fbpx


Geschiedenis, Media
collaboratie

Het trauma van de Franstalige collaboratie

Weinig media-aandacht voor 'Les enfants de la collaboration'



Woensdagavond zond RTBf de in Vlaanderen erg opgemerkte reportage Les enfants de la collaboration uit. Drie jaar na de VRT-reeks Kinderen van de collaboratie, wordt de collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog nu voor het eerst voorwerp van debat in het zuiden van het land. Geen media-aandacht Sinds de uitzending werd er in de Franstalige print media amper of geen aandacht besteed aan wat De Morgen vorige week nog een ‘ophefmakende’ uitzending noemde. Toont dat aan hoe ongemakkelijk Franstalig België het…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Woensdagavond zond RTBf de in Vlaanderen erg opgemerkte reportage Les enfants de la collaboration uit. Drie jaar na de VRT-reeks Kinderen van de collaboratie, wordt de collaboratie tijdens de Tweede Wereldoorlog nu voor het eerst voorwerp van debat in het zuiden van het land.

Geen media-aandacht

Sinds de uitzending werd er in de Franstalige print media amper of geen aandacht besteed aan wat De Morgen vorige week nog een ‘ophefmakende’ uitzending noemde. Toont dat aan hoe ongemakkelijk Franstalig België het tot vandaag nog heeft met zijn oorlogsverleden? Blijft de omerta over de collaboratie in het zuiden van het land gehandhaafd?

In Vlaanderen werd het taboe van de collaboratie doorbroken met het verschijnen van Maurice De Wilde op het BRT-scherm op vrijdagavond. Met De Nieuwe Orde en vijf volgende documentairereeksen doorbrak hij begin jaren 1980 de zorgvuldig opgebouwde mythen. Als in 1991 Luc Huyse zijn Onverwerkt verleden publiceert en Bruno De Wever drie jaar later Greep naar de macht, is het startschot gegeven om op academisch vlak collaboratie en repressie in België en vooral Vlaanderen te ontleden. Het lijdt in 2000 onder meer tot het historisch pardon van de Vlaamse Beweging in de schaduw van de IJzertoren. Het aantal Nederlandstalige publicaties over collaboratie en repressie zijn niet te tellen. De Wever geeft er wel een goed overzicht van in de recente heruitgave van Onverwerkt verleden. Het lijkt erop dat Franstalig België nog steeds moet beginnen aan de publieke verwerking van dat verleden. Laat staan dat een debat daarover mogelijk is.

Kloof

‘Het idee bestaat dat in Franstalig België iedereen in het verzet stond,’ zo steekt de Britse historicus Martin Conway van wal in de online reportage bij de tv-uitzending. Niets is minder waar natuurlijk. Ook Franstalig België kende zijn collaboratie, verzinnebeeld door ‘le beau Léon’ Degrelle. De eerste volledige en kritische biografie van de ‘Führer van Bouillon’ verscheen eveneens in het Nederlands. Volgens Cegesoma-historicus Alain Colignon stond ongeveer 1% van de Franstalige bevolking in België in de collaboratie. Ter vergelijking: in Vlaanderen was dat ca. 2,5%.

Maar de aandacht in Vlaanderen voor de collaboratie is altijd veel groter geweest. Denk aan de Encylopedie van de Vlaamse Beweging (1973) en zijn herwerking in 1998, de Nieuwe Encyclopedie van de Vlaamse Beweging. Momenteel is het ADVN bezig die te actualiseren zodat je ze volledig online kan raadplegen. Elke Vlaamse uitgeverij heeft wel enkele historisch verantwoorde boeken over de Tweede Wereldoorlog op het actief. In Franstalig België is dat helemaal anders. Daar vonden (amateur)historici zelfs geen uitgever bereid om hun verdienstelijke Encyclopédie de l’occupation, de la collaboration et de l’ordre nouveau en Belgique francophone (1940-1945) uit te geven.

Kijkcijfers

Des te verrassender zijn de kijkcijfers voor Les enfants de la collaboration. De schrijvende pers besteedde er amper aandacht aan, maar de Franstalige tv-kijker ging massaal voor de bijl. De Gentse historicus Koen Aerts, bedenker van het concept, spreekt niet zonder trots over 361 000 kijkers. ‘Dit overtrof al onze verwachtingen. Naar verhouding is dat ook meer dan de Vlaamse reeks gemiddeld haalde.’ (Dat waren er 529 000 – red.) Dat maakt het net nog ‘fascinerender dat de Franstalige pers zo weinig aandacht besteedt aan de reeks’.

Ook de reacties van het publiek, na de uitzending, zijn immens, zegt Koen Aerts. In de sociale media ontstond er veel ongeloof over de verhalen van de getuigen. En via e-mail kwamen veel vragen toe naar meer informatie. Ook de archieven zagen een plotse toename van vragen, onder meer naar dossiers van ouders of grootouders tijdens de oorlog. ‘Opvallend,’ zegt de Gentse historicus, ‘is dat een aantal mensen in het begin voorzichtig polsen, of hun naam niet geven. Het duurt even voor het ijs is gebroken. Er is nog heel wat schroom om de omerta te doorbreken‘.

collaboratie

Hier kan u de anderhalf uur durende documentaire bekijken.

Omerta

Het hoge woord is eruit: ‘omerta’. Franstalig België besteedde tot nog toe amper aandacht aan ‘zijn’ collaboratie. Collaboratie was een ‘Vlaams’ fenomeen. Franstaligen stonden in het verzet. Aerts nuanceert dat: ‘Er was wel degelijk een besef, dat zie je bovendien aan de universiteiten waar wel veel onderzoek gebeurt. Er zijn ook heel wat masterscripties over de collaboratie. Maar dat alles vindt zijn weg nog niet naar het brede publiek.’

