fbpx


Politiek
Jeroen Bergers

Conner, schud uw ministers wakker




‘Als ik door Molenbeek rijd, voel ik me ook niet in België’. Na deze uitspraak werd Vooruit voorzitter Conner Rousseau  door heel politiek correct België verketterd. Menig politicus noemde hem Trumpiaans, maar ook vanuit eigen rangen kreeg Conner flinke kritiek.

Daar knelt het schoentje, want de socialisten besturen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest al onafgebroken sinds het werd opgericht in 1989. Er zijn, om het licht uit te drukken, gigantisch veel problemen in Brussel. Het is dan ook onbegrijpelijk dat iemand die het lef heeft om deze te benoemen de volle lading krijgt, maar het is even onbegrijpelijk dat de socialisten van Rousseau al jaar en dag helemaal niets aan die problemen doen.

Nederlandstalig onderwijs

Volgens Rousseau is het belangrijkste dat de inwoners van Brussel onze taal kennen. Ik kan niet anders dan hem daar gelijk in geven. Nederlands leren is het voornaamste middel om deel uit te maken van onze maatschappij alsook om de eigen kansen in het onderwijs en op de arbeidsmarkt te gaan vergroten. Hij vertelt in zijn interview dat er in verschillende klassen in Molenbeek lesgegeven wordt in het Arabisch, omdat de leerkrachten geen Nederlands kunnen. Ik kan die uitspraak noch bevestigen noch ontkennen, maar u raadt vast nooit wie als Molenbeekse schepen van onderwijs hiervoor verantwoordelijk zou zijn. Juist: Jef van Damme, die lid is van Rousseau zijn partij.

Het Nederlandstalig gemeenschapsonderwijs in Brussel brengt een positieve maatschappelijke tendens teweeg. Doordat het Vlaamse niveau van onderwijs gewoonweg beter is dan het onderwijs dat de Franstalige overheid voorziet, kiezen steeds meer mensen voor Nederlandstalig onderwijs. Waar het Nederlandstalig onderwijs in 2005 slechts 37.365 leerlingen telde, telde het in 2020 al 50.477 leerlingen. Een stijging van maar liefst 34,2%. Zo leren steeds meer Franstalige Brusselaars en nieuwkomers Nederlands. Met Nawal Ben Hamou heeft zelfs een Franstalig regeringslid onderwijs gevolgd in het Nederlands.

Weggelachen

Dit neemt niet weg dat de situatie ernstig is. Het Vlaams Meldpunt Taalklachten kreeg vorig jaar meer dan dubbel zoveel taalklachten als de jaren daarvoor. Amper één op vijf Brusselse apothekers is in staat om klanten in het Nederlands vooruit te helpen. Bovendien werd in het testdorp van Merode zelfs de politie gebeld omdat een oude man bij zijn coronatest in het Nederlands wenste geholpen te worden. Ook toen wij een week later Eerste Hulp Bij Nederlandstalige Onkunde, pamfletten met enkele basiszinnen in het Nederlands gingen uitdelen, werd voor ons de politie gebeld. Als hulpverleners de klachten van mensen met gezondheidsproblemen niet kunnen verstaan, creëer je gevaarlijke situaties.

Nochtans moet het personeel van de Brusselse overheid wettelijk tweetalig zijn. Maar wanneer de burger hierover zijn beklag doet, wordt hij door regeringsleden van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest gewoonweg uitgelachen: ‘C’est comme ça’. Ook wanneer Brussels parlementslid Gilles Verstraeten (N-VA) in het parlement vroeg of er iets gedaan wordt met het rapport van de Brusselse vicegouverneur waaruit blijkt, dat slechts een vijfde van de aanwervingen in de Brusselse OCMW’s tweetalig is, krijgt hij van de Brusselse regering de smalende reactie dat ze daar echt geen tijd voor hebben.

Put your money where your mouth is

Dus in plaats van uit te halen naar de Vlaamse regering, door te zeggen dat taalcursussen te duur zijn – wat trouwens fout is, cursussen Nederlands zijn in Brussel gewoon gratis – kan u beter uw ministers eens wakker schudden, Conner. U zou er beter voor zorgen dat de Brusselse overheid haar wettelijke plicht om tweetalig personeel aan te nemen eindelijk vervult. Niet in het minst in sectoren die mensen moeten helpen in noodsituaties zoals de zorg en politie. Wanneer er dan toch personeel wordt aangenomen dat niet tweetalig is, kan uw regering een cursus Nederlands verplichten of minstens boekjes met vertalingen van de meest gebruikte zinnen voorzien. Waar een wil is, is een weg.

Al is dat zeker niet de enige manier om gemeenten zoals Molenbeek meer Belgisch te doen aanvoelen. Deze maand nog werd voor de vijfde keer de invoering van verplichte inburgeringstrajecten voor Brusselse nieuwkomers uitgesteld. De verplichte trajecten moesten er eigenlijk al zijn op 1 januari 2020, maar botsten op een duidelijke politieke onwil bij de regering. Daar bewijzen ze nieuwkomers trouwens allesbehalve een dienst mee. In Vlaanderen zijn inburgeringstrajecten al sinds 2004 verplicht en werpen ze hun vruchten af. Het is in het belang van nieuwkomers, om ze te helpen bij het leren van onze normen, waarden én taal. Bovendien verhoogt een kwalitatief inburgeringstraject de zelfredzaamheid van nieuwkomers door ze op weg te helpen op de arbeidsmarkt.

Ik ga in dit stuk zelfs niet dieper in op het Brusselse veiligheids- of arbeidsbeleid, maar laat het duidelijk zijn: de socialisten hebben de sleutel in Brussel in handen. Hopelijk blijft het dus niet bij woorden, maar volgen er daden. Ik ben benieuwd.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel, cartoon of podcast wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels, podcasts, cartoons of video-uitzendingen op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Jeroen Bergers

Voorzitter Jong N-VA