JavaScript is required for this website to work.
Eindejaarsinterview

Herman Daems: ‘Jongeren zijn almaar grotere polarisering kotsbeu’

Pleidooi voor een nieuw poldermodel

NieuwsFilip Michiels26/12/2025Leestijd 7 minuten
Daems: ‘Ik stel vast dat er meer jongeren dan ooit een eigen bedrijfje
opstarten. Niet enkel om commerciële redenen, maar ook uit idealisme.’

Daems: ‘Ik stel vast dat er meer jongeren dan ooit een eigen bedrijfje opstarten. Niet enkel om commerciële redenen, maar ook uit idealisme.’

foto © HD

Aangeboden door de abonnees van Doorbraak

Dit gratis artikel wordt u aangeboden door onze betalende abonnees. Neem zelf ook een abonnement en lees alle plus-artikelen én ons driemaandelijks magazine.

Ik neem ook een abonnement

Premier Bart De Wever liet er eind november weinig twijfel over bestaan: er wachten ons nog flink wat jaren van strenge besparingen. Een even correcte als weinig bemoedigende boodschap voor de jongere generatie. Dan rijst de vraag: moeten politici toch ook niet het nodige perspectief bieden?

Topeconoom en gewezen KUL-voorzitter Herman Daems wijst vooral het maatschappelijke middenveld met de vinger. ‘Het zou een kapitale fout zijn om voor de toekomst van dit land enkel naar de politiek te kijken.’

De Verenigde Staten zeggen Europa politiek de wacht aan, de Europese Unie zelf telt geopolitiek amper nog mee en zowat heel West-Europa verkeert in besparingsmodus: je zou je hier anno 2025 als jonge twintiger voor minder vragen beginnen te stellen over je toekomst?

Herman Daems: Ik begrijp dat ook. Meer nog, het verbaast me enigszins dat er bij de jongere generatie niet meer wrevel en frustratie ontstaat over de generatie die hier begroting na begroting liet ontsporen. Met als gevolg dat pakweg de toekomstige uitbetaling van de pensioenen of de financiering van onze gezondheidszorg op losse schroeven komt te staan.

De Wever toonde zich daar na het recente begrotingsakkoord heel helder over: er wachten ons nog vele jaren van zware besparingen. Zeker voor de jongere generatie is dat niet meteen een aanlokkelijk perspectief. Ziet u alternatieven?

Ik herinner me hoe dit land begin jaren 80 ook in zeer slechte financiële papieren zat, en hoe de sfeer toen ook bijzonder somber en neerslachtig was. Puur economisch heeft de Belgische regering daar toen op gereageerd met een forse devaluatie van de Belgische frank. Dat is vandaag natuurlijk geen optie meer.

Maar in diezelfde periode trad ook Gaston Geens aan als voorzitter van de allereerste Vlaamse regering (toen nog de Vlaamse Executieve, FMI). Hij was de man achter de zogenaamde Derde Industriële Revolutie in Vlaanderen. Hét visitekaartje daarvan was natuurlijk de technologiebeurs Flanders Technology, die ook resoluut op het brede publiek mikte.

Flanders Technology bracht in de jaren 80 in Vlaanderen een golf van hoop en enthousiasme op gang.

Geens geloofde dat we ons een weg uit de crisis konden vechten met technologie, innovatie en creativiteit. Dat heeft toen in Vlaanderen een golf van hoop en enthousiasme op gang gebracht, met een eindeloze stoet van bezoekers aan de tentoonstelling over de toekomst. Dat project sprak toen sprak zeker de jongere generaties aan, hooggeschoolden én lager opgeleiden. Zoiets missen we vandaag. Tegelijk stel ik wel vast er meer jongeren dan ooit tevoren een eigen bedrijfje opstarten. Niet enkel om commerciële redenen, maar ook uit idealisme, bijvoorbeeld via een sociale onderneming. Laat ons dus ook niet té negatief worden.

