fbpx


Analyse, Binnenland
Hoofddoek

De hoofddoek op school

Spreidstand tussen liberalisme en secularisme



De voorbije jaren laaide de discussie omtrent het hoofddoekenverbod binnen het onderwijs regelmatig op. De oorsprong van de recente discussie is min of meer een verderzetting van de uitspraak van de Raad Van State in 2014. Naar aanleiding van een klacht ingediend door enkele ouders van schoolgaande moslima’s geconfronteerd met een hoofddoekverbod in een school van het gemeenschapsonderwijs, sprak de RVS zich uit over de kwestie. Het oordeel handelde enkel over het verbod in de school van de betrokken moslima’s.…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


De voorbije jaren laaide de discussie omtrent het hoofddoekenverbod binnen het onderwijs regelmatig op. De oorsprong van de recente discussie is min of meer een verderzetting van de uitspraak van de Raad Van State in 2014. Naar aanleiding van een klacht ingediend door enkele ouders van schoolgaande moslima’s geconfronteerd met een hoofddoekverbod in een school van het gemeenschapsonderwijs, sprak de RVS zich uit over de kwestie. Het oordeel handelde enkel over het verbod in de school van de betrokken moslima’s.

Kort samengevat: de reden(en) voor het verbod, gestipuleerd in het schoolreglement, waren niet aantoonbaar, ergo onterecht.

Religie en rechtsstaat: onduidelijkheid troef

In 2019 boog het Hof van Beroep zich over het arrest van de RVS en concludeerde dat het verbod wél rechtsgeldig is. Niet veel daarvoor sprak een Leuvense rechtbank zich uit tégen het verbod in een GO!-school. In Gent werd in 2018 net niet beslist om het hoofddoekenverbod te verwerpen voor de Gentse scholen. Enkele weken geleden besliste de Stad Gent alsnog om de richtlijn in te voeren en een verbod enkel toe te laten na het aantonen van gegronde redenen.

Die beslissing van Vlaanderens meest progressieve stad viel niet per toeval samen met de ophef na een uitspraak van het Grondwettelijk Hof over een hoofddoekenzaak aanhangig gemaakt in 2017. Het GWH verklaarde zich akkoord met het algemeen geldende hoofddoekenverbod binnen het Franstalig gemeenschapsonderwijs.

Een onverantwoorde coronabetoging

De uitspraak van het GWH viel niet in goede aarde bij de moslimgemeenschap. Enkele gelovigen organiseerden met succes een betoging onder de hashtag #hijabisfightback. Meer dan 1200 betogers zakten in coronatijden af naar de Kunstberg te Brussel. Na de #blacklivesmatter-optocht was dit het tweede massaprotest dat de Stad Brussel in deze tijden om onbegrijpelijke redenen tolereerde. Verschillende moslima’s namen er het woord en pleitten voor het recht om hun religieuze kledingvoorschriften ook binnen de schoolmuren te respecteren.

Aya Sabi wijdde haar column in De Morgen aan dit vermoeiende dossier, onder de titel: ‘Racisme is niet enkel letterlijk dodelijk, het is dodelijk vermoeiend.’ Kwestie van met de deur in huis te vallen, liet ze ons verstaan dat het hoofddoekenverbod onverbloemd racisme is. Geen islamkritiek, zelfs geen islamofobie. Puur racisme! In dezelfde alinea beschrijft ze het alsnog als islamofobie, maar goed, semantiek helpt ons niet verder.

De rest van haar korte pleidooi is gebaseerd op een kortzichtige, ongenuanceerde en valse interpretatie van het debat over de hoofddoek op school. Volgens haar betoog situeert het hoofddoekenverbod zich louter in een sfeer van kledingvoorschriften, quod non. Het verbod op de hoofddoek lijkt zich volgens Sabi enkel te richten op een typisch Islamitisch kledingstuk en spruit kenbaar voort uit een autochtone afkeer jegens moslims. Discriminatie met racistisch motief dus. Omwille van deze column werd ze door menig wit-beige opiniemaker op het online schild gehesen.

Geen ordinaire muts

Een short, onderbroek en sjaal zijn kledingstukken. Hoe stijlvol, lelijk, comfortabel of ongemakkelijk ook, niemand zal anderen (tenzij de eigen kinderen) verbieden welke kleding dan ook te dragen. Oogrollend accepteren we zelfs dat medeburgers witte tenniskousen hoog opgetrokken in Teva-sandalen dragen.

