fbpx


Communautair, Economie
Wallonië

Hoe de economische divergentie binnen België doorbreken?



Aangeboden door deze bibliotheek


Dit plus-artikel wordt u aangeboden door deze bibliotheek die voor u een abonnement nam.

Vindt u het interessant? Neem dan vandaag uw eigen gratis proefabonnement van 30 dagen.



We denken allemaal dat de Vlaamse emancipatie reeds volledig geslaagd is. Dit is echter een te snelle conclusie. Er zijn immers drie invalshoeken: -op cultureel en taalkundig vlak, waarbij we kunnen stellen dat het meeste werk gerealiseerd is; -op economisch vlak is Vlaanderen welvarend, maar ligt het nog aan de leiband van Franstalig België wat haar verdere ontwikkeling afremt; -verbonden met dit laatste leven we binnen een staatsstructuur die nadelig en krakkemikkig is, en een efficiënte werking van de overheid…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


We denken allemaal dat de Vlaamse emancipatie reeds volledig geslaagd is. Dit is echter een te snelle conclusie. Er zijn immers drie invalshoeken:

-op cultureel en taalkundig vlak, waarbij we kunnen stellen dat het meeste werk gerealiseerd is;

-op economisch vlak is Vlaanderen welvarend, maar ligt het nog aan de leiband van Franstalig België wat haar verdere ontwikkeling afremt;

-verbonden met dit laatste leven we binnen een staatsstructuur die nadelig en krakkemikkig is, en een efficiënte werking van de overheid en economie belemmert.

Bart Van Craeynest, ex-econoom bij KBC-bank, Petercam en Econopolis, is nu hoofdeconoom bij VOKA, het Vlaams netwerk van ondernemingen. In zijn paper van eind 2021: ‘Drie gewesten, drie richtingen naar groei’, maakt hij een scherpe analyse van de Belgische toestand. Ook KBC maakte in maart 2022 een studie over de recente divergente groei tussen de drie gewesten.

Ongelijk regionaal herstel in 2021 na Corona

Grosso modo is een benadering van economische groei de optelsom van werkgelegenheids- en productiviteitsgroei. Op die basis maakte KBC een schatting van het economisch herstel in 2021, daar de laatste regionale groeicijfers dateren van 2020 en die van vorig jaar slechts begin 2023 beschikbaar zijn.

Sinds 1955 liet Vlaanderen in drie op de vier jaren een sterkere groei zien dan de andere gewesten. De absolute groeiverschillen zijn sinds de jaren’90 wel gedaald, maar ze bestaan nog steeds. Na de financiële crisis, tussen, 2008 en 2020, steeg het bruto regionaal product (BRP) van Vlaanderen, Wallonië en Brussel in reële termen met respectievelijk gemiddeld 0,96%, 0,75% en 0,21% per jaar.

Tijdens de pandemie viel de groei in Brussel (-5,2%) net als in Vlaanderen (-5,1%) minder terug dan in Wallonië (-5,8%). In 2021 herstelde de economie krachtig in België met 6,1%. Diverse indicatoren geven aan dat het herstel in Vlaanderen krachtiger is geweest dan in de twee andere gewesten dank zij een betere consumptiedynamiek en ook een steviger industriële dynamiek. KBC vermoedt dan ook dat de Waalse economie in 2021 de Coronalap nog niet te boven is gekomen. De Brusselse zou terug op het niveau van 2019 zitten, en de Vlaamse ongeveer 1% erboven.

Doordat Vlaanderen meestal een sterkere groei kende is de welvaartskloof met Wallonië volgens Van Craeynest opgelopen tot 40%! Dit heeft negatieve consequenties voor de economische en politieke samenhang van België. Het komt tot uiting in het feit dat 56% in Franstalig België links stemt, tegenover 58% van de Vlaamse stemmen voor rechts.

Oorzaken

De primaire oorzaak van deze kloof is toe schrijven aan de lage werkzaamheidsgraad in Wallonië (61,3%) en Brussel (64,6%), tegenover 74,7% in Vlaanderen. Het geeft aan hoeveel percent van de bevolking tussen 20 en 64 jaar effectief werkt. Het gemiddelde in de Europese Unie bevindt zich op 72,4%, maar ligt boven de 80% in topregio’s als Duitsland, Finland en Zwitserland.