De voorbije jaren werd de klimaatbeweging naar voor geschoven als dé uitweg uit de crisis. Groene technologie zou Europa opnieuw een concurrentieel voordeel bieden, en ook de media sprongen massaal op die kar. Dat lijkt nu toch anders uit te draaien?

Het probleem met die klimaatbeweging is dat ze te veel en te vaak rond verbieden draait. Het verhaal mist in mijn ogen ook overtuigingskracht als enkel Europa op dat vlak het voortouw neemt en aan de kar trekt. De EU tekent anno 2025 voor zowat 6 procent van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen. Dan moet je je de vraag durven te stellen of we met een economisch beleid dat voornamelijk daarop focust echt een verschil zullen kunnen maken.

Dit verhaal is te groot voor Europa, misschien is het zelfs te groot voor de mensheid. Maar ik zie wel degelijk kansen in heel wat andere domeinen, van de brede digitalisering over medisch onderzoek tot de razendsnelle doorbraak van AI.

Is het ook geen taak van de politiek om – weliswaar met heel beperkte middelen – toch wat meer perspectief te bieden?

Ik weet niet of dit momenteel echt de essentie is. Ik heb het gevoel dat jongeren vooral de almaar grotere maatschappelijke polarisering kotsbeu zijn. En ik denk dat we daar enkel maar van verlost raken als ook het maatschappelijk middenveld er eindelijk in slaagt om onder de eigen schaduw uit te komen. Veel belangrijke maatschappelijke actoren – denk maar aan de vakbonden of de mutualiteiten – schieten in mijn ogen zwaar te kort op dat vlak. Ze keren zich tegen zowat alles, en graven zich in in de eigen verworvenheden en posities.

Het middenveld keert zich tegen zowat alles, en graaft zich in in de eigen verworvenheden en posities.

Terwijl ze zelf toch ook vaststellen dat we in bijzonder slechte financiële papieren zitten en dat zij daar op de koop toe zelf ook deels toe hebben bijgedragen. Maar creatief mee nadenken over mogelijke oplossingen staat blijkbaar niet in hun woordenboek. Alles draait rond het behouden van verworven rechten. Maar als er extra noden opduiken en de taart wordt niet groter, dan moet je niet slim zijn om te beseffen dat dit onmogelijk is.

Is de rol van dat sociale middenveld in onze maatschappij de voorbije jaren al niet fel teruggedrongen?

Zeker, maar dat is natuurlijk ook net gebeurd omdat heel veel middenveldorganisaties constant de hakken in het zand zetten. Waarna je dan vaststelt dat heel wat jongeren hun conclusies trekken en besluiten dat ze voor hun toekomst niet langer moeten rekenen op de overheid of op die organisaties. Daar komt nog bij dat almaar minder jongeren in sectoren en bedrijven werken waar vakbonden goed gedijen, zoals grote fabrieken. Ze kiezen vandaag vaker voor kleine organisaties of voor een zelfstandigenstatuut.

Is meer Europa in uw ogen dan een antwoord op het gebrek aan perspectief of wervend project in eigen land?

Nee, ik vrees echt dat men zich zwaar vergist door zomaar in te blijven zetten op meer Europa. Het zou in mijn ogen nu vooral moeten gaan over een ander Europa. De piste van een federaal, zeer centralistisch aangestuurd Europa – waarvan Guy Verhofstadt ooit de grote voortrekker was – is voltooid verleden tijd. Al heeft men dat in EU-kringen wellicht zelf nog niet volledig door. Wij willen nu net weg van de eenheidsworst. We willen een diverser Europa, waar landen hun eigenheid behouden.

De grote Europese natiestaat kan op termijn enkel tegen de muur rijden.

