fbpx


Communautair, Geschiedenis
koningskwestie

‘Laaghartige aanvallen van een meute honden’

Zeventig jaar na de Koningskwestie



‘Schaar u rond de krijgsgevangen koning. Blijf hem trouw. Hij vertegenwoordigt het vaderland voor u.’ De woorden zijn van Paul-Henri Spaak en dateren van 10 mei 1941. Spaak zat dan in Londen, waar hij via een helse tocht doorheen Frankrijk, over de Pyreneeën en via Franco-Spanje was geraakt. Negen jaar later bleven zijn woorden weerklinken. Toen werd de Belgen in een referendum gevraagd of Leopold III terug zijn grondwettelijke machten mocht uitoefenen, of niet. Morgen, 12 maart, is het zeventig…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


‘Schaar u rond de krijgsgevangen koning. Blijf hem trouw. Hij vertegenwoordigt het vaderland voor u.’ De woorden zijn van Paul-Henri Spaak en dateren van 10 mei 1941. Spaak zat dan in Londen, waar hij via een helse tocht doorheen Frankrijk, over de Pyreneeën en via Franco-Spanje was geraakt.

Negen jaar later bleven zijn woorden weerklinken. Toen werd de Belgen in een referendum gevraagd of Leopold III terug zijn grondwettelijke machten mocht uitoefenen, of niet. Morgen, 12 maart, is het zeventig jaar geleden dat het bewuste referendum de diepe verscheurdheid van België toonde.

Verbannen Leopold

Leopold was op 7 juni 1944 op bevel van Himmler weggevoerd naar Duitsland. Op 11 juni voegde prinses Lilian zich met de kinderen bij haar echtgenoot. De nazi’s kregen het op hun heupen van de Belgische vorst, die maar bleef protesteren tegen de deportaties uit België. Net voor zijn verbanning had Leopold een politiek testament geschreven. Met dat document ging hij op ramkoers met de regering in ballingschap in Londen.

Twee maanden later is België bevrijd. Op 3 en 4 september rolden de tanks van de geallieerden door de straten van Brussel en Antwerpen. Een paar dagen eerder was Doornik bevrijd. De Belgische regering in Londen keerde terug op 8 september en ging snel weer over tot de orde van de dag. Politiek en cultureel kunnen we amper van een cesuur spreken. In de meeste West-Europese landen drong zich een grondige hertekening van het politieke en institutionele landschap op. Niet in België. België had andere kopzorgen…

Politiek testament

Leopold had een politiek testament opgesteld met het licht op zijn verbanning. Daarin had hij opgesomd hoe de niet-verkozen prominenten het land moesten leiden bij zijn afwezigheid. In de driedelige Nieuwe geschiedenis van België lezen we: ‘De tekst blijkt een ware tijdbom te zijn en verstoort grondig de verhouding tussen koning en regering.’ .

De Koningskwestie is nu echt een feit. Leopold III wou doorregeren tijdens de bezetting en vond dat ‘zijn’ ministers zich negatief over hem hadden uitgelaten. De internationale verbintenissen die de regering in Londen was aangegaan, ‘in het bijzonder die over de levering van grondstoffen, waaronder uranium’ verwierp de koning. Zijn argument: ‘dat volgens de grondwet een verdrag geen enkele waarde heeft indien het niet de koninklijke handtekening draagt.’ Leopold III had cavalier seul gespeeld. En dat zou hem zijn kop kosten.

De bevolking — nog in trance van de bevrijding — lijkt al snel verdeeld over de rol van de monarch tijdens de bezetting. Was hij ‘le premier incivique’ of de laatste die verzet pleegde? De drie klassieke breuklijnen die Luc Huyse zo magistraal beschreef in De gewapende vrede kwamen in dit conflict samen te liggen: links/vrijzinnig/Franstalig versus rechts/katholiek/Vlaams. Communautair en ideologisch verscheurde de koningskwestie het land.

