JavaScript is required for this website to work.
POLITIEK

Forum

Een weekend doorvergaderen is geen garantie voor goed bestuur

Robrecht Bothuyne (cd&v): ‘Urgentie prediken en tegelijk uitstelgedrag vertonen is een vreemde combinatie.’

Robrecht Bothuyne is Vlaams parlementslid voor cd&v. Hij is tevens ondervoorzitter van zijn partij en schepen in het Oost-Vlaamse Kruisem.

18/10/2025Leestijd 4 minuten

foto © Laura Vereertbrugghen

Dinsdag was dé dag. De dag van de eerste State of the Union van premier Bart De Wever. Maar helaas: er werd een week extra tijd gekocht om nog wat verder te onderhandelen. Eigenlijk is dat jammer. Urgentie prediken en tegelijk uitstelgedrag vertonen is een vreemde combinatie. Dit kan en moet anders en beter.

Gelet op de budgettaire uitdaging is dat uitstel enigszins begrijpelijk. De gezondmaking van onze federale financiën met de daaraan verbonden sociale zekerheid is echt titanenwerk. De laatste ramingen tonen een tekort van -6,5 procent voor nv België. We moeten al teruggaan naar de tijd van de tandem Van Rompuy-Dehaene voor een gelijkaardige budgettaire oefening. Zij brachten het begrotingstekort terug van 7,1 procent naar 2,1 procent, goed wetende dat dit offers en moeilijke keuzes vroeg.

Centenboekje

Daar hebben ze op Vlaams niveau al wat ervaring mee. Minister-president Diependaele (N-VA) kon op 22 september wél op de voorziene datum zijn Septemberverklaring voorlezen. Het bijhorende centenboekje laat zien dat de Vlaamse regering het lef heeft om te besparen. En dat was nodig, want het Vlaamse begrotingstekort bedraagt 4,5 miljard euro, dieper rood dan ooit (op het uitzonderlijke coronajaar na). Niet zo lang geleden noteerden we nog begrotingsoverschotten. De regering houdt dankzij de besparingen haar belofte om de Vlaamse begroting opnieuw in evenwicht te brengen tegen 2027.

Beide regeringen hebben van gezonde overheidsfinanciën terecht een speerpunt gemaakt.

Beide regeringen hebben van gezonde overheidsfinanciën een speerpunt gemaakt. Dat is terecht. De uitdagingen die op ons afkomen zijn immers niet min: de vergrijzing alleen al zal de komende jaren gemiddeld 3,4 miljard euro per jaar extra kosten, en het Planbureau berekende onlangs dat de klimaattransitie tegen 2050 jaarlijks 4 tot 8,5 miljard euro kan vergen. Daarbovenop komt nog de groeiende geopolitieke onzekerheid die onze economische vooruitzichten onder druk zet.

Tijdens de coronacrisis en de energiecrisis konden we dit opvangen door tijdelijk extra uit te geven en de mogelijkheid om schulden aan te gaan. Nu is hét moment om onze overheidsfinanciën weer op orde te brengen, zodat we bij de volgende schok kunnen handelen in plaats van toekijken. Want die volgende crisis zal komen, of het nu een bankencrisis, een gezondheidscrisis of nog iets anders is. Wie zich nu voorbereidt, maakt straks het verschil: een voorbereid land is er twee waard.

In schril contrast

Het doel van de gezonde overheidsfinanciën is duidelijk en voorwaar a just cause, want in tijden van crisis zijn het net de zwaksten die de hardste klappen vangen. Dan zijn een sterke overheid en dito sociale zekerheid cruciaal. Onze regeringsleiders prediken al enige tijd over de ernst van de situatie en de grootteorde van de uitdaging, tot goed georkestreerde openingscolleges toe.

In tijden van crisis zijn het net de zwaksten die de hardste klappen vangen.

Maar die ernst lijkt in schril contrast te staan met de aanpak van de budgettaire uitdaging. De heren en dames van de Vlaamse regering zijn eigenlijk pas op vrijdagnamiddag 19 september door de minister-president naar de onderhandelingstafel geroepen. Goed wetende dat op maandag een begrotingsvoorstel aan het parlement moest worden toegelicht. En dat terwijl er geen kleinigheid op tafel lag: een gat van 1,5 miljard euro moest worden gevuld. ‘De grootste tussentijdse besparing ooit’, en toch pas last minute beginnen onderhandelen. Is dat slim?

