fbpx


Niet gecategoriseerd
Emmanuel Macron koe

Macron vat de koe bij de horens…

... dat neemt hij zich alvast voor …



Ons land beroemt er zich op dat het op het snijpunt ligt van de Germaanse en Romaanse cultuur, en dus best of both worlds in zich verenigt. Niets is minder waar: voor nagenoeg alles heeft ons land de boter bij Frankrijk gehaald – alleen Vlaanderen durft al eens het oog richten naar de Angelsaksische en Noordelijke wereld. In allerhande internationale vergelijkingen worden Frankrijk en België dan ook steevast samen opgediend als EU-lidstaten die nog nauwelijks een begin hebben gemaakt met het op orde brengen van hun staatshuishouding. In dit verband wordt vooral verwezen naar het rigide arbeidsmarktbeleid en de al even vastgeroeste sociale-zekerheidsregelingen in beide landen. Ja, Italië hoort ook bij het clubje – maar wie wil zich dààrmee vergelijken?

Bij het aantreden van onze lopende federale regering lag het in de bedoeling om een grote stap vooruit te zetten op een reeks domeinen: de publieke financiën, de werkloosheid, de veiligheid, het functioneren van onze overheidsinstanties. We weten intussen allen dat de oogst matig is: wat gaat dat geven in het zicht van de nakende gemeentelijke verkiezingen, het aperitiefje op de grote kladderadatsch van 26 mei volgend jaar?

Intussen blijft ons land maar vaart verliezen, en dat geldt ook voor Frankrijk. Maar net als Michel I toentertijd, wil Macron I nu een breuk met het verleden. Het lijstje van zijn ambities oogt alleszins indrukwekkend, en het is volledig identiek met wat onze federale regering had willen (en moeten) realiseren.

Een hervorming van het ambtenarendom

De verkiezingsbelofte van Macron om het overheidspersoneel flexibeler in te zetten en het ambtenarenstatuut te vervangen door arbeidsovereenkomsten leidde het voorbije jaar tot massale protesten. En dan zwijgen we nog over de plannen om het aantal ambtenaren tegen 2022 met 120.000 eenheden te verminderen. De Franse regering wil hierover tegen volgend voorjaar een vernieuwd wettelijk kader ter stemming voorleggen.

Frankrijk, waar voor het minste meningsverschil de goegemeente massaal op straat komt en de vakbonden met smaak het stakingswapen hanteren, gaat een woelige periode tegemoet. Toen in dit voorjaar le Sénat het licht op groen zette voor een (niet eens zo ingrijpende) hervorming van de SNCF, kreeg de burgerbevolking alvast een drie maanden durende stakingsactie op haar dak. Ook in België betekenen dergelijke praktijken een onoverkomelijke hindernis om dit soort overheidsinstanties te rationaliseren: geen enkele democratisch verkozen regering overleeft een langdurige staking bij het openbaar vervoer.

Werkloosheidsuitkeringen

Macron wenst dat tegen februari 2019 de Franse sociale partners een nieuw systeem van werkloosheidsvergoedingen opzetten. De vertrekpunten zijn, net zoals dit bij ons het geval is, het waarborgen van de betaalbaarheid van het systeem, en daarnaast de verschillende actoren beter responsabiliseren. Dat gaat niet van een leien dakje lopen: in Frankrijk draait het formele sociaal overleg traditioneel vierkant, in tegenstelling tot bij ons waar de klad er pas sinds het laatste decennium in gekomen is. En ja: ook bij onze zuiderburen betekent de term “sociaal overleg” in de praktijk dat, net als bij de onderhandelingen over het ambtenarenstatuut, de vakbonden akkoord moeten gaan en dat is in de gegeven omstandigheden nog niet zo evident.

Pensioenen

De voorbije 25 jaar hebben heel wat Franse regeringen hun tanden stuk gebeten op de hervorming van het pensioenstelsel, want net zoals bij ons is het huidige systeem op termijn niet te financieren. Ook hier wil Macron een ingrijpende hervorming opzetten. Nu is het Franse pensioenstelsel een wirwar van meer dan 40 regimes, en de regering wil onder meer komen tot een unisex stelsel waar iedereen onderworpen is aan dezelfde regels. En de Fransen mogen nog altijd met 62 met pensioen… De hervorming moet eveneens in 2019 afgerond worden. De syndicale organisaties wetten nu al de messen.

