fbpx


Geschiedenis

De Kapp-putsch: ‘politieke piraat’ grijpt de macht




Een 'eenheidsfront van alle nationaalgezinde krachten' tot stand brengen, dat was de bedoeling van de 'Nationale Vereinigung' die Wolfgang Kapp, de bestuurder van Oost-Pruisen, in oktober 1919 mee oprichtte. Voormalig rijkskanselier Theobald von Bethmann Hollweg had Kapp drie jaar daarvoor nog een 'politieke piraat' genoemd omdat hij de 'onbeperkte duikbootoorlog' tegen Groot-Brittannië voorstond. De toenmalige kanselier besefte maar al te goed dat een 'uneingeschränkter U-Boot-Krieg' het risico inhield Amerika de oorlog binnen te trekken. Kapp zelf leerde niet bij. Hij…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Een ‘eenheidsfront van alle nationaalgezinde krachten’ tot stand brengen, dat was de bedoeling van de ‘Nationale Vereinigung‘ die Wolfgang Kapp, de bestuurder van Oost-Pruisen, in oktober 1919 mee oprichtte. Voormalig rijkskanselier Theobald von Bethmann Hollweg had Kapp drie jaar daarvoor nog een ‘politieke piraat’ genoemd omdat hij de ‘onbeperkte duikbootoorlog’ tegen Groot-Brittannië voorstond. De toenmalige kanselier besefte maar al te goed dat een ‘uneingeschränkter U-Boot-Krieg‘ het risico inhield Amerika de oorlog binnen te trekken. Kapp zelf leerde niet bij. Hij was een nationalistische scherpslijper die de geschiedenis zou ingaan als de naamgever van een mislukte putsch in het Duitsland van vlak na de Eerste Wereldoorlog.

Dolkstootlegende

Duitsland wilde na de ‘novemberrevolutie’ van 1918 maar niet tot rust komen. Overal braken opstanden van arbeiders en soldaten uit. In München werd zelfs in april 1919 een ‘Sovjetrepubliek‘ opgericht. Freikorps, paramilitaire verbanden, waren betrokken bij lokale crises.

De winnaars van de Eerste Wereldoorlog presenteerden het verslagen Duitsland op 28 juni 1919 een gepeperde rekening: het Verdrag van Versailles. Het moest één zevende van zijn grondgebied afstaan (aan Frankrijk, Polen, Denemarken en België) en miljardenhoge reparatiebetalingen ophoesten. Bovendien werd het met de Alleinschuld opgezadeld — als zou alleen Duitsland schuldig geweest zijn aan het uitbreken van de voorbije wereldoorlog.

Dat Duitsland ‘verslagen’ zou geweest zijn, daar wilden de Duitse nationalisten niet van weten. Op 18 november 1919 verklaarden Paul von Hindenburg en Erich Ludendorff — de kopstukken van de legerleiding tijdens de oorlog — voor een onderzoekscommissie van de Reichstag, het nationale parlement, dat de Duitse troepen ten tijde van de wapenstilstand ‘im Felde unbesiegt‘ (onverslagen op het slagveld) waren en dat de burgerlijke regering hen een dolkstoot in de rug had geplant.

Zo was de ‘Dolchstoßlegende‘ geboren: ze zou als een zware hypotheek wegen op de Republiek van Weimar (1919-’33). De stichters daarvan — voornamelijk de sociaaldemocraten (SPD) — golden als verraders in de ogen van de ‘Deutschnationale‘, de ‘Völkische‘ en de conservatieve delen van de burgerij. Voor de leden van de Nationale Vereinigung was de verklaring van de generaals een moreel duwtje in de rug in hun strijd tegen de gehate republiek. De materiële basis voor hun agitatie vormden de Freikorps.

Brigade Erhardt

Het Verdrag van Versailles trad op 10 januari 1920 in voege. Een van de verdragsbepalingen betrof de reducering van de Duitse landmacht, de ‘Reichswehr‘, tot 100 000 soldaten. Dat betekende dat de Freikorps moesten ontwapend worden. Een daarvan was de vlak bij Berlijn gestationeerde Marinebrigade Erhardt, drieduizend man sterk.