Goed bestuur?

De veelbesproken besparing in de energierenovatiepremies van minister Depraetere (Vooruit), de tweede in drie maanden tijd, kwam pas op zaterdagnamiddag een eerste keer ter sprake. Van een gedegen impactanalyse en scenario-onderzoek was uiteraard geen sprake meer. Al was het maar omdat die zaterdagnamiddag niet alle specialisten ter zake op de administratie zaten te wachten op een telefoontje. Resultaat: de regering kondigt een forse besparing aan, waar meteen duizenden mensen over panikeren en zich vragen stellen over de impact op hun renovatieproject. De antwoorden moeten nog enkele weken wachten.

VDAB die een nooit geziene besparing ondergaat op het moment dat federaal het grootste experiment ooit met de arbeidsmarkt wordt doorgevoerd, is dat echt doordacht?

Ongetwijfeld zal de bevoegde minister met overgangsmaatregelen komen, maar een toonbeeld van goed bestuur is dit niet. Hetzelfde geldt voor zoveel andere besparingsmaatregelen. Het is zeer verdedigbaar dat de subsidiecultuur in Vlaanderen wat wordt ingeperkt. Maar aan vzw’s zeggen dat hun lopende overeenkomst binnen drie maanden stopt zonder erbij te zeggen hoe en waarom, leidt tot onnodig veel frustraties. VDAB die een nooit geziene besparing ondergaat op het moment dat federaal het grootste experiment ooit met de arbeidsmarkt wordt doorgevoerd, is dat echt doordacht? De vraag stellen is ze beantwoorden.

Deze manier van begrotingen maken ging vlot in tijden waarin Vlaanderen vooral moest kiezen waar het méér wou aan uitgeven. Nu lijkt de methode door de tijd en realiteit achterhaald. Een weekendje doorvergaderen is geen garantie voor goed bestuur. Ook federaal zijn we daar ver vanaf.

Een voorbeeld nemen

Dit kan en moet beter. En vreemd genoeg vinden we misschien inspiratie bij één van ’s lands budgettair slechtste leerlingen: de regering van de Franse Gemeenschap, geleid door minister-president Elisabeth Degryse (Les Engagés). Die gemeenschap is quasi failliet, met een schuld die het jaarlijkse budget ver overstijgt. Maar toch waait net daar een frisse wind.

Degryse zette een expertencomité aan het werk. Begin september werden de besparingspistes en opties voorgesteld. Er ontstond uiteraard maatschappelijk debat. Er werd zelfs gesproken over ‘le catalogue des horreurs’. Besparen is ook in Franstalig België geen pretje. Maar dat werk leidde ook tot sérieux, draagvlak én nuttige info. Op basis van de bevindingen van de experten werden technische werkgroepen aan het werk gezet. Dit alles liet de regering toe om te beslissen zonder grote opgeklopte spanningen of politieke crisissen.

Moeilijke keuzes werden gemaakt zonder veel politiek theater.

Nochtans is dit een voor de Franstalige Gemeenschap een nooit eerder geziene oefening. De regering heeft meteen ook een echt meerjarenplan beslist; met 700 miljoen euro besparingen en 200 miljoen euro nieuw beleid. Elke sector, elk departement werd mee in het bad getrokken. Moeilijke keuzes werden gemaakt zonder veel politiek theater. En vooral: die keuzes en hun impact zijn duidelijk en helder. De liberalen van Georges-Louis Bouchez zwaaien met lof naar de minister-president van Les Engagés over de aanpak en het resultaat.

Zou dat ook niet mooi zijn voor de Vlaamse en federale regering? Geen last minute nachtelijke onderhandelingen maar een goed opgebouwd, technisch correcte budgetoefening, inclusief maatschappelijk en politiek debat? Nooit gedacht het te schrijven, maar misschien kunnen we een voorbeeld nemen aan onze Franstalige buren …

Robrecht Bothuyne is Vlaams parlementslid voor cd&v. Hij is tevens ondervoorzitter van zijn partij en schepen in het Oost-Vlaamse Kruisem.

Commentaren en reacties