fbpx


Cultuur
pest

‘A plague on both your houses!’

Hoe de pest Shakespeare vormde


Koning James I maakte zich in 1606 grote zorgen. Dat was niet voor de eerste keer. Zijn belangrijkste politieke streven tijdens zijn lange koningschap was om zijn koninkrijk Schotland – waar ze hem James de Zesde noemden – vlot samen te voegen met het rijke Engeland, dat hij erfde van zijn betovergrootvader. Maar ook de pest, die vreselijke ziekte, dook om de haverklap op in zijn koninkrijken en baarde hem veel ellende.

Pesttheater

In die jaren geloofde men dat de ziekte veroorzaakt werd door planetaire invloeden die de lucht vergiftigden met een dodelijke koorts. De persoonlijke predikant van James’ voorganger, Elizabeth I, schreef de pest toe aan ‘de zonde’ en aan de bron van de zonde lag volgens hem het theater. ‘The cause of plagues are play’, donderpreekte hij. Daar was James niet van overtuigd.

Het Schotse stuk

James zelf koesterde een bijzondere angst voor heksen. Hij liep die op toen hij in de late 16de eeuw Denemarken bezocht. De koning schreef in 1597 zelfs een uitgebreid werk over hekserij, de Daemonologie. Zijn driedelige uiteenzetting behandelde niet alleen het gevaar van heksen, maar ook de bedreigingen van weerwolven en van vampiers.

Het is niet onwaarschijnlijk om te denken dat de vorst ‘de plaag’ koppelde aan hekserij. De Daemonologie genoot een grote populariteit op de Britse eilanden. Auteur en acteur William Shakespeare verwerkte ideeën ervan in zijn bekende Scottish Play of Macbeth, dat een hommage was aan de Schotse James de Zesde, de Eerste in Engeland.

De pest van 1606

In 1606 deelden Shakespeare en James dezelfde kopzorgen. Eind juli van dat jaar haalden the King’s Men de vlag neer op de top van de Globe, hun theatergebouw aan de Londense Thames. De theatergroep, waar Shakespeare deel van uitmaakte, beleefde nochtans een topseizoen. Het kersverse MacBeth was een van de grote publiekstrekkers. Maar de acteursgroep sloot de deuren, omdat de pest nog maar eens teruggekeerd was naar het land.

Een koninklijk besluit ordonneerde een sluiting wanneer het dodentol in Londen opliep tot boven de dertig per week. Dat bleek dus het geval. Men nam het nochtans niet altijd even nauw met die regel. Sommige theatergebouwen sloten pas wanneer het over veertig doden ging of heropenden zodra het cijfer net onder de veertig dook. Maar ditmaal was het menens. Het theaterseizoen van 1606 leek definitief om zeep. Tegen het einde van augustus stierven er in Londen een 116 personen per week.

Een bedreiging voor de politiek

De koning vreesde dat de pest ook roet in het politieke eten ging gooien. Onder die omstandigheden was het immers onverstandig om het parlement samen te roepen. De pest was te besmettelijk om dit te riskeren. Maar hij had het parlement nodig om de prille vereniging van de Schotse en de Engelse kroon te verstevigen. James drong er bij zijn raadgevers op aan om de bestrijding van de pest te intensifiëren.

De gezagsdragers dienden volgens de koning strenger op te treden tegen de overtreders van de pestwetten. Te veel Londenaars wasten de rode kruisen van hun deuren, die dienden om aan te geven waar de pest in huis was en dus onder quarantaine stonden. De Londense Lord Mayor beloofde aan de koning om de kruisen voortaan met olieverf aan te brengen in plaats van de goedkopere en afwasbare verf die men tot dan toe gebruikte.

Tegen de herfst stond het dodencijfer op 141 per week. Bedelaars werden uit de Engelse hoofdstad gestuurd en voor elk geïnfecteerd huis wilde de Londense overheid wachtposten plaatsen. Een onhaalbaar voornemen doordat de ziekte zich zo snel verspreidde en de middelen van de Londense schatkist ontoereikend waren om het uit te voeren. De pestplagen in het eerste decennium van de 17de eeuw kostten uiteindelijk zo’n 38 000 mensen het leven in Londen, een stad waar in die tijd om en bij 200.000 mensen leefden.

Een klap en een zege voor de cultuur

De Londense theaterhuizen waren toen meer gesloten dan geopend. Een financiële ramp voor de cultuursector van die tijd. The King’s Men hield zich recht dankzij de geldelijke steun van de koning zelf en door te toeren langs het platteland waar de epidemie minder hard toesloeg. Shakespeare ging echter in 1606 niet met hen mee. Hij was gestopt met acteren en hij vond waarschijnlijk dat hij zijn tijd nuttiger kon besteden.

In zijn kindertijd woedde de ziekte ook in Stratford-upon-Avon, waar hij opgroeide. Als boorling overleefde hij de plaag. Creëerde hij een immuniteit of lag hij in zijn wiegje dicht bij het warme haardvuur waardoor de vlooien die de bacterie overdroegen hem links liet liggen? Daar is, zoals zoveel bij Shakespeares leven, geen duidelijkheid over. In Shakespeares werken staan er veel verwijzingen naar de pestplagen die Londen troffen in het eerste decennium van de 17de eeuw. De schrijver en acteur had collega’s weten sterven aan de pest. Het roeide een deel van zijn rechtstreekse concurrenten uit. De sluiting van zijn theaterhuis The Globe in het pestjaar 1606 leidde tot een uitbarsting van creativiteit bij de man zelf. Hij zou in die periode het genoemde MacbethKing Lear en Antony and Cleopatra produceren.

De pest als inspiratie

Die creativiteit toonde hij ook in 1593, toen hij tijdens die pestplaag Romeo and Juliet schreef. Een theaterstuk waarbij de pest de plot bepaalt. Want was die ene geestelijke niet opgehouden door pestmaatregelen, dan was de brief van Juliet op tijd bij Romeo geraakt en wist hij dat Juliet niet echt dood was en zou hij nooit op de idee zijn gekomen om zelfmoord te plegen. En dat leidde weer tot de zelfdoding van Juliet, wat vermeden had kunnen worden.

A peste libera nos, Domine.*


* Van de pest, verlos ons Heer.

Over de pest schreef Joren Vermeersch ‘1349 – Hoe de Zwarte Dood Vlaanderen en Europa veranderde’.
Over het Engeland van koning James kunt lezen in ‘De twee kanten van het Kanaal. Een geschiedenis van Engeland en de Nederlanden’ van Harry De Paepe.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Harry De Paepe

Harry De Paepe is kenner van het Verenigd Koninkrijk en de Britse politiek.