fbpx


Cultuur, Geschiedenis
oerheimat

Het debat over de Oerheimat

De racialisering van het begrip 'Arisch'



Vandaag en volgende week gaan we nader in op een debat onder vakgeleerden dat eigenlijk alles heeft om centraal te staan in het modieuze dekolonisatievertoog. Toch wordt het daar vermeden omdat het tot onvoorziene contradicties leidt. Vandaag behandelen we vooral de Europese poot van het debat, volgende week de Indiase. In 1767 zond Gaston-Laurent Coeurdoux, Frans jezuïet in India, een 'mémoire' naar de Parijse Académie. Daarin toonde hij de verwantschap van de Noord-Indiase en de belangrijkste Europese talen aan. Hij…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Vandaag en volgende week gaan we nader in op een debat onder vakgeleerden dat eigenlijk alles heeft om centraal te staan in het modieuze dekolonisatievertoog. Toch wordt het daar vermeden omdat het tot onvoorziene contradicties leidt. Vandaag behandelen we vooral de Europese poot van het debat, volgende week de Indiase.

In 1767 zond Gaston-Laurent Coeurdoux, Frans jezuïet in India, een ‘mémoire’ naar de Parijse Académie. Daarin toonde hij de verwantschap van de Noord-Indiase en de belangrijkste Europese talen aan. Hij onderkende de talloze lexicale en structurele gelijkenissen van Sanskriet met Grieks en Latijn, en met Perzisch, Germaans, Keltisch, Slavisch, en uiteindelijk ook met Baltisch, Albanees en Armeens. Aldus Sanskriet ‘dva ‘voor ’twee’ Grieks en Latijn duo. De gelijkenis wordt groter naarmate men verder in het verleden teruggaat. Zo heeft het klassieke Sanskriet woord ‘rātri’ geen verband met ‘nacht’, zijn Nederlandse vertaling, maar in de oudere Ṛg-Veda (nvdr: Veda’s zijn de oudste en heiligste composities van het hindoeïsme, opgesteld in vedisch Sanskriet) vinden we daarvoor nog het woord ‘nakta’.

Volmaakter dan Latijn en Grieks

Deze ‘Indo-Europese’ taalfamilie werd internationaal op de kaart gezet door William Jones, Brits rechter in Kolkata, in 1786. Hij prees het Sanskriet als volmaakter dan Latijn en Grieks. Deze vertonen immers al een aantal vereenvoudigingen, bijvoorbeeld verlies (behoudens enkele restanten) van het tweevoud en van 2 of 3 van de 8 naamvallen. In dit beginstadium vereenzelvigde men de oertaal, de gemeenschappelijke grootmoeder van alle Indo-Europese talen, nog met het Sanskriet. Het stamland van de taalfamilie werd dan ook in India gelegd.

De eerste die er culturele implicaties aan verbond, was Voltaire. Hij schreef in 1775 dat de oorsprong van de Europese beschaving aan de oever van de Ganges lag (wat voor hem vooral betekende: lekker niet in de Bijbelse wereld). Hij was heel representatief voor degenen die uit Coeurdoux’ tekst afleidden dat de ‘oerheimat’ van de taalfamilie in India lag. Zo ook Immanuel Kant, Johann Herder, Jules Michelet, en, in zijn invloedrijke boek Sprache und Weisheit der Indier (1808), Friedrich Schlegel. Deze gebruikte als synoniem voor ‘Indo-Europees’ het woord ‘Arisch’ (van Sanskriet ‘ārya’, in de Veda’s ‘volksgenoot, wij’, later ‘edel’). Dat onze talen uit India kwamen, of wat tegenwoordig de Out-of-India Theory (OIT) genoemd wordt, was een consensus tot omtrent 1840.

De Kaukasus

In 1834 stelde August Schlegel (broer van) echter de Kaukasus voor als Oerheimat. Tot dan had ‘Arisch’ een louter taalkundige betekenis, ter aanduiding van een taalgemeente die deels blank en deels bruin van huid was. Onbedoeld droeg Schlegel met deze situering echter bij aan de raciale associaties die het Arische vertoog vanaf ca. 1860 zullen beduvelen. De geleerde Christoph Meiners had immers in 1785 de Kaukasus aangewezen als het stamland van het blanke ras (vandaar het Amerikaanse gebruik van ‘Caucasian’ voor ‘blank’).