Een hoofddoek is daarentegen geen alledaags kledingstuk, maar een religieus symbool en een patriarchaal instrument. Het dragen ervan geeft blijk van onderwerping aan God en is in die zin een religieuze daad, zoals het dragen van een kruisje dat ook is. Maar de hoofddoek dient niet enkel Allah. Ook en misschien wel voorál de echtgenoot, vader of broer. Hij schermt de opwindende vrouwelijkheid af voor andere mannen die zich anders seksueel aangetrokken zouden kunnen voelen.

Natuurlijk zijn er veel moslima’s die het haar bedekken uit vrije religieuze wil, maar voor elk van hen is er minstens één die verplicht wordt, subtiel of expliciet. Dit wetende is het zelfs laakbaar dat vrije moslimvrouwen de hoofddoek alsnog dragen, promoten en gebruiken in de strijd voor religieuze rechten.

Het gedogen van dwang

Onze linksideologische instituten negeren de lichte groepsdruk tot uitdrukkelijke dwang die uitgeoefend wordt op een aanzienlijk deel van de hoofddoekdragende moslima’s compleet. In de strijd tegen racisme en islamofobie sneuvelde elke vorm van cultuurafhankelijke kritiek op het slagveld van het multiculturele walhalla.

Uitgezonderd enkele extreemrechtse randfiguren vraagt  niemand om het belangrijkste hedendaags symbool van vrouwonderdrukking te bannen uit het straatbeeld. We omarmen het liberale aspect van onze democratie en aanvaarden daarom zelfs deze ambigue situatie. Wat een relevant deel van de bevolking wél vraagt is een erkenning van de symbolische en beladen draagkracht van de hoofddoek.

Relatieve vrijheden

In onze samenleving mag en kan iedereen geloven in spirituele of metafysische krachten en zich desnoods aansluiten bij een geloofsgroep naar keuze, erkend of niet. Legt die geloofsorganisatie specifieke kledingvoorschriften op aan haar leden, dan is elkeen in de mogelijkheid zich daaraan te houden, tenzij de voorschriften niet compatibel zijn met andere afdwingbare regels.

Geen enkele vrijheid in onze seculier-liberale rechtsstaat is absoluut. Laat staan de vrijheid om het geloof te belijden. Een samenleving bestaat uit tal van wetten, regels en reglementen. Sommige opgesteld door de hoge overheid, andere samengesteld door een kleine vzw. Altijd met als doel de goede orde te bewaren. Wanneer een regel indruist tegen een andere, is de regel van het hoogste orgaan van kracht.

In een seculiere samenleving lijkt het mij logisch dat de regels van een geloofsclub ondergeschikt zijn aan alle andere regels die een legitieme en wettelijke bestaansreden hebben. Wanneer een schoolreglement ,op basis van etiquetteregels, het dragen van een hoofddeksel verbiedt, is het uit den boze dat religieuze voorschriften dit reglement overrulen. Zelfs al is de bestaande regel aan modernisering toe, is dit principe heilig in een seculiere maatschappij.

De school als voorbeeld

Door het opheffen van het hoofddoekenverbod op scholen ontstaat een driefasig probleem. Ten eerste laat de school religieuze symboliek toe onder de leerlingen, wat kan leiden tot beïnvloeding, uitsluiting en polarisatie.

Ten tweede wordt het seculiere karakter van het belangrijkste overheidsinstituut, het onderwijs, aangetast door religieuze voorschriften voorrang te geven op bestaande reglementering. Elk precedent dat het secularisme ondermijnt, is uit den boze.

Het derde pijnpunt van zulke beslissing betreft de impliciete aanvaarding van patriarchale en onderdrukkende rollenpatronen binnen delen van de samenleving. Op zekere leeftijd leren de niet-islamitische kinderen dat hun moslima-klasgenootjes de hoofddoek niet allemaal dragen uit vrije wil. Tegelijk merken zij op dat onderwijzers en directie de hoofddoek niet in vraag stellen, waaruit ze kunnen afleiden dat ze ook de onderdrukking en discriminatie niet in vraag stellen.

Het hoofddoekenverbod opheffen binnen het seculiere schoolkader is dus allesbehalve een fait divers en heus niet zo onschuldig.

John Croughs

Londerzelenaar, vader van twee, projectontwikkelaar en vooral erg begaan met alles wat de samenleving vorm geeft.