Maarten Boudry: ‘Ik heb een vrij donker mensbeeld’

foto © DB
Hij was vorige week niet weg te slaan uit het nieuws. Maarten Boudry, auteur en filosoof, tot voor kort verbonden aan de Universiteit Gent, bracht de openbare omroep in rep en roer door de betrouwbaarheid van een VRT-studie over (onder andere) genderattitudes in vraag te stellen. Toeval of niet, maar enkele weken eerder nam hij plaats aan de tafel van Jinnih Beels. Voor een gesprek dat de kijker van De Afspraak niet onbekend in de oren zal klinken.
In een tijd waarin mensen snel in hermetisch afgesloten hokjes belanden – links versus rechts, progressief versus conservatief – is het gesprek tussen Jinnih Beels en Maarten Boudry een verademing. Zowel Beels als Boudry lijken immers door de mazen van ideologisch net te vallen. ‘Ik denk dat wij allebei dwarsdenkers zijn’, aldus die laatste. ‘Een leuke combinatie met Doorbraak ook. Ik krijg maar weinig uitnodigingen uit linkse hoek.’
Eigen stal
‘Ik heb nog altijd sympathie voor het progressieve kamp’, steekt Boudry van wal. ‘Ik vind dat ze op veel momenten, op veel manieren zijn afgedwaald van waar progressieven ooit voor stonden. En net daarom ben ik waarschijnlijk harder, omdat ik het spijtig vind dat ze zoveel steken laten vallen.’
Ik heb nog altijd sympathie voor het progressieve kamp
De Gentse filosoof mest de eigen stal uit. Hij ziet hoe linkse idealen – gelijkheid, vrije meningsuiting, respect voor minderheden – soms hun doel voorbijschieten. Neem homorechten, ooit een typisch links strijdpunt. Vijftig jaar geleden stonden linkse partijen schouder aan schouder met holebi’s. Vandaag, zegt Boudry, is het ironisch genoeg soms rechts dat die rechten het luidst verdedigt, vooral in een migratiecontext.
‘Rechts heeft lang gestreden tegen die homorechten en zeker het homohuwelijk, maar heeft zich daar op een bepaald moment mee verzoend. En het moment dat ze zich ermee verzoend hebben, zijn ze het ook gaan opeisen als iets van ons. Nu is het onze traditie, onze beschaving, die moet beschermd worden. En daar zijn linkse mensen allergisch aan.’
Blinde vlekken
Beels en Boudry fileren de academische wereld, waar Boudry zelf werkt(e). Universiteiten zouden bastions van vrije meningsuiting moeten zijn, maar in de praktijk heerst er vaak een linkse monocultuur. In sociologie, psychologie en politieke wetenschappen stemmen onderzoekers volgens Boudry voor 80 à 90 procent links.
Wie onderzoek wil doen naar de culturele of economische nadelen van migratie, krijgt nauwelijks subsidies
Dat creëert blinde vlekken, zeker bij gevoelige thema’s als migratie. Wie onderzoek wil doen naar de culturele of economische nadelen van migratie, krijgt nauwelijks subsidies. Wie de olifant in de kamer benoemt – zoals de Nederlandse socioloog Ruud Koopmans doet met antisemitisme en homofobie binnen bepaalde migrantengroepen – wordt aan de schandpaal genageld.
‘Universiteiten moet toch plaatsen zijn waar het al wel eens mag schuren en botsen’, pikt Beels in. ‘Mag er enkel politiek en sociaal correct worden nagedacht, of moeten er ook zaken die op het eerste zicht niet zo evident lijken en die zelfs aanstootgevend zijn, toch bespreekbaar gemaakt worden?’ ‘Dat is het ideaal’, bevestigt haar gast. ‘Maar dat ideaal is steeds meer aan het afbrokkelen.’
Corona
Boudry spaart ook zichzelf niet. Tijdens de coronapandemie zat hij lang op dezelfde lijn zat als de rectoren, die gezamenlijk standpunten innamen over maatregelen en vaccins. Achteraf ziet hij dat als een slecht precedent: ‘Want bij een volgende discussie, over energie of over migratie, komt dan de druk om zich ook daarover uit te spreken, want ze spraken zich al uit over dat andere, over corona. Op basis waarvan maken we die selectie, waarover we ons moeten uitspreken? Ik heb dat toen niet zo goed beseft, omdat ik aan dezelfde kant stond.’
Het gesprek krijgt ook een filosofische laag. Twee niet-gelovigen praten over religie, zingeving en de donkere kant van de mens. ‘Ik heb een vrij donker mensbeeld’, geeft Boudry toe. De eerste (en enige) houder van de Etienne Vermeersch-leerstoel ziet geen enkel bewijs voor een goddelijk plan. ‘Kunnen we daarom uitsluiten dat het universum is ontworpen? Neen. En ik ben altijd bereid om mijn mening te herzien als ik met overweldigend bewijs geconfronteerd zou worden. Maar dat bewijs ben ik nog niet tegengekomen.’
Bekijk de volledige podcast via YouTube of op uw favoriete podcastplatform.
Het boek van Jinnih: https://www.jinnihbeels.com/boek

Roan Asselman (1996) is journalist, analist en redacteur van Doorbraak. Hij concentreert zich op de impact van massamigratie op Europese natiestaten, de invulling van politieke rechten in het digitaal tijdperk en de ethische vraagstukken binnen de (bio)medische wetenschap. Roan is jurist en bio-ethicus (beide KUL) en behaalde een postgraduaat in het vermogensbeheer (EMS).
Abortus blijkt opnieuw een splijtzwam in de federale regering. Niet zonder reden.






