fbpx


Communautair, Politiek
Devos

Carl Devos: ‘Zomaar blijven aanmodderen is geen optie meer’

Interviewreeks: De staat van het land, 1 jaar na de verkiezingen



Op 26 mei 2019 trokken we naar de stembus om een nieuw federaal parlement te verkiezen. Eén jaar en een rist informateurs en koninklijke verkenners later trappelen we nog altijd ter plaatse. Doorbraak meet de staat van het land, in interviews met politicoloog Carl Devos (UGent), grondwetspecialist Marc Uyttendaele (zaterdag 30/05) en communicatie-expert Noël Slangen (maandag 01/06). U lijkt de voorbij maanden verveld te zijn van een eerder analytische waarnemer tot een vaak ongemeend scherp criticus van de vaderlandse politiek?…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Op 26 mei 2019 trokken we naar de stembus om een nieuw federaal parlement te verkiezen. Eén jaar en een rist informateurs en koninklijke verkenners later trappelen we nog altijd ter plaatse. Doorbraak meet de staat van het land, in interviews met politicoloog Carl Devos (UGent), grondwetspecialist Marc Uyttendaele (zaterdag 30/05) en communicatie-expert Noël Slangen (maandag 01/06).

U lijkt de voorbij maanden verveld te zijn van een eerder analytische waarnemer tot een vaak ongemeend scherp criticus van de vaderlandse politiek?
‘Dat klopt. Ik wil in eerste instantie analyseren, maar verberg ook mijn teleurstelling niet. Maar het blijft wel belangrijker uit te leggen wat er gebeurt dan te uiten hoe ik mij daar persoonlijk bij voel. Politiek loopt natuurlijk al veel langer niet bepaald vlot in dit land. Maar ergens koester je dan als waarnemer toch de hoop dat politici daar ook iets van zullen leren.’

‘Helaas, niets is minder waar. De vier meest recente regeringsvormingen figureren stuk voor stuk in de top vijf van de langst durende formaties in dit land. Het afgelopen decennium hebben we zowat een derde van de normale regeerperiode in lopende zaken gezeten. Voor de laatste gestemde begroting moeten we nu al teruggaan tot december 2017. Het gaat dus niet beter, en niet leren uit de gemaakte fouten is nog erger dan fouten te maken.

‘Ons politiek systeem sputtert langs alle kanten, en ik vind dat je het dan als politicus ook aan je bevolking verplicht bent om daar iets aan te doen. Je zal me niet horen beweren dat de regionale regeringen schoolvoorbeelden van efficiënt bestuur zijn, maar op het federale niveau blijft de regering al te vaak ook echt in gebreke. Van de energievoorziening over het gebrek aan overheidsinvesteringen tot de vergrijzingsproblematiek: de federale overheid laat het op tal van domeinen ook echt afweten. Men slaagt er dus niet enkel niet in een daadkrachtige federale regering te vormen, er wordt gewoonweg ook te weinig kwaliteit geleverd aan de burgers.’

De laatste federale verkiezingen liggen intussen ook alweer een jaar achter ons. Is er in die periode eigenlijk iets wezenlijks veranderd?
‘Als we de coronacrisis even buiten beschouwing laten, vrees ik dat het antwoord op die vraag nee is. Al van bij het begin lagen er twee grote pistes op tafel: een regering mét of een coalitie zonder N-VA. Die twee pistes spelen nu al een jaar lang een soort kat- en muisspel.’

‘Hét grote probleem in dit land is dat politici niet durven te concluderen dat iets definitief mislukt is. We hebben de voorbije maanden tal van pogingen in allerlei richtingen zien stranden, maar de betrokkenen hebben nooit het lef gehad om open en duidelijk de enige mogelijke conclusie te trekken: deze piste moeten we nu definitief afsluiten. Zolang je constant alternatieven blijft zien omdat een welbepaalde optie niet definitief opgegeven is, durft niemand zich echt volledig in een andere richting te smijten. En zo draaien we dus al een jaar lang in cirkels.’