Later zullen andere gebieden buiten India volgen, zoals de Duits-Poolse vlakte of Anatolië. Uiteindelijk kwam men in de jongste decennia opnieuw tot een consensus: de steppen ten noorden van de Kaukasus. Daar bevond zich in het 4de-3de millennium v.C. de Jamnaja- of putgrafcultuur. De meeste bronnen hieromtrent zullen je dan ook vertellen: ‘De Indo-Europese talen zijn gevormd in de Jamnaja-cultuur en vanaf een 3700 v.C. naar oost en west uitgezwermd.’

Vanuit een Oerheimat buiten India kunnen de ‘Ariërs’ maar in India terechtgekomen zijn door een invasie (tegenwoordig ook preuts-geweldloos doch onrealistisch een ‘immigratie’ genoemd), gedateerd rond 1500 v.C. Daarom heet die hypothese in India de Aryan Invasion Theory (AIT). In de beginjaren werd zij fel bestreden door OIT-getrouwen, zoals Mountstuart Elphinstone. Die wees er onder meer op dat de Veda’s geen enkele aanwijzing voor een buiten-Indiase oorsprong bevatten (daar waar de recentere Scandinavische Edda wel nog een herinnering aan een immigratie bevat). Dat argument hoort men vandaag nog steeds. Met de toevoeging dat er echter wel emigraties uit India naar het noordwesten in vermeld worden.

Eurocentrisme

Spoedig won de AIT echter het pleit, zodat de OIT tot recent in winterslaap ging. Het wetenschappelijk doorslaggevende argument was dat ook Sanskriet niet de ‘Proto-Indo-Europese’ oertaal had kunnen zijn. Men kon bijvoorbeeld aantonen dat Sanskriet aṣṭa (‘acht’) al wijzigingen had doorgemaakt sedert zijn oervorm, die beter bewaard was in Latijns-Grieks okto. Uit ‘Sanskriet was niet de oertaal’ leidde men dan, niet geheel logisch, af: ‘dus India was niet de oerheimat’. De culturele achtergrond die de verschuiving van India naar Oost-Europa in de hand werkte, was de aan gang zijnde demotie van India: van een rijk raadselachtig land in de verte naar een louter kolonie. Dat de studie van de taalfamilie nu niet meer berustte bij westerse in India verblijvende geleerden, maar voortaan gedirigeerd werd vanuit Berlijn en Oxford, verklaart mede het toenemende eurocentrisme.

De inmiddels voortschrijdende racialisering van het taalkundige begrip ‘Arisch’ (tevergeefs bestreden door de oriëntalist Friedrich Max Müller) leidde tot het zoeken en ‘vinden’ van raspassussen in de Veda’s. Het sterkste voorbeeld is het Vedische verslag van de ‘Slag van de Tien Koningen’. Daar worden de vijanden als ‘asiknī viśa’ beschreven. Men vertaalde dat als ‘de zwarte stam’. Dus, zie je wel: de donkere oerbewoners! Nochtans wordt elders in betreffende tekst duidelijk gezegd dat zij van de vallei van de Asiknī komen, de ‘Zwarte (rivier)’, de huidige Chenab in Pakistan: de Asiknī-stam. Zo werd elke geïnteresseerde westerling op het verkeerde, geracialiseerde been gezet.

Britse kolonisator

De raciale duiding viel bij de Britse kolonisator wel in de smaak. 1. De dynamische blanken veroveren het land van de indolente donkerhuidigen. 2. Bekommerd om hun raszuiverheid stellen zij het kastestelsel in als een soort raciale Apartheid. 3. Helaas trad toch een zekere rasvermenging op, waardoor de Ariërs degenereerden. 4. Gelukkig voor hen werden zij gezegend met een orde-brengende kolonisatie door hun raszuiver gebleven kozijns, de Britten.

Die evolutie zou culmineren in het nationaalsocialistische wereldbeeld, dat in de Arische-Invasie-Theorie zijn volmaakte illustratie vond. In Adolf Hitlers eigen woorden: ‘We weten dat de hindoes een mengvolk zijn van de edele Arische inwijkelingen en de donkere oerbewoners, en dat ze tot vandaag de gevolgen dragen: het is een slavenvolk dat er bijna als een tweede jodendom uitziet.’ (Warum sind wir Antisemiten?, 1920)

Dus: de Arische-Invallen-Theorie, in onschuld geboren, werd spoedig ingepalmd door kolonialisme en nazisme. Dat zou voor het ‘dekoloniale’ en antiracistische woke volkje toch vanzelfsprekend een neer te halen boeman moeten zijn? Wel, nee, het zijn eerder de critici van die AIT die door uitsluiting en doodzwijgen getroffen worden. Want het Indiase luik van het debat maakt de zaak wat ingewikkelder. Daarover volgende week meer.

Koenraad Elst

Koenraad Elst is orientalist en auteur van een dertigtal boeken.