Prins-regent

Op 20 september 1944 wordt prins Karel regent van België. Nog tijdens de oorlog, hadden de Britten al hun oog laten vallen op de jongere broer van Leopold. De geallieerden wilden voorkomen dat een eventuele terugkeer van Leopold de politieke crisis in België zou verergeren.

Toch verliep de aanstelling van Karel niet van een leien dakje. In de eerste ronde onthielden de socialisten zich uit principiële — republikeinse — overwegingen. In een tweede ronde kreeg Karel een grote meerderheid achter zich. De dag erna legt Karel de eed af. Nog een dag later neemt Pierlot ontslag.

Vijf dagen later treedt een nieuwe regering van nationale eenheid aan, waarin zelfs drie communisten — ‘de overwinnaars van de oorlog’ — zetelen. Dit gebeurde zonder verkiezingen; de samenstelling van de Kamers van 1939 bleef zoals ze is. Enkel de VNV’ers en Rexisten waren uitgesloten. Al in februari 1945 wordt deze regering opgevolgd door de eerste van de Brugse socialist Achiel Van Acker.

Van juni 1944 tot (minstens) maart 1950 ‘verpest’ de koningskwestie het hele Belgische politieke leven. Eens na de bevrijding en de installering van de nieuwe regering, zit Leopold III nog steeds ‘gevangen’ in nazi-Duitsland. De oorlog is immers nog niet voorbij.

Zwitserland

Op 7 mei 1945 wordt Leopold door Amerikaanse troepen ‘bevrijd’. De nieuwe Belgische regering is van oordeel dat Leopold III eerst naar Zwitserland dient gebracht. Dan kan de procedure worden vastgelegd voor zijn terugkeer naar België.

Op 9 mei trekt een delegatie van de regering, met de prins-regent, naar Sankt Wolfgang. Het weerzien tussen beide broers verloopt erg kil. De ontmoeting met de ministers verloopt evenmin rimpelloos. Leopold had gehoopt dat de regering hem haar verontschuldigingen zou aanbieden. Het tegendeel is waar: er worden hem duidelijke voorwaarden opgelegd voor de terugkeer in zijn functie.

Leopold III verwerpt de eisen van de regering. ‘Er komt geen vezoening tussen de koning, zijn broer en de ministers en achteraf blijkt dat de toekomst definitief gehypothekeerd te hebben.’

Brol

Prins Karel kreeg vooral steun van de socialisten, die in zijn figuur een uitweg zagen in de Koningskwestie. De communisten ijveren voor troonsafstand van Leopold III en hopen hun republikeinse agenda door te duwen. De liberalen zijn verdeeld. De katholieke rechterzijde wilde Leopold terug.

Karel zelf zou zijn rol minzaam hebben ingevuld: ‘het redden van de “brol”,’ zo zou hij zijn rol zelf hebben omgeschreven. Al heeft hij een kwalijke rol gespeeld in de strubbelingen in de eigen familie. Hij zou met premier Van Acker prinses Lilian een flinke som geld hebben aangeboden opdat zij met de kinderen haar man zou verlaten, zodat Boudewijn in ‘normale omstandigheden’ kan worden voorbereid op de troonsbestijging.

Media en partijen dikken de geschillen verder aan. De net opgerichte CVP-PSC pleit al in 1945 voor een volksraadpleging. Voorpagina’s schreeuwen standpunten. Manifestaties, betogingen, ‘huldetochten’, het kalken van slogans… Er wordt een ‘Waals congres’ in het leven geroepen, dat voor een Waalse republiek zal kiezen.

Her en der worden robbertjes uitgevochten… De Amerikanen vreesden in die dagen een staatsgreep. Het land zou op de rand van de burgeroorlog hebben gestaan… Dat Leopold III in Oostenrijk initiatief neemt om zelf een regering samen te stellen, helpt niet. En zelfs de geliefde koningin-moeder Elisabeth verliest de moed: ‘Ik ben de Belgen zo beu,’ schrijft ze, en ze rekent erop dat er een einde wordt gemaakt ‘aan de laaghartige aanvallen van een meute honden die een slecht geweten hebben.’