Twee electorale realiteiten

Misschien ligt de verklaring hiervoor ook gewoonweg in een soort van misplaatst voluntarisme. Politici willen het blijven proberen, al was het maar omdat ze niet willen besluiten dat ons politieke model echt op zijn laatste benen loopt?
‘Ik denk dat er best wel wat politici zijn die deze conclusie wél al getrokken hebben. En niet enkel binnen N-VA. Ook ik ben van oordeel dat we in twee verschillende electorale realiteiten leven. Misschien verschillen Vlamingen en Walen over heel wat thema’s nog niet eens zo fundamenteel van mening, maar de wijze waarop die opvattingen zich in het stemhokje vertalen is wél heel verschillend. In Vlaanderen zet het Vlaams Belang nu heel veel druk op de centrumrechtse N-VA, In Wallonië voelt de centrumlinkse PS de hete adem van de PTB in de nek.’

‘En dus is het ook niet zo verwonderlijk dat een coalitie met de twee grootste partijen van het land zo moeilijk ligt. De N-VA moet in zee gaan met een partij die in Vlaanderen als zeer links wordt beschouwd. En omgekeerd zou de PS een akkoord moeten afsluiten met een partij die in Wallonië dan weer als zeer rechts wordt weggezet. In die omstandigheden zouden politici het lef moeten hebben om de juiste conclusies te trekken.’

‘We slagen er in de huidige constellatie niet in om op het federale niveau nog een coalitie te vormen, dus moet er iets gebeuren. Misschien moeten we het kiesstelsel veranderen, of moeten we een vorm van confederalisme overwegen, maar zomaar blijven aanmodderen is echt geen optie meer. Binnen tien jaar vieren we het tweehonderdjarige bestaan van dit land. Pure symboliek, ik weet het, maar tegelijk is dit dus wel hét moment om dit fundamentele debat te voeren.’

Confederalisme

De hamvraag is natuurlijk of zo’n debat wel gevoerd kan worden? Een Vlaamse politicus die bijvoorbeeld de term confederalisme nog maar in de mond neemt, wordt aan de overkant van de taalgrens prompt tot persona non grata gedevalueerd.
‘Het ligt heel lastig, dat klopt, en daar zijn heel wat redenen voor. In eerste instantie is het puur institutioneel al bijzonder complex. Sinds de jaren zeventig zijn er in de grondwet een aantal grendels ingebouwd, waardoor je voor fundamentele systeemhervormingen sowieso het fiat van de Franstalige minderheid nodig hebt. Daar komt dan nog eens bovenop dat die Franstaligen ook vanuit sociaaleconomische overwegingen veel meer belang hebben bij het in stand houden van het huidige systeem en de daarbij horende financiële solidariteitsmechanismen. Je zit dus met een veto-speler die alle belang heeft bij het status quo.’

‘Welke Franstalige politicus durft naar zijn kiezers te trekken met de boodschap dat hij de facto wil meewerken aan de verarming van de Franstaligen? Last but not least  is ook de term confederalisme te veel besmet geraakt. In Wallonië wordt het woord rechtstreeks aan de N-VA gelinkt, een in hun ogen extreemrechtse en ronduit separatistische partij. Terwijl het confederalisme dat N-VA voorstelt vanuit academisch oogpunt zelfs nog geen echt confederalisme is: het is een ver doorgedreven federalisme. Het gaat immers niet om een verdrag tussen twee onafhankelijke staten.’

‘Intussen vinden heel wat Vlamingen een hervorming van het federalisme dan weer veel te soft: zij willen verder gaan, omdat ze vinden dat de huidige federale structuur niet werkt. En dus komen we tot de vaststelling dat we in het politieke jargon eigenlijk geen taal meer hebben om met elkaar in gesprek te gaan, zonder dat we puur omwille van de terminologie al meteen botsen.’

Hoe moet het dan verder?
‘We zouden bijvoorbeeld kunnen vertrekken van heel concrete beleidsdomeinen. Op welke vlakken staat de uiteenlopende situatie in noord en zuid vandaag een goed federaal beleid in de weg, en hoe boeken we daar dan efficiëntiewinsten? Zoals we bijvoorbeeld deden met ruimtelijke ordening, die heel verschillend is in Vlaanderen, Brussel en Wallonië.’

‘Daarnaast leven er natuurlijk ook fundamenteel andere visies op heel wat vlakken in beide landshelften. Want ook daar ligt het kalf gebonden: zelfs al zou het federaal niveau bepaalde uitdagingen een stuk efficiënter aanpakken, dan moeten zowel de Vlamingen als de Walen zich ook ideologisch nog in dat beleid herkennen. Een bijkomend probleem daarbij is dat bij de wat meer rechtse Franstalige partijen ook de angst leeft dat een verdere regionalisering van sommige bevoegdheden ook tot meer linkse accenten in het beleid zou leiden, omdat PS en Ecolo in Wallonië nu eenmaal heel sterk staan. En omgekeerd in Vlaanderen.’

