Met PFAS kun je je schoonmoeder niet vergiftigen
Is angst voor microplastics en PFAS terecht?

Bang voor PFAS en microplastics (illustratiebeeld)?
foto © Unsplash
Aangeboden door de abonnees van Doorbraak
Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Neem zelf ook een abonnement en lees alle plus-artikelen én ons driemaandelijks magazine.
Ik neem ook een abonnementIs het al gelukt om u een fobie voor microplastics en PFAS aan te praten? Daar wordt namelijk al een paar jaar aan gewerkt. Microplastics zijn minuscuul kleine korreltjes plastic afkomstig van verpakkingen, slijtage van alledaagse voorwerpen en afvaldumps, die in de lucht of in ons voedsel en drinkwater terechtkomen. En vandaar in ons lichaam.
Wetenschappelijke publicaties, vorig jaar onder andere in Nature Medicine, suggereerden dat we met tientallen grammen aan plastic in ons lichaam rondlopen, het equivalent van een complete plastic lepel alleen al in onze hersenen.
De Britse krant The Guardian springt altijd gretig in op spookverhalen over milieu of klimaat, die vervolgens hier worden overgenomen met een eigen sausje erover. Gelukkig bood de wetenschap recentelijk ook tegenspel: dat onderzoek in Nature Medicine was niet serieus te nemen (‘a joke‘) omdat de detectiemethoden niet deugen en heel veel vals-positieve resultaten opleveren.
Bij wijze van gunstige uitzondering rapporteerde The Guardian dit keer wel over de weerlegging van een eigen spookverhaal, deze keer overgenomen door de VRT.
Minder microplastic in lucht
Eén van de manieren waarop we te veel microplastics binnen zouden krijgen is door inademing, omdat het als fijnstof in de lucht zweeft. Afgelopen week stond een onderzoek in Nature dat met die zorg eigenlijk korte metten maakt: de tot nu toe gebruikte modellen voor emissie van microplastics naar de atmosfeer, blijken die emissie met een factor honderd tot wel tienduizend te overschatten.
Er zit dus veel minder microplastic in de lucht dan tot nu toe gedacht, wat ook betekent dat het zich vanuit de bodem, meren of oceanen via de lucht veel minder snel verspreidt dan gedacht. Het laat maar weer eens zien dat sensationeel milieuonderzoek van het eerste uur bijna altijd wordt gevolgd door degelijker onderzoek met veel minder alarmerende uitkomsten.
PFAS komt voor in coatings van anti-aanbakpannen, in kleding, cosmetica en vele andere consumentenproducten
De manier waarop dit heuglijke nieuws werd gebracht in een persbericht was veelzeggend: de eerste zin luidde dat de emissie van microplastic uit bronnen op land ‘zeshonderd quadriljoen deeltjes per jaar’ was, ‘meer dan twintig keer zo veel als uit de oceaan’. Durft u dan nog zonder mondkapje naar buiten? Het echte nieuws, over die honderd- tot tienduizendvoudige overschatting in vorige publicaties, komt pas daarna aan bod.
De angst voor microplastics loopt parallel met die voor PFAS, een groep kunststoffen met fluor erin. De chemische binding tussen een fluor- en een koolstofatoom (een element dat in alle kunststoffen voorkomt) is uitzonderlijk sterk, waardoor zulke stoffen zeer hittebestendig en stabiel zijn en in de natuur nauwelijks worden afgebroken.
Vandaar hun bijnaam ‘forever chemicals‘. Nu zijn er ook ‘eeuwige’ chemische stoffen waar we ons helemaal niet druk over maken, zoals glas (wat vooral siliciumoxide is), dus dat zegt op zich nog niets.
PFAS-concentraties gedaald
PFAS komt voor in coatings van anti-aanbakpannen, in kleding, in cosmetica en in vele andere consumentenproducten. Door slijtage en via afval komt PFAS in het milieu terecht en na decennia gebruik is het zowat overal terug te vinden, zelfs op de Noordpool. Dit overigens ook omdat we tegenwoordig zulke gevoelige detectiemethoden hebben.