Mensen vinden het geen probleem om zichzelf als Europeaan te bestempelen, maar ze hebben ook almaar duidelijker nood aan nog een andere identiteit. De EU streeft min of meer naar 27 lidstaten die allemaal een kopie zijn van elkaar, met producten en regels die ook overal identiek moeten zijn. Dat is onwerkbaar en onhoudbaar. De grote Europese natiestaat kan op termijn enkel tegen de muur rijden. Laat ons realistisch zijn en van de EU gewoon net dat tikkeltje meer maken dan enkel maar een grote gemeenschappelijke markt. In heel wat EU-lidstaten is Brussel vandaag haast een scheldwoord geworden, dat kan toch niet de bedoeling zijn.

Is zo’n ander Europa politiek nog wel haalbaar?

Ik weet dat ik met dit pleidooi niet zo veel vrienden zal maken, maar laat ons om te beginnen al inzetten op een veel kleiner Europees Parlement en op een forse inkrimping van de Europese Commissie. We zitten nu opgezadeld met een leger aan ambtenaren, bijgestaan door een al even indrukwekkend aantal consultants en lobbyisten. Allemaal mensen die uit puur eigenbelang het status quo en zelfs nog meer van hetzelfde verdedigen. Dat stramien moeten we doorbreken, zodat we opnieuw naar een Europa van de naties kunnen evolueren.

Ik ben zelf heel lang voorstander gebleven van een sterk geïntegreerd Europa, maar stel nu vast dat het helaas niet werkt. Ik wil daar nog aan toevoegen dat de vergelijking met de Verenigde Staten, die in deze vaak gemaakt wordt, in mijn ogen echt nergens op slaat. De individuele staten hebben daar héél veel te zeggen, er bestaat zelfs geen overkoepelende wetgeving voor bedrijven. Die gaan daar gewoon shoppen van de ene staat naar de andere. Dit betekent dat we de schaalvoordelen van een geïntegreerde markt opgeven, wél moeten we aanvaarden dat producten in verschillende landen ook kunnen en dat consumenten mondig en verstandig genoeg zijn om zelf te kiezen. Dat is echte democratie en echte inspraak. De andere aanpak, alles beslissen in Brussel, is puur paternalisme.

Wat dan met het argument dat de EU economisch meer in de pap te brokken heeft als één groot blok van 450 miljoen consumenten dan wanneer individuele landen handelstarieven moeten gaan onderhandelen met pakweg China of de VS?

Dat kan ook zo blijven, daarvoor is geen overdreven harmonisatie van wetgeving en productspecificaties nodig. Ik stel bovendien ook vast dat er ook nu vaak wordt onderhandeld met de grootste lidstaten, en dat die niet zelden tegen elkaar worden uitgespeeld. Ik geloof ook meer in concurrentie en in meer autonomie voor die lidstaten dan in een soort van grote Europese eenheidsworst. Iets wat goed is voor de ene EU-lidstaat moet ook goed zijn voor de andere, dat is wellicht ook één van de belangrijkste conclusies van de Europese top van eind december.

Lidstaten moeten een opt-out recht krijgen. Met één grote uitzondering wellicht: defensie. Maar laat net dat beleidsdomein nu uitgesloten zijn geweest in de basisverdragen. Nu begint het besef te dagen dat dit een kapitale fout was.

Moeten we bang zijn voor een scenario waarin de VS en China, twee landen die om verschillende redenen niet bepaald onomstreden zijn, hooggeschoolde Europese jongeren weglokken uit dat ‘vergrijzende’ oude continent?

We moeten op dat vlak in eerste instantie veel beter ons huiswerk maken. We hebben hier nog altijd de neiging zwaar te onderschatten wat er vandaag zoal in China gebeurt. De Chinezen bouwen een economie van de 21ste eeuw, terwijl wij nog altijd proberen om een economie van de 19de eeuw klaar te stomen voor die 21ste eeuw. De infrastructuur in China is zonder meer fantastisch en ze werken er met ultramoderne technologie: op termijn wordt China sowieso het wereldwijd dominante technologische powerhouse.