In beide landen berust de weerstand tegen pensioenhervormingen op instinctieve reacties die uitsluitend oog hebben voor “verworven rechten”. Rationaliteit en de bekommernis voor de toekomstige generaties spelen hier niet mee. Om het even toe te spitsen op onze Belgische situatie (we hadden daarnet nu toch over de ijzeren weg): kan iemand uitleggen waarom een Belgische treinbestuurder (onder bepaalde voorwaarden) maar tot zijn 55 jaar moet werken en een vrachtwagenbestuurder tot zijn 65? Nochtans bestaan er maar twee antwoordmogelijkheden op dit simpele vraagje:

1)      ofwel bestaat het spoorwegpersoneel louter uit sukkeltjes van wie je niet kan verwachten dat zij professioneel functioneren als een normale werknemer. Uitzonderlijke gunstmaatregelen zijn hier onvermijdelijk. Maar dan lijkt het logisch dat we deze mensen geen volwaardig loon kunnen uitbetalen, want een loon moet toch in verhouding staan tot capaciteiten en prestaties?

2)      ofwel zijn de personeelsleden van de NMBS zonder meer superieur aan de rest van de beroepsbevolking: het zijn de heren (en dames) van de schepping van wie je niet kan verwachten dat zij zich houden aan de gedragsregels die je logischerwijs stelt aan het klootjesvolk (zoals de modale bediende of arbeider). Dergelijke supermensen hebben vanzelfsprekend recht op uitzonderlijke tegemoetkomingen.

Het zou de discussie allicht vooruit helpen mochten de vakbondsverantwoordelijken even duidelijk maken naar welk van deze twee mogelijkheden hun voorkeur uitgaat. En wat voor ons spoorwegpersoneel geldt, kan je zonder moeite open trekken naar heel onze ambtenarij.

Gaat ook Macron zich vastrijden in de tegenkrachten?

Ook andere takken van het Franse sociale-zekerheidsstelsel zouden onder het mes gaan. Ik geloof er geen zier van dat Macron ook maar iets van al die plannen zal realiseren – tenzij hij de greep van de syndicale organisaties op het maatschappelijke leven behoorlijk kortwiekt.De geschiedenis pleit alvast niet in zijn voordeel: in 1995 strandde een poging van president Chirac en zijn premier Juppé om de sociale zekerheid te hervormen, na massale demonstraties en stakingen in verschillende sectoren. En premier De Villepin moest in 2006 bakzeil halen in een conflict met vakbonden en studenten over een detail als het flexibele arbeidscontract voor jongeren.

 

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Jan Van Peteghem

Jan Van Peteghem is emeritus-gasthoogleraar aan de Faculteit Ingenieurswetenschappen van de KU Leuven

Dit artikel delen


Als abonnee kan u dit artikel gratis verspreiden via sociale media en doorsturen naar uw vrienden. Zij zullen dit artikel volledig kunnen lezen zonder abonnee te zijn of zonder een (proef)abonnement te nemen. Zij krijgen bij het lezen de vermelding dat dit artikel door u wordt aangeboden. Als u dit via email doorstuurt, wordt het emailadres van uw vriend niet genoteerd in de databank.

Commentaren en reacties


Reageren op een artikel? Graag, maar hou het netjes, blijf bij het onderwerp van het artikel en blijf niet eindeloos reageren.  Dit is geen plaats voor scheldpartijen en eindeloze discussies. Niet meer dan 10 reacties per dag per persoon en niet meer dan 3 per artikel graag.  Kijk vooraf even op onze Spelregels en technische problemen
Reacties - klik hier
Als ingelogde bezoeker kan u hier de reacties lezen en deelnemen aan het debat.
Reacties - klik hier
Als ingelogde bezoeker kan u hier de reacties lezen en deelnemen aan het debat.