JavaScript is required for this website to work.
post

Het ‘chocomousse’-incident en andere flauwe alibi’s

ColumnJohan Sanctorum16/10/2018Leestijd 3 minuten

Op het gevaar af dat iemand denkt dat ik een echte fan van Guy D’haeseleer zou zijn, moet ik het opnieuw opnemen voor het Ninoofste stemmenkanon dat met 40% van de rode bolletjes in zijn gemeente ging lopen. Het chocomousse-Facebookbericht uit 2017 dus, waarin Guyke aankondigt dat hij het dessert gaat maken voor een Brueghelfestijn van Forza Ninove, en daar …

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Als abonnee kan u ook alle plus-artikelen lezen. Doorbreek de bubbel vanaf €4.99/maand.

Ik neem ook een abonnement

Op het gevaar af dat iemand denkt dat ik een echte fan van Guy D’haeseleer zou zijn, moet ik het opnieuw opnemen voor het Ninoofste stemmenkanon dat met 40% van de rode bolletjes in zijn gemeente ging lopen. Het chocomousse-Facebookbericht uit 2017 dus, waarin Guyke aankondigt dat hij het dessert gaat maken voor een Brueghelfestijn van Forza Ninove, en daar een foto van lachende negerkindjes bij plaatst. ‘Vroeg op om de chocomousse klaar te maken voor ons Breughelfestijn. En het is niet van ’t paksken zenne’.

Geubels en de Walen

Dat was toen al de aanleiding voor veel tumult bij de politieke tegenstanders. Voor N-VA-voorzitter Bart de Wever is het nu een dankbaar alibi voor een njet omtrent het in zee gaan van zijn lokale afdeling met Forza. Je vindt altijd een stok om de hond te slaan. Het had echter de voorzitter gesierd indien hij had gezegd dat hij coalities met het VB of VB-satellieten als Forza Ninove strategisch niet opportuun vindt. Maareen banale grap opkoken tot een beslissend argument voor of tegen een coalitie is flauw en doorzichtig. Geen politieke commentator echter die het waagt om dat te doorprikken. Mogen we nog eens lachen?

Reporters

In zijn TV-Vier-reeks Geubels en de Belgen richt de humorist Philippe Geubels zich op een zeker moment tot ‘de landgenoten die geen werk hebben’, en begint in het Frans: ‘Bonsoir chers téléspectateurs…’. Boodschap: alle Walen zijn luie parasieten. De zaal ligt dubbel, gevolgd door overvloedige excuses, weer gelach. Daarna volgt nog een dubbelzinnig mopje over zwarte HIV-patiënten, én over Marokkanen die niet werken. ‘Sorry,sorry, ik kon het niet laten’. Iedereen verkneukelt zich. En dan: ‘Vandaag zal blijken dat er ook hardwerkende Walen en allochtonen zijn…. we hebben er zes gevonden’ (gelach) ‘… waaronder twee in de niet-criminele sector.’ (weer gelach). Dan weer een deemoedig ‘sorry’, nog meer gegibber.

Vier is blijkbaar niet te beroerd om net deze passage on line te zetten als een voorbeeld van geslaagde, zij het politiek-incorrecte humor. Effectief, in een paar minuten tijd laat de komiek alle verboden ‘racistische’ vooroordelen de revue passeren. Ik heb daarover niemand kritische commentaar horen leveren, zelfs niet van de alomtegenwoordige zwarte Cassandra Dalilla Hermans die ooit een racistische tekening bespeurde in een Suske-en-Wiske-album en daarvoor heel Vlaanderen op zijn kop zette.

Volkshumor

Mag een op TV verschijnende komiek meer dan een dorpspoliticus die een Brueghelfeestje aankondigt? Het zal wel dat Geubels de Walen- en negermoppen wilde persifleren/parodiëren, maar het publiek schaterde het toch maar uit. De chocomousse-grap van D’haeseleer kan echter niet door de beugel, en dat is louter en enkel omdat De Wever een voorwendsel zocht en vond om de coalitie met de N-VA af te schieten. Ik weet dat er op het N-VA-partijbureau lieden in dienst zijn die niets anders te doen hebben dan ‘antecedenten’ na te gaan bij politieke tegenstrevers. Met een jaarlijkse dotatie van ruim 13 miljoen euro kan men zich ook wel een serieus personeelsbestand permitteren.

Ten gronde is humor altijd een beetje politiek-incorrect, omdat ze subversief is en bij voorkeur ‘verboden’ onderwerpen en taalgebruik aansnijdt, iets waar Sigmund Freud al op wees (‘Der Witz und seine Beziehung zum Unbewußten’, 1905). In onze politieke constellatie betekent dat onvermijdelijk dat mensen de censuur, opgelegd door de pococratie, gaan ontlopen via moppen, zinswendingen en metaforen met een ‘bruin’ randje. Ik zou bijna zeggen: Bruegheliaans, om bij het onderwerp te blijven.

We hebben het hier dus over volks- en caféhumor waar Geubels een parafrase van ten beste gaf. In een Ninoofse context heeft dat uiteraard een speciale dimensie en is het vermengd met de concrete samenlevingsproblemen die naar boven komen. Maar de humor zelf bestraffen is zinloos en contraproductief. Dus ja, ik kan er best wel om lachen, die chocomousse-aankondiging is noch kwetsend noch cynisch. Vermoedelijk ziet onze zwarte medemens zelf er veel minder graten in dan de blanke vijanden van D’haeseleer die hem zijn succes niet gunnen. Het dictaat van het partijbureau is uiteraard doorslaggevend, maar onderhuids speelt bij de lokale N-VA (én de andere partijen) ook een minachting voor de basse classe waar het Forza-boegbeeld mee optrekt en onbetamelijke humor bedrijft. Door de Forza-kiezer als extremistisch uitschot te stigmatiseren, probeert men verder om dit signaal van de kiezer te begraven onder een hoop politiek-correct gewauwel van de verenigde verliezers.

Flauw, klein en inspiratieloos is dat soort alibipolitiek om het cordon te handhaven. Guy D’haeseleer beseft dat met zijn boerenverstand heel goed: volgende keer worden het er 50%, en dan heeft Forza de zegen van Bart De Wever niet meer nodig om de burgemeestersjerp te omgorden in de Oost-Vlaamse probleemgemeente. Nog zes jaar cafépolitiek bedrijven en pinten trakteren, misschien hoopt de geheelonthoudende N-VA-voorzitter wel in alle stilte dat de Forza-voorman onder dat gewicht bezwijkt.

Johan Sanctorum (°1954) studeerde filosofie en kunstgeschiedenis aan de VUB. Achtereenvolgens docent filosofie, tijdschriftuitgever, theaterdramaturg, communicatieconsultant en auteur/columnist ontpopte hij zich tot een van de scherpste pennen in Vlaanderen en veel gevraagd lezinggever. Cultuur, politiek en media zijn de uitverkoren domeinen. Sanctorum schuwt de controverse niet. Humor, ironie en sarcasme zijn nooit ver weg.

Commentaren en reacties