Kritisch analyseren

Een aantal waarnemers is van oordeel dat we — ook na een jaar van politiek stilstand — niet al te veel kritiek moeten uitoefenen op de traditionele partijen die er de voorbije maanden niets van bakten. Vanuit het idee dat we extreemlinks en extreemrechts zo slapend rijk maken, of minstens het populisme voeden. Volgt u die redenering?
‘Nee, ik vind dat onzin. Het is onze taak de politiek in dit land kritisch te analyseren en te duiden, en ik voel me door die kritiek hoegenaamd niet aangesproken. Ik heb de voorbije weken inderdaad wel wat boze reacties gekregen van mensen die vonden dat ik te kritisch was voor het beleid, maar ik ontving ook complimenten.’

‘De pers en de academici moeten absoluut hun rol blijven spelen, onafhankelijk en onpartijdig. Wat niet betekent dat ik de last en de pijn van de traditionele partijen niet begrijp. Het scenario lijkt zich immers telkens opnieuw te herhalen: bij verkiezingen stemmen steeds meer mensen op radicale partijen. Vervolgens moeten de verzwakte traditionele partijen — waar ik dus ook de N-VA toe reken — samen een regering trachten te vormen. Dit lukt niet met die radicale partijen, omdat ze niet kunnen of niet mogen. Daaruit ontstaan dan telkens opnieuw grijze compromissen, waardoor het risico heel groot is dat de kiezer de traditionele partijen bij de volgende verkiezingen nogmaals afstraft, omdat hij vindt dat dit niet het beleid was waarvoor hij gekozen had. Met andere woorden: die traditionele partijen zwemmen almaar verder de fuik in.’

Hoe doorbreek je die zichzelf versterkende systematiek?
‘Je kan een fundamenteel ander politiek systeem proberen op te zetten, bijvoorbeeld gebaseerd op minder partijen en een minder proportioneel systeem. Al bots je daar dan weer op een ander probleem: wie moet die grondwet hervormen? De sowieso al afkalvende traditionele partijen moeten dan een hervorming goedkeuren die hen op korte termijn ook pijn kan doen, omdat er vele kleine koninkrijkjes zullen sneuvelen. De meeste politici zijn nog altijd liever baas in een partij van 8 procent dan dienaar in een partij van 18 procent. Zo’n diepgaande hervorming van ons politieke systeem gaat dus ook frontaal in tegen het eigen belang van vele politici.’

‘Daar staat tegenover dat we vandaag — postcorona — in een onuitgegeven situatie zitten. Op budgettair vlak moeten we voor het eerst in vele jaren geen rekening meer houden met de Europese drieprocentnorm. En wie nu aan de knoppen zit, krijgt een unieke kans om de relance in goede banen te leiden en de samenleving opnieuw vorm te geven.’

Herverkaveling

In een interview met Doorbraak pleitte kersvers Open Vld-voorzitter Egbert Lachaert voor een herverkaveling op rechts, in een poging opnieuw een sterker en groter centrumrechts blok te vormen in Vlaanderen. Heeft hij een punt?
‘Absoluut, rechts — maar ook links — stoppen nu veel tijd in het bekampen van elkaar. Omdat ze ook wel weten dat de meeste kiezers vooral overlopen van de ene rechtse partij naar de andere. Waardoor politici dus zoveel mogelijk de onderlinge verschillen tussen pakweg twee rechtse partijen in de verf proberen te zetten. Daardoor ontstaat dan een sterke onderlinge competitie.’

‘Nu, tien tot vijftien jaar geleden waren de kartels heel populair in Vlaanderen, maar ik geloof niet dat de traditionele partijen daar opnieuw naartoe willen. En ik zie Lachaert ook nog niet meteen voorstellen aan zijn partijbestuur om met CD&V en N-VA een nieuwe grote centrumrechtse partij te vormen. Ik zie dit enkel realiseerbaar als we de kieswet hier grondig hervormen in de richting van een soort meerderheidssysteem, waarbij je enkel met een voldoende hoge score nog kans maakt om aan de macht te komen. Maar nogmaals: politici beseffen heel goed wat de mogelijke gevolgen zijn van zo’n diepgaande hervorming, waarbij ze het risico lopen zichzelf deels buitenspel te zetten.’

