Brussel, Politiek
Brussel

‘Francken heeft zijn imago mee, maar niet de cijfers’

Lokale verkiezingen waren nooit de forte van het Vlaams Belang, ook niet in Brussel. Maar volgend jaar vinden gewestverkiezingen plaats, wat van deze stembusslag een aanloop maakt. Wat zijn de verwachtingen? En waar legt de partij haar prioriteiten? Een gesprek met Brussels VB-voorzitter Bob De Brabandere.  

Het zijn bewogen tijden voor Bob De Brabandere (31), sinds 2014 voorzitter van de Vlaams Belang ‘Koepel 19’. Midden juli stapte hij in de Estse hoofdstad Tallinn in het huwelijksbootje (zijn echtgenote is een voormalige Miss Estland die hij leerde kennen in Gent en deskundig naar Brussel geschaakt heeft). Over enkele maanden wordt hij vader en, o ja, op 14 oktober is er ook zoiets als de gemeenteraadsverkiezingen. Maar tijd voor koffie is er altijd, zeker als het vlakbij zijn kantoor op het Madouplein is (als politiek secretaris is hij de rechterhand van voorzitter Tom Van Grieken).

‘Ik ken wel een leuke plek’, zegt hij bij het vastleggen van de afspraak. ‘Het is zo een van die paradoxen van deze stad. Je wordt hier met een inflatie aan problemen geconfronteerd, maar toch is het hier vaak prettig vertoeven. Hier heerst een zekere gezellige nonchalance die je minder snel zal aantreffen in mijn geboortestad Gent.’

Werken voor het Vlaams Belang was trouwens de reden om de Arteveldestad voor de hoofdstad in te ruilen. ‘Aangezien ik voor de Brusselse fractie aan de slag ging speelden praktische elementen’, stelt hij. ‘Je moet ook consequent zijn. Voeling met het terrein ontwikkel je nu eenmaal niet als pendelaar.’ En dus ging hij in Sint-Agatha-Berchem wonen, de gemeente waar hij op 14 oktober ook de lijst zal trekken. Hij woont er intussen al meer dan 6 jaar.

Verantwoordelijkheid nemen

We komen ter zake: waar liggen de prioriteiten voor het VB voor deze verkiezing? ‘Onze aandachtspunten zijn gekend: de taalproblemen, de positie van de Nederlandstaligen in deze stad, criminaliteit – en in de volgorde waarop ik ze vernoem moet u geen hiërarchie ontwaren (glimlacht)’, antwoordt hij. Vrij snel gaat de discussie over thema’s die op zich los staan van het gemeentelijk niveau waar deze verkiezingen over zouden moeten gaan.

‘Zoiets is eigen aan de complexiteit van de Brusselse situatie. Jammer genoeg misbruikt men die om de eigen verantwoordelijkheid te ontlopen. Een gedegen aanpak van de criminaliteit vereist een aanpak op alle niveaus, dat klopt. Maar dat wil niet zeggen dat je op lokaal niveau machteloos moet toekijken en de zwarte piet naar iemand anders doorschuiven. Vandaag zie je iemand als de Schaarbeekse Burgemeester Clerfayt naar Theo Francken verwijzen omwille van de ontsporing aan het Maximiliaanpark. En diezelfde Francken doet dan maar hetzelfde in de andere richting. Het doet wat denken aan die beelden op de Grote Markt waar de ambachtsman naar de edelman wijst, die op zijn beurt de bisschop aanduidt als de schuldige (lacht).’

Gemeenten (deels) behouden

Terug naar de gemeenten. Afschaffen die negentien baronieën zoals ze vandaag bestaan is een vaak gehoorde kritiek, zeker in Vlaamse Bewegingsmiddens. Zitten jullie op die lijn? ‘Principieel wel, maar in de praktische uitwerking leggen we de nodige voorzichtigheid aan de dag’, benadrukt De Brabandere. ‘Twee bewegingen zijn nodig: een verschuiving van het politiek zwaartepunt naar het gewestelijk niveau, maar ook een aanpassing van de gemeentelijke omschrijvingen. Dat het scheef zit in de bevoegdheidsverdeling tussen gewest en gemeente, daarvan zijn de voorbeelden legio. Tot in het absurde waarbij je aan twee kanten van één en dezelfde straat onder verschillende parkeerregimes valt. Toch zijn wij niet voor het resoluut afschaffen van de gemeenten. Eerder zien we een oplossing in grotere gehelen. Het gemeentelijk niveau blijft haar belang hebben in de relatie burger-overheid.’

