fbpx


Europa
Kathleen Van Brempt

‘Europa zal heropleven door de coronacrisis’

Reeks: Faalt de EU in de coronacrisis?


Europa coronacrisis

Heeft Europa gefaald in de aanpak van de coronacrisis? Wie de vraag luidop stelt, weet uiteraard dat hij een retorische vraag stelt in het genre van: de vraag stellen is ze beantwoorden. De vraag is daarom minder onschuldig dan gedacht. Ze wordt dan ook voornamelijk gesteld door diegenen die al meer dan een decennium hun pijlen op Europa hebben gericht en er zowat alles aan gedaan hebben om de Unie ten gronde te richten. Het zijn de Eurosceptici, de Eurorealisten, de exiteers, de critici van de ‘superstaat’ die vandaag vinden dat er te weinig Europa is en dat de Unie niet snel en krachtdadig genoeg heeft opgetreden. Vergis u niet, met hun kritiek willen ze het probleem niet oplossen, ze willen volharden in de boosheid en naar aloude populistische traditie aantonen dat de Unie een volstrekt nutteloze instelling is. Als ze echt nodig is, faalt ze, toch?

EU vs. VK

We zouden er ons kunnen vanaf maken met een boutade en de respons van de Unie vergelijken met een land dat zich bevrijd heeft van de ketenen van de ‘superstaat’, het Verenigd Koninkrijk, en ons dezelfde vraag stellen? Heeft het Verenigd Koninkrijk gefaald in haar aanpak van de coronacrisis? Ook dat is een retorische vraag. De Britten hebben geen Unie meer waar ze met de vinger naar kunnen wijzen en toch zijn ze in hetzelfde bedje ziek. Letterlijk.

Dus ja, Europa heeft aanvankelijk gefaald en wel omdat de Unie gemaakt is om op sommige domeinen te falen, met name in domeinen waarover ze geen bevoegdheid heeft, zoals de gezondheidszorg. Europa is geconstrueerd als een economisch samenwerkingsverband tussen natiestaten en is – driewerf helaas – nog steeds geen politieke Unie die in staat is krachtdadig op te treden waar dat nodig is.

27 staten spelen soloslim

Wat we bij de aanvang van de crisis gezien hebben, zijn 27 lidstaten die soloslim speelden, de export van beschermingsmateriaal zoals mondmaskers naar landen als Italië tegen hielden en unilateraal hun grenzen sloten. Gelukkig was er de Unie om dat exportverbod op te heffen en om aan de grenzen doorgangen te voorzien voor levensnoodzakelijke goederen.

De EU heeft haar kostbare tijd aanvankelijk verspild aan het temperen van het protectionisme van de lidstaten. Pas dan is ze gestart met de coördinatie van de inspanningen in de strijd tegen het COVID-19 virus, met het lanceren van gemeenschappelijke openbare aanbestedingen voor medisch materiaal, het organiseren van gemeenschappelijke voorraden voor medisch materiaal, het opheffen van de strenge begrotingsregels zodat lidstaten ongehinderd kunnen investeren in de aanpak van de crisis en in het mobiliseren van een miljardenpakket aan financiële steun.

It’s the economy

Wat dat laatste betreft, namelijk het financieel en economisch ondersteunen van de lidstaten, heeft de Unie wel degelijk een bevoegdheid. Maar zelfs hier duikt het begrip ‘falen’ vooral op in de context van regeringsleiders die ‘faalden om een akkoord te vinden over een gezamenlijke economische en financiële respons’. Of er een gezamenlijke schulddeling moet komen, al dan niet in de vorm van corona obligaties, en of het Europees Stabiliteitsmechanisme al dan niet in werking moet worden gesteld, de lidstaten slagen er niet in “snel en krachtdadig op te treden.

En dan moet de discussie over de Europese meerjarenbegroting nog starten, je weet wel, die begroting waarover de regeringsleiders het eerder evenmin eens geraakten. Nu zal die begroting door de Commissie hertekend worden om ten volle te worden ingezet voor het sociaal-economisch herstel na de COVID-19 crisis. Benieuwd of de lidstaten blijven vinden dat Europa véél meer moet doen met minder middelen.

Europa faalt

Dus opnieuw, ja, Europa faalt, zolang de Unie beperkt blijft tot een economisch samenwerkingsverband van natiestaten. Het zal blijven falen in belangrijke dossiers als we er niet in slagen verder te integreren, soevereiniteit te poolen of komaf te maken met de unanimiteitsregel in de Raad die er voor zorgt dat er telkens wel weer een dwarsligger is, die elke vooruitgang tegen houdt en het eigenbelang laat voorgaan op Europese solidariteit.

De echte lakmoesproef voor de Unie zullen we allicht pas de komende maanden zien, als de zogenaamde exit strategie uitgerold wordt, het plan om gezamenlijk weer uit deze historische crisis te geraken. Gezamenlijk is hier wel degelijk het kernbegrip. Want als we er niet in slagen solidaire antwoorden te formuleren, dan ziet het er niet goed uit voor de Unie. Maar vooral, dan ziet het er niet goed uit voor de Europese bevolking die zich opnieuw zal moeten verschansen achter de grenzen van hun natiestaten om afgunstig te zijn op hun buren die het beter hebben of zich te beschermen tegen buren die slechter af zijn. We stevenen dan af op een continent vol conflict, waar we in sommige lidstaten autocraten zich zullen zien ontpoppen tot echte dictators en waar de nieuwsberichten ons zullen vertellen over de diepe armoede in lidstaten waar we voorheen gewoon met vakantie gingen. Ik ben er van overtuigd dat zelfs de meest hardleerse regeringsleider doordrongen is van dat besef.

Van COVID naar meer Europa

Sommigen – en ik reken mezelf daar bij – uiten dan ook de hoop dat de COVID-19 crisis wel eens de heropleving van het Europees gedachtengoed zou kunnen betekenen, het diepgewortelde besef dat dit continent slechts een toekomst heeft als we grensoverschrijdende uitdagingen solidair aanpakken. Wat geldt voor COVID-19 geldt immers ook voor de asiel-en migratiecrisis, voor internationaal terrorisme of criminaliteit, voor de klimaatverandering, voor massale belastingsfraude en ontduiking… Natiestaten kunnen dit niet op hun eentje aanpakken.

De manier waarop we straks onze economie heropstarten, zal bepalend zijn voor de toekomst van de Unie. Als we dat doen vanuit dezelfde filosofie waarmee de Unie de New Deal heeft uitgetekend, met name dat ‘iedereen mee moet kunnen’ – No one should be left behind – dan moet de exit-strategie ons leiden naar een rechtvaardigere, duurzame en sociale Unie, waarin onze economie ten dienste staat van de Europese bevolking. Het is vooral nu niet de tijd om te kiezen tussen de Green Deal of de aanpak van COVID-19. Europa moet vandaag het win-win verhaal schrijven en haar economie heropstarten op een duurzame en rechtvaardige wijze. Falen is daarbij geen optie.


Dit is de tweede bijdrage in de opiniereeks Faalt Europa?, Europese parlementsleden uit verschillende partijen, beantwoorden daarin die vraag. Lees hier de andere bijdragen.

Aangeboden door de Vrienden van Doorbraak


steun doorbraak

Dit artikel wordt u aangeboden door de Vrienden van Doorbraak

Door een jaarlijkse of maandelijkse bijdragen financieren de Vrienden van Doorbraak de publicatie van de gratis toegankelijke artikels op doorbraak.be. Onze vrienden krijgen ook korting in de Doorbraak winkel en exclusieve uitnodigingen.

Hartelijk dank voor uw steun als Vriend van Doorbraak.

Kathleen Van Brempt

Kathleen Van Brempt (sp.a) is Europees Parlementslid en ondervoorzitster van de S&D-fractie. Ze is ook voormalig staatssecretaris en Vlaams minister.