Ook hier goed nieuws: recent onderzoek bij grienden (een soort dolfijnen), die deze eeuw in het Arctische gebied gevangen waren, laat zien dat de PFAS-concentraties in hun lichaam de afgelopen tien jaar met zestig procent gedaald zijn. Dat komt omdat de productie van PFAS vanaf het begin van deze eeuw al sterk beperkt is door een vrijwillige afspraak tussen de desbetreffende landen.
Los van of u zich werkelijk zorgen wilt maken over de levers van grienden rond de Noordpool heeft dit een wijdere betekenis. Internationale milieuafspraken werken dus, zelfs bij ‘eeuwige’ chemische stoffen die stapelen in het lichaam.
Toch verdwijnen ook ‘eeuwige’ chemicaliën op den duur uit lichamen en andere plaatsen waar ze eventueel kwaad kunnen als de aanvoer vermindert. Uiteindelijk raken zulke stoffen voor duizenden tot miljoenen jaren veilig opgesloten in de modder op de oceaanbodem of de ijskappen van Groenland en Antarctica.
Zwakke correlaties
Wat doet PFAS eigenlijk in het lichaam van mens of dier? Met PFAS kun je zeker je schoonmoeder niet vergiftigen. Er zijn statistische verbanden gevonden tussen meer dan een gemiddelde hoeveelheid PFAS in het lichaam en een iets hogere kans op een heel scala aan chronische ziekten, zoals hart- en vaatziekten, leververvetting en schildklierproblemen.
Probleem bij al die onderzoeken is dat het om zwakke correlaties gaat, terwijl onbekend is hoe dit op celniveau werkt. Er zijn ook onderzoeken die juist geen correlatie tussen PFAS en al die kwalen vinden.
Het is desondanks verdedigbaar om stevige normen voor PFAS op te stellen. Want als zulke subtiele effecten uiteindelijk onomstotelijk vastgesteld worden, gaat het over de hele bevolking gerekend meteen om forse aantallen ziekte- en sterfgevallen. Dat laat onverlet dat de schadelijkheid van ons eigen gedrag (roken, te veel eten en te weinig bewegen) op zulke kwalen zeker veel groter blijft.
Opmerkelijk is dat de normen voor PFAS in drinkwater, bodem en voedsel niet zijn gebaseerd op harde gezondheidseffecten
Opmerkelijk is dat de normen voor PFAS in drinkwater, bodem en voedsel niet zijn gebaseerd op harde gezondheidseffecten bij de bevolking of een substantieel deel daarvan, maar op een secundair effect: de immuunrespons van kinderen op vaccinatie.
Die kinderen worden dus niet ziek van PFAS, maar sommige vaccins lijken minder goed te werken als kinderen relatief veel PFAS in hun lichaam hebben. Al is intussen nog niet gebleken dat die kinderen vaker ernstig ziek worden van die infectieziektes.
Verdere aanscherping van norm
Tot een jaar of vijf geleden waren er niet eens specifieke normen voor PFAS, maar viel dat onder een brede categorie niet-natuurlijke stoffen, waarvan tot duizend microgram per liter in drinkwater acceptabel was (dat betekent een verdunning van één op één miljoen).
In 2023 werd in de EU een norm specifiek voor PFAS ingevoerd, van honderd nanogram per liter (verdunning van één op tien miljard), dus in zekere zin tienduizend keer zo streng.
Kunnen we dus allemaal opgelucht ademhalen over PFAS? Neen, in Vlaanderen is er een streefwaarde van vier nanogram per liter (nog ruim twintig keer strenger). In december 2025 bleek uit metingen dat ongeveer een kwart van de Vlaamse drinkwaterstalen niet voldeed aan de strengere (niet-wettelijke) advieswaarden, hoewel ze meestal wel ruim onder de wettelijke Europese norm van honderd nanogram per liter bleven. De volgende watercrisis kondigt zich al aan.
Dit artikel verscheen eerst in Wynia’s week.
| Categorieën |
|---|
Arnout Jaspers is natuurkundige, wetenschapsjournalist en auteur van de bestsellers De stikstoffuik (2023), De klimaatoptimist (2024) en Weg met ons! De mythe van de westerse erfzonde (2025).
John Dejaeger: ‘De mainstreammedia negeren de grote maatschappelijke vraagstukken. Polariserende feiten worden liever achtergehouden.’
Doorbraak is op zoek naar een creatieve en gemotiveerde marketingmedewerker.