Concurrent N-VA

Voor een bepaald segment (autochtone) Brusselse Vlamingen zijn N-VA en VB concurrenten. Hoe leg je aan de man in de straat uit waar het verschil nu precies zit? ‘Eerlijk gezegd door hem gewoon op een aantal objectieve elementen te wijzen’, aldus Bob De Brabandere. ‘Weet u, ik geloof niet in dat N-VA verhaal dat met een gespleten tong verkondigd wordt. Wat ze verklaren op Brussels niveau over taalwetgeving, politiezones en diens meer is toch niet ernstig als ze zelf de minister van Binnenlandse Zaken leveren. Uit het taalrapport van de vice-gouverneur blijkt overduidelijk dat het aantal overtredingen jaarlijks toeneemt. De N-VA beweert dat ze niets kunnen doen en het allemaal de schuld van de regering van het Gewest Brussel is. Tegelijkertijd heeft de Vaste Commissie voor Taaltoezicht al laten verstaan dat Jan Jambon dit dossier perfect naar zich kan toetrekken. Waar is dan de geloofwaardigheid? Of neem dat gefoeter over de asielcrisis. Ook wij hebben bakken kritiek op de houding van de Brusselse gemeenten, maar onze partij zit niet in een regering onder wiens beleid nooit eerder zoveel buitenlanders het land binnenkwamen, vluchtelingen maar ook via andere kanalen als gezinshereniging. Francken heeft zijn imago mee, verzorgt zijn communicatie, maar de cijfers zijn onverbiddelijk. Ik geloof dat we met ons consistent verhaal het verschil kunnen maken.’

Diverse kanalen gebruiken

Dit zijn geen makkelijke verkiezingen voor het VB. Voor geen enkele Vlaamse partij natuurlijk, maar waar de meeste een uitweg zoeken in gemeenschappelijke lijsten, veelal met Franstalige kleurgenoten, is dit voor N-VA noch voor VB een optie. Hoe ga je daar mee om? ‘Brussel is natuurlijk altijd een apart geval, maar als je dit opentrekt naar heel Vlaanderen zijn dit wat a-typische gemeenteraadsverkiezingen voor onze partij. In het verleden, toen we bij verkiezingen grotere percentages neerzetten, werd een verdere doorbraak op nationaal of federaal vlak telkens lokaal weer bijgebeend op een latere gemeentelijke stembusslag. Vandaag zie je dat de peilingen weer op lift zijn, maar het is altijd afwachten of dat ook lokaal het geval zal blijken. Dit gezegd zijnde, zeker in Brussel trachten we via zo veel mogelijke kanalen te communiceren. Via de klassieke media moeten we op niet veel rekenen, maar we zetten sterk in op sociale media. Een ouder publiek bereik je zo natuurlijk niet, dus blijven we tevens geloven in het klassiek pamflet en vooral het direct menselijk contact. Simpel is dit niet in het Brusselse gewest, maar we doen ons best met enkele ankerpunten waar we dan vergaderingen organiseren.’

De olievlek aanpakken

Een mens kan makkelijker het zonlicht loochenen dan te beweren dat de populariteit van Brussel hoge toppen scheert in Vlaanderen. Het is in de Vlaamse Beweging niet anders, ook al koppelt men daar al sneller een officieel discours genre “onze hoofdstad” en “niet loslaten” aan vast. ‘Als partij redeneren wij toch op een andere manier’, benadrukt Bob de Brabandere. ‘Brussel is ontzettend complex, een concentratie aan moeilijkheden, feiten zijn feiten. Maar die vaststelling moet je consequent durven doortrekken. Administratieve grenzen zullen heus niet volstaan om al die zaken in een soort carcan te houden. Je hoorde het vroeger wat vaker dan vandaag, maar er was binnen de Vlaamse Beweging die metafoor van de Brusselse olievlek die uitdeinde over hele stukken van Vlaams-Brabant. Die realiteit is pertinenter dan ooit. We betalen de prijs van een open grenzen-beleid dat jarenlang een feit was én blijft, alle mooipraterij errond ten spijt. En dan kan je twee dingen doen: moedeloos toekijken en klagen of de causaliteit erkennen en pleiten om de dingen aan de bron aan te pakken. Als Vlaams Belang kiezen wij voor dit laatste.’

Lijsten in vijf gemeenten

Less is more. Het Vlaams Belang komt in vijf gemeenten op. We sommen ze even samen met de lijsttrekkers op: Brussel-stad (Frédéric Erens), Anderlecht (Louis Bogemans), Jette (Dominiek Lootens), Sint-Agatha-Berchem (Bob De Brabandere) en Schaarbeek (Patrick Sessler).

Michaël Vandamme

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans