fbpx


Binnenland, Politiek

Klein loflied op het kabinet

Afschaffen zou foute keuze zijn


politiek

Ik weet het: dit is vloeken in de kerk van de opinio popularis. En toch. Toch wil ik hier een klein loflied zingen op het ministeriële kabinet. De aanleiding daartoe vond ik in het standpunt ‘Buiten de Grondwet treden is de enige uitweg uit de crisis’ van Doorbraak-hoofdredacteur Pieter Bauwens (20 juni). In het artikel – een overigens degelijke analyse van de blokkering van het Belgische politiek systeem – somt hij de ingrediënten op van broodnodige institutionele en andere, ‘politiek…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Ik weet het: dit is vloeken in de kerk van de opinio popularis. En toch. Toch wil ik hier een klein loflied zingen op het ministeriële kabinet. De aanleiding daartoe vond ik in het standpunt ‘Buiten de Grondwet treden is de enige uitweg uit de crisis’ van Doorbraak-hoofdredacteur Pieter Bauwens (20 juni). In het artikel – een overigens degelijke analyse van de blokkering van het Belgische politiek systeem – somt hij de ingrediënten op van broodnodige institutionele en andere, ‘politiek hygiënische’ hervormingen. Een daarvan is de ‘afschaffing van de kabinetten’.

Bloemkool

Enkele weken eerder tapte gewezen-maar-nog-altijd journalist Guy Tegenbos uit hetzelfde vaatje. ‘In heel de wereld kunnen ministers regeren zonder kabinetten, alleen de Belgische ministers zijn daartoe niet bekwaam en hebben een hele hofhouding van partijgenoten nodig’, schreef hij in zijn column in De Standaard (27 mei). En in een map met knipsels van de voorbije maanden vind ik nog een opiniestuk waarin Leo Neels het heeft over ‘de particratie, die […] dure kabinetten verzint om de normale werking van de administraties te belemmeren’ (De Standaard, 29 november 2019).

Siegfried Bracke signaleerde hier op 23 juni het ‘eeuwige probleem van de politieke journalistiek’: ‘Ze hebben het over politiek alsof ze zouden moeten schrijven over bloemkool zonder die groente ooit te hebben gegeten. Ze kennen de geschiedenis, de samenstelling, de bereidingswijze, enz. Maar nooit hebben ze bloemkool gegeten.’

Boren in harde planken

Ik vrees een beetje dat wie schrijft over de afschaffing van kabinetten een zelfde probleem heeft: hij of zij heeft nooit op een kabinet gewerkt (voor Guy Tegenbos is dat niet het geval, en des te meer verbaast het mij dat ook hij vindt dat een minister zonder ‘hofhouding’ kan).

In de periode (2005-2006) waarin De Tijd een nieuwe eigenaar kreeg, de vleugels van de binnenlandredactie geknipt werden en het journalistieke vak mij minder voldoening gaf, opende zich de deur om naar het kabinetsleven te stappen. Bijna zeven jaar heb ik voor verscheidene ministers gewerkt, zowel op het Vlaamse als op het federale beleidsniveau, en zodoende een portie ‘bloemkool’ gegeten. Siegfried Bracke heeft gelijk. Sindsdien kijk ik (nog) anders tegen het politieke bedrijf aan dan ik als journalist deed, besef ik nog meer dat politiek, om Max Weber te citeren, ‘een krachtig, langzaam boren is in harde planken’.

Onwelvoeglijk

Als ‘Wetstraatjournalist’ had ik al gezien dat een kabinet voor een minister niet onbelangrijk is. Voor zover ik mij herinner en mijn archief volledig is, heb ik nooit ervoor gepleit om ze af te schaffen. Op grond van zeven jaar kabinetsleven ben ik er meer dan ooit van overtuigd dat een minister niet zonder kabinet kan.

Zeer zeker is er een tijd geweest dat de omvang, de kostprijs en het nepotisme bij de ‘bemensing’ van een kabinet, alsook het werk dat kabinetsmedewerkers voor de partij deden, de grenzen van het welvoeglijke overschreden.

‘De kabinetten […] kenden een buitensporige aanwas in de jaren 1970 en 1980. De politisering van de ambtenarij, het hieruit voortkomende wantrouwen tussen politiek en administratie en de toenemende druk van de politieke partijen zorgden voor een vicieuze cirkel waarbij de kabinetten steeds groter en belangrijker werden. Op hun hoogtepunt vormden de kabinetten waarachtige schaduwadministraties’, schrijft Florian Daemen in zijn ‘onderzoeksrapport’ voor Archiefbank Vlaanderen (2019) met het oog op de vorming, verwerving en waardering van kabinetsarchieven (aanbevolen lectuur voor wie zich wil informeren over ontstaan, groei en status van het kabinet).

Afgeslankt

Sinds de jaren 1990 is een en ander toch wel ten goede gekeerd.