Muurvast

Op 13 juli 1945 vindt er een familieraad plaats bij de Coburgs. Als het dan toch de wil is van het Belgische volk dat hij aftreedt, zo stelt Leopold er, dan zal hij zich daar bij neerleggen. De dag erop schrijft hij in een brief naar zijn broer dat hij niet zal terugkeren naar België voor er een referendum heeft plaatsgehad. Volgens peilingen toen zou 70% positief staan tegenover de koning.

koningskwestie

Nog voor het referendum van 12 maart 1950 over de Koningskwestie werd al gewaarschuwd voor de diepe verscheurdheid van het land.

Het duurt dan nog haast vijf jaar. Zo lang zat de situatie muurvast. De terugkeer van Leopold is het onderwerp van verkiezingen in 1946. De koningskwestie ligt aan de basis van het ontslag van de volgende regering in 1947. Leopold komt tot inkeer: hij vraagt zich af of hij niet beter kan aftreden ten voordele van Boudewijn, als die achttien is geworden. Dat zou op 7 september 1948 zijn. Maar Leopold maakt zijn keuze niet openlijk kenbaar.

Referendum

Pas de verkiezingen van 28 maart 1949 zou de situatie ontmijnen. Prins Karel zou ingezien hebben dat de situatie de pijlers onder de monarchie doet afbrokkelen. Vrouwen mogen dan voor het eerst stemmen voor nationale verkiezingen.

De CVP maakt de verkiezingen plebiscitair: als zij een meerderheid haalt, komt er een referendum. De partij doet er alles aan — daarbij gesteund door de katholieke pers, van de flamingantische De Standaard tot het intransigente jezuïetenweekblad De Vlaamse Linie — om Vlaams-nationale ‘scheurlijsten’ tegen te gaan. Ze plaatst drie notoire Vlaams-nationalistische oud-collaborateurs op haar lijsten. De absolute meerderheid ligt in het verschiet, maar de katholieken vormen noodgedwongen een regering met de liberalen.

Die regering raakt het er al snel over eens dat op 12 maart 1950 een referendum moet worden georganiseerd. Leopold was ervan overtuigd dat het zijn laatste kans was om opnieuw de troon te kunnen bestijgen. Al zien veel politici en waarnemers het gevaar ervan in: ‘een voorspelbare confrontatie tussen Vlaanderen en Wallonië’.

Aan de vooravond van het referendum wou Leopold III een radiotoespraak houden, maar de liberale ministers staken daar een stokje voor. De dag zelf verloopt het referendum tamelijk rustig. De resultaten leggen opnieuw de diepe verscheurdheid van België op tafel. Leopold haalt 57,68% van de stemmen. In de vier Vlaamse provincies gaat het om een meerderheid. In Wallonië schaart zich maar een minderheid van de bevolking achter de terugkeer van de koning.

Lees verder onder de kaart.

koningskwestieSPQRobin/Wikimedia CC BY-SA 3.0

Brussel en de industriële regio’s van Wallonië waren tegen de terugkeer van Leopold. Vlaanderen was voor.

Verdeeld

De dag erop trekt eerste minister Gaston Eyskens naar het Zwitserse Prégny om de koning tot aftreden te bewegen. Het land is te verdeeld. De koning beschikt niet meer over voldoende steun om als staatshoofd en als symbool de eenheid van het land te bewaren. Bovendien wil Eyskens verdere communautaire en sociale onrust voorkomen. En dus willen de christendemocraten de beide Kamers samenroepen, die dan moeten vaststellen of de koning nog in de mogelijkheid is tot regeren — hetzelfde gebeurde met Boudewijn in 1990 naar aanleiding van de abortuswet, toen sprak men van een ‘minikoningskwestie’.

