Advertentie


Analyse, Politiek
Vrije Tribune
Vrije Tribune
Jorden Dewachter

N-VA, quo vadis?

Een uitweg uit de spreidstand
prioriteiten

Na gemeenteraadsverkiezingen en in het licht van de komende federale parlementsverkiezingen is een kritische reflectie van de koers die N-VA vaart op zijn plaats. Zeker tegen de achtergrond van de laatste peiling, waarin de partij strandt op slechts 25%, is het nuttig om ernstig na te denken over de richting die we uitgaan.

Volkspartij N-VA

We zijn er deze verkiezingen weliswaar in geslaagd een goede score te behalen in Antwerpen, maar dit zegt weinig over de uitslag die we op federaal niveau zouden kunnen verwachten. Naast de beloning van de kiezer in Antwerpen was er immers ook een opwaartse trend van Vlaams Belang en waren verliezen voor N-VA te merken in veel gemeenten. Wat blijkt uit de laatste peiling is dat N-VA niet minder dan 8 procentpunt verliest tegenover de verkiezingsuitslag in 2014. Gelet op de forse stijging (bijna een verdubbeling) van het Vlaams Belang is het duidelijk dat het leeuwendeel van dit verlies, zoals te verwachten was, naar de radicale Vlaams-nationalisten afvloeit. N-VA heeft de rol van volkspartij van CD&V overgenomen en wordt nu blootgesteld aan gelijkaardige problemen als de Vlaams-nationale Volksunie destijds, die uit elkaar gevallen is in diverse strekkingen.

Ideologische links-rechtstegenstellingen tekenen zich ook af binnen N-VA. Een deel van de achterban meent dat de partij te veel (vooral in beleidsdaden) aanleunt bij het centrum. Toch trekken progressievere N-VA’ers, zoals Jan Peumans bijvoorbeeld, de verkeerde conclusie uit de laatste peilingen. Ze menen dat de partij te veel naar rechts is opgeschoven en weer naar het centrum moet terugkeren, om het verlies te recupereren. Voorzitter Bart De Wever lijkt echter de juiste analyse te schetsen: ‘Dit is geen goede peiling voor ons. Ik zie ook dat al ons verlies naar Vlaams Belang gaat. Mensen zijn de migratiecrisis duidelijk beu.’

Communautaire stilstand

De conservatieve rechtervleugel begint inderdaad te morren en daar zijn verscheidene oorzaken voor aan te duiden. De spreidstand tussen de rechtervleugel en het centrum begint over te hellen naar het centrum, naarmate N-VA een beleidspartij is geworden die voortdurend compromissen moet sluiten met coalitiepartners. Het eerste en één van de belangrijkste compromissen was het op de achtergrond schuiven van het confederalisme als tussenstap naar Vlaamse onafhankelijkheid, in ruil voor regeringsdeelname.

Als je één van de fundamenteelste pijlers van je programma volledig moet opgeven, stap je beter niet in de regering. Hierin volg ik volledig de analyse van politicoloog Bart Maddens; namelijk dat de uitrookstrategie van De Wever een ongewild effect ressorteert. Door het gebrek aan communicatie over en focus op het communautaire, wordt dit terrein aan de federalisten weggegeven. Bovendien is deze regering, door de matigende invloed van CD&V en de liberalen, niet rechts genoeg om de PS zelf voorstander te maken van een ontmanteling van het federale België.

Identiteit en migratie

Naast de communautaire stilstand zijn de grootste frustraties het onevenwicht in de begroting en voornamelijk de kloof tussen het rechtse discours en het beleid, dat nog altijd geen efficiënt antwoord lijkt te kunnen bieden op de migratieproblematiek. Dat 4 op de 5 illegale migranten gewoonweg niet uitgewezen wordt, omwille van een gebrek aan middelen, is natuurlijk problematisch. Zo kan men onmogelijk een efficiënt uitwijzingsbeleid tegen illegale migratie op poten zetten en hier kan Vlaams Belang uiteraard garen uit spinnen. Wat Francken dan weer wel op zijn conto kan schrijven zijn enkele belangrijke overwinningen in symbooldossiers en de uitwijzing van migranten met een zwaar strafblad. Dat de wil en de moed er is, ga ik niet ontkennen. Het schoentje wringt bij de financiële middelen, de politieke wil van de coalitiepartners en het uitblijven van een sluitende Europese oplossing voor de buitengrenzen. Toch zal N-VA een manier moeten vinden om meer druk uit te oefenen op de coalitiepartners en haar programma ten gronde en zo efficiënt mogelijk uit te voeren.

