JavaScript is required for this website to work.
Religie

Ex-katholieken

Het ongeloof beleeft een diepe crisis

ColumnRik Torfs28/3/2026Leestijd 3 minuten
In het verleden hadden ex-katholieken heel wat in hun mars.

In het verleden hadden ex-katholieken heel wat in hun mars.

foto © Wikimedia/Doorbraak

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Neem zelf ook een abonnement en lees alle plus-artikelen én ons driemaandelijks magazine.

Ik neem ook een abonnement

Hendrik VIII en Johannes Calvijn waren ex-katholieken. Ze hadden daar goede redenen voor. Hendrik VIII was boos omdat de Rooms-katholieke Kerk zijn zoonloos huwelijk met Catharina van Aragon niet ongeldig wilde verklaren. Dat verhinderde hem te hertrouwen met zijn vriendin (in die tijd nog maîtresse genoemd) Anna Boleyn. Uiteindelijk brak hij met Rome. En nam Anna Boleyn tot zijn gemalin. Later liet hij haar onthoofden, in onze tijd een minder gebruikelijke manier om een huwelijk te beëindigen.

Calvijn verliet de Kerk omdat hij bezwaren had tegen haar bijgeloof en machtsmisbruik. Sola scriptura, vond hij, enkel de Schrift geniet de hoogste autoriteit. Wat niet belette dat hijzelf later verantwoordelijk was voor heel wat executies in Genève, ofschoon te weinig om juridisch-technisch van een genocide te kunnen spreken.

Kortom, in het verleden hadden ex-katholieken heel wat in hun mars. Ze wisten precies waarom ze de kerk de rug toekeerden. Na hun vertrek boetten ze geenszins aan daadkracht in en oogstten ze succes.

Om politieke redenen hoeft niemand de kerk nog te verlaten

Helaas, vandaag zijn ex-katholieken van een ander allooi. Om politieke redenen hoeft niemand de kerk nog te verlaten. Alvast bij ons is haar macht onbestaande, behalve in de fantasie van hoogbejaarde papenvreters. Om haar wegens inhoudelijke redenen te verlaten, is dan weer enige religieuze geletterdheid vereist. En die wordt zeldzaam. Op dat vlak beleven we in onze samenleving een periode van ‘achteruitschrijdend’ inzicht.

Studio Brussel

Daaraan dacht ik toen Sam De Bruyn, een van de drie Studio Brussel-gezichten die deze week in het nieuws kwamen na het stukslaan van heiligenbeelden, meldde dat hij ‘katholiek was opgevoed’. Ik twijfelde ogenblikkelijk aan beide componenten. Opgevoed? Dan klop je toch niet met een hamer op plaasteren beelden, zoals je evenmin het geliefde theeservies van oma door het raam kiepert of de autoruit van je buurman vernietigt, zelfs al heeft hij nog altijd een lidkaart van Groen.

En katholiek? Vaak betekent het enkel dat de betrokkene ooit werd gedoopt, misschien zijn eerste communie deed, mogelijk het vormsel ontving. Maar inhoudelijk was er nooit enige betrokkenheid noch kennis die verder ging dan simplistische clichés over kruistochten, inquisitie en onkuise priesters in slecht verlichte sacristieën. Dat alles vaak ondanks of dankzij jaren aan godsdienstonderwijs.

De hippe lieden van StuBru vertoonden een gapende levensbeschouwelijke leegte

Van een ex-katholiek verwacht je een alternatief. Anna Boleyn. Of sola scriptura. Maar juist dat ontbreekt. De hippe lieden van StuBru vertoonden, in hun internationaal gretig beluisterde interview met een Ierse katholieke journalist, een gapende levensbeschouwelijke leegte, een woestijnachtige oppervlakkigheid die me plots beter deed begrijpen waarom zovelen in onze tijd mentaal lijden onder een gevoel van zinloosheid. Achter opgeklopte joligheid schuilt vertwijfeling. Meer zelfs, als er geen joligheid meer is, blijft enkel het absolute niets.

Crisis van het ongeloof

Ik beweer niet dat jongeren weer gelovig of katholiek moeten worden, al kan ik dat van harte aanbevelen. Maar overduidelijk beleven we een diepe crisis van het ongeloof. Het mist inhoudelijk allure. Velen, vaak late 30 of 40’ers, zijn er het slachtoffer van. Er is werk aan de winkel voor ex-katholieken. Al is het natuurlijk ook katholieken toegestaan om diep na te denken. Sommigen vergeten dat, ook als ze geen bisschop zijn.

De vreugde van het nadenken zou tussen katholieken en ex-katholieken voor ‘verbinding’ moeten zorgen, om dat polariserende woord voor een keer toch te gebruiken.

Guy Verhofstadt

Het doet mij denken aan een gesprek dat ik met Guy Verhofstadt had op 1 juli 2010. Die dag verdedigde zijn broer Dirk zijn doctoraat aan de UGent. Ik maakte deel uit van de jury. Het werd een buitengewoon hete dag, enkel toe te schrijven aan de weersomstandigheden. Tijdens de receptie in de tuin raakte ik in gesprek met onze oud-premier. Algauw verzekerde hij mij dat hij ongelovig was, om te verhinderen dat ik het tegendeel zou gaan vermoeden. Hij vond het blijkbaar heel belangrijk dat daarover geen twijfel kon bestaan. Ofschoon hij niet verder toelichtte waaruit zijn ongeloof precies bestond.

‘Bent u gedoopt?’, vroeg ik hem. ‘Gedoopt, ja dat wel’, zei hij met de lichtjes neerbuigende glimlach van iemand die kijkt naar sepiakleurige foto’s uit het rurale Vlaanderen dat we zo succesvol achter ons hebben gelaten.

‘Als u gedoopt bent, zal de genade van God u nooit meer verlaten’, antwoordde ik.

Vreemd genoeg leken mijn troostende woorden hem geen enkele vreugde te schenken.

Rik Torfs is Belgisch hoogleraar emeritus aan de KU Leuven, kerkjurist, oud-rector van de KUL, bekend mediafiguur, voormalig christendemocratisch politicus en bekende twitteraar.

Meer van Rik Torfs

Altijd wordt gewezen op het gevaar van wat wordt verboden, nooit op het gevaar van het verbod. Nochtans kan dat een rem zijn op elke levensvreugde.

Commentaren en reacties