JavaScript is required for this website to work.
Ethiek

Tussen ritueel en recht: het besnijdenisdebat

NieuwsMaria Milovanova18/2/2026Leestijd 2 minuten
Circumcisie is een eeuwenoude traditie die de kern vormt van de joodse
identiteit, zegt Henri Rosenberg.

Circumcisie is een eeuwenoude traditie die de kern vormt van de joodse identiteit, zegt Henri Rosenberg.

foto © Wikimedia

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Neem zelf ook een abonnement en lees alle plus-artikelen én ons driemaandelijks magazine.

Ik neem ook een abonnement

Na de diplomatieke rel met de Amerikaanse ambassadeur Bill White, is de discussie over de religieuze mannenbesnijdenis terug van weggeweest. Een eeuwenoude traditie: valt die onder de religieuze vrijheid of gaat het eerder om een louter onnodige medische ingreep op een wilsonbekwaam kind?

Acht dagen na de geboorte ondergaan joodse jongens traditioneel de besnijdenis. Wat voor de ene een essentieel religieus ritueel is, roept bij de andere ethische vragen op. Wat betekent die eeuwenoude traditie vandaag, en is ze in een moderne samenleving nog te verantwoorden?

Kritiek en weerwoord

Critici wijzen in de eerste plaats op het feit dat de meeste besnijdenissen ritueel van aard zijn en geen medisch noodzakelijke ingrepen zijn. Bovendien brengt elke heelkundige ingreep nu eenmaal risico’s met zich mee, ook in moderne ziekenhuizen. Tegenstanders argumenteren dat circumcisie onomkeerbaar is en wordt opgelegd aan een kind dat zelf geen inspraak heeft en op latere leeftijd misschien niet achter die keuze staat. Daarnaast is er ook controverse over de zogenaamde ‘metzitzah b’peh’, waarbij bloed uit de wonde met de mond wordt weggezogen. Die praktijk staat al langer ter discussie, ook binnen de joodse gemeenschap.

Ook niet-gelovige joden kiezen voor besnijdenis

Volgens Henri Rosenberg, advocaat en professor Joods Recht aan de Faculteit voor Vergelijkende Godsdienstwetenschappen in Wilrijk, wordt het debat te eenzijdig gevoerd. Hij benadrukt dat besnijdenis binnen het jodendom veel meer is dan een louter religieuze verplichting. ‘Het is een eeuwenoude traditie die de kern vormt van de joodse identiteit’, zegt hij. ‘Ook niet-gelovige joden kiezen ervoor. Het overstijgt het strikt religieuze.’ Over ‘metzitzah b’peh’ is Rosenberg heel duidelijk: die methode maakt geen intrinsiek deel uit van het ritueel en wordt door de meerderheid van de joodse gemeenschap afgekeurd.

Religie in het vizier

De tegenargumenten indachtig, wijst Rosenberg erop dat er wel degelijk voordelen aan circumcisie verbonden zijn. Besnijdenis kan bijdragen tot betere hygiëne en wordt ook in verband gebracht met verminderde kans op urineweginfecties en seksueel overdraagbare aandoeningen. Ook het risico op peniscarcinoom, een zeldzame vorm van kanker, neemt af, en besnijdenis speelt volgens internationale studies ook een rol bij hiv-preventie. Volgens Rosenberg is het dan ook onjuist om de praktijk als louter schadelijk of nutteloos af te schilderen.

Volgens Rosenberg wordt de nadruk in het publiek debat opvallend sterk op de joodse gemeenschap gelegd

Hij benadrukt bovendien dat besnijdenissen in België al 80 jaar worden gedoogd. ‘Waarom ontstaat er dan plots ophef en klinkt nu de roep om een verbod?’ vraagt hij zich af. Die nadruk op de joodse gemeenschap, terwijl de mannenbesnijdenis ook binnen de islam een religieus gebruik is… Dat verschil in focus geeft de discussie een ongemakkelijke ondertoon.

De controverse raakt tegelijk aan een fundamentele spanning: die tussen religieuze vrijheid enerzijds en het recht op lichamelijke integriteit anderzijds. Voor tegenstanders primeert het zelfbeschikkingsrecht van het individu. Voor voorstanders is besnijdenis een legitieme uiting van de religieuze en culturele identiteit, geworteld in een traditie die al duizenden jaren bestaat.

Het debat kan en mag daarom niet gereduceerd worden tot een louter medische discussie. Het gaat niet alleen over een ingreep, maar het gaat ook over de vraag in welke mate een multiculturele samenleving bereid is om religieuze gebruiken te beschermen – en waar de grens ligt.

Maria Milovanova is masterstudent Taalkunde aan de Universiteit Antwerpen. Met Russische roots en een neus voor taal en maatschappij schrijft ze vanuit Antwerpen voor Doorbraak.

Commentaren en reacties