JavaScript is required for this website to work.
BINNENLAND

Pretpedagogie in ‘vrije ruimte’: moet minister niet ingrijpen?

NieuwsPieter Bauwens22/6/2026Leestijd 4 minuten
Minister Zuhal Demir (N-VA) moet ingrijpen.

Minister Zuhal Demir (N-VA) moet ingrijpen.

foto © Belga

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Neem zelf ook een abonnement en lees alle plus-artikelen én ons driemaandelijks magazine.

Ik neem ook een abonnement

Minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA) zegt het duidelijk: ‘De vrije ruimte in het secundair onderwijs leent zich bij uitstek om leerlingen die tekorten vertonen extra te ondersteunen of om leerlingen die vlot mee zijn bijkomend uit te dagen en te verdiepen.’ Maar in de praktijk vullen de scholen die uren soms ook in met ‘e-sport’, ‘ecotuin’, ‘kruidengeneeskunde’ en ‘filmgeschiedenis’.

De vrije ruimte werd bepaald door een decreet. Het geeft de scholen een marge binnen het wekelijkse lessenrooster. Dat telt minimaal 28 lesuren van 50 minuten, maar er mogen er meer voorzien worden. In die extra uren kunnen scholen zelf accenten leggen. Meestal gaat het om twee tot vijf lesuren per week. Dat kan gaan van een vak ‘esthetica’ naar meer uren ‘wiskunde’. Minister Zuhal Demir verwacht van de scholen ‘dat ze die ruimte in de eerste plaats inzetten om leerlingen sterker te maken en hun onderwijskansen te vergroten.’

Van ecotuin tot e-sport

De praktijk wijkt af. Er bestaat nergens een centraal overzicht van wat scholen aanbieden in de vrije ruimte, dus zochten we via artificiële intelligentie en schoolbrochures. Een beperkte greep, maar die toont wel aan hoe ver de creativiteit gaat. We vermelden telkens de school. Niet om die op het beklaagdenbankje te zetten, maar om het probleem traceerbaar te maken.

GO! Atheneum Diksmuide biedt naast meer uren ‘wiskunde en wetenschappen’ ook een ‘mini-onderneming’ aan in de vrije ruimte. Daarnaast staat ‘muziek’ ingeroosterd. Je leert er ‘op een creatieve manier samen spelen en zingen. Je oefent ritme, melodie en samenspel en bouwt stap voor stap je muzikale skills op. Als apotheose werk je toe naar een optreden, waar je je talent echt kan laten horen als schoolband.’ Werken aan je conditie kan in de module ‘sport’ en je groene vingers gebruiken oefen je in de module ‘ecotuin’. Je eigen stripverhaal maak je dan in de module ‘communicatie’. Ook ‘filmgeschiedenis’, ‘digi-art’ en ‘digi-web’ staan bij de aanbiedingen.

Op het KTA Brugge kan je dankzij vier extra uren ‘sport’ werken aan je conditie. Je kan er ook kiezen voor ‘e-sport’. Gamen wordt als een volwaardig vak onderwezen met aandacht voor ‘spelersvaardigheden’ en ‘businessmodellen’. Want e-sport is zoveel meer dan gamen! Daarnaast is er ook de ‘BIB-formule’. Daarin kan je boeken lezen ‘die bij jouw interesse aansluiten en zo je woordenschat vergroten’. Lezen tijdens de lesuren: geen klassieken, maar wat je zelf wil. Voor de echte leergierigen zijn er ook twee uren ‘Japans’.

Vechtsporten

In het Atheneum Aalst kan je ‘vechtsporten’ volgen tijdens de schooluren. Maar ook ‘filosofie in series en films’. Je kan er bovendien de module ‘organisator’ volgen. Wat volgens de beschrijving een soort cursus ‘animator in het jeugdwerk worden’ is. Ook twee uren ‘Spaans’ kunnen niet ontbreken natuurlijk. In het vierde jaar draait de keuze rond ‘ecologie’ met als module onder andere ‘kennismaking met kruidengeneeskunde’ (waarbij leerlingen massageolie en zalf maken). Ook lessen ‘klimaatverandering’ en ‘eco-filosofie’ ontbreken niet.

Er zijn ook heel wat scholen die niet of amper over de vrije ruimte spreken

Campus Sint-Paulus in Mol biedt de leerlingen een cursus ‘Op Eigen Benen staan’ aan. In die lessenreeks leer je zelfstandig leven. Je leert eenvoudige gerechten bereiden, wassen en strijken en het uitvoeren van verstelwerk. Een andere module is ‘audio-, foto- en videobewerking’. Er worden daarnaast een soort praktisch estheticavak en (uiteraard) lessen Spaans voorzien.

