. En als Waalse overheid moeten we, denk ik, nog veel resoluter de kaart van de economische specialisatie en van de digitalisering durven te trekken.’

Vier jaar geleden kondigde Caterpillar aan zijn vestiging in Gosselies te sluiten, waardoor er duizenden banen sneuvelden. Welke lessen hebben jullie getrokken uit dat drama?
(snel) ‘Wellicht dezelfde lessen die ook Vlaanderen trok toen een grote autoproducent besloot om daar weg te trekken. We hebben ingezien dat we als Waalse overheid veel sterker moeten inzetten op een vertrouwensrelatie met dat soort grote bedrijven, er moet een soort partnership ontstaan. Pas dan kan je zo’n bedrijven ook echt integreren in het nieuwe ecosysteem dat we volop aan het uitbouwen zijn, waardoor ze ook minder snel geneigd zullen zijn om hier weg trekken.’

U werkt natuurlijk op het terrein, maar heeft u het gevoel dat de Franstalige politici op eenzelfde golflengte zitten en dat ze de ernst van de situatie nu echt wel inzien?
‘Ik heb nogal wat voogdijministers, maar ik kreeg de voorbije jaren vanuit alle hoeken dezelfde boodschap: tegenover elke inspanning, elk nieuw initiatief en elke investering moet voortaan ook een duidelijke economische return on investment staan. Dit is wat we in Wallonië tegenwoordig omschrijven als le budget base zéro. Daar werd al lang over gepalaverd, maar het vormt voortaan ook echt de toetssteen voor elke euro die de Waalse regering uitgeeft. Er is hier dus wel degelijk iets veranderd, dit valt niet te ontkennen.

Filip Michiels

Filip Michiels is zelfstandig journalist.