Infanteriegeneraal Walther Freiherr von Lüttwitz verzette zich tegen de ontwapening van de Freikorps en die van de marinebrigade eind februari in het bijzonder. Daarop werd hij door Reichswehrminister Gustav Noske (SPD) wegens insubordinatie ontslagen. Voor de Nationale Vereinigung was de van hogerhand bevolen ontbinding van de Marinebrigade Erhardt de aanleiding om tot handelen over te gaan. Versta: de regering ten val te brengen en de macht over te nemen.

Grondwet

In de nacht van 12 op 13 maart 1920, precies honderd jaar geleden, zette de brigade zich in beweging richting centrum van Berlijn. Noske beval de Reichswehr, het reguliere leger, de brigade aan het Landwehrkanal manu militari te stoppen. Generaal Hans von Seeckt weigerde gevolg te geven aan dit bevel. ‘Truppe schießt nicht auf Truppe‘, zou hij gezegd hebben.

Rijkspresident Ebert en rijkskanselier Gustav Adolf Bauer namen om zes uur ’s morgens de benen naar Dresden, om later naar Stuttgart door te reizen. Geheimraad Arnold Brecht bleef met staatssecretaris Albert achter in de Reichskanzlei.

Brecht vertelde vele jaren later in een interview in 1975 wat er zich die ochtend afspeelde bij de binnenkomst van de putschisten. Op hun vraag of hij bereid was voor de rijkskanselier te werken, had hij gezegd: ‘Dat doe ik al’. Waarop een van de putschisten zei: ‘We bedoelen de huidige rijkskanselier Kapp.’ De jurist Brecht antwoordde gevat:

Der ist nicht Reichskanzler. Reichskanzler ist Bauer nach der Verfassung. Ich trage meinen Eid nicht so in den Händen wie Ihre Leute die Handgranaten, ich habe einen Eid auf die Verfassung geschworen.

[‘Die is niet rijkskanselier. Rijkskanselier is Bauer in overeenstemming met de grondwet. Ik draag mijn eed niet zo in mijn handen zoals uw mannen hun handgranaten, ik heb een eed op de grondwet afgelegd.’]

Algemene staking

Kapp, die nu op de stoel van de rijkskanselier zat, riep een ‘neue Regierung der Ordnung, der Freiheit und der Tat‘ uit. Op diezelfde 13de maart lanceerde Ebert een oproep ‘An das deutsche Volk!‘ om de staatsgreep te veroordelen. Met of zonder weten van Ebert en Bauer stelde ook Ulrich Rauscher, de perschef van de Reichskanzlei, een tekst op waarin hij opriep tot een ‘Generalstreik‘, een algemene staking.

De vakbonden volgden die oproep, het openbare leven in heel Berlijn kwam tot stilstand. Ook de ambtenarij weigerde de instructies van de illegitieme kanselier Kapp te volgen. Kapp had geen been meer om op staan. Op 17 maart gaf hij er de brui aan. De eerste putsch op nationale basis was verzand.

Haat van links en rechts

In het Ruhrgebied, het industriële hart van Duitsland, bleef de onrust duren. Een ‘Rote Armee‘ benutte de algemene staking om op haar beurt, nu van links dus, tegen de republiek te revolteren. De rijksregering, die weer in haar macht was hersteld, moest een beroep doen op Reichswehr én Freikorps om de opstand in het Ruhrgebied neer te slaan.

Dat was de paradox: de arbeidersbeweging had de regering van sociaaldemocraten (SPD), katholieken (Zentrum) en linksliberalen (DDP) gered uit de klauwen van Kapp en Lüttwitz, maar nu zette diezelfde regering-Bauer de Reichswehr in tegen de linksradicale oppositie. Het vertrouwen in de regering was zoek: bij vervroegde verkiezingen in juni 1920 tuimelde de SPD van 37,9% naar 21,6%. De woelige beginjaren van ‘Weimar’ toonden het dilemma van de SPD: vanuit een groot verantwoordelijkheidsbesef bestuurde ze de republiek en verdedigde ze de democratie, maar haalde zich tegelijkertijd de haat van de radicalen van zowel links als rechts op de hals. ​

Dirk Rochtus

Dirk Rochtus is hoofddocent internationale politiek en Duitse geschiedenis.