fbpx


Actualiteit, Buitenland

‘I can’t breathe’: Amerika kreunt onder raciaal conflict

Overlijdens van Ahmaud Arbery en George Floyd leiden tot massaal protest



De Verenigde Staten zijn in rep en roer. Wekenlang was de coronarespons van de federale en lokale overheden al wat de klok sloeg in de Amerikaanse media. Mei bracht hier op een bedroevende manier verandering in. De maand werd getekend door een reeks conflicten met, at best, onfortuinlijke raciale ondertonen en, at worst, racistische motieven vanwege de daders. Die aanvaringen stelden in één beweging de nog steeds moeizame relatie tussen (sommige) blanke en (sommige) zwarte Amerikanen aan de kaak. In…

Plus artikel - gratis maandabonnement

U heeft een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U heeft reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement



Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.







Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder je email adres en je naam en we maken een nieuw wachtwoord (als je een account hebt) of we maken automatisch een account aan.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


De Verenigde Staten zijn in rep en roer. Wekenlang was de coronarespons van de federale en lokale overheden al wat de klok sloeg in de Amerikaanse media. Mei bracht hier op een bedroevende manier verandering in. De maand werd getekend door een reeks conflicten met, at best, onfortuinlijke raciale ondertonen en, at worst, racistische motieven vanwege de daders.

Die aanvaringen stelden in één beweging de nog steeds moeizame relatie tussen (sommige) blanke en (sommige) zwarte Amerikanen aan de kaak. In de Verenigde Staten – een land dat, letterlijk, sinds zijn ontstaan worstelt met (werkelijk en gepercipieerd) anti-zwart racisme – is die relatie hoe dan ook steeds één incident verwijderd van verval. In wat volgt staan we stil bij de twee belangrijkste, en dodelijke, incidenten.

Ahmaud Arbery

Op 5 mei ging een video viraal waarop te zien was hoe een blank, gewapend vader-zoon duo een jonge, zwarte man achtervolgt in een pick-up truck. De zoon, Travis McMichael, stapte uit en benaderde Arbery met zijn vuurwapen waarna een schermutseling volgde. Tijdens dit handgemeen vuurde McMichael enkele schoten af. Dat laatste schot trof Arbery waarna die  nog even voortstrompelde alvorens ineen te stuiken.  Een derde achtervolger, William Bryan Jr., die het duo in een tweede voertuig vergezelde in hun zoektocht naar Arbery, filmde het hele incident

De McMichaels werden pas 74 dagen na de dood van Arbery (23 februari) gearresteerd. Bryan werd twee weken later aangehouden. Massale verontwaardiging en protestacties volgden.  Klik hier voor een volledige tijdslijn. Het incident stelde onmiddellijk twee debatten op scherp – debatten die ook pre-Arbery met de regelmaat van de klok de kop opstaken en het land verdeelden: het (betrekkelijk) vrije wapenbezit en de (betrekkelijk) vrije wapendracht enerzijds en het, werkelijk en gepercipieerd, anti-zwart racisme anderzijds.

Burgeraanhouding

De manier waarop Arbery werd opgejaagd om vervolgens in koelen bloede te worden neergeschoten doet denken aan de lynchpartijen uit de 19de eeuw. Zelfs de valse beschuldigingen die zo’n uitspattingen van raciaal geweld voorafgingen lijken aanwezig te zijn in deze zaak.

Volgens vader McMichael was de directe aanleiding van de achtervolging de aanduiding van Arbery als waarschijnlijke dader van een reeks inbraken in de buurt – inbraken die niet plaatsvonden of waarvan niemand aangifte deed. De McMichaels en Brady zagen hun kans schoon om de buurt een dienst te bewijzen en een voor hen ongetwijfeld opwindende, zij het volgens het lokale recht illegale, ‘burgeraanhouding’ (‘citizen’s arrest’) uit te voeren.

Dit Batmansyndroom luidde het begin van het einde in voor de jonge Arbery. Opiniemakers – en dankzij sociale media is dat zowat iedereen – grepen het tragische overlijden aan om het vermeende inherent, structurele racisme van het land aan te klagen. De politisering van Arbery’s dood werd daarmee ingezet. Nochtans blijkt uit niets dat er een raciaal motief achter het handelen van de McMichaels stak. Dit is uiteraard geen verdediging van de daders, hun acties waren afschuwelijk en verwerpelijk.

Racistische erfzonde

Maar racistisch? Onduidelijk. Dat een blanke man een zwarte doodt betekent – uiteraard – niet dat een blanke man een zwarte doodt omdat hij zwart is. De berichtgeving ging evenwel zeer snel en zeer nadrukkelijk die richting uit. In éénzelfde adem werd Amerika’s racistische erfzonde van slavernij en Jim Crow – regelgeving van Zuiderse staten die van raciale segregatie the law of the land maakte – aangehaald.

