fbpx


Buitenland

In de wurggreep van de Stasi

DDR-buitenlandminister Georg Dertinger ging door de hel omwille van zijn geloof in de Duitse eenheid



Geen foto’s meer van de ‘spion’, geen vermelding van zijn naam meer in schoolboeken en in facsimile-afdrukken van verdragen die hij had medeondertekend: het was alsof Georg Dertinger (1902-1968), de eerste minister van Buitenlandse Zaken van de DDR, nooit had bestaan voor zijn arrestatie op 15 januari 1953 in Oost-Berlijn. Hoe genadeloos communisten omgingen met vroegere medestanders, mocht de christendemocraat Dertinger aan den lijve ervaren in de elf jaren die volgden op de nacht waarin hij uit zijn bed was…

Niet ingelogd - Plus artikel - log in of neem een gratis maandabonnement

U hebt een plus artikel ontdekt. We houden plus-artikels exclusief voor onze abonnees. Maar uiteraard willen we ook graag dat u kennismaakt met Doorbraak. Daarom geven we onze nieuwe lezers met plezier een maandabonnement cadeau. Zonder enige verplichting of betaling. Per email adres kunnen we slechts één proefabonnement geven.

(Proef)abonnement reeds verlopen? Dan kan u hier abonneren.


U hebt reeds een geldig (proef)abonnement, maar toch krijgt u het artikel niet volledig te zien? Werk uw gegevens bij voor deze browser.

Start hieronder de procedure voor een gratis maandabonnement





Was u al geregistreerd bij Doorbraak? Log dan hieronder in bij Doorbraak.

U kan aanmelden via uw e-mail adres en wachtwoord of via uw account bij sociale media als u daar hetzelfde e-mail adres hebt.








Wachtwoord vergeten of nog geen account?

Geef hieronder uw e-mail adres en uw naam en we maken automatisch een nieuw account aan of we sturen u een e-mailtje met een link om automatisch in te loggen en/of een nieuw wachtwoord te vragen.

Uw Abonnement is (bijna) verlopen (of uw browser moet bijgewerkt worden)

Uw abonnement is helaas verlopen. Maar u mag nog enkele dagen verder lezen. Brengt u wel snel uw abonnement in orde? Dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Heeft u een maandelijks abonnement of heeft u reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw abonnement bij voor deze browser en u leest zo weer verder.

Uw (proef)abonnement is verlopen (of uw browser weet nog niet van de vernieuwing)

Uw (proef)abonnement is helaas al meer dan 7 dagen verlopen . Als uw abonnementshernieuwing al (automatisch) gebeurd is, dan moet u allicht uw gegevens bijwerken voor deze browser. Zoniet, dan kan u snel een abonnement nemen, dan mist u geen enkel artikel. Voor 90€ per jaar of 9€ per maand bent u weer helemaal bij.

Als "Vriend van Doorbraak" geniet u bovendien van een korting van 50% op de normale abonnementsprijs.

Reeds hernieuwd, maar u ziet toch dit bericht? Werk uw gegevens bij voor deze browser of check uw profiel.


Geen foto’s meer van de ‘spion’, geen vermelding van zijn naam meer in schoolboeken en in facsimile-afdrukken van verdragen die hij had medeondertekend: het was alsof Georg Dertinger (1902-1968), de eerste minister van Buitenlandse Zaken van de DDR, nooit had bestaan voor zijn arrestatie op 15 januari 1953 in Oost-Berlijn. Hoe genadeloos communisten omgingen met vroegere medestanders, mocht de christendemocraat Dertinger aan den lijve ervaren in de elf jaren die volgden op de nacht waarin hij uit zijn bed was gelicht door ambtenaren van het Ministerium für Staatssicherheit (MfS), de beruchte Stasi.

Slippendragers

Na de Tweede Wereldoorlog had de journalist Dertinger pijlsnel carrière gemaakt in de Oost-Duitse uitgave van de CDU (de DDR werd bestuurd door de marxistisch-leninistische SED, maar kende daarnaast nog ‘burgerlijke’ partijen zoals de christendemocratische CDU en de liberale LDPD). Voor de Bondsrepubliek waren politici van partijen zoals de ‘Ost-CDU’ enkel maar slippendragers van het in de DDR geïnstalleerde communistische systeem. De West-Duitse christendemocraten keken met verachting neer op Dertinger, secretaris-generaal van de ‘Ost-CDU’. Het was een feit dat Dertinger zich als inwoner van de Sowjetische Besatzungszone (SBZ), voorloper van de in 1949 opgerichte DDR, ‘arrangeerde’ met de vertegenwoordigers van de Sovjet-Russische bezettingsmacht. Veel keuze had hij natuurlijk niet, indien hij de ‘Ost-CDU’ wilde zien overleven in de SBZ/DDR.