Dit vertaalt zich ook in lage Vlaamse werkloosheidscijfers (3,3%), terwijl de werkloosheidsgraad veel hoger is in Wallonië (7,2%) en Brussel (12,2%). Deze lage werkzaamheidsgraden doen zich voor binnen een context van grote krapte op de arbeidsmarkt, die zich vertaalt in record vacatures in alle regio’s. Het is een grote bedreiging voor het verdere groeipotentieel in ons land de komende jaren, wat nochtans noodzakelijk is om de kosten van de vergrijzing te dragen (ziekteverzekering en pensioenen). Het is een teken dat de arbeidsmarkt slecht functioneert.

Te weinig in de private sector

Daarbij aansluitend is er het feit dat in het zuiden van het land te weinig mensen werken in de private sector. Van de 15- tot 64-jarigen werkt 47% van de Vlamingen in de privésector, terwijl dit slechts 36% is in Wallonië en 41% in Brussel. In de Europese topregio’s spreken we van boven de 60%.

De overheidssector is wel belangrijk: ze staat in voor 18,1% van de toegevoegde waarde in Vlaanderen, maar is 27,4% in Wallonië. Onderwijs is het belangrijkst met respectievelijk 6,3% en 9,1% van de toegevoegde waarde, maar dat verschil zien we zeker niet in de kwaliteit van het Franstalige onderwijs (zie verder).

Veel armoede

Resultaat is dat er veel armoede is in Franstalig België. In Vlaanderen wordt slechts 1,6% van de bevolking geconfronteerd met ernstige materiële deprivatie, een meer harde maatstaf voor armoede (men kan bijvoorbeeld huur of verwarming niet betalen). Maar in Wallonië loopt dit op tot 6,7% en in Brussel zelfs tot 10,6%! Hoge cijfers voor een welvarend land als België.

Om de economische groei in Wallonië een inhaalbeweging te doen maken, is er eerst en vooral een hogere werkzaamheidsgraad nodig. We gaan verder in op de middelen die daartoe nodig zijn. Het is wel een proces van lange adem dat een continue inspanning zal vergen.

Belang Vlaanderen voor economisch sterker Wallonië

Qua stroom van werknemers is er weinig interregionale mobiliteit: weinig Walen gaan bijvoorbeeld in Vlaanderen werken. Maar anderzijds toont een studie van de Nationale Bank uit 2019 aan dat Wallonië een belangrijke afzetmarkt is voor Vlaanderen, en vice versa.

In Brussel staat Vlaanderen in voor 39% van de afzet, en Wallonië voor 18%.Voor de Waalse private sector is de Vlaamse markt (26%) twee maal zo belangrijk als Frankrijk (13%). Vlaanderen steunt voor zijn afzet voor respectievelijk 14% en 15% op Wallonië en Brussel, wat belangrijker is dan de grootste buitenlandse export naar Duitsland (9%). Een sterkere economie in het zuiden van België is dus heel nuttig voor Vlaanderen.

Transfers

Ook voor de beruchte transfers zou een sterker Wallonië belangrijk zijn. Zonder de impact van de schuld bedragen deze jaarlijks 6 tot 7 miljard euro vanuit Vlaanderen naar Franstalig België. Als Wallonië blijft achterna hinken op Vlaanderen zullen die eerder toenemen, wat toch niet de bedoeling kan zijn.

Sommige analyses toonden aan dat de uitstroom vanuit Vlaanderen de voorbije jaren afnam. Dit kwam door hogere pensioenuitgaven als gevolg van de snellere vergrijzing in Vlaanderen. Maar de komende decennia zou de groei van het aantal gepensioneerden in Brussel en Wallonië echter sneller toenemen dan in Vlaanderen, zodat dit argument wegvalt.

Gediversifieerd beleid arbeidsmarkt

Volgens Van Craeynest en VOKA kan Franstalig België enkel maar het roer omgooien als het een ander beleid kan voeren dan Vlaanderen. En dan in de eerste plaats op het vlak van de arbeidsmarkt om de werkzaamheidsgraad omhoog te tillen. Dit komt sterk tot uiting in de loondynamiek.

Ondanks de grote verschillen qua werkzaamheid en werkloosheid is de loongroei in de diverse gewesten gelijklopend. Het is een gevolg van het Belgische systeem van loonvorming. Enerzijds wordt via de loonnorm een maximale stijging  van de reële loonvorming afgesproken (+0,4% in 2021-22). Anderzijds wordt die aangevuld met de automatische loonindexering (aan de inflatie). Dit wordt federaal bepaald, zodat er weinig ruimte is om de loonvorming af te stemmen op de specifieke toestand van elk gewest.

De loonkost per eenheid product is zo 6% hoger in Wallonië dan in Vlaanderen. De economisch zwakkere regio kan geen concurrentieel voordeel opbouwen via lagere lonen. Maar met een minister van Werk met een PS-etiket (Dermagne) moeten we niet veel verandering verwachten.

