Maakt Van Grieken een bocht?
Nuancering over hoofddoekenstandpunt Vlaams Belang

Tom Van Grieken deed een opmerkelijke uitspraak in De Tafel van Gert.
foto © Instagram
Aangeboden door de abonnees van Doorbraak
Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Neem zelf ook een abonnement en lees alle plus-artikelen én ons driemaandelijks magazine.
Ik neem ook een abonnementIn ‘De Tafel van Gert’ van 2 april deed Tom Van Grieken, voorzitter van Vlaams Belang, recent de wenkbrauwen fronsen met een opmerkelijke nuance in het hoofddoekendebat. Waar zijn partij traditioneel pleit voor een strikt verbod op religieuze symbolen in het onderwijs en voor neutraliteit, leek hij in het praatprogramma ruimte te laten om de keuze bij de scholen zelf te leggen. Doorbraak vroeg hem om duiding.
In dat programma, helemaal gewijd aan de migratieproblematiek, zei Van Grieken nochtans eerst dat leerkrachten neutraal moeten zijn omdat ze door de staat worden betaald. ‘Voor mij mag men geen hoofddoek dragen omdat men ambtenaar is’, klonk het. Maar even later volgde een opvallende toevoeging: ‘Ik zal u eens verrassen. Als bepaalde scholen vinden dat die leerkracht een hoofddoek mag dragen, dan mag dat van mij. Maar ik wil ook dat scholen het recht hebben om te zeggen: onze leerkrachten dragen geen hoofddoek.’
Niet met belastinggeld
Die uitspraak lijkt op het eerste gezicht moeilijk te rijmen met de traditionele lijn van Vlaams Belang, dat al jaren pleit voor een algemeen verbod op religieuze symbolen in het onderwijs. In het verkiezingsprogramma van 2024 benadrukt de partij nog expliciet de ‘neutraliteit van ambtenaren’ en een ‘neutrale overheid’.
Om die paradox te duiden, vroegen we Van Grieken om verduidelijking. Volgens hem is er geen sprake van een koerswijziging. ‘Het partijstandpunt blijft hetzelfde: geen hoofddoek voor de klas in het officieel onderwijs’, stelt hij. ‘Maar sommige scholen zijn privé. Als zij dat willen, is dat hun keuze – alleen niet met belastinggeld.’
Officieel, privé of vrij?
Die nuance raakt aan een fundamenteel onderscheid binnen het Vlaamse onderwijslandschap. Scholen binnen het officieel onderwijs – georganiseerd door de overheid – worden gefinancierd met belastinggeld en zijn gebonden door het neutraliteitsprincipe. In die context past volgens Vlaams Belang geen zichtbare religieuze symboliek bij leerkrachten.
Complexer wordt het bij het vrij onderwijs, dat in Vlaanderen voor de overgrote meerderheid bestaat uit katholieke scholen. Hoewel die instellingen niet door de overheid worden georganiseerd, krijgen ze wel aanzienlijke publieke financiering. Tegelijk vertrekken ze vanuit een eigen levensbeschouwelijke visie, en laten ze vaak religieuze symbolen toe.
Hoe strikt kan de koppeling tussen overheidsgeld en neutraliteit worden doorgetrokken?
Dat spanningsveld roept vragen op. Als ook het katholiek onderwijs met belastingmiddelen gefinancierd wordt, maar tegelijk ruimte biedt voor religieuze expressie, hoe strikt kan de koppeling tussen overheidsgeld en neutraliteit dan worden doorgetrokken? En waar ligt in dat geval precies de grens tussen autonomie en neutraliteit?
Vrij – lees ‘katholiek’ – onderwijs
Volgens Tom Van Grieken blijft dat onderscheid duidelijk. In het officieel onderwijs wil zijn partij het neutraliteitsprincipe expliciet decretaal verankeren, inclusief een verbod op levensbeschouwelijke tekens. In het vrij – en dus vaak katholiek – onderwijs ligt die beslissing bij de scholen zelf, waar in de praktijk meestal nu al interne regels gelden. Privéscholen die buiten de overheidsfinanciering vallen, kunnen volgens hem volledig autonoom bepalen welke kledij is toegelaten.
De uitspraak van de partijvoorzitter in De Tafel van Gert lijkt op die manier minder een breuk met het partijstandpunt dan wel een poging om de grenzen van een en ander scherper af te lijnen. Maar of die nuance het debat zal verhelderen dan wel net bijkomende vragen oproept, is nog maar de vraag.

Maria Milovanova is masterstudent Taalkunde aan de Universiteit Antwerpen. Met Russische roots en een neus voor taal en maatschappij schrijft ze vanuit Antwerpen voor Doorbraak.
Terwijl andere media het verhaal vertellen via drones en frontanalyses, kijkt Doorbraak naar de mens achter de oorlog in Oekraïne.
Doorbraak is op zoek naar een creatieve en gemotiveerde marketingmedewerker.