Bruno Cheyns, auteur van de al vermelde Degrellebiografie, doet er een schepje bovenop, en spreekt van een trauma. Tegelijk roemt de biograaf de verdienste van de tv-uitzending: ‘Voor het eerst wordt collaboratie in Wallonië behandeld vanuit het standpunt van wie erbij betrokken is‘.

De collaboratie in Franstalig België was geen taboe, in zijn ogen. Dat is het evenmin in de ogen van bij de uitzending betrokken historici als Florence Rasmont en Alain Colignon, die online allebei spreken van ‘onverschilligheid’. Dat contesteert Cheyns: ‘De collaboratie is er een onverwerkt trauma. Dat zie je aan het feit dat het zo moeilijk was om getuigen te vinden voor de tv-reportage. Dat zie je aan het aantal wetenschappelijke uitgaven, aan het feit dat de media er minimaal aandacht aan besteden.’

Geen context

Koen Aerts beschreef eerder al hoe moeilijk het was (klein)kinderen voor de camera te krijgen om te getuigen. Cheyns: ‘Twee van de zes getuigden zonder hun achternaam bloot te geven, een ervan was zelfs de zoon van een rexist die helemaal niet heeft gecollaboreerd; Alfred Olivier brak in 1939 met Rex en was hevig anti-Duits’. Wat Cheyns het meeste stoort aan de uitzending, is het feit dat enkel (klein)kinderen aan bod kwamen; er was geen context, geen nuance. ‘Daarvoor moet je drie afleveringen online op de site van de RTBf bekijken, terwijl die net het interessantst zijn’, zegt Cheyns.

Blijkbaar kon of mocht een gesprek met historici niet op de televisie. Aerts getuigt dat toen hij zijn concept voorstelde aan de Franstalige publieke omroep die reageerde ‘met enige pudeur en elegante terughoudendheid’. Daarmee is de zogenaamde expertenaflevering, die De kinderen van de collaboratie afsloot, voor de RTBf ‘een virtuele voetnoot, eerder dan een fundamenteel hoofdstuk om die getuigenissen aan de nodige wetenschappelijke kritiek te onderwerpen en in de historische context te plaatsen’. Zo kon de kleinzoon van Léon Degrelle, José Antonio, — ‘zonder enig weerwoord’, zo merkt Cheyns op – de uitspraak doen dat zijn grootvader een man was met veel humor, die geen nazi kon zijn ‘omdat hij katholiek was’. (Ook bij de voornaam van de kleinzoon hadden historici iets kunnen vertellen, die is immers geleend van de leider van de Spaanse fascistische Falange, José Antonio Primo de Rivera, die nog steeds in een praalgraf rust.)

Geen weerwoord

Het gesprek met José Antonio Degrelle in het archief was dan weer wel interessant, vond Cheyns. Alle zes getuigen konden met historici van het CegeSoma het strafdossier van hun (groot)vader en -moeder inkijken. Voordien weigerde José Antiono de aantijgingen te geloven, en nadien bleef hij erbij dat het repressieproces tegen zijn grootvader een zuivere ‘politieke afrekening’ was. Cheyns laakt de manier waarop met hem is omgegaan en hem een open doekje werd aangeboden.

De historica ‘Chantal Kesteloot toonde hem twee frontbrieven van zijn grootvader, waarin hij aan zijn jongste dochter speels schreef over landmijnen. In datzelfde strafdossier’, dat Cheyns enkele maanden terug nog in handen had, ‘zitten ook documenten waarin Degrelle verslag doet van een dorp in Oekraïne waar de Joden op transport werden gezet naar “het Israëlitische paradijs”. Waarom werd hij daar niet mee geconfonteerd?’ Cheyns vindt dat de getuigen met te veel ontzag werden behandeld. ‘De historische kritiek ontbrak, en kijkers moeten al naar het internet om meer te weten te komen’.

Virtuele voetnoot

Waarom die expertenaflevering een ‘virtuele voetnoot’ – het woord is van Aerts – is verworden? Kunnen we nog steeds spreken van een morele doorwerking van een maatschappelijk taboe? Is het een bewijs van het trauma, zoals Cheyns dat noemt? Koen Aerts is erg scherp voor de RTBf in een begeleidend artikel: ‘De RTBf heeft zo een geweldige kans laten liggen om mogelijke kritiek en controverse te ontmijnen’. Al is er van dat laatste weinig te merken. De Franstalige schrijvende media besteden amper aandacht aan de uitzending. Jammer, herhaalt Koen Aerts, ‘net nu de loopgraven langzaamaan worden verlaten’. Al beseft hij dat het nog een moeizaam proces is om met het collaboratieverleden in het reine te komen.

Aerts besluit met een positieve noot. ‘De Vlaamse reeks heeft ontzettend veel nabestaanden aan het onderzoek van hun eigen familie gezet. De eerste reacties in Franstalig België zijn ernaar dat dit daar ook zal gebeuren. Het feit dat de getuigen in de uitzending in contact kwamen met het strafdossier van hun familieleden, werkte vaak louterend, maar toont ook aan hoe belangrijk de bronnen in die archieven zijn. Door daar kennis van te nemen, kunnen mensen begrijpen, een verklaring vinden maar ook de daden van hun familieleden moreel evalueren’.

[ARForms id=103]

Karl Drabbe

Karl Drabbe is uitgever van Ertsberg. Hij is historicus en wereldreiziger en werkt al sinds 1993 mee aan Doorbraak.