Zijn biograaf Peter Joachim Lapp schrijft dat Dertinger handelde naar het motto ‘Soviel Anpassung wie nötig, soviel Opposition wie möglich’ (1). De ‘Ost-CDU’ juichte de oprichting van de DDR op 7 oktober 1949 toe onder voorbehoud van de totstandbrenging van de ‘Duitse soevereiniteit’, het garanderen van een ‘parlamentarisch-demokratische Ordnung’ en het later organiseren van vrije verkiezingen.

Wantrouwen

De protestant Dertinger verdedigde dan naar buiten toe wel een ‘christelijk socialisme’ of een ‘socialisme vanuit christelijke verantwoordelijkheid’, maar eigenlijk wilde hij ‘het christelijke element in de staat binnenbrengen’ (2). Dat streven stond in tegenspraak met de rol die de SED, de leidende partij van de DDR, de ‘Ost-CDU’ toedichtte, namelijk fungeren als een instrument om het christelijke bevolkingsgedeelte vertrouwd te maken met de beginselen van het marxisme-leninisme. Of zoals Dertinger zelf bitter opmerkte: ‘De christenen is vanuit het standpunt van de marxisten slechts omgekeerd iets veroorloofd: marxistische ideologie in het christendom binnendragen.’ (3).

De SED-bonzen wantrouwden Dertinger omwille van zijn trouw aan het christelijke geloof. Maar dat hij op 12 oktober 1949 toch minister van Buitenlandse Zaken van de DDR kon worden, had hij te danken aan de Sovjets als beschermheren van de kersverse staat.

Diplomatieke goodwill

Moskou bepleitte in die dagen nog de eenmaking van de twee Duitse staten, de Bondsrepubliek Duitsland en de DDR, op basis van een neutraal statuut. In een neutraal ‘Gesamtdeutschland’ zagen de machthebbers in het Kremlin het middel bij uitstek om de integratie van de Bondsrepubliek in het Westen – de Europese Gemeenschap en later eventueel de NAVO – te verhinderen.

Dertinger kon zich best vinden in een neutraal, tot geen enkel militair bondgenootschap behorend Duitsland. In zijn vorige leven, voor 1945, was hij altijd al ‘deutschnational’ geweest. Hij had geweigerd om lid van de nationaalsocialistische partij, de NSDAP, te worden, ook al had hij tijdens de oorlog als journalist lofzangen op Nazi-Duitsland geschreven in zijn strijd tegen het ‘bolsjewistische gevaar’. De Sovjets waren natuurlijk op de hoogte van zijn aangebrand verleden, maar zagen wel voordelen in een ‘burgerlijke’ politicus als ‘Minister für Auswärtige Angelegenheiten’. Een niet-communist op die post zou de DDR misschien meer diplomatieke goodwill van de buitenwereld kunnen opleveren.

Manoeuvre

De eerste ‘grote’ beleidsdaad van Dertinger was het ‘Görlitzer Vertrag’ (‘Verdrag van Görlitz’) van 6 juli 1950 tussen de DDR en de Volksrepubliek Polen. De DDR erkende daarmee de Oder-Neiße-Linie, de grens die de twee rivieren Oder en Neiße sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog vormen tussen Duitsland en Polen. Terwijl de West-Duitse politiek tot aan de Ostpolitik van Willy Brandt eind jaren ’60 aanspraak bleef maken op de voormalige Duitse gebieden ten oosten van de Oder-Neiße-Linie, beschouwde Dertinger in die de-facto-erkenning – een volkenrechtelijke was ze niet – als een kans om eindelijk verzoening tussen Duitsers en Polen te bewerkstelligen. Intussen ijverde hij voor een eengemaakt, neutraal Duitsland. Hij zat daarmee op de lijn van de Sovjets.

Nog op 10 maart 1952 deed de baas in het Kremlin in de naar hem genoemde Stalin-Note het voorstel aan de Westerse mogendheden om een vredesverdrag met Duitsland te ontwerpen en het als een eengemaakte, democratische en neutrale staat met een eigen strijdmacht boven de doopvont te houden. Zowel de Westerse regeringsleiders als de West-Duitse bondskanselier Konrad Adenauer zagen in het voorstel van Stalin slechts een manoeuvre van Stalin om de Westbindung van de Bondsrepubliek te torpederen. Daarmee waren de plannen van de Sovjets voor een neutraal Gesamtdeutschland van de baan.

Atheïsme

De verkondiging in juli 1952 door de SED van de ‘Aufbau des Sozialismus’ betekende dat er geen sprake meer van kon zijn van de DDR als pasmunt in een groter geopolitiek spel. Dertinger bleef echter vasthouden aan zijn droom van een verenigd Duitsland. Zijn ‘deutschnationales’ bloed kroop waar het niet kon gaan. Voor de Sovjets werd hij nu onhoudbaar; de SED was hem al veel langer liever kwijt dan rijk.

