JavaScript is required for this website to work.
Filosofie

Forum

Politiek van de erkenning

Herman De Dijn: ‘Dit is een postmoderne maatschappij waarin burgerlijk-liberale vrijheid-en-gelijkheid onvoldoende, zelfs patriarchaal overkomt, en identiteit-in-diversiteit de hoofdviool speelt.’

Herman De Dijn is filosoof en emeritus hoogleraar aan de KU Leuven (Hoger Instituut voor Wijsbegeerte). Hij is de auteur van o.a. 'Hoe overleven we de vrijheid? Modernisme, postmodernisme en het mystiek lichaam' (Pelckmans, 2014), 'Rituelen. Waarom we niet zonder kunnen' (Polis, 2018) en 'Het Rooms-katholicisme. Een ongelooflijke godsdienst' (Halewijn, 2023)

1/6/2025Leestijd 4 minuten

Hoe kunnen we het ontstaan van de ‘woke’ obsessie met identiteit en diversiteit in onze maatschappij begrijpen? Waar komt die zo ineens vandaan? Er zit niet veel anders op dan de veranderingen in de zeitgeist te proberen achterhalen: de neurologie kan ons hier niet helpen (menselijke hersenen veranderen niet zo snel).

Een en ander heeft ongetwijfeld te maken met de overgang van moderne naar postmoderne tijd, meer bepaald veranderingen in de ‘politiek van de erkenning’. Moderniteit hangt nauw samen met de ontdekking van en de gemeenschappelijke strijd voor de politieke vrijheid van het individu.

In de moderne staat wordt elke burger erkend als beschikkend over dezelfde fundamentele vrijheden en rechten. De erkenning van de vrijheid is tegelijk de erkenning van de gelijkheid van de burgers (als vrije individuen), ongeacht allerlei maatschappelijk heersende verschillen (tussen rijk en arm, man en vrouw, blanke of kleurling, gelovig of niet).

Geen einde

De moderne, emancipatorische politiek van de erkenning was echter niet het einde van het proces. Emancipatie in de zin van erkenning van formele vrijheid en gelijkheid was een enorme verworvenheid, maar bleek uiteindelijk onvoldoende. Zoals Adam Smith al opmerkte, streven mensen hoe dan ook naar erkenning door anderen van hun individuele eigenheid. Individuen willen ‘gezien’ worden, ze willen erkend en gewaardeerd worden niet alleen als burger, maar ook in hun eigenheid of identiteit, in hun ‘verschil’. Het is ondraaglijk dat anderen ‘je niet zien staan’ of je negeren omdat je een identiteit hebt die onverschilligheid of afkeuring meebrengt.

Het bleek trouwens dat, ondanks het recht op vrijheid en gelijkheid, er toch geen einde leek te komen aan de onvrijheid en ongelijkheid van individuen of groepen gekenmerkt door bepaalde verschillen (vrouwen, zwarten). Gevolg: de betrokken burgers eisen erkenning door de staat van die discriminatie – en eventueel compensatie voor het geleden onrecht vanwege de staat, die faalde in zijn politiek van de erkenning. Aldus ging men de weg op naar een politiek van de erkenning die verder gaat dan de erkenning van gelijkheid als burger voor de wet, maar die met de gelijke erkenning van verschillen te maken heeft.

Kapitalist van de eigen ‘assets’

Het moderne individu is voor zichzelf een (cartesiaans) subject, iemand die zich verregaand kan distantiëren van natuurlijke of overgeërfde kwaliteiten en die zich autonoom een eigen identiteit kan en moet creëren. Het subject ziet zijn kwaliteiten als ‘assets’ of hinderpalen in de competitie om in de belangstelling te staan, om als uitmuntend individu (en niet alleen als burger) erkend te worden.

‘Assets’, of ze nu lichamelijk of geestelijk, natuurlijk of verworven zijn, zijn niet interessant op zich, maar alleen in functie van de winst, de erkenning. Ze moeten dan ook permanent worden geëvalueerd, bijgestuurd of opgedreven. Het moderne individu is de kapitalist van de eigen ‘assets’ geworden, iemand die aan ‘self-management’ doet.