De ministeriële kabinetten zijn behoorlijk afgeslankt. Waren er in 1987 in de Vlaamse kabinetten 1.017 mensen tewerkgesteld (bron: rapport-Daemen), dan mogen de ministers van de regering-Jambon samen nog maar 303 ‘voltijdse eenheden’ in dienst hebben. Indien de helft van die betrekkingen halftijds wordt ingevuld, gaat het om 450 personen.

Kabinetten zijn geen ‘schaduwadministraties’ meer. Ik heb gehoord, gezien en kunnen ervaren dat kabinetten nauw samenwerken met de ambtenarij, dat die samenwerking door de bank vlot en voorbeeldig verloopt, en dat ambtenaren een ruim aandeel hebben in de beleidsvoorbereiding en -vorming. Dat kabinetten de normale werking van de administratie zouden belemmeren, is een ongegronde bewering.

Veelomvattende job

Kunnen ze dan niet helemaal verdwijnen, op een klein persoonlijk secretariaat en een woordvoerder na? Kunnen ambtenaren niet gewoon alle taken van de kabinetschef en de raadgevers van de minister opnemen? Neen, dus.

Precies omdat de ‘job’ van een minister (M/V) ruimer dan beleidsvoorbereiding en zo veelomvattend en veelvoudig is, heeft hij een kabinet nodig. Hij heeft van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat zo veel te doen en zo veel om het hoofd, dat hij maar minister kan zijn omdat hij medewerkers heeft die niet enkel de eigen maar ook andere (en indien het een regeringsleider is: alle) beleidsdomeinen opvolgen, die het wekelijkse regeringsberaad en andere vergaderingen voorbereiden, die documenten lezen en samenvatten, die nota’s en andere teksten schrijven, die antwoorden op parlementaire en andere vragen, die bezoekers ontvangen, enzovoort, enzovoort.

Ideologische convergentie

Zeker: vanuit hun (vak)bekwaamheid zouden ook ambtenaren die taken kunnen doen. Expertise is evenwel een noodzakelijke, maar geen voldoende voorwaarde. Een minister moet een medewerker ten volle kunnen vertrouwen en een medewerker moet ten volle loyaal zijn aan ‘zijn’ minister. Het moet, anders gezegd, tussen hen ‘persoonlijk klikken’ en er moet ‘ideologische convergentie’ zijn (wat, daar hebben critici een punt, nog te vaak vertaald wordt als: een partijkaart hebben).

Daarom moet een minister zijn medewerkers vrij kunnen kiezen. Wanneer hij verplicht zou zijn voor al het kabinetswerk een beroep te doen op ambtenaren, zouden dat volle vertrouwen en die volle loyaliteit niet altijd en niet onvoorwaardelijk gegarandeerd zijn. Van een ambtenaar kan en mag men trouwens niet verwachten dat het met elke minister van om het even welke partij ‘persoonlijk klikt’ en ‘ideologisch convergeert’.

Een eeuwig raadsel

Geloof het van iemand die ‘bloemkool heeft gegeten’: zonder een schare nauwe medewerkers kan een minister het niet rooien. Het is en blijft mij een eeuwig raadsel hoe een regeringslid het in ‘kabinetsloze’ landen het wél kan schaffen.

Kunnen de kabinetten niet nog wat meer afslanken? Wellicht. Kan niet een nog groter deel van het beleidsvoorbereidend en -vormend werk door de administratie gebeuren?  Waarschijnlijk. Valt er niet nog wat meer te besparen op de werkingskosten van de kabinetten? Ongetwijfeld.

Maar de kabinetten afschaffen, neen, dat gaat niet.

Een toemaatje

Nog dit: op 16 februari was het twintig jaar geleden dat premier Guy Verhofstadt (VLD) en minister van Ambtenarenzaken Luc Van den Bossche (SP) de afschaffing van de kabinetten aankondigden, als onderdeel van de paars-groene Copernicushervorming van de federale overheid. Ze zouden vervangen worden door beleidsvoorbereidende cellen in de administratie; een minister zou enkel nog een klein persoonlijk secretariaat hebben.

In juni 2000 konden 8,3 miljoen Belgen van 16 jaar en ouder daar hun mening over geven. Hoewel de uitslag van die twee miljoen euro dure ‘volksraadpleging’ nooit is meegedeeld, raakte bekend dat twee derde van de ruim 800.000 deelnemers aan de enquête akkoord ging met het paars-groene plan.

Het vervolg is genoegzaam bekend: de federale kabinetten bestaan nog steeds en in dezelfde vorm, alleen heten ze nu ‘Beleidscel en Secretariaat van de minister’.

Mark Deweerdt

Mark Deweerdt (1952) was journalist bij De Standaard en De Financieel-Ekonomische Tijd/De Tijd, en schreef als kabinetsmedewerker toespraken en teksten voor Yves Leterme, Kris Peeters, Herman Van Rompuy en Geert Bourgeois.