JavaScript is required for this website to work.
Buitenland

Forum

Servië verliest met nederlaag Orbán een bondgenoot

Cedric Vloemans: ‘Een regering-Magyar zal Servië niet noodzakelijk vijandig gezind zijn. Maar de toon verandert wel: minder confrontatie met Brussel.’

Cedric Vloemans (1982) studeerde geschiedenis aan de VUB en woont in Belgrado. Hij schrijft over geschiedenis, internationale politiek en cultuur.

14/4/2026Leestijd 2 minuten
Tussen Aleksandar Vučić en Viktor Orbàn boterde het goed. Nu die laatste de
verkiezingen in Hongarije heeft verloren, verliest Servië een bondgenoot.

Tussen Aleksandar Vučić en Viktor Orbàn boterde het goed. Nu die laatste de verkiezingen in Hongarije heeft verloren, verliest Servië een bondgenoot.

foto © Belga

De politieke machtsverschuiving in Hongarije, waar Péter Magyar een ruime overwinning heeft behaald ten nadele van Viktor Orbán, blijft op het eerste gezicht een puur binnenlandse gebeurtenis. Toch reikt de impact mogelijk verder, tot in de Westelijke Balkan en in het bijzonder tot in Servië.

Daar staat het systeem van president Aleksandar Vučić al onder spanning: straatprotesten, onvrede over corruptie en een verkiezingscyclus die later dit jaar opnieuw voor politieke confrontatie kan zorgen. En het Hongarije van Orbán, dat was de voorbije jaren meer dan zomaar een buurland: het was een (stille) bondgenoot.

Een politieke tandem

Tussen Orbán en Vučić groeide een opvallende verstandhouding. Boedapest was een soort brug tussen Belgrado en Brussel: kritisch genoeg om geloofwaardig te blijven in Europa, maar loyaal genoeg om Servië niet in het nauw te drijven.

Boedapest was een soort brug tussen Belgrado en Brussel

Voor Vučić was dat comfortabel. Hij had binnen de Europese Unie een stem die vaak begrip toonde voor zijn aanpak, en tegelijk een partner die zijn politieke stijl — sterk, centraal gestuurd bestuur — niet openlijk afviel. Nu verdwijnt die beschermende laag, althans in belangrijke mate.

Een ander Hongarije

Een regering-Magyar zal Servië niet noodzakelijk vijandig gezind zijn. Maar de toon verandert wel. Minder confrontatie met Brussel, minder uitzonderingslogica, en vooral minder politieke dekking voor landen die buiten de Europese lijn kleuren. Dat betekent niet dat Servië plots geïsoleerd raakt, maar wel dat het in Brussel minder vaak kan rekenen op een bondgenoot die moeilijke dossiers helpt afzwakken of vertragen.

De symboliek is daarbij bijna even belangrijk als de praktijk. Orbán was voor veel leiders in de regio een bewijs dat een eigenzinnige koers binnen Europa mogelijk is. Als dat voorbeeld verzwakt, verschuift ook het regionale referentiekader.

Intussen in Belgrado

In Servië zelf broeit het al langer. De protesten tegen het systeem van Vučić komen en gaan, maar ze wijzen op een dieper ongenoegen: over macht die te geconcentreerd is, over media die te eenzijdig zijn, en over een politiek systeem waarvoor weinig echte alternatieven zichtbaar zijn. Die onvrede is nog niet uitgekristalliseerd in één duidelijke politieke beweging. Maar ze is ook niet meer weg te denken.

Als Hongarije zich meer aansluit bij de Europese mainstream, verdwijnt voor Servië een belangrijke politieke buffer

Wat de situatie interessant maakt, is hoe binnenlandse en externe factoren elkaar beginnen te versterken. Als Hongarije zich meer aansluit bij de Europese mainstream, verdwijnt voor Servië een belangrijke politieke buffer. De Europese Unie kan dan consistenter en minder verdeeld druk uitoefenen op dossiers zoals rechtsstaat, media en verkiezingsvoorwaarden.

Tegelijk blijft op straat in Belgrado de onrust voelbaar. En precies die combinatie – interne druk zonder externe bescherming – kan op termijn het politieke evenwicht in beweging zetten.

Geen breuk, wel verschuiving

Toch is het belangrijk om het niet te snel te dramatiseren. Het Servische systeem staat niet op instorten. De macht van Vučić blijft stevig verankerd in instituties, media en politieke organisatie. De oppositie blijft verdeeld, en verkiezingen zijn nog altijd een strijd onder ongelijke voorwaarden.

Wat zich wel aftekent is een geleidelijke verschuiving van het klimaat: minder zekerheden, minder externe steun, en een langzaam groeiend gevoel dat het politieke landschap minder stabiel is dan het jarenlang leek. De val van Orbán betekent dus niet dat Servië meteen verandert. Maar het haalt wel een belangrijke steunpilaar weg uit de regionale balans die het systeem-Vučić jarenlang mee in evenwicht hield.

Cedric Vloemans (1982) studeerde geschiedenis aan de VUB en woont in Belgrado. Hij schrijft over geschiedenis, internationale politiek en cultuur.

Meer van externe auteurs

Inge Faes: ‘Wie Italië uitsluitend kent via statistieken, verkiezingsuitslagen of economische rapporten, begrijpt niet hoe sterk het nationale eergevoel er leeft.’

Commentaren en reacties
Gerelateerde artikelen
MEDIAZapman25/6/2026

Is Paraguay het beloofde land voor mensen die de richting die Europa uitgaat niet meer zien zitten? Dat zien we in een subtiele documentairereeks.