Kenmerken die weinig of niet manipuleerbaar zijn, dat is eigenlijk onrechtvaardig

Vastzitten aan bepaalde kenmerken die weinig of niet manipuleerbaar zijn, die ongewild aan het individu kleven, en dus hinderpalen kunnen zijn in de strijd om erkenning, dat is eigenlijk onrechtvaardig. Vandaar de idee van een politiek van de gelijke erkenning van die ongewilde verschillen (in huidskleur, sekse, etnische afkomst). De wet zelf moet nu discriminatie verband houdend met bepaalde verschillen aanpakken (wetten tegen racisme, seksisme, etc.). De ultieme stap in de politiek van de erkenning: de wet gaat zelf uitnodigen om in het algemeen verschillen als a priori even waardevol als andere te erkennen. Leve de diversiteit, ook volgens de wet.

Manipuleerbare verschillen

Meer en meer blijken natuurlijke verschillen manipuleerbare, beslisbare verschillen, mede dankzij de biomedische technologie. De politiek van de erkenning geraakt aldus versmolten met een biopolitiek, die intervenieert in de organisatie van het mensenpark (Peter Sloterdijk). De situatie wordt nog complexer wanneer of doordat in het kader van de identiteitscreatie allerlei traditionele (dikwijls binaire) verschillen vloeibaar (gemaakt) worden (cf. de ‘gender’-problematiek; noteer de plus in lgbtq+).

De situatie wordt nog complexer wanneer allerlei traditionele (dikwijls binaire) verschillen vloeibaar (gemaakt) worden

De markt heeft intussen al lang begrepen dat ongeziene winsten mogelijk zijn door in te spelen op de zucht naar erkenning (cf. het fenomeen ‘conspicuous consumption’) en de daarmee verbonden creatie en manipulatie van vloeibare identiteit. Gadgets worden ontwikkeld die de erkenning (door likes of volgers) objectief meten (en ondertussen vooral de verkoop van allerlei producten bevorderen).

De staat wordt nu opgeroepen of gebruikt om niet langer (alleen) een politiek van vrijheid en gelijkheid, maar een politiek van erkenning van diversiteit te promoten. Niemand mag door anderen omwille van zijn/haar identiteit gediscrimineerd worden. Alle (niet voor anderen schadelijke) identiteiten dienen nu publiek door de staat als vrij en gelijk te worden beschouwd (het verwerven ervan wordt soms zelfs gesubsidieerd in naam van de rechtvaardigheid).

Postmoderne maatschappij

Zo zijn we terechtgekomen in een postmoderne maatschappij waarin burgerlijk-liberale vrijheid-en-gelijkheid onvoldoende, zelfs patriarchaal overkomt, en identiteit-in-diversiteit de eerste viool speelt. We zijn terechtgekomen in de multiculturele of pluralistische samenleving: diversiteit is een onbetwist(bar)e waarde. Een multiculturele samenleving is een samenleving waarin individuen wel als burgers met fundamentele rechten erkend willen worden, maar tegelijk en vooral ook erkend willen worden in hun eigen al dan niet zelfgekozen identiteit of verschil. Dat betekent niet dat traditionele verschillen of groepsverschillen politiek geen enkele rol meer spelen, maar ze kunnen dat maar doen via en vanuit de keuze van singuliere individuen en in het kader van een politiek van de erkenning van het verschil.

We hebben in de vorige analyse misschien een cruciaal element over het hoofd gezien: de factor macht

Maar waarom zou die situatie nu wel het eindpunt van de evolutie van de politiek van de erkenning moeten zijn? Zoals Spinoza en Michel Foucault zouden opmerken, hebben we in de vorige analyse misschien een cruciaal element over het hoofd gezien: de factor macht, die fundamenteel in elke vorm van politiek aanwezig is. Die factor associeert zich met de ‘geestelijke’ elementen, zoals het streven naar vrijheid en gelijkheid of naar erkenning van het verschil, al naargelang het hem goed uitkomt. Maar dat impliceert niet dat de macht, die op dit moment nog verbonden is met ‘de (postmoderne) normen en waarden’, zich niet (opnieuw) kan associëren met zogenoemde ‘traditionele’ normen en waarden. Het einde van ’woke’, of ‘woke’ in de omgekeerde richting?

 

Herman De Dijn is filosoof en emeritus hoogleraar aan de KU Leuven (Hoger Instituut voor Wijsbegeerte). Hij is de auteur van o.a. 'Hoe overleven we de vrijheid? Modernisme, postmodernisme en het mystiek lichaam' (Pelckmans, 2014), 'Rituelen. Waarom we niet zonder kunnen' (Polis, 2018) en 'Het Rooms-katholicisme. Een ongelooflijke godsdienst' (Halewijn, 2023)

Commentaren en reacties