Actualiteit
vergeten vragen

Vergeten vragen van de voorbije week (74)

Ook de voorbije week werden veel vragen gesteld – en waren er ook vragen die te weinig of helemaal niet gesteld werden. Aan het begin van de nieuwe week kunnen er misschien nog enkele vragen opgeworpen worden. Zoals:

Wanneer begint het weekend in Brussel? 

(Aan Ecolo-staatssecretaris Barbara Trachte, die een gebouw deelt met minister Elke Van den Brandt (Groen) en minister Alain Maron (Ecolo): ‘Op donderdagavond bouwen de 3 kabinetten samen al eens een feestje’. Inderdaad: donderdagavond – niet vrijdagavond. De Brusselse ministerraad komt immers samen op donderdag en dan kan het weekend blijkbaar iets vroeger ingezet worden. Heeft de Brusselse Gewestregering de vierdaagse werkweek alvast ingevoerd voor zichzelf?)

Welke rechten hebben (ex-)Vlaams Belangers?

(Aan alle media die Gunnar Verreycken met naam en toenaam aan de schandpaal genageld hebben. Die Gunnar is misschien een crapuleus baasje en wie weet zelfs een neonazi, maar dat betekent niet dat hij minder rechten heeft dan de moordenaars en verkrachters die in onze kranten alleen met hun initialen aangeduid worden)

Wat denken de kiezers van Open VLD daarvan?

(Aan Vlaams parlementslid Els Ampe, die een inkijk geeft in haar partij: ‘Er zijn bij Open Vld evenveel mensen allergisch aan Groen als aan N-VA’. Ampe doelt hier allicht op de parlementsleden van Open VLD, die inderdaad ver heen zijn. Maar zouden de doorsnee liberale kiezers in het Vlaamse land evenveel afkeer voelen voor De Wever als voor Almaci?)

Hoe vaak komt u op uw eentje in Molenbeek? 

(Aan Europees Commissaris Margarethe Vestager, die fan is van Brussel: ‘Ik vind dit een zeer aangename stad om in te wonen. De problemen rond vuilnis, lawaai en drukte zijn de voorbije jaren aangepakt’. Vestager heeft makkelijk praten, met haar leuke optrekje in het rustige Elsene, haar hofhouding, haar potige chauffeurs. Eurocraten denken misschien dat ze in Brussel wonen, maar ze leven eigenlijk in een bubbel.)

Hoeveel moslimbuurten zijn er in dit land?

(Aan antropologe Nadia Fadil, die onderzoek deed naar een café met bier in een moslimbuurt. Nieuw is hier vooral dat er in een politiek correcte krant zoals De Standaard openlijk gesproken wordt over een ‘moslimbuurt’, waar zelfs evidente zaken zoals bier in een café niet meer vanzelfsprekend zijn. Niet zo lang geleden werd je uitgespuwd als je dat durfde benoemen.)

Waar is uw historisch besef?

(Aan journalist Douglas De Coninck, die zijn geschiedenis niet kent en dingen schrijft zoals: ‘Er is dus een tijd geweest, amper twee generaties geleden, dat de politieke voorvaderen van Tom Van Grieken de mensen deden geloven dat de Nederlandse taal in België in haar voortbestaan bedreigd was’. De Coninck doet hier de hele taalstrijd af als een extreemrechtse complottheorie. Nochtans was het amper een paar generaties allesbehalve evident dat het Nederlands in België zou kunnen bestaan als volwaardige taal. Ook een krant als De Morgen dankt alles aan de inzet van taalflaminganten. De meeste journalisten denken dat de Vlaamse strijd gestreden is. Maar er zijn dus ook journalisten die denken dat de Vlaamse strijd nooit nodig was.)

Hoeveel kost het behoud van België ons? 

(Aan professor Arturo Bris, die vaststelt dat ‘het gebrek aan nationale consensus‘ België belemmert om concurrentiëler te worden. Er wordt vaak gezegd dat een Belgische boedelscheiding duur zou zijn, maar er is weinig aandacht voor de kostprijs van krampachtig samenblijven.)

Wanneer gaat Wallonië zelf al die grote ambities financieren? 

(Aan Waals minister van Sportinfrastructuur Jean-Luc Crucke, die Tubize voorstelt als locatie voor een nieuw nationaal voetbalstadion: ‘Het is voor sommigen misschien vreemd dat Wallonië met oplossingen en ambities afkomt in plaats van met obstructies, maar wij zijn echt beschikbaar’. Om dan in dezelfde adem te zeggen wie mag meebetalen voor al die Waalse ambitie: de privé-sector, de provincie Vlaams-Brabant en de federale overheid. Wallonië heeft altijd oplossingen en ambities te over, maar het is altijd iemand anders die moet betalen.)