Ook zagen we dat heel wat scholen een module ‘voorbereiding op het ingangsexamen geneeskunde’ aanbieden. Een rondvraag leert dat dit gaat van lessen door gedreven leerkrachten tot leerlingen een bundel laten invullen onder toezicht van een leerkracht (die tijdens die uren toetsen verbetert). Er zijn trouwens heel wat scholen die niet of amper over de vrije ruimte spreken en die invullen met meer uren ‘echte vakken’.

Exotische talen

De vrije ruimte geeft scholen de kans om af te wijken van de klassieke taalkeuze. Scholen mogen elke levende vreemde taal aanbieden als vierde of vijfde taal. Klassiek zijn de cursussen Spaans in heel wat scholen. Het Heilige-Drievuldigheidscollege in Leuven biedt Arabisch aan in de vrije ruimte.

Andere scholen bieden ook Chinees (Heilig Graf Turnhout) en Japans (Atheneum Aalst) aan. Hoewel dat intellectueel uitdagend kan zijn, blijft het aanbod zeldzaam door een gebrek aan bevoegde leerkrachten en gestandaardiseerd lesmateriaal. De vraag is ook hoe vrijblijvend die lessen zijn en hoe de evaluatie verloopt.

Geen extra geld, maar herverdeling

De vrije ruimte wordt niet apart gefinancierd. Scholen ontvangen van de overheid een gesloten enveloppe aan ‘uren-leraar’ op basis van hun leerlingenaantallen. De scholen gebruiken gewoon uren uit hun pakket uren-leraar om deze vakken in te richten. Een vak als ‘e-sport’ wordt dus gefinancierd door het Ministerie van Onderwijs. Het is overheidsgeld dat ook naar extra uren ‘Nederlands’ of ‘wiskunde’ had kunnen gaan.

En — alsof dat allemaal nog niet genoeg is — hoe evalueer je dergelijke pretvakken?

Maar het wordt nog pijnlijker. Die vakken in de vrije ruimte schrijft een school administratief in als een bestaand vak, in functie van het diploma van de leraar die het geeft. Dat betekent dat een school een module ‘mindfulness’ administratief kan inschrijven als uren ‘wiskunde’, als een wiskundeleerkracht dat geeft en die nog enkele uren nodig heeft voor een volledige lesopdracht.

De vraag stelt zich dan vanzelf: wordt de inhoud bepaald door de noden van de leerling of wordt een vak ingericht omdat een leerkracht uren te weinig heeft?

De crisis van de evaluatie

En — alsof dat allemaal nog niet genoeg is — hoe evalueer je dergelijke pretvakken? Veel van deze hippe vakken kennen weinig of geen formele beoordeling, waardoor de werkelijke leerwinst en het rendement van de bestede middelen nauwelijks aantoonbaar zijn.

Minister Demir wil de effectieve leertijd maximaliseren: daarom grijpt ze vanaf september 2026 in op de totale evaluatietijd. Maar gaat er niet veel tijd verloren in die vrije ruimte? Gevraagd naar een reactie op de excessen van de vrije ruimte antwoordt de minister: ‘Elk lesuur moet in de eerste plaats bijdragen aan de ontwikkeling van de leerlingen en aan een sterke onderwijskwaliteit. Daarom zetten we in op duidelijke minimumdoelen, een sterkere studiematrix en meer focus op kennis en basisvaardigheden.’

Maar ingrijpen in de vrije ruimte wil ze vooralsnog niet. ‘Scholen hebben binnen onze onderwijsvrijheid ruimte om eigen accenten te leggen. Die vrijheid staat niet ter discussie. Maar vrijheid is geen vrijblijvendheid. Elk lesuur moet in de eerste plaats bijdragen aan de ontwikkeling van leerlingen en aan sterke onderwijskwaliteit.’

Maar wie de vrije ruimte niet beter reguleert, laat een achterpoort open. Als een school mindfulness als wiskunde mag inschrijven, een leerkracht zijn toetsen mag verbeteren terwijl leerlingen een bundel invullen, dan is de vraag niet óf er ingegrepen moet worden maar waarom het zo lang heeft geduurd.

Pieter Bauwens is sinds 2010 hoofdredacteur van Doorbraak. Journalistiek heeft hij oog voor communautaire politiek, Vlaamse beweging en religie.

Commentaren en reacties
Gerelateerde artikelen