Ondanks het feit dat het al bij al rustig bleef in Amerika’s straten, zette dit meteen de toon voor het publiek debat. Want hoewel iedereen het er over eens was dat Arbery’s moordenaars een zware straf verdienden, ontstond er snel oneensheid over de vraag in hoeverre hun acties een ruimer racisme, gepromoot of minstens getolereerd door de machtsstructuren, aantoonden – een klassieke breuklijn in de Amerikaanse culture wars.

Progressief Amerika zag in de dood van Arbery een symptoom van een zieke samenleving, Conservatief Amerika vooral een tragisch, maar alleenstaand geval; een waar vooral geen ruimere gevolgtrekkingen aan verbonden moesten worden. En toen vermoordden agenten George Floyd.

I can’t breathe

Als de dood van Arbery de lont was, dan was die van Floyd het vuur. Op 25 mei arresteerden een viertal agenten van de Minneapolis (Minnesota) politiedienst George Floyd, een Afro-Amerikaanse man. De directe aanleiding was een transactie in een lokale shop waarbij Floyd een vals 20 dollar biljet zou hebben gebruikt als betaalmiddel.

Toen de politie Floyd vatte werkten drie agenten hem tegen de grond. Eén van hen knielde daarbij op de nek van Floyd, die geen weerstand leek te bieden. De agent in kwestie, Derek Chauvin, hield die positie aan voor meer dan acht minuten, ook ruim nadat Floyd het bewustzijn had verloren. Een getuige filmde de arrestatie (opgelet: schokkende beelden). In het filmpje zien en horen we een huilende en kreunende Floyd die de agent smeekt om zijn knie van zijn nek te halen: ‘please, the knee in my neck, I can’t breathe’.

Plunderingen

In een maand die bol stond van raciale spanning bleek de dood van Floyd door het optreden van een blanke politieagent de spreekwoordelijke druppel. Protesten die vreedzaam begonnen degenereerden snel in rellen waarbij auto’s en gebouwen in brand werden gestoken, geplunderd werd en demonstranten de confrontatie met de politie opzochten. De rellen evolueerden in een krachtmeting tussen ordediensten en protestanten in het gehele land.

Twaalf staten kondigden de noodtoestand af, verschillende riepen de hulp van de National Guard in. Relschoppers bekogelden politie en Guard met alles wat ze in hun handen konden krijgen, de ordediensten antwoordden met rubberen kogels en traangas. Avondklokken werden ingesteld en onmiddellijk met de voeten getreden. De reguliere politiediensten arresteerden ondertussen al meer dan 1700 Amerikanen in drie dagen. Het protest breidde ook uit naar de hoofdstad waar de oproermakers de confrontatie opzochten met de Secret Service (Geheime Dienst), de organisatie die instaat voor de veiligheid van de Amerikaanse President Trump.

Die drukte zijn medeleven uit met de familie van het slachtoffer, maar liet meteen verstaan dat de gewelduitspattingen in Amerika’s steden niet onbestraft zouden blijven. Op zijn geheel eigen manier stuurde hij een Tweet de wereld in waarin hij liet weten dat when the looting starts, the shooting starts – een Tweet die Twitter prompt typeerde als ‘geweld verheerlijkend’. Voor de law and order basis van de president een welgekomen geruststelling, maar voor vele protestanten en relschoppers een verdere promotie van geweld tegen zwarte Amerikanen.

Politiegeweld

De meest plausibele verklaring voor het feit dat de dood van een jonge Afro-Amerikaan in Minneapolis natiewijde protesten uitlokt is dat politiegeweld tegen zwarte Amerikanen een vastgeroeste narratief is in de Verenigde Staten – ééntje gesteund door politici, beroemdheden en lokale voorbeelden die de nationale nieuwsprogramma’s halen.

Politiediensten zouden het gemunt hebben op etnische minderheden. Afro-Amerikanen zouden onevenredig het slachtoffer zijn van dodelijk politiegeweld. Zo eenvoudig is het evenwel niet. Om het bestaan van wijdverspreid, raciaal geïnspireerd politiegeweld te bewijzen springt men geregeld onzorgvuldig om met statistieken en percentages. Lees bijvoorbeeld de volgende passage op statista.com van de hand van datajournalist Niall McCarthy:

‘Since the start of 2015, 4,728 people across the country have died in police shootings and approximately half – 2,385 – were white. Out of the remainder, 1,252 were black, 877 were Hispanic and 214 were from other racial groups. (…) Black Americans account for less than 13 percent of the population but they are shot and killed by the police at a rate that’s over twice as high as for white Americans.’ (‘Sinds begin 2015 zijn in het hele land 4.728 mensen omgekomen bij schietpartijen bij de politie en ongeveer de helft – 2.385 – was blank. Van de rest waren er 1252 zwart, 877 latino en 214 van andere raciale groepen. (…) Zwarte Amerikanen vertegenwoordigen minder dan 13 procent van de bevolking, maar ze worden door de politie doodgeschoten met een snelheid die meer dan twee keer zo hoog is als bij blanke Amerikanen.’)