De druppel die de emmer deed overlopen voor de communisten, was de rede die Dertinger op 17 oktober 1952 op het Zesde Partijcongres van de ‘Ost-CDU’ in Oost-Berlijn hield onder de titel ‘Der Christliche Realismus – unsere feste Grundlage im Kampf um Frieden, nationale Einheit und Freundschaft der Völker’. Zijn streven om het marxisme-leninisme met theorieën van de christelijke sociale leer te ‘verrijken’ – hij citeerde in zijn rede uit sociale encyclieken van de pauzen – viel niet in goede aarde bij de communistische heersers in het Kremlin en in de DDR.

En al zeker niet zijn uitspraak: ‘Wir als Christen wissen zutiefst, dass der Ursprung aller unserer Not in der Abkehr des Menschen von Gott zu suchen ist’. [‘Wij als christenen weten heel goed dat de oorsprong van al onze nood te zoeken valt in het zich afwenden door de mens van God.’] Als nauwelijks verholen kritiek op het atheïsme van de marxisten-leninisten kon dat wel tellen. Met die rede had Dertinger zijn lot bezegeld.

Geheime diensten

Op 9 januari 1953 verleende de Poolse ambassadeur in Oost-Berlijn hem het Kruis van Verdienste met Ster van de Orde ‘Polonia Restituta’ voor zijn inzet voor de Pools-Duitse verzoening. Zes dagen later zou de ster van Dertinger definitief tanen. Op beschuldiging als ‘agent’ in dienst te staan van ‘imperialistische geheime diensten’ en de DDR te hebben willen ondermijnen werd hij opgepakt door het MfS. Acht weken lang verhoorde de ‘Stasi’ hem als in een wurggreep tussen 23 uur en 5 uur ’s morgens.

Vermurwd door het gebrek aan slaap – één uur per dag – ondertekende Dertinger zelfs de meest absurde schuldverklaringen, als zou hij bijvoorbeeld 24 personen aangeworven hebben voor spionageactiviteiten in opdracht van de Amerikaanse geheime dienst. Ook zou hij toegeven de DDR-regering ten val te hebben willen brengen om ze te vervangen door een burgerlijk-kapitalistische.

Dertinger ontsnapte aan de doodstraf omdat Otto Nuschke en Gerald Götting, twee leidinggevende politici van de ‘Ost-CDU’, hevig tegen dat voornemen van de SED hadden geprotesteerd bij de Sovjets. Hij werd veroordeeld tot levenslange opsluiting in een ‘Zuchthaus’; zijn vrouw kreeg wegens ‘medeplichtigheid’ acht jaar ‘Zuchthaus’. Rudolf, de 16-jarige zoon, vloog ook de gevangenis in wegens ‘spionage’. Oktavie, de 14-jarige dochter, werd na 19 maanden voorarrest geplaatst bij de grootmoeder. De negenjarige Christian kwam onder bij een pleeggezin.

Mensenrechten

Georg Dertinger kwam vervroegd vrij na elf jaar gevangenis. Op 9 juni 1964 klopte een grijs geworden, lichamelijk gebroken man aan bij zijn vrouw en schoonmoeder in Annaberg-Buchholz in het ‘Erzgebirge’. Dertinger bekeerde zich tot het katholieke geloof van zijn vrouw en verhuisde met haar naar Leipzig. De Stasi stopte zijn huurwoning vol met afluisterapparatuur: een oud-minister met zo een verleden viel in de ogen van de communisten immers niet te vertrouwen.

Dertinger werkte tot aan zijn overlijden op 21 januari 1968 voor de katholieke uitgeverij St. Benno-Verlag. Daarnaast hield hij zich nog bezig met vraagstukken van filosofie, theologie en marxisme-leninisme. Hij analyseerde bijvoorbeeld de rede die Walter Ulbricht, secretaris-generaal van de SED, in april 1966 gehouden had over mensenrechten.

Getekend door zijn eigen lijdensweg stelde hij dat diens opvattingen niet te verenigen vielen met ‘menselijkheidsconcepten die uitgingen van het wezen en de waardigheid van de mens op zich’. Om het met Dertinger in één zin samen te vatten: ‘Die kommunistische Menschlichkeit ist vom Haß nicht zu trennen’ [‘De communistische menselijkheid valt niet af te scheiden van de haat’].  (4)

(1)  Peter Joachim Lapp, Georg Dertinger: Journalist – Außenminister – Staatsfeind, Herder, Freiburg-Basel-Wien 2005, p. 77.

(2)  Ibid., p. 159.

(3)  Ibid.

(4)  Ibid., p. 267.  ​

Dirk Rochtus

Dirk Rochtus is hoofddocent internationale politiek en Duitse geschiedenis.