fbpx


Communautair, Politiek

Hoe scherp is Alexanders zwaard?

Kan De Croo wat De Grote kon?


staatshervorming

België met vier deelstaten. Het lijkt een zotternij. En dat is het ook. Een land van 11,5 miljoen inwoners opdelen in deelstaten van ongeveer 6,5 miljoen (meer dan 50%), 3,5 miljoen (ongeveer een derde), 1,3 miljoen (ongeveer 10%) en 100.000 inwoners (<1%). Dat is politiek surrealisme. Wordt dat de ‘definitieve oplossing’ van Vivaldi? Zal het de Belgische knoop ontwarren of nog strakker trekken?

Drama wordt farce

De geschiedenis herhaalt zich, eerst als drama, dan als farce. Een paarse coalitie die op zoek gaat naar de ‘definitieve staatshervorming’. Dat klinkt inderdaad bekend.

Wat ook bekend klinkt is volgend riedeltje: de staatshervorming moet ons leiden naar een nieuwe structuur, geen aanpassing. We moeten vertrekken van een leeg blad. Of we moeten onderhandelen zonder taboes. Dat klinkt allemaal geweldig, maar het gebeurt nooit. Alsof de Vivaldisten ook open en eerlijk de — taboeloze — opsplitsing van het land als mogelijkheid op tafel zullen leggen. Dat zal niet gebeuren.

Annelies aan de unief

Dat bleek nog eens heel duidelijk bij de reacties op het openingscollege dat minister van Binnenlandse Zaken Annelies Verlinden (CD&V) gaf aan de UGent. Je moet het Carl Devos nageven, hij slaagt er altijd in nieuws te maken met zijn openingscolleges.

Verlinden pleitte voor een 2+2-model. Een België met twee deelstaten en daarnaast nog twee entiteiten met een specifiek statuut. Die laatste zijn Brussel en de Oostkantons, ook bekend als de Duitstalige Gemeenschap.

Terug naar 1999

Wat Verlinden zei was niets meer of minder dan wat ongeveer in de Vlaamse resoluties staat van het Vlaams Parlement uit 1999 (goedgekeurd met 98 ja, 1 neen (Christian Van Eyken (UF) en 7 onthoudingen (Agalev)). ‘Het federale staatsmodel dient gebaseerd te zijn op een fundamentele tweeledigheid op basis van twee deelstaten, met daarnaast Brussel met een specifiek statuut en de Duitstalige Gemeenschap’.

Dat gaf de toenmalige consensus weer in de Vlaamse politiek. Niet dat het federaal veel betekende. Vandaag is er een commissie in het Vlaams Parlement die opnieuw die oefening wil maken. Een Vlaamse consensus zoeken over de richting die een staatshervorming uit moet. Dat wordt een veel moeilijkere politieke evenwichtsoefening.

Verknoopt land

Buiten het misbaar van politiek Franstalig en soms ook Nederlandstalig Brussel, bots je hier al op een eerste knoop. Deelstaten? Bedoel je Gewesten? Zo zijn er drie. Of Gemeenschappen? Zo zijn er ook drie, maar die vallen niet samen met de Gewesten. Die verwarring, onduidelijkheid en versnippering zit in het systeem ingebakken.

Traditioneel kan je zeggen dat de Franstaligen de Gewesten zien als model voor de deelstaten. Brussel is dan een ‘volwaardig Gewest’. Dat is het ook, aan een financieel infuus, maar goed. Daar de Oostkantons als vierde bijnemen, dat hoeft geen probleem te zijn. Die zijn – als Gemeenschap – nu onderdeel van het Waals Gewest en kregen al gewestbevoegdheden.

Vlaanderen is deelstaat

Vlaanderen zet, volgens de consensus van 1999, in op de tweeledigheid: de Gemeenschappen. Even abstractie makend van de 1% Oostkantons dan. De nadruk ligt op een speciaal statuut voor Brussel. België met Vier klinkt als een nieuw politiek slim idee. Een uitweg uit die impasse van Gewesten en Gemeenschappen. Het idee is simpel: de structuur met gewesten en gemeenschappen wordt vervangen door vier territoriaal afgebakende deelstaten: Vlaanderen, Wallonië, Brussel en Duitstalig België. Elk van die vier deelstaten wordt dan bevoegd voor zowel gewest- als gemeenschapsaangelegenheden. Slim.

Er is paradoxaal genoeg één deelstaat waarin Gewest en Gemeenschap samenvallen, zoals in dat België met vier. Dat is Vlaanderen. Als het Paul Magnette (PS) echt menens is met zijn model, dan kan hij beginnen met een interne staatshervorming in Wallonië. Er is daar nog altijd een Gewest- en Gemeenschapsregering. Als die één worden, is dat al één minister minder op het overlegcomité.

Voor- en nadelen

Zo’n model heeft het voordeel van de duidelijkheid. En hoewel het al sinds de jaren 1990 wordt gepromoot klinkt het vandaag hip. Meer en meer Vlaamse partijen lijken ervoor gewonnen. Pas op, het kan voordelen hebben. Het ontwart vele knopen en verstrengelingen. Daarnaast is het model makkelijker om snel meer bevoegdheden van federaal naar de deelstaten over te hevelen. Het maakt zelfs de splitsing eenvoudiger.

Daar tegenover staat dat de band tussen Brussel en Vlaanderen helemaal wordt doorgeknipt. Brussel kan in dit model de hoofdstad van Vlaanderen niet zijn. Bovendien ontstaat op Belgisch niveau een situatie waarbij Vlaanderen als meerderheid wordt geminoriseerd als drie tegen één. De vraag moet zijn of die nadelen opwegen tegen de voordelen.

Alles komt samen in Brussel

Objectief gezien lijkt het duidelijk. Vlaanderen met Brussel is beter dan Vlaanderen zonder Brussel, zeker naar internationale uitstraling. Dat geldt trouwens zowel voor Vlaanderen als voor Brussel. Maar Vlaanderen is Brussel al kwijt. In al die jaren slagen we er zelfs niet in om iets simpel als de taalwetten door openbare besturen te doen naleven in Brussel. Gemeenten leggen er met steun van het Gewest de wet naast zich neer. Niemand grijpt in.

Er is wel een maar. In dit scenario zou ook Wallonië alle invloed en inspraak in Brussel verliezen. De vraag is of dat wel in de plannen van Magnette staat. Waarom hebben die hun Gemeenschap Fédération Wallonie-Bruxelles genoemd denkt u? Wallonië en Vlaanderen willen allebei meebeslissen in Brussel.

Veel blabla

Zo wordt dat frisse ideetje plots niet meer dan een Potemkin-staatshervorming. Een mooie nieuwe blinkende façade: België telt vier deelstaten. Maar de achterliggende koterijen blijven, in al hun uitgewoonde ingewikkeldheid. Zeker in Brussel.

Over een jaar of tien herhaalt het hele verhaal zich. Er komt een nieuw klinkend idee, taboeloos onderhandelen, een leeg blad, wat pathetiek. De voorzitters trekken het naar zich toe en komen in een onderhandelingslogica. Ze zwemmen in de fuik van de compromissen zonder langetermijnvisie. Er volgt een staatshervorming die de logica van het compromis niet overstijgt. In de oplossingen liggen dan de kiemen voor over nog eens een jaar of tien.

Voor de Belgische knoop is een Alexander nodig, eentje met een scherp zwaard. De vraag is of De Croo kan wat De Grote kon. Met een botte siersabel ben je niets.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

[ARForms id=103]

Pieter Bauwens

Pieter Bauwens is sinds 2010 hoofdredacteur van Doorbraak