Van Patrick Conrad tot Ivo Michiels: literaire bio’s boven
Een blik in de 'manosfeer' van literaire iconen uit het Antwerpse

Patrick Conrad bij de uitreiking van zijn Knack-prijs.
foto © Belga
Opvallend hoe de literaire rentree in oktober uitpakt met twee belangrijke biografieën: een van Manu van der Aa over Pink Poet en kat met negen levens Patrick Conrad (80) én het levensverhaal van Ivo Michiels door Sigrid Bousset.
Ter gelegenheid van Patrick Conrads tachtigste verjaardag op 16 juli ging biograaf Manu van der Aa op zoek naar de artistieke roots van dichter-filmregisseur-romanschrijver-plastisch kunstenaar en vooral ‘enfant terrible’ Conrad. Leven, liefdes en werken van een Pink Poet zoomt vooral in op de Antwerpse artistieke scène tussen 1960 en 1990. Brandpunt van zijn verhaal is het flamboyante tienjarige bestaan van de zogenaamde ‘Pink Poets’ die Conrad samen met zijn maatje Nic van Bruggen in 1972 opstartte.
De dichters hadden een bijzondere band met Volksunie-icoon Hugo Schiltz. Van Bruggen was diens speechschrijver en Henri-Floris Jespers, de meesterdenker van de Pink Poets én mentor van de jonge Conrad , werd later kabinetschef van Schiltz. Om maar te zeggen dat het politieke engagement van Vlaamse schrijvers in die jaren heel andere wegen bewandelde dan vandaag. Maar dat is een ander verhaal.
IJssalon
De legendarische privéclub VECU, vlakbij de Vleesmarkt, was hun biotoop. Conrad is de laatste overlevende van het clubje decadente dichters die grote sier maakten met allerlei banketten, drinkgelagen en bezoeken aan het ijssalon.
Hugues C. Pernath is de enige dichter van het kransje die deze roerige jaren met zijn melancholische en hymnische verzen oversteeg. Maar Conrads leven en liefdes, zoals Van der Aa in de titel aangeeft, spreken nog altijd tot de verbeelding.
Halsbrekend steil
Hij was vier keer getrouwd en charmeerde heel wat vrouwen, onder wie filmactrice Charlotte Rampling die met de sm-film Nightporter ook bij ons cultstatus verwierf. Ondertussen woont Conrad met een Braziliaanse schone in Porto Alegre en schrijft hij haast jaarlijks een thriller. Studio Czamanksy is zijn jongste ‘roman noir’. Verleden jaar werd Conrad nog gelauwerd voor zijn hele oeuvre met de Knack Hercule Poirot Life Achievement Award, een hele mondvol om te zeggen dat hij zeker als thrillerauteur zijn sporen heeft verdiend.
Van der Aa belooft ook de nodige smeuïge anekdotes over Paul Snoek en Hugo Claus. Benieuwd of we eindelijk te weten gaan komen of Pernath destijds in benevelde toestand een doodssmak in de VECU heeft gemaakt. Of dat iemand hem al dan niet per ongeluk een duwtje gaf. Ik kan alleszins persoonlijk getuigen dat de houten trap op de plaats delict inderdaad halsbrekend steil was.
Klare wijn
Ivo Michiels (1923-2012) maakte het als kunstenaar misschien minder bont dan Conrad, maar zeker zijn oorlogsjaren zijn voor een groot deel nog ’terra incognita’. Sigrid Bousset, echtgenote van Stefan Hertmans en dochter van literatuurprof Hugo Bousset, belooft met Wat ik haar niet vertelde eindelijk klare wijn te schenken.
Michiels die toen nog als Henri Ceuppens door het leven ging, werkte als verpleger in nazi-Duitsland. In Kruistocht der jongelingen (1951) vertelt hij heel realistisch hoe hij als jonge soldaat naar Frankrijk vluchtte, waar hij de charmes van de Vaucluse ontdekte en waar hij later als experimenteel schrijver trouwens zou neerstrijken. In De ogenbank (1953) serveert hij het schrijnend relaas van zijn ‘Arbeitseinsatz’ in Lübeck.
Papa en dochter
Papa Bousset katapulteerde Michiels met diens Boek alfa (1963) en Journal brut-cyclus tot pionier van het zogenaamde andere proza dat in de jaren 1960 en 1970 hoge ogen gooide, ook in Nederland. Dat Michiels met zijn Boek alfa nog altijd in de omstreden Vlaamse literaire canon prijkt, spreekt boekdelen en is ook de verdienste van Bousset senior.
Dochter Sigrid kwam via haar enthousiaste vader al op twaalfjarige leeftijd in contact met de schrijver en publiceerde in 2011 met Meer dan ik mij herinner haar interviews met Michiels, een soort van voorstudie tot Wat ik haar niet vertelde. Deze keer koos ze dus een heel andere insteek dan de idolatrische van haar vader en wou ze wel eens weten wat er in Michiels’ privéleven in de roerige oorlogsjaren en kort daarna allemaal gebeurde. In 1944 verwekte hij een zoon over wie nauwelijks iets geweten is en over diens moeder nog veel minder. Later zou hij zich over die omstreden jaren altijd in stilzwijgen hullen.
Patriarchale sfeer
Dat het toen niet bepaald vrouwvriendelijke tijden waren, is een understatement. En ook in de jaren 1960 toen het experimentele schrijven hoogtij vierde, bleek de literatuur een mannenzaak. Bousset wil dus blijkbaar niet alleen het doopceel van Michiels lichten maar ook de patriarchale sfeer peilen waarin Michiels en literaire soortgenoten toen gedijden. Als daar maar geen bonje van komt ten huize Bousset.
Frank Hellemans doceerde journalistiek aan de Thomas More hogeschool in Mechelen. Hij is literatuurcriticus en auteur van onder andere ‘Mediatisering en literatuur’ en ‘Echte mediaprimeurs. Een communicatiegeschiedenis’. Levenslang supporter van Malinwa én Paul van Ostaijen.
‘Een verwittigd man is niets waard’ recycleert het succesverhaal van Verhulsts populaire ‘De helaasheid der dingen’ maar zonder plot of verhaal.






