JavaScript is required for this website to work.
Multicultuur & samenleven

Wat doen we met slimme, hoogopgeleide moslima’s die Liszt spelen?

Vooral dat laatste

ColumnJohan Sanctorum4/6/2021Leestijd 3 minuten
Het geval Ihsane Haouach vergt enige nuance.

Het geval Ihsane Haouach vergt enige nuance.

foto © Twitter/Publiek domein

Hoog ontwikkelde moslima’s die carrière maken, vormen het grootste gevaar voor het traditionele islamisme. Zelfs mét hoofddoek.

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Als abonnee kan u ook alle plus-artikelen lezen. Doorbreek de bubbel vanaf €4.99/maand.

Ik neem ook een abonnement

Feministische moslima’s, zou het bestaan? In islamitische culturen worden vrouwen zorgvuldig afgeschermd en in hun ondergeschikte rol opgevoed. De Koran is ondubbelzinnig: ‘Mannen hebben de leiding over vrouwen, omdat Allah de een heeft gemaakt om de ander te overtreffen… Daarom zijn de goede vrouwen de onderdanige, die in het geheim datgene beschermen dat Allah heeft bewaakt.’ (soera 4:34)

Het is maar een korte weg om vanuit dit soort teksten allochtone jongemannen het idee te geven dat ze onbelemmerd hun gang mogen gaan, onder het motto dat alle westerse vrouwen en meisjes hoeren zijn. Terwijl de moslima’s in alle deugdzaamheid wachten tot ze als bruid worden uitverkoren via een interfamiliale deal. Maar dat lukt niet altijd: zelfs in deze mannencultuur bestaan er vluchtroutes.

Het blijkt namelijk dat moslimmeisjes veel meer zin hebben om te studeren en zich op te werken uit de culturele stramienen, dan jongens. Allochtone jongemannen zijn doorgaans lui, vergeven van de machomentaliteit, en willen zich statussymbolen eigen maken zonder ervoor te werken. De criminaliteit en het drugsmilieu wenken. Het zijn de meisjes daarentegen die op de voorste banken zitten, dikwijls in katholieke uniformscholen, de goeie punten halen, en hoger onderwijs ambiëren. Met of zonder hoofddoek, maar ik vraag me af hoe die ambities vanuit de traditionele subcultuur worden bekeken.

Rolmodel

Ik heb zo’n donkerbruin vermoeden: de imams kijken met enige perplexiteit aan tegen het fenomeen van de slimme, mondige moslima met carrièreplannen. Meteen zitten we in het actuele hoofddoekendebat, en ik passeer even het MIVB-verhaal om bij Ihsane Haouach te belanden, via Ecolo tot regeringscommissaris benoemd bij het Instituut voor de Gelijkheid van Vrouwen en Mannen (IGVM). Ze blijkt een hoofddoek te dragen, voor MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez, enthousiast verdediger van de lekenstaat, een onverteerbaar gegeven.

Dat Ecolo en de Brusselse PS onvermoeibaar naar moslimstemmen hengelen, bereid zijn om ver te gaan en onze waarden op de helling te zetten — zie het onverdoofd slachten — staat als een paal boven water. Maar het geval Ihsane Haouach vergt enige nuance. Ja, ze draagt een hoofddoek. Maar ze studeerde af als handelsingenieur aan de Solvay Business School, ging zich vervolmaken in Londen, zette nadien als sociaal onderneemster een consultancybedrijf op, is tussendoor actief in een toneelgezelschap, en  — dat vooral — speelt naar verluidt vlotjes Chopin en Liszt. Sorry dat dit hier een gevoelige snaar raakt. Een moslima met zo’n cv en zo’n veelzijdig talent, ik vraag me af wat die allochtone straathangers daarvan vinden die maar wat stomweg staan te rappen. Dit moeten twee werelden zijn.

Ik wil maar zeggen dat Ihsane Haouach van een ander kaliber is dan Sihame El Kaouakibi, de ‘sociaal onderneemster’ die zich uitgebreid toegang tot de vetpotten wist te verschaffen en daarmee schaamteloos aan zelfverrijking deed. Ik denk eerlijk gezegd dat Haouach een écht rolmodel is voor moslimmeisjes om te studeren en zich te integreren in ons waardensysteem, met de meritocratie (niet de afkomst telt, wel de verdienste) als hoeksteen. Het enige wat ik haar aanwrijf is, dat ze geen gebenedijd woord Nederlands spreekt, toch wel een vereiste voor zo’n federaal regeringscommissaris. Dat kan voor iemand met haar verstand geen probleem zijn. Een werkpuntje.

Hoofddeksels en hoedjes

foto JS

Betekenissen evolueren, symbolen veranderen van inhoud

Voor de rest is de ene hoofddoek de andere niet. Misschien is hij voor die studerende moslima’s niet zozeer een teken van onderdrukking, maar veeleer het laatste houvast aan een cultuur en achtergrond die ze sowieso toch verzaken, ook al zeggen ze dat niet met zoveel woorden. Zelfs al dragen ze die ‘kopvod’: deze pientere meiden kan je niet over één kam scheren met de wandelende tenten in Molenbeek en omstreken. Welke traditionele moslim zou overigens zo’n vrouw willen die van haar beroep haar passie maakt, helemaal niet zoals de Koran het voorschrijft?

De vraag is ook, wat Georges-Louis Bouchez zou zeggen als Haouach verklaart dat die hoofddoek géén religieus symbool is, maar een modieus kledingstuk, zoals meisjes een topje en een kort rokje dragen, maar dan wat zediger. Iets dat ooit wel een religieus object was, maar het nauwelijks nog is, en meer een hype is geworden.

Betekenissen evolueren, symbolen veranderen van inhoud. De tulband werd pas in het 16de-eeuwse Perzië (nu Iran) een met de islam verbonden mannelijk hoofddeksel. Voordien was het gewoon een bescherming tegen de zon en vervolgens een statussymbool zoals onze hoge hoed. Begin de 20ste eeuw introduceerden modeontwerpers de tulband voor vrouwen, onder andere actrice Grace Kelly paradeerde ermee. Iets om naar de paardenwedrennen te gaan, nul religieuze betekenis.

De hoofddoek zou wel eens die weg van de profanisering kunnen volgen: eindigen als een modegril. Om nog maar te zwijgen van het pastavergiet, ooit een gewoon keukenattribuut, nu een religieus hoofddeksel, maar wanneer ik spaghetti maak toch weer een gewone zeef. Alles vloeit.

Ik denk dat Ihsane Haouach meer doet voor de ont-islamisering, dan de luidruchtige Bouchez en heel zijn partijbureau bijeen. Maar vooral die Chopin, dat. Ik doe bij deze mijn vleugel open, mevrouw Haouach: laat iets horen van wat Mohammed als uitvinding van Satan aanzag, blaas me van mijn Heilig-Roomse sokken.

Johan Sanctorum (°1954) studeerde filosofie en kunstgeschiedenis aan de VUB. Achtereenvolgens docent filosofie, tijdschriftuitgever, theaterdramaturg, communicatieconsultant en auteur/columnist ontpopte hij zich tot een van de scherpste pennen in Vlaanderen en veel gevraagd lezinggever. Cultuur, politiek en media zijn de uitverkoren domeinen. Sanctorum schuwt de controverse niet. Humor, ironie en sarcasme zijn nooit ver weg.

Commentaren en reacties