Het is het begin van een lange ministeriële crisis. Uiteindelijk volgt de boodschap, op 15 april 1950, van Leopold dat hij bereid is de macht over te dragen aan zijn oudste zoon Boudewijn. ‘Anders stevent men onvermijdelijk op een catastrofe af.’ Twee weken later wordt het parlement ontbonden. En in de daaropvolgende verkiezingen van 4 juni 1950 haalt de CVP wél een absolute meerderheid in de beide Kamers. Die meerderheid is vastbesloten de koning te laten terugkomen.

Revolutie

Een homogene CVP-regering stemt vervolgens ‘het einde van de onmogelijkheid tot regeren van de koning’. En dan gaat het snel. Op 22 juni zet Leopold — na zes jaar ‘ballingschap’ — voet op Belgische bodem.

In het hele land breken stakingen uit. De revolutie broeit. De Belgische Staatsveiligheid stelt vast dat er instructeurs uit het Oostblok de Belgische communisten en socialistische vakbond infiltreren. De wallingantische socialistische vakbondsleider André Renard roept op tot opstand en revolutie. De steenkoolmijnen, de haven van Antwerpen, de Gentse textielbedrijven worden stilgelegd.

Op 30 juli is er een algemene staking, al wordt het openbare leven in Vlaanderen in mindere mate verstoord dan elders. In Grâce-Berleur vallen er vier doden onder een regen van rijkswachtkogels. De burgeroorlog dreigt, waarschuwt oud-premier Spaak.

Troonsafstand

Op 31 juli 1950 vroeg de katholieke premier Duvieusart de koning zijn macht in twee stappen over te dragen. Doet hij dat niet, dan zal de regering haar ontslag indienen. De dag erop bindt Leopold I in. Het risico op bloedvergieten is te groot. ‘In de huidige omstandigheden ben ik niet lager degene rond wie de eenheid van de natie kan hersteld worden,’ stelt hij. De vraag is maar of die eenheid nadien er überhaupt ooit nog geweest is.

Op 16 juli 1951 draagt Leopold zijn grondwettelijke macht over aan Boudewijn. Die legt een dag later de eed af als vijfde koning der Belgen. Leopold trekt zich verbitterd terug. De daaropvolgende pacificatie was van korte duur. Want parallel was al een nieuw conflict aan het rijzen: de Schoolkwestie. Dat verscheurende debat duurde dan weer tot 1958, en ook toen vielen zowat alle breuklijnen samen.

Van Leopolds eenheid is dus niet veel sprake meer geweest. Tenzij kort na het overlijden van zijn oudste zoon in 1993. Toen weende het land nog ‘tricolore tranen’, om het met Johan Anthierens te zeggen. Zullen die ooit nog vloeien?

 


Meer lezen?

André De Staercke, Memoires. Over het regentschap en de Koningskwestie. (Opgetekend door Jean Stengers.) Lannoo, 2003.

Michel Dumoulin e.a. (red.), Nieuwe Geschiedenis van België. Deel II: 1905-1950. Lannoo, 2006.

Gaston Eyskens, De memoires. Lannoo, 1993.

Luc Huyse, De gewapende vrede. Kritak, 1993.

Leopold III. Kroongetuige. Over de grote gebeurtenissen tijdens mijn koningschap. Lannoo, 2001.

Paul Theunissen, 1950. De ontknoping van de Koningskwestie. DNB, 1984.

Mark Van den Wijngaert, Tegen de stroom. Lepold III. Zijn leven, zijn betekenis. Manteau, 2017.

Els Witte e.a. Politieke geschiedenis van België. Van 1830 tot heden. Standaard, 1990.

Karl Drabbe

Karl Drabbe is uitgever non-fictie bij Vrijdag en van Doorbraak Boeken. Hij is historicus en wereldreiziger en werkt al sinds 1993 mee aan Doorbraak.