Sleutel ligt bij PS

Acht u de kans reëel dat er op korte termijn alsnog een nieuwe regering komt, of komen er toch nieuwe verkiezingen?
‘De sleutel ligt grotendeels bij de PS, die zonder of met de N-VA kan besturen. N-VA is een partij die toch vooral moet besturen. Ik zie voor hen weinig toekomst weggelegd als een soort van Vlaams Belang light.’

‘Als beleidspartij zie ik voor hen nog altijd mogelijkheden in een regering met de PS. Op basis van een regeerprogramma waarin de nodige investeringen in de zorgsector en de sociale zekerheid hand in hand zouden gaan met zowel een rechtvaardige fiscaliteit — die vooral op hogere bijdragen van de grotere bedrijven zou mikken — als met investeringen en hervormingen die de veerkracht van de economie versterken. In combinatie met een duidelijk afsprakenkader om in 2024 extra bevoegdheden te regionaliseren. Iets waar ook sommige PS-toppers overigens wel oor naar hebben. Dan kan het nog lukken, maar de tijd begint wel te dringen: als er tegen medio september geen zicht is op een nieuwe regering, dan valt het doek en moeten we opnieuw naar de stembus.’

Dreigen nieuwe verkiezingen niet tot nog meer versnippering en nog meer onbestuurbaarheid te leiden?
‘Dat risico is absoluut niet denkbeeldig, dat klopt. De kiezer zou uit pure verontwaardiging de centrumpartijen nog meer de rug kunnen toekeren, maar dit kunnen we nu onmogelijk al voorspellen. Nieuwe verkiezingen hebben wel één ‘voordeel’, als je dat al zo mag omschrijven: de stok achter de deur van nieuwe verkiezingen valt dan definitief weg, terwijl die de voorbije maanden toch altijd nadrukkelijk aanwezig was. Maar voor alle duidelijkheid: zelf ben ik absoluut geen voorstander van die verkiezingen.’

Verborgen kost non-beleid

Heeft dit land sowieso nog een toekomst zonder diepgaande hervormingen?
‘Dit hangt er vooral van af hoe je die toekomst omschrijft. We kunnen ons blijven voortslepen en verder aanmodderen zoals we al jaren doen. Vergis je niet: voor heel wat mensen is dit al bij al nog een aanvaardbaar perspectief, omdat het hier door de bank genomen niet zo slecht leven is. Dit draagt er absoluut toe bij dat de politieke ellende nog min of meer geduld wordt.’

‘Tegelijk kan niemand ontkennen dat we echt wel nood hebben aan een aantal structurele hervormingen, willen we tot een goed functionerend land vervellen. De verborgen kost van het non-beleid in vele domeinen loopt steeds verder op — dat is de voorbije maanden ook pijnlijk duidelijk geworden — maar het valt nog te bezien of de coronacrisis echt tot een gamechanger zal uitgroeien. Voor ondernemers en zelfstandigen lijkt de maat nu echt wel vol, maar pakweg ambtenaren of het gros van de werknemers werden heel wat minder zwaar getroffen door die crisis. Mede daardoor zie ik momenteel ook geen algemene, brede opstand opborrelen tegen het beleid van de voorbije maanden.’

Slotvraag: voor de coronacrisis gingen er hier en daar stemmen op voor een expertenregering, als alternatief voor de aanmodderende politici. Lijkt die piste u vandaag nog aan de orde?
‘De voorbije maanden hadden politici niet enkel de expertise maar ook de legitimiteit en geloofwaardigheid van de experten nodig om bepaalde maatregelen door te duwen. Gaandeweg hebben we evenwel geleerd dat die experten vaak net zo verdeeld zijn als de politici zelf, en dat ze zelf ook een eigen agenda hebben.’

‘Ik vond het bijzonder onverstandig dat sommige experten zeer gretig in het communicatiegat doken dat politici lieten vallen, waardoor ze plots buiten hun echte expertise belandden en min of meer gewone burgers met een mening of halve politici werden. Buiten hun expertise dus. Ik hoorde hier en daar van politici dat ze bijvoorbeeld Marc Van Ranst zo beu waren als koude pap, maar dat ze in het openbaar geen afstand durfden te nemen van hem.’

‘Nee, ik hoop dat we nu allemaal geleerd hebben dat een regering van experten écht geen goed idee is. Politici zullen nooit toelaten dat experten in de volgende regering het armoede- of fiscaal beleid uittekenen.’

Filip Michiels

Filip Michiels is zelfstandig journalist.