De Chinezen beschikken over veel meer ingenieurs dan Europa of de VS, wat hen op vlak van innovatie een straatlengte voorsprong geeft. De VS beschikken dan weer over veel meer kapitaal dan Europa, niet in het minst omdat flink wat kapitaal dat hier via allerlei fondsen wordt opgehaald naar Amerika wordt versast om er vervolgens te worden ingezet als durfkapitaal.

Op termijn wordt China sowieso het wereldwijd dominante technologische powerhouse.

Willen we die twee grootmachten van antwoord kunnen dienen, dan moeten we in Europa grondig gaan nadenken over onze prioriteiten. De overheid besteedt hier veel te veel geld aan niet-prioritaire taken. Er wordt in dit land bijvoorbeeld al jarenlang steen en been geklaagd over een tekort aan middelen voor justitie en voor de gevangenissen. Maar tegelijk geeft de Vlaamse overheid jaarlijks wel honderden miljoenen uit aan nieuwe fietsinfrastructuur. Ik gun dat de fietsers van harte, maar zeg nu zelf: als we een maatschappelijke afweging moeten maken tussen een goed functionerend rechtssysteem of een aangenaam fietsnetwerk, zouden we dan niet voor het eerste moeten kiezen? Ik zou dat de financiële staatshervorming durven te noemen.

Ik vrees echt dat heel veel mensen amper beseffen welke economische donderwolken er nu boven West-Europa hangen. Neem nu de chemische industrie of de autoproductie: sommige mensen lijken het amper te betreuren dat die sectoren hier grotendeels zouden verdwijnen. Sterker nog: de Europese Centrale Bank moedigt banken zelfs aan om aan die sectoren geen leningen te geven, wegens te risicovol. ‘Het zijn toch maar vervuilende industrieën’, klinkt het dan. Dat er daarbij ook vele tienduizenden jobs op de tocht staan, lijken ze even uit het oog te verliezen.

Protesteren, dwarsliggen, maar niets doen om dit land opnieuw op de rails te krijgen, dat maakt me echt boos.

Iemand als Bart De Wever heeft bijzonder veel kwaliteiten, maar optimisme is er niet echt één van. Moet een politieke leider toch ook niet op zoek naar dat perspectief voor jongere generaties, zeker in de huidige geopolitieke en economische context?

De Wever is wie hij is, en één van zijn grote troeven is net zijn authenticiteit. In mijn ogen is hij op dit moment echt wel de juiste man op de juiste plaats, ik zie niemand anders in de Belgische politiek die in staat is te doen wat De Wever nu doet. Tegelijk kan ik niet voldoende herhalen dat het ook aan andere maatschappelijke actoren is om nu hun deel van het werk op te knappen. Protesteren, dwarsliggen, maar niets doen om dit land opnieuw op de rails te krijgen, dat maakt me echt boos. Dit klinkt nu wellicht als een pleidooi voor een soort nieuw poldermodel, maar dat heeft wel jarenlang goed gewerkt.

Misschien maakt dat middenveld uit welbegrepen eigenbelang liever niet al te veel slapende honden wakker? Zolang een ruime meerderheid van de Vlamingen een al bij al comfortabel leventje kan blijven leiden, zal niemand hen dat echt kwalijk nemen?

Dat zou best kunnen, maar het middenveld zou moeten begrijpen dat die aanpak ertoe leidt dat ook zij vroeg of laat tegen de muur zullen knallen. Willen we deze maatschappij én onze manier van leven redden, dan zou het een kapitale fout zijn om dit enkel aan de politiek over te laten.

Filip Michiels is zelfstandig journalist/auteur en schreef ruim 20 jaar voor diverse Belgische kranten, weekbladen en websites. Hij won tweemaal de Citi Persprijs voor economische journalistiek en was eenmaal genomineerd voor de Belfius Persprijs. In 2022 publiceerde hij de biografie van Bessel Kok: "Chaos & Charisma". Hij werkt sinds 2019 voor Doorbraak en coördineert ook Doorbraak Magazine.

Commentaren en reacties