Daarbij is de kwaliteit van het Franstalig onderwijs ondanks de hogere kost gevoelig lager, zodat de bedrijven daar moeilijk de geschikte arbeidskrachten vinden. In Wallonië en Brussel is er zelfs een relatief grote uitval, zodat 20% van de 20- tot 24-jarigen geen diploma secundaire onderwijs heeft,  tegenover ongeveer 10% in Vlaanderen. Levenslang leren, de huidige norm, is zeker niet van toepassing.

Stroeve federale besluitvorming

De regering neemt initiatieven om de werkzaamheidsgraad op te krikken, maar dit verloopt heel stroef. Een recent akkoord om de langdurige zieken weer aan het werk te krijgen is heel ruim qua modaliteiten om het akkoord van de Franstaligen te bekomen, maar het moet nu nog blijken of dit efficiënt zal zijn.

Ook de recente voorstellen voor een fiscale hervorming, lopen aan tegen een muur. De politiek samengestelde Hoge Raad van Financiën wil de belastingen op arbeid met 6,5 tot 7  miljard euro verminderen om de werkgelegenheid te stimuleren. Men stelde voor om nog drie belastingtarieven te behouden: 25, 40 en 50%.  Maar een voorstel om dat te financieren via bijvoorbeeld een verhoging van het btw-tarief en een afschaffing van de aftrek voor pensioensparen werd meteen afgeschoten door de PS. Het werkelijk belasten van bijvoorbeeld de huurinkomsten en de tankkaarten werd geweigerd door de liberale MR.

Hervormingen blijven uit

En zo blijven diepgaande hervormingen in België uit, wat op lange termijn vooral nadelig is voor Franstalig België. Ze kunnen enkel rekenen op de betutteling van de Vlaamse transfers, waar toch ooit eens een einde aan moet komen. Het is voor iedereen contraproductief. De Franstaligen moeten leren financieel verantwoordelijk te worden voor hun beleid.

De niet-efficiënte staatsstructuur kwam reeds dikwijls aan bod in vorige bijdragen.

Andere zwakke punten in Franstalig België

Naast de hierboven geschetste armzalige economische toestand in Wallonië, hetgeen onder andere visueel tot uiting komt in de staat van het wegdek daar, situeren we nog twee elementen;

-de PS heeft reeds veel te lang de touwtjes in handen, ondersteund door een ver gedreven clïentelisme. De diverse schandalen (althans als ze opduiken) tonen ook aan dat eigenbelang bij velen primeert. Een langdurige aflossing van de wacht kan nooit kwaad voor nieuwe ideeën en impulsen: dit geldt voor iedereen;

-de Franstalige cultuur en mentaliteit verschilt grondig van de Vlaamse. Men komt zo nog moeilijk tot beslissingen. De staatsstructuur zou hier rekening mee moeten houden, maar de Franstaligen houden de boot af.

Grendelmechanismen doorbreken: Europees Hof?

Juridisch staat Vlaanderen echter in een zwakke positie. Bij de regeringsonderhandelingen kunnen de Franstaligen elke diepgaande hervorming weigeren door de diverse grendelmechanismen in de grondwet, zoals grondig beschreven werd in het boek van Prof. H. Vuye. Men zal enkel iets toegeven als Vlaanderen veel geld op tafel legt. De Vlaamse demografische meerderheid wordt zo in de prullenmand gegooid. Dit democratisch deficit komt ook tot uiting in de paritaire politieke topbenoemingen.

Vlaanderen zou er dus werk van moeten maken om daar eens en voor altijd komaf mee te maken. Binnen de Europese Unie (EU) kan een lidstaat steeds uit de Unie treden als het wilt. In België is dit legaal niet mogelijk. Er zijn ook niet veel mogelijkheden om op een legale manier in te gaan tegen een grondwettelijk mechanisme dat diepgaande hervormingen belemmert. Zeker niet in België, waar alle publieke topfuncties op paritaire wijze politiek benoemd zin.

Men zou dus eens de piste moeten bewandelen om een procedure op te starten, buiten België, bijvoorbeeld voor het Europees Hof van Justitie in Luxemburg (EU) of het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg (Raad van Europa). Het zou de nodige visibiliteit opleveren, en misschien de zaken eens doen loskomen. Iedereen heeft recht op hervormingen om zijn toekomstige welvaart veilig te stellen.

Paul Becue

Paul Becue is lic. Rechten, TEW en Diplomatieke Wetenschappen. Hij heeft een lange ervaring in de financiële sector. Zijn boeken over kredietverzekering gelden als de referentie.