Subgroepen

In 26% van politieconfrontaties met dodelijke afloop speelt een zwarte Amerikaan op tragische wijze de hoofdrol, dit terwijl deze subgroep slechts 13% van de volledige Amerikaanse bevolking uitmaakt. Oppervlakkig lijkt dit dan ook te wijzen op schietgrage politiekorpsen. Deze 13% argumentatie vinden we in verschillende artikelen en opiniestukken terug, maar reikt eigenlijk een foute vergelijking aan. Het aantal doden na politieconfrontaties mag je immers niet vergelijken met de volledige bevolking van een land – dergelijke vergelijking is volledig betekenisloos. Veelzeggender is de vergelijking van het aantal politiedoden met het aandeel zware misdrijven gepleegd door zwarte Amerikanen.

Deze statistiek geeft immers veel beter weer hoe frequent een bepaalde subgroep in aanraking komt met de politie voor zware misdrijven. Deze percentages zijn beschikbaar op de website van de FBI onder Uniform Crime Reporting. Zo lezen we dat Afro-Amerikanen goed zijn voor 53% van het aantal moorden en doodslagen en 54% van het aantal overvallen. Iets waar andere zwarte Amerikanen trouwens onevenredig het slachtoffer van zijn. Dit is een gevoelig datapunt, vooral omdat het eenvoudig misbruikt kan worden door uit anti-zwart racisme gemotiveerde, politieke actoren. Maar het giftig discours dat agenten de gewapende arm zouden zijn van een door en door racistisch, wit patriarchaat, is niet minder gevaarlijk.

Problematisch

Wat de concrete confrontaties tussen politie en burger betreft toonde Harvard professor Roland Fryer, tot zijn eigen verbazing, aan dat politieagenten minder snel (en dus niet sneller) schieten op zwarte Amerikanen dan op blanke Amerikanen. Fryer keek naar arrestaties waar dodelijk geweld gerechtvaardigd zou zijn en vond dat wanneer een verdachte zwart was, agenten zo’n 20% minder vaak schoten.

Evenwel blijkt uit datzelfde onderzoek dat agenten vlugger overgegaan tot fysiek, niet-dodelijk geweld tegen zwarte Amerikanen, zoals het in de boeien slaan, het tegen muren of de grond duwen of het trekken van wapens om de verdachte te arresteren (zonder ze te gebruiken). Dat is problematisch. Maar dat blanke (of ‘witte’) politieagenten – zoals Congreslid Maxine Waters onlangs poneerde – op zoek gaan naar zwarte burgers om hun wapens op uit te oefenen, daar is geen bewijs voor.

Gevaarlijke eugenetica

Wat deze statistieken niet aantonen – en waarvoor liefhebbers van een gevaarlijke variant van eugenetica ze niet kunnen gebruiken– is dat zwarte Amerikanen gewelddadiger zijn omdat ze zwart zijn. Wat ze wel aantonen is dat het diepgeworteld racisme binnen politiedepartementen ofwel niet bestaat, ofwel niet tot uiting komt in excessief dodelijk geweld – en dit in tegenstelling tot wat de relschoppers in Minneapolis, Atlanta en Washington D.C. beweren.

De zaken Arbery en Floyd krijgen nog een lang staartje. Hoe de media, politici, openbare ministeries en volksjury’s omgaan met beide tragische incidenten zal mede bepalen wanneer en in welke mate het land zijn genezingsproces kan starten. De relschoppers die de nagedachtenis van Floyd besmeuren en de polarisering in de VS voeden, stellen het begin van dit proces ondertussen verder uit. Van politici, zoals de president van de natie maar ook diens uitdager, verwachten de burgers zowel troostende en verzoenende (ten aanzien van de Afro-Amerikaanse gemeenschap) als strijdvaardige (tegenover de relschoppers) taal . Slaan en zalven. Wordt ongetwijfeld vervolgd.

Roan Asselman

Roan Asselman is master in de rechten (KU Leuven) en student vermogensbeheer (EMS). Voor Doorbraak volgt hij onder meer de Amerikaanse politiek en het Grondwettelijk Hof.