Binnenland

Politieke cultuur in en rond de regering-di Rupo: Geen(s) kattenpis

Even snel

Twintig jaar geleden merkte het Grondwettelijk Hof (toen nog Arbitragehof geheten) op dat het verschil in het statuut tussen arbeider en bediende discrimineert in de grondwettelijke betekenis van het woord. Er moest worden ingegrepen maar er gebeurde, achttien lange jaren, niets. In juli 2011 zette datzelfde Grondwettelijk Hof zijn vraag om in een dwingend arrest. De wet moet worden aangepast tegen 8 juli 2013 want die dag vervalt het verschil in opzegtermijnen automatisch en kunnen arbeiders die van de bedienden opeisen. Werkgevers kunnen volgens specialisten de schade die ze daardoor oplopen verhalen op de Belgische staat.

Op 6 juni, amper een maand en twee dagen voor de vervaldag, werd minister van arbeid Monica De Coninck daarover in het parlement nogmaals ondervraagd door Stefaan Vercamer (CD&V), Catherine Fonck (CDH), Zuhal Demir (N-VA), Kattrin Jadin (MR), Georges Gilkinet (Ecolo) en Kristof Calvo (Groen). Een trein van kamerleden wil weten wat ze van plan is, want het hele parlementaire proces moet in die korte tijd worden afgewerkt terwijl het niet eens echt begonnen is.

De minister antwoordt: ‘De regering zal de sociale dialoog alle kansen blijven bieden. Na afloop van de tripartiete onderhandelingen heb ik een aantal denksporen aangereikt. Het dossier inzake het statuut van de arbeiders en de bedienden staat morgen op de agenda van het kernkabinet. Daarna volgt er een ontmoeting met de sociale partners. Wij geven uiteraard de voorkeur aan een oplossing in samenspraak met de sociale partners en met respect voor de termijnen.’ (’s Anderendaags bleek dat ze voor die sociale partners alleen maar een vragenlijst in petto had.)

De minister vervolgt op de kamertribune: ‘Ik zal dus niets onthullen vooraleer de Groep van Tien werd geconsulteerd.’ Na twintig jaar wachten en één maand voor alles in kannen en kruiken moet zijn, deelt de minister zonder blikken of blozen aan de kamer mee dat ze ‘niets zal onthullen’, dus geen informatie verstrekt aan de verkozenen des volks.

Ook de voorzitter van de regeringspartij Open Vld, Gwendolyn Rutten, houdt duidelijk van transparante, open en breed gedragen besluitvorming. Haar mededeling dat ze de term confederalisme wil schrappen uit het partijprogramma stootte op kritiek binnen de eigen partij. Volgens De Morgen laat ze zich daardoor niet uit haar lood slaan. De krant citeert haar visie op het voorzitterschap: ‘Ik ben de voorzitster. Ik bepaal en verander de koers.’ We kennen partijvoorzitters die met zo’n uitspraak niet gemakkelijk waren weggekomen.

 

Geens kattenpis

Terug naar de kamer op 6 juni, of beter naar de coulissen waar Linda De Win met haar Villa Politica-ploeg staat opgesteld. Ze trok Koen Geens, CD&V’er en minister van financiën, aan de mouw (vanaf 88’35”) want diens optreden op de tribune zou buiten het bestek van de rechtstreekse uitzending vallen.

De Win begint over de belastingvrijstelling op de rente bij spaarboekjes en brengt in herinnering dat minister Geens de afschaffing daarvan niet zo lang geleden bepleitte. Geens, die toen geen beste beurt maakte met dat idee, trekt de paraplu open en antwoordt dat de Nationale Bank dat had gedaan.

De Win weer: ‘U vond dat een goed idee?’

Geen: ‘Ik heb zo als ik dikwijls andere mensen hun ideeën vertolkt, gezegd dat de nationale bank iets gezegd had dat de mensen zou kunnen interesseren en dat de banken zou kunnen interesseren.’ Niet de sterkste communicatie, geef toe.

De Win gaat over naar het begrotingsoverleg dat, naar het taalgebruik van haar collega Becaus, ‘geen kattenpis’ dreigt te worden. Hoort minister Geens een ‘s’ achter de ‘geen’ van De Win? Hij reageert alleszins zacht en mild berispend: ‘Géén kattenpis, u hebt het woordje verbogen. u mag het woordje “geen” niet verbuigen’ Een repliek die nergens op sloeg maar er wel onwaarschijnlijk charmant uit kwam. Geens’ kwetsbaar onhandig communiceren heeft soms toch wel iets.

Hij gaat verder: ‘Ik denk dat we dat rustig gaan aanpakken zoals onze premier dat gewoon is.’ Dat klopt, zie de snelheid waarmee het eenheidsstatuut van arbeiders en bedienden wordt aangepakt. Dat getuigt van een zeer grote rust.

Dan komt het: ‘Ik denk dat wij tegen dat iedereen met vakantie is met een mooie begroting 2014 zullen naar buiten komen.’ Hier zit meer waarheid in dan men zou denken. Als iedereen met vakantie is en alle hoofden op ontspanning staan, pakt de regering uit met het slechte begrotingsnieuws. Wanneer het leven in september weer op gang komt, is iedereen, zo is dan de hoop, alles alweer grotendeels vergeten.

De politieke cultuur onder di Rupo in drie citaten:

  • Minister aan de kamer, een maand voor een wetgevend proces dat nog helemaal moet beginnen, dient afgerond te zijn: ‘Ik zal dus niets onthullen.’
  • Voorzitter van een regeringspartij: ‘Ik ben de voorzitster. Ik bepaal en verander de koers’
  • Minister voor de camera’s over de begroting: ‘Tegen dat iedereen met vakantie is zullen we met een begroting naar buiten komen.’

 

<Een goed artikel? Misschien is het dan ook een goed idee om ons te steunen. Klik hier.>

Doorbraak redactie

steun doorbraak

Wil u graag meer lezen van Doorbraak redactie?

Doorbraak is een onafhankelijk medium zonder subsidies. We kunnen dit enkel doen dankzij uw financiële steun. Uw steun geeft onze auteurs de motivatie om meer en regelmatiger te schrijven. Steun ons met een kleine bijdrage of word vandaag nog Vriend van Doorbraak.

Ik help Doorbraak groeien.
Doorbraak.be is een uitgave van vzw Stem in het Kapittel i.s.m. Perruptio cvba Hoofdredacteur: Pieter Bauwens Webbeheer: Dirk Laeremans