Hoe durven jullie dit ‘loting’ noemen?

(Aan het stadsbestuur van Mechelen, dat een burgerpanel samenstelt: ‘We bouwen onze stad verder uit tot een participatielabo’. Uit de kleine lettertjes blijkt echter dat het om ‘gecorrigeerde’ loting gaat. Om te komen tot een ‘schaduwgemeenteraad’ van 50 mensen krijgen 5.000 Mechelaars een uitnodiging. Vervolgens zal de groene schepen van participatie een (volgens hem) evenwichtige selectie maken uit de kandidaten. ‘Bij de samenstelling houdt de stad leeftijd met gender, leeftijd, opleiding, diversiteit en de spreiding tussen het centrum, de wijken en de dorpen’. Tja, kies anders meteen zelf je pionnen.)

Hoeveel mannen wonen er in Brussel? 

(Aan politicologe Fatima Zibouh, die een nieuw politiek correct gebod lanceert: ‘Iedere Brusselaar heeft de plicht om een diverse vriendenkring uit te bouwen. We zouden ons allemaal moeten afvragen: “Hoe ziet mijn netwerk eruit, lijkt het op Brussel?”‘. Toch organiseert Zibouh zelf het vrouwenforum Women100 en haalt ze hard uit naar ‘blanke, hoogopgeleide mannen in pak en das’. Zonder hoogopgeleide mannen in pak en das bleef Brussel ook niet draaien, maar goed: ook diversiteit heeft grenzen.)

Wat gaan jullie nog allemaal uitvinden?

(Aan de Universiteit van Gent, die het ‘genderwelzijn’ van honderden Limburgse leerlingen gaat onderzoeken: ‘Het is belangrijk dat jongeren weten dat het heel normaal is dat ze af en toe eens nadenken over hun gender’. Zijn er nu echt geen andere prioriteiten dan het verder afdingen op het onderscheid man-vrouw?)

Hoe hebben de Congolezen het er zelf vanaf gebracht? 

(Aan dr. Zana Etambala van het Afrikamuseum, die meewarig het hoofd schudt: ‘De oudere generatie heeft een beeld mee naar België gebracht van de arme Congolees die zichzelf niet kan redden’. De geschiedenis heeft de oud-kolonialen anders wel gelijk gegeven. Congo is potentieel het rijkste land van de wereld, maar het blijft al decennia straatarm. Als de Congolezen zichzelf kunnen redden, dan moeten ze dat toch eens dringend gaan dóen.)

Wie staat er mee op de barricaden voor Zwarte Piet?

(Aan alle vrienden van de Sint, zoals Bilzenaar Karel – met Congolese roots – die al 25 jaar Zwarte Piet speelt: ‘Die vrolijke helper van Sinterklaas die grappig is en cadeautjes en snoepgoed uitdeelt. En dat moet zo blijven. Ik zal alleszins op de barricaden staan om de traditie te verdedigen’. De rol van Zwarte Piet inspireerde Karel om te gaan werken in een kinderdagverblijf en om vrijwilligerswerk te doen voor kinderen uit minderbedeelde gezinnen. Waarom gaat er zo weinig aandacht naar dit soort Congolese Vlamingen?)

Welke puber lijkt er níet op Anuna De Wever?

(Aan presentator Sven Ornelis, die een ontboezeming doet: ‘Als puber leek ik op Anuna De Wever’. Hetzelfde kan je zeggen over álle pubers, die immers allemaal aanleg hebben voor zwart-wit-denken, radicalisme en vage linksigheid. Net daarom werden pubers vroeger niet op een voetstuk geplaatst door volwassenen die beter zouden moeten weten.)

Zit u zelf ook nog met vragen? Blijf er niet mee zitten. Stel ze hardop in een reactie op dit stuk. 

Dominique Laridon

steun doorbraak

Wil u graag meer lezen van Dominique Laridon?

Doorbraak is een onafhankelijk medium zonder subsidies. We kunnen dit enkel doen dankzij uw financiële steun. Uw steun geeft onze auteurs de motivatie om meer en regelmatiger te schrijven. Steun ons met een kleine bijdrage of word vandaag nog Vriend van Doorbraak.

Ik help Doorbraak groeien.
Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel i.s.m. Perruptio cvba Hoofdredacteur: Pieter Bauwens Webbeheer: Dirk Laeremans