De N-VA vaart ook een steeds liberalere sociaal-ethische koers. De conservatieve achterban binnen de Vlaamse Beweging, die destijds het Vlaams Belang inruilde voor de N-VA, zit niet te wachten op progressieve identiteitspolitiek. Die lijkt nu immers ook bij de Vlaams-nationalisten te zijn binnengedrongen, wanneer er bijvoorbeeld gepocht wordt met het aantal allochtonen of vrouwen op kieslijsten. Uiteraard is het positief dat allochtonen en vrouwen worden betrokken bij het Vlaams-nationalistische streven en is het mooi dat het verhaal van N-VA een zeer divers kiespubliek kan aanspreken. Wanneer het echter een op zichzelf staand doel wordt om zoveel mogelijk minderheden of vrouwen te mobiliseren, kom je op het terrein van ‘progressieve’ identity politics en (contemporain) feminisme. Dan selecteer je mensen voor kieslijsten op basis van hun groepsidentiteit (geslacht, etniciteit,…) en niet op basis van individuele capaciteiten.

Een ander punt is intellectuele consequentie: ikzelf ben bijzonder islamkritisch, maar indien er terechte kritiek wordt geuit op de gebrekkige integratie van de moslimgemeenschap, moet dit ook kunnen voor bijvoorbeeld orthodoxe joodse gemeenschappen die in complete segregatie leven. N-VA onthoudt zich van alle kritiek op de joodse cultuur wat dit betreft, omdat die gemeenschap natuurlijk een deel van het electoraat vormt. Dit is natuurlijk een argument van principiële en iets minder van strategische aard.

Cordon sanitaire

Wat daarnaast ongetwijfeld veel ex-kiezers van het Vlaams Belang voor de borst stoot is de continue verkettering van hun voormalige partij door N-VA, die toch een ideologische bondgenoot zou moeten zijn. Diezelfde resolute afwijzing is er niet richting het adres van Groen, die partij wordt met open armen uitgenodigd om samen te besturen in Antwerpen, dat kan voor rechts-conservatieve Vlaams-nationalisten als een kaakslag ervaren worden. Wanneer zelfs progressieve politicologen als Dave Sinardet, Carl Devos en Cas Mudde het cordon sanitaire achterhaald vinden nu het Vlaams Belang niet meer met de essentie van onze democratie botst, wordt het tijd dat een partij als N-VA stopt met het actief in stand houden ervan.

Het cordon zit zowel langs binnen als langs buiten op slot. Vlaams Belang draagt een verantwoordelijkheid om volledig komaf te maken met zijn aangebrande verleden en een aantal prominente figuren op de achtergrond te schuiven. Als zij dit vertikken, dragen ze zelf bij tot de instandhouding van het cordon. Ook zou het moeten stoppen met het voortdurende inhakken op N-VA, om meer toenadering tussen de twee Vlaams-nationalistische partijen mogelijk te maken. De partijpolitieke rivaliteit tussen twee Vlaams-nationale partijen, die natuurlijk in dezelfde kiezersvijver vissen, is enorm frustrerend voor een idealistische Vlaams-nationalist. In een ideale wereld zouden de partijen de handen in elkaar slaan om samen de communautaire doelstellingen te realiseren. Politieke verdeeldheid onder Vlamingen is net datgene wat het federale België in leven houdt en waar de Franstalige partijen altijd zo handig gebruik van hebben gemaakt, om broodnodige staatshervormingen te blokkeren.

Niet naar het centrum

Als N-VA het probleem bij zijn wortels wil aanpakken, moet dus zeker niet naar het centrum opschuiven, maar vooral de daad bij woord voegen en meer druk zetten op de coalitiepartners voor een écht krachtdadig optreden. Als de regering hierdoor zou vallen, gaat N-VA met de status van martelaar naar de volgende verkiezingen. Bart De Wever ziet het klein houden van extreemrechts als één van zijn grootste verdiensten. Als hij daar een duurzame verwezenlijking van wil maken, zullen we een tandje moeten bijsteken.

Jorden Dewachter

Jorden Dewachter is historicus en ondervoorzitter van Jong N-VA Klein Brabant.

Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel
Hoofdredacteur: Pieter Bauwens
Webbeheer: Dirk Laeremans